Scriptiebank overzicht

De Vlaamse Scriptiebank is een vrij toegankelijke online databank. Het bevat intussen al meer dan 8.000 artikels en volledige scripties van bachelor- en masterstudenten die sinds 2002 hebben deelgenomen aan de Vlaamse Scriptieprijs.

Van Draagkracht naar Teamveerkracht

Hogeschool UCLL
2026
Marylène
Hoho
Onderzoek binnen een specifieke zorgcontext binnen de jeugdzorg over het effect van welzijn op de werkprestaties, draagkracht en veerkracht van de medewerkers en het volledige team.
Meer lezen

Hip Hop zet jongeren in hun kracht: Over de inzet van Hip Hop als instrument voor empowerment bij Vlaamse jongeren

Universiteit Antwerpen
2025
Ilaria
D'Ippolito
Deze masterproef onderzoekt hoe en waarom Hip Hop binnen Vlaamse sociaal-culturele initiatieven wordt ingezet om (kwetsbare) jongeren te versterken. Hip Hop ontstond in de jaren zeventig in de Bronx als expressievorm van gemarginaliseerde gemeenschappen en groeide uit tot een wereldwijd middel voor identiteit, verbinding en sociale verandering. Via acht diepte-interviews met sociale professionals werd nagegaan hoe Hip Hoppraktijken in Vlaanderen vorm krijgen en welke betekenis ze hebben voor jongeren. De resultaten tonen dat Hip Hop bijdraagt aan zelfvertrouwen, expressie en eigenaarschap, en dat methodieken zoals studiowerking, workshops en peer learning zowel persoonlijke als collectieve groei stimuleren. Hoewel de term empowerment zelden expliciet wordt gebruikt, vormt ze de kern van deze praktijken. De Vlaamse context toont een verbreding van het begrip empowerment: niet vertrekken vanuit problemen, maar vanuit kracht, creativiteit en ontmoeting. Hip Hop blijkt zo een betekenisvolle strategie voor jongerenemancipatie en een inspiratiebron voor het sociaal werk.
Meer lezen

Sjorren aan de toekomst: een beleidsanalyse in functie van een duurzame toekomst voor Vlaamse jeugdbewegingen

Universiteit Gent
2025
Cato
De Roover
Het onderzoek analyseert de kwetsbaarheid van Vlaamse jeugdbewegingen, die onder druk staan door gebrekkige infrastructuur, administratieve lasten, dalende ledenaantallen en veranderend vrijwilligersengagement. Via een kwalitatieve beleidsanalyse, gebaseerd op literatuur, interviews en een participatiemoment, werden vijf beleidsalternatieven ontwikkeld om een duurzame toekomst voor Vlaamse jeugdbewegingen te stimuleren. Twee daarvan, "Zelfstandiger Jeugdwerk" en "Opgewaardeerd Jeugdwerk", bieden het meeste potentieel. Het eerste bevordert de oprichting van ondersteunende vzw’s om lokale groepen meer autonomie te geven. Het tweede stelt een onderzoek en campagne voor om de maatschappelijke en economische waarde van jeugdwerk beter in de verf te zetten. Daarnaast formuleert de scriptie nog twee bijkomende aanbevelingen: het verminderen van de versnippering van administratieve taken via het Verenigingsloket en het versterken van de Vlaamse Jeugdraad als participatiekanaal.
Meer lezen

Met kleur grenzen stellen

Hogeschool VIVES
2025
elke
vermeiren
In mijn bachelorproef “Met Kleur Grenzen Stellen” onderzocht ik hoe het Vlaggensysteem kan bijdragen aan het bespreekbaar maken van seksualiteit en grenzen bij personen met een verstandelijke beperking binnen Schoonderhage VZW. Door literatuuronderzoek, gesprekken met bewoners, begeleiders en externe experts, en de ontwikkeling van concreet ondersteunend materiaal (zoals een kaartenspel en vormingsmomenten), vertaalde ik deze methodiek naar het laagdrempelig toepassen in de praktijk. Het resultaat is een bruikbaar en duurzaam hulpmiddel dat bewoners helpt hun grenzen te herkennen en te communiceren, en begeleiders ondersteunt in een open, respectvolle en consequente aanpak.
Meer lezen

Jeugdbeleid zonder grenzen? Waarom gemeenten niet kiezen voor intergemeentelijke samenwerking omtrent jeugdbeleid.

