Scriptiebank overzicht

De Vlaamse Scriptiebank is een vrij toegankelijke online databank. Het bevat intussen al meer dan 8.000 artikels en volledige scripties van bachelor- en masterstudenten die sinds 2002 hebben deelgenomen aan de Vlaamse Scriptieprijs.

THE EFFECTIVENESS OF THE TYP10 PROGRAM FOR FOURTH-GRADE CHILDREN WITH AND WITHOUT NEURODEVELOPMENTAL DISORDERS IN MAINSTREAM EDUCATION IN FLANDERS (BELGIUM)

Universiteit Gent
2026
Sara
Maes
  • Christel
    Callewaert
  • Delphine
    Bauwens
In deze longitudinale haalbaarheidsstudie volgden 35 leerlingen uit het vierde leerjaar een gestructureerd Typ10-programma. Hun typsnelheid en typnauwkeurigheid werden op vier momenten gemeten: vóór, tijdens en na de interventie, inclusief een follow-upmeting acht weken later.
De typsnelheid nam significant toe over de tijd (p < 0,001), met de grootste vooruitgang onmiddellijk na de lessen. Ook de typnauwkeurigheid verbeterde significant (p = 0,010), waarbij de vooruitgang geleidelijker verliep. Kinderen met (een vermoeden van) neurobiologische ontwikkelingsstoornissen (NDD) startten met een lagere typsnelheid, maar boekten eveneens duidelijke vooruitgang. Hun toename was wel significant kleiner dan bij kinderen zonder NDD (p = 0,043). Voor typnauwkeurigheid waren er geen significante verschillen tussen beide groepen.
Er werd een zwakke maar significante samenhang gevonden tussen typsnelheid en nauwkeurigheid (p < 0,001), wat erop wijst dat beide vaardigheden zich gedeeltelijk onafhankelijk van elkaar ontwikkelen. Hand schrijfvaardigheid en totale oefentijd hingen daarentegen niet significant samen met de typresultaten.
De leerlingen rapporteerden een positieve ervaring met Typ10, met een duidelijke ervaren vooruitgang en een hoge competentiebeleving. De resultaten tonen daarmee dat gestructureerd typonderwijs kan leiden tot aanzienlijke verbeteringen in typsnelheid en geleidelijke verbeteringen in nauwkeurigheid, zowel bij kinderen met als zonder (vermoeden van) NDD. Door de kleine steekproef moet deze studie worden beschouwd als een eerste haalbaarheidsstudie en vertrekpunt voor verder onderzoek met grotere onderzoekspopulaties.
Meer lezen

Langlezend!

Hogeschool PXL
2026
Nina
Reumers
Binnen deze bachelorproef werd onderzocht hoe bibliotheken en scholen sterker kunnen
samenwerken rond leesbevordering binnen de eerste graad A-stroom. Aan de hand van
literatuuronderzoek, interviews met bibliotheken en leerkrachten, analyses van leerplannen
en methodes en overlegmomenten binnen het project Langlezend! werd nagegaan welke
noden er vandaag bestaan rond leesmotivatie en leesbevordering binnen de
onderwijspraktijk.

Uit het onderzoek bleek dat veel leerkrachten nood hebben aan overzichtelijke, betrouwbare en direct bruikbare materialen rond lezen en literatuur. Tegelijk organiseren bibliotheken al heel wat sterke initiatieven, maar vinden deze niet altijd hun weg naar de klaspraktijk, of proberen ze veel dezelfde dingen uit in hun regio en zouden ook zij graag inspiratie opdoen.

Vanuit deze vaststellingen werd in samenwerking met smartICT een databank ontwikkeld waarin leesbevorderend materiaal, bibliotheekinitiatieven en lesideeën centraal verzameld worden. Deze databank zal in september 2026 officieel gelanceerd worden.

Daarnaast werd ook gewerkt rond een samenleesapp die in de toekomst gelanceerd zal
worden. Op basis van deze app werd een interactieve lessenreeks ontwikkeld waarin leerlingen samen lezen, reageren op teksten en deelnemen aan digitale leesgroepen. De lessenreeks werd geïntegreerd binnen de databank als voorbeeld van innovatief leesbevorderend materiaal.

