Scriptiebank overzicht

De Vlaamse Scriptiebank is een vrij toegankelijke online databank. Het bevat intussen al meer dan 8.000 artikels en volledige scripties van bachelor- en masterstudenten die sinds 2002 hebben deelgenomen aan de Vlaamse Scriptieprijs.

Van der edelre hertoginne vrouwe johanne: De bestuursbijdrage van Johanna van Brabant in het hertogdom Brabant van 1376 tot 1380.

KU Leuven
2026
janneke
de keersmaecker
Deze masterproef onderzoekt de bestuursbijdrage van Johanna van Brabant in het hertogdom Brabant tussen 1376 en 1380. De bestaande historiografie reduceerde Johanna lange tijd tot een passieve zwakke vorstin naast haar echtgenoot, Wenceslas van Bohemen. Een beeld dat grotendeels steunde op narratieve bronnen of nationalistische en teleologische lezingen ervan. Dit onderzoek stelt dat beeld bij door praktijkbronnen te betrekken in het debat en de dagdagelijkse bestuurspraktijk zichtbaar te maken. Het gaat na hoe Johanna haar macht uitoefende, welke middelen zij daartoe inzette en hoe haar bestuursbijdrage zich verhield tot die van haar echtgenoot. De analyse is opgebouwd rond drie grote thema’s. Het eerste hoofdstuk behandelt de financiële basis van haar bestuur op een kleine schaal, via haar weduwegoeden na de dood van haar eerste echtgenoot, Willem IV van Henegouwen, Holland en Zeeland. Hoewel deze inkomsten beperkt waren en niet altijd vlot doorvloeiden, toont deze scriptie dat Johanna ze actief aanwendde voor lokaal bestuur. Het tweede hoofdstuk verlegt de focus naar haar diplomatieke rol en haar plaats op het internationale toneel. Johanna’s bemiddeling was geen uitzonderlijk optreden binnen grote politieke taferelen, maar een alledaagse bestuurspraktijk. Haar reizen, bodenverkeer, geschenkuitwisseling en het entertainment aan het hof bevestigen een duidelijke taakverdeling binnen het koppel. Waar Wenceslas zich richtte op het grote Europese en keizerlijke toneel, lag Johanna’s focus op de stabiliteit van Brabant en haar buurregio’s. Vervolgens komt een analyse aan bod van Johanna’s religieuze en literaire patronage. Ze zette religieuze schenkingen bewust in als politiek instrument en cultiveerde haar vroomheid als onderdeel van haar publieke rol. Het vermeende verval van de hofcultuur na Wenceslas’ dood was niet het gevolg van haar desinteresse, maar van de financiële uitputting na de reeks oorlogen die Brabant trof in deze periode. Het centrale argument doorheen deze scriptie is een van complementariteit. Johanna en Wenceslas opereerden als een gezamenlijk bestuur waarin zij vanuit een gedeeld Brabants perspectief verschillende, maar complementaire taken op zich namen. Johanna was geen bijfiguur, maar een zelfstandig medebestuurder wier handelingsruimte aandacht verdient ongeacht de afloop of het succes van haar beleid.
Meer lezen

Naar een territoriaal verankerde landbouw: De rol van slachthuisinfrastructuur als gedeelde en strategische voorziening