KU Leuven
2025
Ward
Coemans
Intergemeentelijke samenwerking (IGS) wordt in Vlaanderen steeds vaker naar voren
geschoven als oplossing voor efficiënter lokaal jeugdbeleid, maar veel gemeenten blijven
voorlopig afwezig in dergelijke samenwerkingen. Deze masterproef onderzoekt welke
drempels schepenen van jeugd, jeugdambtenaren en jeugdraadsleden ervaren voor het
toetreden tot een IGS jeugdbeleid, en hoe deze drempels verschillen tussen landelijke en
stedelijke gemeenten. Via een kwalitatieve casestudie van twee niet-deelnemende gemeenten
werden focusgroepen georganiseerd met deze drie sleutelactoren. De data werden
geanalyseerd via open en axiale codering, resulterend in een drempelkader en -web. De
resultaten tonen dat politieke, organisatorische, budgettaire, inhoudelijke en sociaal-culturele
factoren elk een rol spelen. Politieke zichtbaarheid, organisatorische overbelasting, een
gebrek aan budgettaire gelijkheid, inhoudelijke mismatches en culturele weerstand vormen
belangrijke obstakels. Tegelijk wordt samenwerking erkend als hefboom voor efficiëntie,
professionalisering en bovenlokale impact. Landelijke en stedelijke contexten verschillen
duidelijk in noden en prioriteiten, wat wijst op de nood aan maatwerk in IGS-ondersteuning. Dit
onderzoek draagt bij aan het beperkte wetenschappelijke debat over intergemeentelijke
samenwerking in het jeugdbeleid en biedt beleidsmakers concrete handvatten en
beleidsinstrumenten om toekomstige samenwerkingen beter vorm te geven.
Meer lezen

Actief luisteren naar de stad - Ontwikkeling van een nieuwe methode 'Soundvoice' via participatief actieonderzoek met stedelijke jongeren

Universiteit Antwerpen
2025
Lieven
Martens
Deze thesis onderzoekt een nieuwe methode ‘Soundvoice’ als instrument om te verkennen hoe jongeren in superdiverse stedelijke contexten de soundscape – het geheel van alle geluiden in hun omgeving – ervaren en interpreteren, en hoe deze ervaring verband houdt met hun persoonlijke leefwereld. Terwijl het dominante publieke discours de stedelijke soundscape vaak in binaire termen van ‘lawaai’ versus ‘stilte’ kadert, weerspiegelen dergelijke perspectieven vaak een beperkte, middenklasse en overwegend witte visie. Dit onderzoek wil ondererkende stemmen aan het woord laten door deelnemers te betrekken bij een creatief, participatief proces van opnemen, delen en bespreken van de geluiden van de stad en deze geluiden te relateren aan hun eigen persoonlijke verhaal.
Soundvoice verrijkt het sociaal werk met akoestische ecologie en soundscape studies en integreert principes van participatief actieonderzoek met zintuiglijke methoden zoals soundwalks en veldopnamen. Uit de bevindingen blijkt dat de methode jongeren op een actieve en reflectieve manier uitnodigt om hun omgeving te verkennen en specifieke geluiden te koppelen aan persoonlijke herinneringen, emoties en sociale contexten. Dit proces levert niet alleen genuanceerde inzichten op in de subjectieve en sociale dimensies van de stedelijke soundscape, maar bevordert ook dialoog.
De maatschappelijke waarde van Soundvoice ligt in het vermogen om jongeren op een laagdrempelige, creatieve manier te betrekken, waardoor hun ervaringen mogelijk hoorbaar worden binnen bredere stedelijke discoursen en mogelijk invloed kunnen uitoefenen op het beleid. De kleinschalige, contextspecifieke toepassing in deze studie beperkt echter de generaliseerbaarheid en verhindert een beoordeling van de impact op lange termijn. Toekomstig onderzoek moet de methode in diverse contexten, met verschillende groepen en over langere periodes testen om de validiteit ervan te versterken en het politiserende potentieel ervan te verkennen, vergelijkbaar met methoden als Photovoice.
Soundvoice lijkt een veelbelovend instrument voor sociaal werk, stadsstudies, jeugdwerk, armoedebeleid, gezondheidszorg en participatieve beleidsvorming – een instrument dat niet alleen met de oren luistert, maar ook openstaat voor de vele stemmen, verhalen en geleefde realiteiten die de hedendaagse stad vormgeven.
Meer lezen

Van opleiding naar opbrengst: De rol van jeugdacademies in het strategisch en financieel beleid van voetbalclubs – De case van KAA Gent Louis