Deze bachelorproef toont aan hoe belangrijk de ondersteuning van leerkrachten is binnen leesbevordering en hoe scholen en bibliotheken elkaar hierin kunnen versterken.
Meer lezen

Protocol Identificatie Tweetalige TOS/OD (PITTO): de invloed van kind-interne en kind-externe factoren en afkapwaarden

KU Leuven
2026
Stien
Vankriekelsvenne
  • Emma
    Delbaere
Talige diversiteit is een realiteit in Vlaanderen en Brussel. Tijdens de taaldiagnostiek bij een tweetalig kind is het essentieel een onderscheid te maken tussen een typische tweetalige taalontwikkeling en een taalontwikkelingsstoornis (TOS). Vandaag staan logopedisten zonder concrete handvaten voor deze uitdaging, wat leidt tot over- en onderdiagnose van TOS bij tweetalige kinderen. Bovendien compliceert de diversiteit binnen de tweetalige taalontwikkeling deze uitdaging. Verschillende factoren spelen hierin een rol: de leeftijd van het kind, de leeftijd waarop het kind voor het eerst met het Nederlands in contact komt, de hoeveelheid Nederlands het dagelijks hoort en spreekt, en de socio-economische context. Een holistisch beeld is dus noodzakelijk om een eventuele TOS correct te diagnosticeren. Deze masterproef biedt drempelwaarden voor een eerder ontwikkelde testcombinatie (PITTO) die het identificeren van TOS bij tweetalige kinderen mogelijk maakt. De drempelwaarden nemen de diversiteit binnen de tweetalige taalontwikkeling in acht en maken de implementatie van deze testcombinatie in de praktijk mogelijk. Dit is een grote en belangrijke stap richting een eerlijke taaldiagnostiek die het unieke taalverhaal van elk kind erkent.
Meer lezen

Rekentaal in prentenboeken

Arteveldehogeschool Gent
2026
Kika
Boden
  • Elise
    Siau
Deze bachelorproef onderzoekt de rol van rekentaal in prentenboeken en de invloed hiervan op de ontwikkeling van voorbereidende en latere rekenvaardigheden. Rekentaal is essentieel voor het begrip en gebruik van wiskundige begrippen. Er worden vijf indelingen van rekentaal besproken. Daarnaast wordt de rol van leerkrachten en ouders aangehaald bij het stimuleren van rekentaal via interactief voorlezen.

Het onderzoek richt zich op de mate waarin rekentaal voorkomt in prentenboeken die niet expliciet bedoeld zijn om rekenvaardigheden te stimuleren. Daarnaast wordt onderzocht welke begrippen het meest en het minst vaak voorkomen. De 40 prentenboeken worden geanalyseerd volgens een eigen indeling, aan de hand van de categorieën hoeveelheden, meten en metend rekenen, meetkunde, bewerkingen en tijd. Dit toont aan dat rekentaal vaak onbewust wordt geïntegreerd, maar dat abstractere begrippen niet vaak voorkomen. Het benadrukt het belang van een bewuste boekkeuze bij het ondersteunen van voorbereidende rekenvaardigheden. In deze bachelorproef worden enkele prentenboeken aangeraden.
Meer lezen

“Dag lieve Ketnetters”: Het taalgebruik op de Vlaamse kinder- en jeugdzender Ketnet

Universiteit Antwerpen
2026
Maïté
Michiels
Als grootste Vlaamse kinder- en jeugdzender speelt Ketnet een belangrijke rol in de taalontwikkeling van jonge kijkers. Deze masterproef onderzoekt welke variatiepatronen het taalgebruik op Ketnet vertoont, met bijzondere aandacht voor het gebruik van standaardtaal, tussentaal en Engelse woorden.

Voor het onderzoek werden afleveringen van de programma’s Hallo Kroket, Karrewiet en #LikeMe geanalyseerd. Het taalgebruik werd onderzocht aan de hand van verschillende tussentaalkenmerken. Voor het Engels lag de focus specifiek op het gebruik van Engelse evaluatieve adjectieven. De resultaten werden vervolgens vergeleken met de taalrichtlijnen uit het Taalcharter van de VRT, waarin standaardtaal centraal staat. Voor Karrewiet geldt daarbij de strengste norm, aangezien het programma het Nieuwsnederlands hanteert.

Uit de analyse blijkt dat het taalgebruik op Ketnet varieert naargelang het programmagenre. Karrewiet sluit nauw aan bij de norm van het Nieuwsnederlands, terwijl Hallo Kroket en #LikeMe meer tussentaalkenmerken bevatten. Vooral de weglating van de eind-t in de korte functiewoorden dat, wat, niet en met komt regelmatig voor. Andere kenmerken, zoals het gebruik van ge of gij en niet-standaardtalige verkleinwoorden, blijven eerder beperkt. Ook het aandeel van het Engels blijkt opvallend klein, ondanks hun prominente plaats in de jongerentaal.