Universiteit Gent
2025
Louis
Ampe
  • Luca
    Detavernier
Jeugdopleidingen in het Belgische profvoetbal bevinden zich op het kruispunt van sportieve ontwikkeling, economische logica en maatschappelijke verantwoordelijkheid. Hoewel profclubs in essentie private actoren zijn, spelen ze via hun jeugdwerking ook een publieke rol. Ze bevorderen participatie, sociale cohesie en talentontwikkeling bij jongeren. Deze masterproef onderzoekt in welke mate jeugdwerkingen van profclubs afhankelijk zijn van overheidsbeleid en hoe die relatie structureel vorm kan krijgen in functie van maatschappelijk rendement.

Aan de hand van literatuuronderzoek, beleidsanalyse en interviews met stakeholders werd onder meer de werking van KAA Gent onderzocht. De studie toont aan dat jeugdopleidingen financieel sterk leunen op lidgelden, vrijwilligerswerk en occasionele subsidies, terwijl de opbrengsten uit transferpolitiek slechts zelden rechtstreeks terugvloeien naar jeugd- of infrastructuurinvesteringen. Tegelijk toont het onderzoek hoe de maatschappelijke impact van jeugdvoetbal, bijvoorbeeld op het vlak van gezondheid, integratie en buurtwerking, aanzienlijk is maar onvoldoende verankerd in het beleid.

De scriptie formuleert beleidsaanbevelingen op lokaal en Vlaams niveau. Zo wordt gepleit voor een vereenvoudiging van het subsidiekader en voor fiscale stimulansen die investeringen in jeugdvoetbal aanmoedigen. Op die manier draagt het onderzoek bij aan het bredere debat over publieke steun aan sport en de rol van voetbalclubs als maatschappelijke actoren.
Meer lezen