De resultaten tonen dus aan dat Ketnet bewust balanceert tussen de taalnorm en een geloofwaardige manier van communiceren met kinderen en jongeren. Hoewel de zender inspeelt op de leefwereld van zijn doelgroep, weerspiegelt het taalgebruik niet zozeer de Vlaamse jongerentaal.
Meer lezen

Geschiedenis begint in de kleuterklas

Odisee Hogeschool
2026
Emilia
Van Impe
Met de invoering van de nieuwe kennisrijke minimumdoelen binnen het Vlaamse basisonderwijs worden kleuterleerkrachten uitgedaagd om expliciet in te zetten op kennisopbouw. Voor veel leerkrachten vormt dit een nieuwe manier van werken, zeker binnen domeinen zoals geschiedenis. Op de stageschool Sint-Aloysius te Denderhoutem bleek dat er onzekerheid bestond over hoe een historisch thema zoals het Oude Egypte op een kennisrijke en ontwikkelingsgerichte manier aangeboden kan worden aan oudste kleuters. Vanuit deze vaststelling werd de centrale onderzoeksvraag geformuleerd: Hoe creëer je kennisrijke contexten voor de oudste kleuters rond het thema Oude Egypte vanuit de minimumdoelen? Om deze onderzoeksvraag te beantwoorden werd gebruikgemaakt van verschillende onderzoeksmethoden. Een literatuurstudie bracht inzichten aan over kennisrijke contexten, effectieve didactiek, kennisopbouw en de nieuwe minimumdoelen. Daarnaast werden vier leerkrachten van de derde kleuterklas bevraagd via een online vragenlijst. Voor de evaluatie van kennisverwerving werd de klasmentor geïnterviewd. Op basis van deze gegevens werd een kennisrijk thema rond het Oude Egypte ontworpen en uitgetest in een derde kleuterklas. Uit de resultaten blijkt dat een kennisrijke context gekenmerkt wordt door doelgerichte kennisopbouw, rijke materialen, betekenisvolle activiteiten, herhaling en een actieve rol van de leerkracht. Zowel de literatuur als de bevraagde leerkrachten benadrukken het belang van een rijke speelleeromgeving waarin kleuters nieuwe kennis kunnen verwerven binnen en buiten hun leefwereld. Daarnaast blijkt dat verhalen, visuele ondersteuning, interactieve gesprekken en onderzoekende activiteiten belangrijke didactische strategieën zijn om kennisopbouw en taalontwikkeling te stimuleren. Op basis van de nieuwe minimumdoelen en het leerplan Op.stap werd een kennisrijk thema rond het Oude Egypte uitgewerkt. Het ontwerp omvatte onder meer een boekenhoek, ontdektafel, schrijfhoek met hiërogliefen, bouwhoek rond piramides, rollenspelhoek, beeldende activiteit rond papyrus en een wiskundige programmeeractiviteit. Tijdens de uitprobeerfase toonden de kleuters een grote betrokkenheid en nieuwsgierigheid. De rijke impressies en concrete materialen bleken een belangrijke meerwaarde te zijn voor hun interesse en leerproces. De discussie toont aan dat het ontwerp een waardevolle bijdrage kan leveren aan het realiseren van kennisrijke contexten binnen de derde kleuterklas. Tegelijk kent het onderzoek enkele beperkingen, zoals het beperkte aantal respondenten en de korte implementatieperiode van twee dagen. Hierdoor kunnen de resultaten niet veralgemeend worden naar andere contexten. Geconcludeerd kan worden dat kennisrijke contexten rond het Oude Egypte haalbaar zijn binnen het kleuteronderwijs wanneer kennis wordt aangeboden via spel, exploratie en betekenisvolle activiteiten. Het ontwikkelde ontwerp biedt een concreet antwoord op het gestelde praktijkprobleem en kan leerkrachten inspireren bij de implementatie van de nieuwe kennisrijke minimumdoelen.
Meer lezen

Hoe kan thematisch werken met betekenisvolle verhalen het verhaalbegrip versterken van meertalige kleuters in een Brusselse derde kleuterklas?

Hogeschool VIVES
2025
Anouk
Stroobants
Deze bachelorproef binnen het thema ‘Lezen begint al in de kleuterklas’ onderzoekt hoe thematisch werken met betekenisvolle verhalen het verhaalbegrip van meertalige kleuters kan versterken. Het onderzoek vond plaats in de derde kleuterklas van GBS Everheide in Brussel, een school met een grote talige diversiteit. De centrale onderzoeksvraag luidt: Hoe kan thematisch werken met betekenisvolle verhalen het verhaalbegrip versterken van meertalige kleuters in een Brusselse derde kleuterklas? Op basis van literatuur over taalontwikkeling, begrijpend luisteren en meertaligheid werd een thematisch aanbod ontwikkeld rond het prentenboek Ridder Rikki van Guido Van Genechten. Gedurende de ontwerpweken werd het verhaal herhaald en verdiept aan de hand van een visueel verhalenpad, denkstimulerende vragen, gebaren en interactieve activiteiten. Om de impact van deze aanpak in kaart te brengen, werd een zelfontworpen meetinstrument ingezet om het verhaalbegrip van de kleuters te observeren en te evalueren. Daarnaast vloeide uit deze bachelorproef ook een praktijkgerichte bundel voort, opgebouwd rond het prentenboek Ridder Rikki. Het geheel vormt een bruikbare leidraad voor leerkrachten die doelgericht willen inzetten op verhaalbegrip bij meertalige kleuters.
Meer lezen