PLEIDOOI VOOR BROEDRUIMTE

Universiteit Gent
2024
Jef
Potargent
  • Astrid
    Berlengé
DEEL 1: ATLAS VAN BROEDPLEKKEN:
In een continu veranderende maatschappij, lijkt een verlies van het
gemeenschapsgevoel op te treden. Om de uitdagingen die voor ons
liggen te lijf te gaan, lijkt er een nood aan een nieuwe maatschappelijke
infrastructuur. Een infrastructuur die erin slaagt mensen samen te brengen,
een concreet antwoord te bieden op hedendaagse vragen en wijken te
transformeren tegen ongewenste stedelijke tendensen in. Deze plekken
lijken te ontstaan, vaak bottom-up en kleinschalig maar met lokaal
een grote impact. Mensen werken samen op nieuwe manieren en gaan
inventief te werk om hun eigen leefwereld en die van andere mensen in
hun omgeving vorm te geven. Hetzij uit noodzaak, hetzij uit persoonlijke
motivatie, wordt er zo concreet gewerkt aan een nieuwe typologie binnen
de sociale infrastructuur.
Dit eerste luik van deze (tweedelige) thesis probeert een begrip te
maken van dit soort plek en bloot te leggen welke instrumenten en
strategieën erachter schuilen. Vooraleerst werd na een eerste verkenning
een afbakening gemaakt van geschikte cases, op basis van een aantal
kenmerken die wij als noodzakelijk aanvoelden. Deze filter werd uitgedrukt
aan de hand van het begrip ‘broedplekken’. Zich verhoudend ten opzichte
van anderen die dit begrip reeds gebruikten, formuleerden we een eigen
definitie voor het begrip aan de hand van drie pijlers: het concretiseren van
maatschappelijke thema’s, het vooropstellen van sociaal kapitaal en het
adaptief karakter.
Deze drie kenmerken omvatten alle bekeken cases maar leveren zeker
geen eenduidig resultaat op. In de manier waarop deze definitie tot uiting
komt, zit een grote verscheidenheid. Dit komt door de vele facetten waaruit
een broedplek bestaat. Om hier vat op te krijgen, bouwden we deze thesis
op in twee delen. Een eerste deel behandelt in zes afzonderlijke essays
een verschillend aspect omtrent broedplekken en bespreekt enkele
exemplarische cases, om zo te bouwen aan een bril om de broedplek te
bekijken. Deze werden geordend aan de hand van de drie kenmerken van
de definitie, om die gericht uit te diepen. In een 2de deel bekijken we dan
een selectie van zeven cases op alle facetten en maken we een grafische
vertaling van de inzichten die we kregen door verdere analyse. De twee
onderdelen samen brachten ons het besef dat ‘de ideale broedplek’ niet
te definiëren valt, maar dat we wel tot een waaier aan instrumenten,
strategieën en motieven komen die in wisselende samenstellingen achter
de cases schuilgaan.
Zo kunnen broedplekken testkamers zijn voor nieuwe aanpakken op bredere
maatschappelijke vraagstukken. Hun sterkte blijkt bovendien te liggen in
het verbinden van meerdere thema’s en zo testkamer te bieden richting een
duurzame transitie, zonder deze op zichzelf te proberen bewerkstelligen.
Het tweede en derde essay diepen de tweede pijler, het sociaal kapitaal,
uit. Zo blijkt een nauwe samenwerking met een stadsbestuur cruciaal
voor het duurzaam verder leven van een broedplek. Indien de verhouding
tussen de twee ontbreekt, lijkt de impact van korte duur. Daarnaast
lijken broedplekken ook een interessante piste voor stadsbesturen zelf,
aangezien ze een instrument kunnen zijn om aan gemeenschapsopbouw
te doen. Hiervoor is de toegankelijkheid van broedplekken cruciaal. Ze
willen zich enerzijds openstellen voor een breed publiek maar hebben
anderzijds nood aan drempels zodat bepaalde groepen zich er ook veilig
voelen. Een continue balans, waarbij zaken als de toegang, zichtbaarheid
en de symboliek van zowel het gebouw als de ingrepen hierop een rol
spelen. De derde eigenschap is die waarmee broedplekken zich het
meeste onderscheiden van bestaande typologieën: hun adaptief karakter.
We merken dat broedplekken vaak startten uit tijdelijke invullingen, wat
noopt tot een creatieve aanpak. Ze evolueren echter doorheen de tijd en
nemen zo meerdere gedaantes aan. Om hiermee om te gaan, is er een
bijzondere aandacht voor de infrastructuur die de brug maakt tussen de
vaak onaangepaste gebouwen en hun missie. Dit maatwerk zorgt voor een
flexibiliteit. Deze flexibiliteit uit zich in een multifunctionaliteit, zowel in tijd
als in ruimte, waarmee broedplekken zich onderscheiden van bestaande
publieke gebouwen. Deze kunnen zich hierdoor laten inspireren, al kunnen
ze de aanpak ook niet zomaar kopiëren.
Deze thesis legt zo veel bloot, al roept ze evenveel vervolgonderzoeken
op. Daarom werd er in drie vervolgonderzoeken dieper ingegaan op een
bepaald thema via ontwerpend onderzoek. Deze steunen op de lessen die
uit deze Atlas getrokken werden en proberen enkele bijkomende vragen te
beantwoorden.