Dansklaar! Dans muzisch met je klas dankzij onze handige kaartentool

Arteveldehogeschool Gent
2025
Nele
Van Looveren
  • Natalia
    Kaya
Dans wordt in de meeste kleuterklassen slechts sporadisch ingezet, vaak beperkt tot gestructureerde klasdansjes of feestelijke gelegenheden. Nochtans genieten kleuters zichtbaar van bewegingsactiviteiten en is muzische dans een krachtig middel voor expressie, fantasie en verbondenheid. Tijdens een overleg met de stageschool kwam de nood aan een haalbare en inspirerende aanpak voor dans naar voren. Dit leidde tot het praktijkgericht onderzoek met de ontwerpvraag: “Hoe kunnen we een praktische tool ontwikkelen die kleuterleerkrachten ondersteunt om muzische dans op een haalbare, speelse en expressieve manier te integreren in hun klaspraktijk?”

Op basis van interviews, literatuurstudie en gesprekken met het kleuterteam werden de noden en struikelblokken in kaart gebracht. Deze inzichten vormden het vertrekpunt voor de ontwikkeling van Dansklaar!, een dansbox met gebruiksklare werkvormkaarten, QR-codes met muziek, concrete instructies en extra informatiekaarten. De box is opgesplitst in twee versies (voor jongste en oudste kleuters), met werkvormen die dans benaderen als muzische expressie en niet als nadoen van pasjes.

De tool werd getest in de praktijk en geëvalueerd via een try-out, vragenlijsten en een focusgroep. Leerkrachten reageerden positief: de kaarten zijn duidelijk, motiverend en bruikbaar binnen het klasgebeuren. Vooral het speelse karakter en de laagdrempeligheid vielen in de smaak. Door de korte testfase zijn uitspraken over structurele impact voorlopig beperkt, maar het onderzoek toont aan dat deze tool een waardevol startpunt vormt om muzische dans structureler te verankeren in het kleuteronderwijs.
Meer lezen

Gesprekken voeren over kunst in de kleuterklas

Hogeschool PXL
2025
Luka
Indeherberg
Deze bachelorproef onderzoekt hoe de methode van Visual Thinking Strategies (VTS) kan bijdragen aan diepgaande gesprekken met kleuters over kunst, met specifieke aandacht voor meertalige kinderen en kinderen met een lage betrokkenheid of beperkte taalontwikkeling. In de praktijk blijkt dat kleuters tijdens klassikale gespreksmomenten, zoals het bespreken van een praatplaat, vaak moeilijk betrokken raken. Dit komt onder andere door hun korte concentratiepanne, uiteenlopende taalvaardigheden en culturele/taalkundige diversiteit. Vooral meertalige kleuters ervaren drempels in communicatie, wat hun taalontwikkeling en betrokkenheid belemmert.

Visual Thinking Strategies (VTS) is een gespreksmethode waarbij kinderen via gestructureerde, open vragen worden aangemoedigd om te observeren, te interpreteren en te verwoorden wat ze in een kunstwerk zien. De leerkracht begeleidt het gesprek op een niet-oordelende manier door te parafraseren en verdiepende vragen te stellen. Deze aanpak versterkt niet alleen de taalvaardigheid, maar ook het zelfvertrouwen, het luistervermogen, intens kijken en de sociale interactie van de kleuters.
Meer lezen

Detecting Neural Responses in EEG Recordings of Cochlear-Implant Recipients

KU Leuven
2024
Tom
Colemont
Genomineerde longlist mtech+prijs
Bijna tien procent van de Belgen lijdt aan gehoorverlies. Gelukkig kunnen gehoorapparaten vaak helpen, maar wat als die niet langer voldoende zijn? In dat geval kunnen gehoorimplantaten, en meer specifiek cochleaire implantaten, personen met ernstig gehoorverlies opnieuw laten horen. Net als de sterkte van je brilglazen moet je zulke gehoorimplantaten nauwkeurig afstellen op de noden van de drager. Deze scriptie onderzoekt hoe je dat automatisch kan doen, zodat echt iedereen met een cochleair implantaat geholpen kan worden.
Meer lezen

Het ontwikkelen van een kader voor het beschrijven en selecteren van digitale prentenboeken ter stimulering van de vroege taalontwikkeling van 3- tot 6-jarigen

KU Leuven
2024
Ines
Geysels
Het voorlezen van prentenboeken kan de vroege taalontwikkeling van 3- tot 6-jarigen stimuleren. Mede door de digitalisering is er een ruim aanbod aan digitale prentenboeken binnen het handbereik van kleuters, met grote variaties in vormgeving en inhoud. Dit kan extra mogelijkheden bieden voor de taalontwikkeling. Uit onderzoek blijkt echter dat niet elke vormgeving van de beschikbare digitale prentenboeken effectief is om de vroege taalontwikkeling te stimuleren. Met deze masterproef willen we kleuterleerkrachten helpen om gericht te kiezen uit het grote aanbod aan digitale prentenboeken door een kader te ontwikkelen voor het beschrijven en selecteren van digitale prentenboeken met oog op de stimulering van de taalontwikkeling van kleuters.

Op basis van de beschikbare wetenschappelijke onderzoeksliteratuur werd de eerste versie van het kader opgesteld. De verdere ontwikkeling van het kader verliep via een Delphi-studie. De Delphi-studie telde drie rondes waarin negen experten in de domeinen taalontwikkeling, prentenboeken en/of digitale leermiddelen feedback gaven in functie van de volledigheid, duidelijkheid en juistheid van het kader tijdens een individueel interview en twee focusgroepen. De bruikbaarheid van het uiteindelijke kader werd door middel van individuele interviews nagegaan bij 22 onderwijsprofessionals, met name pedagogische begeleiders, kleuter- en zorgleerkrachten.

Op basis van zowel de wetenschappelijke literatuur, de feedback van de experten en de evaluatie door de onderwijsprofessionals kwamen we tot een versie van het kader dat volgens de experten onderbouwd en omvattend en volgens de onderwijsprofessionals bruikbaar is in de onderwijspraktijk. Het kader kan kleuterleerkrachten helpen bij het beschrijven en selecteren van digitale prentenboeken ter stimulering van de vroege taalontwikkeling van 3- tot 6-jarigen. Het finale kader is een beschrijvend kader met elementen die de vroege taalontwikkeling van kleuters kunnen stimuleren. We ronden deze masterproef af met een kritische reflectie over de theoretische implicatie van het kader en formuleren suggesties voor verder onderzoek en de onderwijspraktijk.
Meer lezen

Welbevinden boosten bij anderstalige nieuwkomers in het lager onderwijs

Odisee Hogeschool
2024
Jolien
Van Hoey
Mijn bachelorproef heeft als doel een antwoord te vinden op volgende hoofdvraag: ‘Hoe kunnen leerkrachten op de Vrije Basisschool Sint-Jozef in Temse het welbevinden van anderstalige leerlingen in het eerste leerjaar verhogen?’ Daarnaast wou ik ook een antwoord vinden op enkele bijvragen, namelijk: ‘Wat houdt de term ‘welbevinden’ in?’,
‘Hoe kan een leerkracht op de Vrije Basisschool Sint-Jozef in Temse een laag niveau van welbevinden bij anderstalige leerlingen herkennen?’ en ‘Welke noden hebben anderstalige leerlingen in het eerste leerjaar en hun leerkracht op de Vrije Basisschool Sint-Jozef in Temse op vlak van welbevinden?’.

Mijn bachelorproef is gericht op een heel actueel thema. Als gevolg van de toenemende globalisering, migratie en humanitaire uitdagingen, krijgen steeds meer lagere scholen met anderstalige nieuwkomers te maken. De aanpassingsperiode waarin anderstalige nieuwkomers te maken krijgen met taalbarrières en culturele verschillen, vormt een cruciale fase. Het welbevinden kan flink onder druk komen te staan. Anderstalige leerlingen hierin bijstaan en zo goed mogelijk begeleiden is geen eenvoudige opdracht.

Door verschillende methoden toe te passen zocht ik een antwoord op mijn deelvragen en hoofdvraag. Om te beginnen heb ik mij verdiept in verschillende soorten bronnen binnen de literatuur. Mijn literatuuronderzoek onthulde de cruciale rol van welbevinden op het leerproces van een leerling. Volgens Heylen & Laevers (2019) is de
meest algemene definitie van welbevinden: Welbevinden is een toestand waarin kinderen zich bevinden wanneer ze zich op en top voelen. Op dat moment
genieten ze volop. Ze stellen zich daarbij open en ontvankelijk op voor wat op hen afkomt. Ze zijn spontaan en durven zichzelf te zijn. Ze stralen energie en tegelijk ontspanning en innerlijke rust uit. Het identificeren van de signalen van welbevinden kan een waardevolle leidraad bieden voor leerkrachten om het welbevinden van anderstalige leerlingen in te schatten, te begrijpen en er correct op te reageren.