DEEL 2: PLEIDOOI VOOR BROEDRUIMTE: De Herontwikkeling van het Maria-Magadalenaklooster naar een semi-permanente broedplek. Dit werk sluit aan op de ‘atlas van broedplekken’ een casuïstische analyse van broedplekken. Broedplekken zijn stedelijke laboratoria, die zowel sociale als ruimtelijke weefsels verdichten door maatschappelijke uitdagingen te concretiseren
op een plek. Ze stellen de ontwikkeling van sociaal kapitaal voorop en zijn constant in evolutie. Ze hebben een adaptief karakter waardoor ze kort op de bal kunnen spelen bij veranderingen in de maatschappij.
Uit de analyse in de atlas leerden we dat tijdelijkheid een handig middel kan zijn voor broedplekken. Een tijdelijke bezetting zorgt ervoor dat men flexibel moet zijn op ruimtelijk en organisatorisch vlak. Het geeft broedplekken het vermogen om snel te kunnen reageren op de urgente behoeften van de buurt. Een tijdelijke opzet heeft een sociaal-experimenteel karakter dat lokale buurtontwikkeling kan ondersteunen. Tegelijk dwingt tijdelijkheid een noodgedwongen afscheid af. Duurzame oplossingen vragen om stabiliteit, wat tijdelijke invullingen niet altijd kunnen bieden. Het maakt broedplekken
dus ook kwetsbaar. Gebruikers worden aan de deur gezet vanaf dat de renovatie of herontwikkeling van de site begint. Het engagement gaat zo verloren en sociale linken worden verbroken. Hoe kunnen we ervoor zorgen dat dit niet gebeurt? ‘Een Pleidooi voor broedruimte: De herontwikkeling van het Maria-Magdalenaklooster naar een semi-permanente broedplek’ handelt over de paradoxale aspecten van tijdelijke buurtontwikkeling, toegepast op de case Mona van Toestand in het Maria-Magdalenaklooster. Het doel van Toestand is om de lokale partners en de buurt tijdelijk te begeleiden om een gezamenlijke plek te maken voor en door iedereen, met de hoop dat ze hierna op hun eigen benen kunnen staan. De sociale impact primeert in het project van intensieve maar kortstondige ondersteuning. Het model van Toestand, gefocust op
tijdelijkheid, heeft echter haar limieten. Wat gebeurt er na hun vertrek? Het moet sommige initiatieven alleen achterlaten, wat het succes van buurtontwikkeling en sociale ondersteuning ondermijnt. Kan deze tijdelijke invulling ook fungeren als een test voor
toekomstig gebruik van de ruimte die niet alleen de buurtontwikkeling ondersteunt, maar ook helpt bij de herontwikkeling van een site? Wat kunnen we leren uit deze tijdelijke
bezetting en welke aspecten nemen we mee om de toekomst van dit klooster vorm te geven?
Deze thesis zoekt via ontwerpend onderzoek naar manieren om een semi-permanente broedplek vorm te geven, die tijdelijkheid met stabiliteit combineert. We gebruiken deze tijdelijke invulling als hefboom om het Maria-Magdalenaklooster te
herontwikkelen. We verbeelden drie verschillende toekomstscenario’s voor
het Maria-Magdalenaklooster. De architecturale ontwerpen van de broedplek gaan om met de paradox van tijdelijkheid door de stabiliteit van een langetermijnvisie en de wendbaarheid van tijdelijkheid te combineren. Voortbouwend op het engagement van Toestand zoeken de toekomstscenario’s naar een balans tussen de belangen van de private eigenaar, de gebruikers en de buurt. De scenario’s focussen op de samen-
werking tussen actoren en programma’s en werken met minimale architecturale ingrepen. Ze zijn gestructureerd volgens een tijdlijn, een stappenplan dat het traject richting de toe-
komst bevattelijk probeert te maken. Vanuit de reflectie op de ontwerpen destilleren we tot slot de essentie. We maken een pleidooi, formuleren eisen die als advies kunnen dienen bij de herontwikkeling van het Maria-Magdalenaklooster.
Meer lezen

Listen to the kids (on the street)! Een kwalitatief onderzoek naar politiserende praktijken van Brusselse jeugdwerkorganisaties

Vrije Universiteit Brussel
2024
Hazel
Corthouts
Deze masterproef vertrekt vanuit de vaststelling dat er in het jeugdwerklandschap een hernieuwde aandacht is voor politiserende praktijken. Maar wat politisering precies inhoudt, is vaak nog onduidelijk. Dit onderzoek beoogt het concept politisering te verduidelijken binnen een Brusselse jeugdwerkcontext. Hiervoor stonden drie onderzoeksvragen centraal. (1) Welke invulling geven Brusselse jeugdwerkers aan het begrip politisering?; (2) Hoe ontstaan politiserende praktijken in Brusselse jeugdwerkorganisaties?, (3) Wat zijn de effecten van een politiserende actie, volgens Brusselse jeugdwerkers?

Om de onderzoeksvragen te beantwoorden werd een grondige literatuurstudie uitgevoerd, aangevuld met persoonlijke ervaringen van jeugdwerkers. De data werd verzameld via vier focusgroepen met veertien jeugdwerkers, van dertien verschillende Brusselse jeugdwerkorganisaties. Deze data werden thematisch geanalyseerd. De gegevens zijn geanalyseerd met de thematische analysemethode met behulp van de software MAXQDA. Door praktijken van Brusselse jeugdwerkers te combineren met theoretische inzichten van politieke theoretici, zoals Chantal Mouffe, Jürgen Habermas, en Jaques Rancière, bestudeert deze masterpoef de politiserende aard van de praktijken.

Uit de resultaten kwam naar voor dat politisering een breed en dynamisch begrip is. Brusselse jeugdwerkers vullen politisering in als het versterken van de stem van kinderen en jongeren in de samenleving en het bevorderen van maatschappelijke verandering. Politiserende praktijken in Brusselse jeugdwerkorganisaties ontstaan doordat jeugdwerkers signalen opvangen van kinderenen jongeren die de aanleiding zijn voor een politiserende actie. Deze politiserende acties nemen verschillende creatieve vormen aan op micro-, meso- en macroniveau. Om politisering in het jeugdwerk te bevorderen is een steunende context nodig. De volgende zaken worden door de respondenten als drempels en succesfactoren ervaren: samenwerkingsverbanden, de rol van emotie, financiële middelen, timing, het engagement van de jongeren en tot slot de rol van de jeugdwerker.