Naast de literatuurstudie heb ik ook een beeldende bevraging, een interview en observaties gebruikt als onderzoeksmethoden. De resultaten daarvan heb ik verwerkt in deze bachelorproef. Ik ontwierp een eindproduct, een toolbox, waarmee ik leerkrachten wil ondersteunen bij het bevorderen van welbevinden bij anderstalige
leerlingen.
Meer lezen

Op prentenboeken kan je rekenen Een onderzoek naar de gestelde wiskundige vragen door kleuterleerkrachten tijdens het voorlezen van prentenboeken in de klascontext.

KU Leuven
2023
Gitte
Demaret
In deze masterproef werd de invloed van leerkrachtkenmerken (e.g. voorlezen met/zonder wiskundig doel) en prentenboekkenmerken (e.g. wiskundig of niet-wiskundig prentenboek) op de kwantiteit en kwaliteit van de gestelde wiskundige vragen tijdens het voorlezen van prentenboeken in kaart gebracht. Onze resultaten tonen aan dat kleuterleerkrachten meer wiskundige vragen stellen wanneer ze een wiskundig prentenboek voorlezen en wanneer ze voorlezen met het doel om de wiskundige ontwikkeling te stimuleren. Daarentegen blijken het voorleesdoel van de leerkracht en het soort prentenboek dat voorgelezen wordt niet van invloed op de kwaliteit van de gestelde wiskundige vragen.
Meer lezen

Niet-schools lezen in een schoolse context - Een onderzoek naar Shared Reading en de toepassing ervan in het lager onderwijs

Universiteit Gent
2023
Mila
Lambrecht
Uit recente internationale PISA- en PIRLS-onderzoeken blijkt dat Vlaamse en Nederlandse leerlingen steeds minder en minder graag lezen, wat leidt tot dalende leesvaardigheid. Deze scriptie onderzoekt de rol van Shared Reading in het onderwijs en concludeert dat literair lezen positieve invloeden heeft op cognitieve en sociale vaardigheden.
De implementatie van Shared Reading gaat in tegen  het kwantificeren van leerlingen, en stimuleert een alternatieve benadering van onderwijs met aandacht voor persoonlijke ontwikkeling en dialoog.
Meer lezen

Welk effect heeft voorleessoftware op de zelfredzaamheid van kinderen met dyslexie of TOS in het derde leerjaar?

Arteveldehogeschool Gent
2023
Sofie
Van Hoecke
In dit onderzoek besloten we dat voorleessoftware in een derde leerjaar de zelfredzaamheid verhoogt van leerlingen met nood aan leesondersteuning indien aan alle randvoorwaarden zoals het in orde zijn van technische apparatuur en het over voldoende computationele vaardigheden beschikken, wordt voldaan. Maar ook de inbreng van de leerkracht doet ertoe! Om hieraan tegemoet te komen, werden een plan van aanpak met een leerlijn geïntegreerd in het schoolwerkplan. Er werden ook hulpfiches voor leerlingen en leerkrachten ingevoerd en er werd werk gemaakt van breed evalueren van de mate van zelfstandig werken met de voorleessoftware.
Meer lezen

Typological Considerations on P-lability and its Interaction with Morphosyntactic Alignment in Latin Medical Texts

Universiteit Gent
2022
Tim
Ongenae
Talen met elkaar vergelijken kan onze kennis over taal en over bepaalde fenomenen in taal verrijken. Deze scriptie past deze methode toe om meer te weten over de ontwikkeling van labiele werkwoorden in het Latijn.
Meer lezen

Hoe verloopt de taalontwikkeling van het Nederlands van anderstalige kleuters waarvan de ouders die taal niet machtig zijn in West-Vlaamse scholen?

Hogeschool West-Vlaanderen
2022
Latifa
Gueddas
We leven in een superdiverse samenleving en dat betekent dat het aantal anderstalige kinderen in
Vlaanderen elk jaar stijgt. Voor scholen blijft
die meertaligheid een uitdaging. De onderzoeksvraag luidt als volgt: “Hoe verloopt de taalontwikkeling van het Nederlands van anderstalige kleuters waarvan de ouders die taal niet machtig zijn in West-Vlaamse scholen?
Meer lezen

Letterliedjes ter ondersteuning van aanvankelijk lezen. De kracht van muziek in het leesonderwijs.