Volgens Brusselse jeugdwerkers leren jongeren die deelnemen aan politiserende acties vaardigheden die hen helpen als individu en als actieve burger in de samenleving, zoals kritisch nadenken, mondigheid, bijleren over de maatschappij. Brusselse jeugdwerkers hebben verschillende ervaringen met de reactie van beleidsmakers op politiserende acties, deze verschilt afhankelijk van de context en de houding van de beleidsmakers.
Meer lezen

Als ongekwalificeerde uitstroom dreigt: een kwalitatief onderzoek naar hoe betrokkenen de impact van naadloze flexibele trajecten (NAFT) ervaren

Universiteit Gent
2023
Gail
Deboeuf
De thematiek betreffende vroegtijdig schoolverlaten wordt belicht. Hierbij wordt via kwalitatief onderzoek de impact gemeten van naadloze flexibele trajecten (NAFT). Deze trajecten worden ingezet om ongekwalificeerde uitstroom tegen te gaan.
Meer lezen

Hoe kan men jongeren betrekken bij het ontwikkelen van een jeugdcentrum in Leopoldsburg?

Hogeschool UCLL
2023
Zoë
Brock
In deze bachelorproef is onderzocht hoe men jongeren kan betrekken bij het ontwikkelen van een jeugdcentrum.
Meer lezen

'k Blijf staan

Hogeschool VIVES
2023
Zoë
Alaerts
Genomineerde longlist Klasseprijs
Binnen de theorie van Nieuwe autoriteit, miste ik iets wat hulpverleners hands on konden gebruiken met jongere, ouders, leerkrachten, etc.
Daarom ontwikkelde ik samen met Hannah Claes een bordspel over de 8 basishoudingen van Nieuwe Autoriteit.
Meer lezen

Welke verwachtingen stellen pleinverantwoordelijken naar hun animatoren op Vlaamse Gemeentelijke vakantiespeelpleinen?

Vrije Universiteit Brussel
2020
Celien
Goyvaerts
Dit onderzoek gaat over de werkdruk bij animatoren op Vlaamse Gemeentelijke speelpleinen. Vanwaar komt de werkdruk en hoe kunnen we hier als organisatie of als gemeenten mee omgaan?
Meer lezen

Hoe kun je kinderen van 6 tot 17 jaar met de natuur verbinden door middel van outdoor education?

Karel de Grote Hogeschool
2020
Evangeline
Habarurema
Het doel is om lezers te tonen dat het voor elke jeugdwerkorganisatie mogelijk is om kinderen met de natuur te verbinden gebruikmakend van de elementen uit outdoor education.
Meer lezen

IMPORTED GOODS: negotiating ethnicity and multiple belonging in the multicultural city of Maasmechelen

KU Leuven
2019
Ine
Simons
Een documentaire over de jongerencultuur in Maasmechelen waarin kinderen van migranten een samenhorigheid en inclusiviteit hebben gevonden van de Belgische samenleving die hen uitsluit omdat ze 'anders' zijn.
Meer lezen

Hangjongeren: een integrale benadering

Odisee Hogeschool
2019
Aaron
Goos
Hangjongeren benaderen vanuit jeugdwerk en beleid moet positief en holistisch gebeuren. Rondhangen is een recht en bovendien positief voor de ontwikkeling. Om zinvol jeugdwerk en een duurzaam rondhangbeleid te ontwikkelen moeten organisaties en politici integraal werken.
Meer lezen

EVALUATIE IN HET KWADRAAT. SWOT analyse van het Crownies project en de Qualiprev tool.

Universiteit Gent
2018
Lore
Claeys
SWOT analyse van een lokaal criminaliteitspreventief project in Nederland. Deze SWOT analyse wordt erna gebruikt om de QUALIPREV tool te evalueren op zijn representativiteit.
Meer lezen

Jongvolwassenen binnen de Centra voor Geestelijke Gezondheidszorg: een vergeten groep?!