Hogeschool West-Vlaanderen
2022
Sarah
Bekkers
Genomineerde shortlist Klasseprijs
Letterkennis en grafeem-foneembewustzijn zijn essentieel voor aanvankelijk lezen. Kinderen moeten ondersteund worden in dit proces. Muziek activeert het volledige brein en heeft onder meer een positieve invloed op luistervaardigheid en taalontwikkeling. Daarom ontwikkelde ik letterliedjes met educatieve tips, passende bewegingen en visuele ondersteuning.
Meer lezen

Het effect van interactief voorlezen op de leesmotivatie van OKAN-leerlingen: een mixed-method onderzoek

Universiteit Gent
2022
Thibaut
Duthois
Genomineerde shortlist Vlaamse Scriptieprijs
Binnen deze masterproef werden 22 OKAN-leerkrachten opgeleid in interactief voorlezen. Gedurende een maand gingen zij met hun meer dan 200 anderstalige leerlingen aan de slag met kortverhalen uit Overhaald. Een combinatie van kwantitatief en kwalitatief onderzoek toont aan dat interactief voorlezen een positief effect heeft op de leesmotivatie van anderstalige nieuwkomers.
Meer lezen

Kleuters met weinig sociale wederkerigheid: van inzicht naar uitzicht (praktijkonderzoek in het ondersteuningsnetwerk Oost-Brabant)

AP Hogeschool Antwerpen
2022
Eleonora
Tilkin-Franssens
Steeds meer kleuters worden bij het ondersteuningsnetwerk aangemeld met een (gemotiveerd) verslag type 9 of doorverwezen naar het buitengewoon onderwijs. Het ondersteuningsnetwerk waar ik voor werk, is een inclusiemotor die tracht zoveel mogelijk kinderen binnen het gewoon onderwijs tot leren te laten komen binnen het draagvlak van de school.
In dit onderzoek wordt onderzocht hoe ondersteuners leerkrachten beter kunnen begeleiden bij het creëren van een klasomgeving waarin kleuters met weinig sociale wederkerigheid wel tot ontwikkeling kunnen komen en waarbij de leerkracht minder gevoelens van onmacht, stress en handelingsverlegenheid ervaart.
Door uit te zoeken hoe de normale ontwikkeling van een kleuter er uitziet op het domein van sociaal-emotionele ontwikkeling, sociaal-communicatieve ontwikkeling, taalontwikkeling en spelontwikkeling probeert dit onderzoek een manier te vinden om leerkrachten en ondersteuners meer inzicht in de ontwikkeling van hun specifieke kleuter te bieden. Vanuit dat inzicht wordt getracht om te komen tot een beter afgestemde omgeving, aanpak en aanbod naar de kleuter toe.
Dit onderzoek tracht hierbij een antwoord te geven op wat ondersteuners en leerkrachten nodig hebben om dit te kunnen verwezenlijken en wat het gevolg is van een korte interventie op de beleving van de band tussen de leerkracht en de kleuter.
Overkoepelende conclusies trekken was niet mogelijk, aangezien de steekproef te klein was. Er kan wel afgeleid worden dat het inzetten van ondersteuners om de ontwikkeling van het jonge kind beter te begrijpen een meerwaarde kan betekenen.
Daarnaast is het aanreiken van een manier om kinderen te observeren en zo hun ontwikkelingsniveau te bepalen in combinatie met het bepalen van hun beleving van en door anderen een manier om te weten te komen waar net op kan ingezet worden om hun ontwikkeling te stimuleren.
Het opstellen van kleine, haalbare activiteiten om aan de band tussen kleuter en leerkracht te werken terwijl er naar een duidelijk doel wordt toegewerkt, kan ondersteuners helpen om gerichter de leerkrachten te ondersteunen zodat de kleuter zijn/haar ontwikkeling ook wordt gestimuleerd buiten ondersteuningstijd.
Meer lezen

Translanguaging in onthaalklassen voor anderstalige nieuwkomers: een case-study

Vrije Universiteit Brussel
2021
Martine
Vijlbrief
Dit onderzoek gaat over de inzet en het gebruik van de talige kennis van de leerlingen (translanguaging) en hun ervaringen hierbij in een onthaalklas in Brussel. In deze casestudie wordt translanguaging geobserveerd en geanalyseerd aan de hand van video-opnames en naar de ervaring van de leerlingen gepeild aan de hand van een vragenlijst. De resultaten tonen dat het gebruik van de eigen thuistalen van leerlingen bijdraagt aan de participatie en interactie tussen leerlingen en leerkracht, het leerbegrip verhoogt en de leerlingen zich veilig voelen en goed voelen in de klas.
Meer lezen

Het effect op emoties en gedragingen bij het gebruik van psycho-educatie bij leerlingen in klascontext

AP Hogeschool Antwerpen
2021
Zéna
Gosselin
  • Janneke
    Noordzij
  • Duygu
    Kilic
Het effect op emoties en gedragingen bij het gebruik van psycho-educatie bij leerlingen in klascontext. Toegepast op dyslexie, ontwikkelingsdysfasie en/of de gehele klasgroep.
Meer lezen

Het effect van interactief voorlezen op de probleemoplossingsvaardigheden van kleuters

Universiteit Antwerpen
2021
Joris
Van Elsen
Genomineerde shortlist Klasseprijs
Problemen oplossen kan je leren. De kleuterleeftijd is het ideale moment om probleemoplossend denken te stimuleren. Dit quasi-experimenteel onderzoek toont aan dat interactief voorlezen uit prentenboeken een leuke en veelbelovende manier is om van kleuters (nog) betere probleemoplossers te maken.
Meer lezen

“We are all different but the same.” Een sprookje, fantasieverhaal of juist een echt hier-en-nu-verhaal?