AP Hogeschool Antwerpen
2017
Lise
Mous
De jongvolwassenheid is een kwetsbare en onzekere periode waarbij jongeren tegen verschillende veranderingen, drempels in de hulpverlening en obstakels oplopen. Tevens is het een periode met een verhoogd risico op het gebruik van middelen, het stellen van risicovolgedrag, psychische problemen en sociale uitsluiting. Langs de andere kant is het een periode van kansen waarbij jongeren, met de nodige ondersteuning, een geheel nieuwe wending aan hun leven kunnen geven. Het is kortom een groep die zeker aandacht verdient, maar op dit moment nog niet de aandacht krijgt waar ze recht op heeft.
Meer lezen

Vrijstelling van doorstorting bedrijfsvoorheffing bij sportclubs: onderzoek naar staatssteun

KU Leuven
2017
Dimitri
Thijskens
Voetbal-, volleybal en basketbalclubs genieten in België sinds 1 januari 2008 van een belangrijk fiscaal voordeel met de vrijstelling van doorstorting van tachtig procent van de
bedrijfsvoorheffing ingehouden op de lonen van hun sporters-werknemers. Uit het onderzoek in deze masterscriptie blijkt dat deze steunmaatregel moet beschouwd worden als staatssteun. Gevolg is dat de Europese Commissie de steun aan de verschillende sportclubs ab initio moet terugvorderen als er een klacht zou ingediend worden, wat de Belgische voetbalclubs meer dan vierhonderd miljoen euro zou kosten.
Meer lezen

Do The Right Thing - ook in Vlaanderen

HOGENT
2017
Marie
Van Daele
Deze bachelorproef gaat op zoek naar concrete manieren om LHBT-acceptatie te verhogen door middel van bewust ingerichte vormingen omtrent seksuele en genderdiversiteit in Vlaamse middelbare scholen.
Meer lezen

#No Hate - Educatieve activiteitenbundel

Hogeschool VIVES
2016
Brittany
Verstraete
  • Maya
    Rosseel
  • Kaat
    Martens
  • Nona
    Lannoy
  • Thomas
    Vancoillie
  • Jolien
    Delrue
  • Sarah
    Maes
  • Leny
    Van Heuverswijn
Genomineerde longlist Bachelorprijs
De educatieve activiteitenbundel werd ontwikkeld als tool voor jeugdwerkers en leerkrachten om jongeren weerbaar te maken tegen haatspraak. Dit alles werd gedaan in samenwerking met de Raad van Europa.
Meer lezen

Jeugdruimte, een kinderspel?

Arteveldehogeschool Gent
2015
Leoni
De Schrijver
Jeugdruimte: Een kinderspel?Onderzoek naar jeugdruimte in AffligemIn deze bachelorproef wordt een overzichtelijk, volledig en actueel beeld gegeven van alle aspecten die met jeugdruimte in Affligem te maken hebben. Het huidige beleid wordt geanalyseerd, de jeugd van Affligem wordt bevraagd naar de mening die zij over hun jeugdruimte hebben en wat zij vinden dat de prioriteiten van de gemeente moeten zijn. Dit wordt vervolgens getoetst aan de huidige situatie.
Meer lezen

Dynamiek in diversiteit

Hogeschool UCLL
2015
Liesa
Sterckx
Diversiteit in het jeugdwerkgepost op: 27/04/2012 - 09:56Op woensdag 18 april nodigde minister van Jeugd Pascal Smet geïnteresseerden uit om in het Brusselse ABC-huis te brainstormen over diversiteit in het jeugdwerk. Allochtone jongeren blijken nog al te vaak hun weg niet te vinden naar het traditionele jeugdwerkaanbod.Gemotiveerde jongeren vanuit heel België verzamelden in het ABC-huis om te brainstormen over het huidige jeugdwerk. (foto: Leen Baeten)De belangstelling voor de denkdag was aanzienlijk. Onder de aanwezigen waren veel allochtone jeugdwerkers en jongeren zelf.
Meer lezen

Inclusief jeugdwerk krijgt vorm. Het belang en de impact van vorming als succesfactor voor inclusie in de jeugdbeweging.

Universiteit Gent
2012
Shana
Van Cauwenberghe
Jeugdbewegingen te weinig voorbereid op diversiteit.Diversiteit, toegankelijkheid, inclusie… Men kan tegenwoordig niet meer aan jeugdwerk doen zonder op deze begrippen te stuiten. Stuiten en verstuiken? Recente studies wezen uit dat jeugdwerkers nog altijd worstelen met het effectief ‘openstellen van hun deur voor allen’. De intentie is er, maar de vraag ‘hoe moet dat dan?’ blijft al te vaak onbeantwoord.
Meer lezen

Jong, kansarm en zwanger!

Arteveldehogeschool Gent
2012
Jolien
Careye
 Een zwangerschap bij jonge kansarme meisjes: hoera of owee?Moeders jonger dan 21 hebben het in onze huidige maatschappij niet gemakkelijk om hun plaats te verwerven. Programma’s zoals ‘Tienermoeders’ worden door de publieke opinie vaak misnoegd ontvangen: jonge meisjes worden al dan niet gewenst zwanger, terwijl ze schijnbaar nog niet over voldoende volwassenheid beschikken om het kind op te voeden.
Meer lezen

Zo de ouden zongen, zo piepen de jongen?

Universiteit Gent
2007
Jonas
Truwant

Zo de ouden zongen, zo piepen de jongen
 
Geld en statuten zijn bepalend voor relatie moederpartij-jongerenafdeling

 
Zondagavond 10 juni 2007, kwart voor tien. CD&V-N-VA blijkt de grote winnaar van de federale verkiezingen te zijn. De Vlaamse kiezers gunnen Guy Verhofstadt geen derde ambtstermijn als premier, en dus zet hij een stap opzij.
Meer lezen

De Vlaamse cultuurcentra en gemeenschapsvorming: Symbiose of paradox? Verkennende casestudy nar de visie van twee cultuurcentra

KU Leuven
2009
Debbie
Van Laere
 
Vlaamse cultuurcentra en gemeenschapsvorming
Symbiose of paradox?
Debbie Van Laere
Inleiding
 
 
De oorsprong van deze scriptie ligt in de lancering van een decreet waar de cultuur- en gemeenschapscentra in Vlaanderen een nieuwe richting inslaan. Het decreet houdende het stimuleren van een kwalitatief en integraal lokaal cultuurbeleid (verder het decreet lokaal cultuurbeleid genoemd) werd door het Vlaamse Parlement goedgekeurd op 13 juli 2001 en hield een aantal fundamentele wijzigingen in. De belangrijkste wijziging is de opdracht van de cultuur- en gemeenschapscentra.
Meer lezen

Rondhangen: een zinvolle tijdsbesteding voor jongeren?

Universiteit Gent
2007
Kaat
Sabbe
Rondhangen bij jongeren is vandaag opnieuw brandend actueel en vormt het thema van dit onderzoek. Het wordt als volgt gedefinieerd: “het zich herhaaldelijk en doch op willekeurige tijdstippen ophouden van jongeren, in een zelfgevormde groep in de publieke ruimte in de vrije tijd buiten instituties als gezin, arbeid, school of jeugdwerk”.
Jongeren brengen heel wat vrije tijd ‘ongeorganiseerd’ door en rondhangen wordt door jongeren hoog gewaardeerd als vrijetijdsbesteding. Tegelijkertijd is er heel wat bezorgdheid en wordt rondhangen sterk geproblematiseerd.
Meer lezen

De mening van ouders over de noodzakelijkheid, het belang en de inhoud van relationele en seksuele vorming. Een onderzoek in de laatste drie jaren van het secundair onderwijs.

KU Leuven
2006
Svenja
Vergauwen
Seksuele en relationele vorming in het secundair onderwijs is tegenwoordig een hot topic. De seksuele en relationele vorming heeft een hele geschiedenis achter de rug en is ingeschreven als vakoverschrijdende eindterm. De mate waarin en de wijze waarop scholen hier aandacht aan besteden is verschillend van school tot school.
Startpunt van dit onderzoek vanuit het Instituut van Familiale en Seksuologische Wetenschappen is dat in dit debat de mening van ouders over de noodzaak, het belang en de inhoud van relationele en seksuele vorming quasi volledig buiten beschouwing werd gelaten.
Meer lezen

De KASKA-verzameling. Beheersuggesties voor een verwaarloosde collectie.

AP Hogeschool Antwerpen
2007
Sarah
Swinnen
De KASKA-verzameling.Beheersuggesties voor een verwaarloosde collectie. Verwaarlozing in kunstcollecties, … een verdoezelde vorm van vandalisme of geraakt ons nationaal erfgoed in de vergeetput? Een instelling zo oud als de Antwerpse Academie voor Schone Kunsten kan rekenen op een uitgebreide geschiedenis van meer dan twee eeuwen. Bovendien beschikt ze over een eigen kunstverzameling gaande van prijswinnende kunstwerken van studenten tot werken afgestaan door het academische korps.
Meer lezen