Hogeschool PXL
2021
Lore
Koopmans
In deze bachelorproef wordt uitgegaan van een allesomvattende definitie van diversiteit en ga ik samen met de medewerkers van Narrata vzw op zoek naar een manier om voorlezen en de kracht van verhalen in te zetten om kinderen voor te bereiden op het leven in een steeds veranderende en diverse samenleving.
Meer lezen

De invloed van muzikaliteit bij simultaantolken Is er een verband tussen tolkvaardigheid en aanleg voor muziek? Een exploratie

Universiteit Antwerpen
2020
Diane M.
Andries
De muzikaliteit van de simultaantolk kan haar/zijn werk vergemakkelijken. In bijzonder wanneer zij/hij levenslang een muziekinstrument bespeelt. Vandaag kennen we de vele voordelen van cognitieve flexibiliteit die in het bijzonder het moeilijke mentale werk van de tolk kunnen ondersteunen.
Bovendien hebben muzikale vaardigheden overdraagbare competenties in tal van andere domeinen. Onderzoek is tamelijk recent en moet worden uitgebreid gezien de talrijke aspecten rond muziek.
Meer lezen

OUDERBEGELEIDING BIJ KLEUTERS MET EEN TOS: OPSTELLEN VAN EEN OBSERVATIELIJST (HAND IN HAND)

HOGENT
2020
Laurian
Hermus
Ouderbegeleiding wordt steeds belangrijker binnen de logopedische taalinterventie. Momenteel zijn er slechts weinig ouderbegeleidingsprogramma's voorhanden. Om aan die noodzaak te voldoen heeft de VVL het ouderbegeleidingsprogramma Hand in Hand ontwikkeld. In dit bachelorproefproject werden twee observatielijsten opgesteld om na te gaan of het programma effectief is.
Meer lezen

De taalvaardigheid van kinderen met spinale musculaire atrofie type 2 tijdens de differentiatiefase

KU Leuven
2020
Delphine
Cools
Deze masterproef behandelt de taalvaardigheid van kinderen met spinale musculaire atrofie type 2 tijdens de differentiatiefase (2;06 tot 5;00 jaar).
Meer lezen

Effect van stimulusparameters op de weerspiegeling van fundamentele frequentie in auditieve hersenstamresponsen

KU Leuven
2020
Maud
Lobel
Dat het volgen van een gesprek in dagdagelijkse, rumoerige omstandigheden soms een hele uitdaging is weten we allemaal. Voor dragers van een cochleair implantaat (CI) is dit echter des te moeilijker omdat ze de stem van de spreker niet altijd even goed kunnen waarnemen. Een vroegtijdige evaluatie van de stemperceptie bij jonge CI-gebruikers via elektro-encefalografie (EEG) zou de taalontwikkeling bij deze kinderen ten goede kunnen komen. Maar welke stimuli kunnen het best gebruikt worden om dit te evalueren?
Meer lezen

Micro-transitie: het middagmaal. Een combinatie van zorg en leren

Arteveldehogeschool Gent
2020
Nicky
Latomme
Binnen de opleiding 'educatieve bachelor voor kleuteronderwijs' kreeg dit onderzoek het onderwerp transities toebedeeld. De transitie situeert zich op de overgang
van klas naar middag, met als focus het gebeuren in de eetzaal tijdens het middagmaal. De
ontwerpvraag luidde als volgt: ‘Hoe moet het eetmoment tijdens de middagpauze ingevuld worden
zodat er voor de kleuters ingezet wordt op zorg, leren en welbevinden?’
Meer lezen

LONG-TERM AUDITORY EFFECTS IN PATIENTS TREATED FOR BRAIN TUMORS DURING CHILDHOOD

Universiteit Gent
2019
Laura
Bollé
  • Astrid
    Rycx
Overlevenden van hersentumoren tijdens de kindertijd lopen het risico om late termijn effecten, zoals gehoorverlies te ontwikkelen. Het doel van deze studie is het bepalen van late termijn auditieve effecten bij volwassenen die tijdens de kindertijd voor een hersentumor werden behandeld.
Meer lezen