Universiteit Gent
2025
Basiel
Van Rillaer
Deze masterproef onderzoekt de rol van slachthuisinfrastructuur in de territoriale verankering van landbouw. Slachthuizen worden doorgaans gezien als technische voorzieningen, maar in werkelijkheid bepalen ze in hoge mate hoe voedselproductie georganiseerd wordt, wie toegang heeft tot verwerking en hoe producenten en consumenten met elkaar verbonden blijven. De centrale onderzoeksvraag luidt: hoe hebben slachthuisinfrastructuren bijgedragen aan de verankering van landbouw in haar territorium, welke transformaties hebben geleid tot hun ontkoppeling, en onder welke voorwaarden kan herterritorialisering plaatsvinden?
De relevantie van dit onderzoek ligt in de hedendaagse context. Terwijl de vraag naar korte ketens, dierenwelzijn en duurzame voedselvoorziening groeit, verdwijnen kleinschalige slachthuizen of worden ze opgeschaald tot industriële complexen. Dit creëert knelpunten voor boeren die niet in dat grootschalige model passen en ondermijnt de veerkracht van lokale voedselnetwerken. Slachthuizen vormen zo een vaak vergeten, maar cruciale schakel in de transitie naar duurzamere landbouwsystemen.
Methodologisch steunt de studie op vijf casestudy’s die verschillende vormen van slachthuisinfrastructuur in beeld brengen: de thuisslachter Erik De Vogelaere, Slagerij Vande Walle, het private slachthuis Matanza, de coöperatie WAPICOWP en de mobiele slachtunit voor pluimvee. Via interviews, historische analyse en beleidskaders worden deze praktijken onderzocht. De vergelijking resulteert in een typologie met vier hoofdtypes: geïntegreerd ambachtelijke infrastructuur, private slachthuizen met gedeeld gebruik, mobiele slachtunits en coöperatieve modellen. Deze typologie toont dat slachthuisinfrastructuren zich bewegen in een spanningsveld tussen schaalvergroting en lokale verankering, privaat ondernemerschap en collectieve organisatie, formele regelgeving en informele praktijken.
De cases laten zien dat kleinschalige infrastructuur kan overleven wanneer bepaalde randvoorwaarden aanwezig zijn, zoals familiale opvolging, ondernemerschap, sterke lokale netwerken of gedeeld eigenaarschap. Tegelijkertijd blijkt dat deze voorwaarden uitzonderlijk zijn en niet vanzelfsprekend reproduceerbaar. Beleidsmatig betekent dit dat de toekomst van kleinschalige infrastructuur niet enkel kan afhangen van toeval of familiale continuïteit, maar dat actieve ondersteuning noodzakelijk is. Herterritorialisering vraagt om randvoorwaarden zoals regelgeving op maat, institutionele steun en maatschappelijke herwaardering van voedselproductie.
Het besluit van deze masterproef is dat slachthuisinfrastructuur méér is dan een technische schakel: ze is een strategische en gedeelde voorziening die bepaalt hoe landbouw lokaal verankerd kan blijven. Herterritorialisering is daarbij geen terugkeer naar het verleden, maar een hedendaagse strategie om landbouwsystemen veerkrachtiger, duurzamer en sociaal rechtvaardiger te maken.
Meer lezen

How do political parties affect the financial health of Flemish municipalities?

Universiteit Gent
2025
Ruben
Vander Haeghen
Dit onderzoek bekijkt de invloed van politieke partijen op het financieel beleid van Vlaamse gemeenten. Op basis van een originele dataset van 267 gemeenten (2014–2023) analyseerde ik de rol van politieke ideologie en electorale motieven op vier domeinen: belastingdruk, uitgaven, begrotingssaldo en schuldontwikkeling. De resultaten tonen dat ideologie vooral bepalend is voor belastingbeleid, rechtse besturen heffen systematisch lagere belastingen, terwijl uitgaven stijgen in coalities met ideologische diversiteit door interne onderhandeling. Begrotingstekorten blijken vooral te volgen uit de verkiezingscyclus en pieken in de aanloop naar verkiezingen, ongeacht ideologie. Schuldgroei wordt daarentegen nauwelijks beïnvloed door politieke factoren, een verwijzing naar het minder zichtbare karakter en de lange termijn aard van leningsbeslissingen.
Meer lezen

Hoe kan men jongeren betrekken bij het ontwikkelen van een jeugdcentrum in Leopoldsburg?

Hogeschool UCLL
2023
Zoë
Brock
In deze bachelorproef is onderzocht hoe men jongeren kan betrekken bij het ontwikkelen van een jeugdcentrum.
Meer lezen

Burgerparticipatie in Vlaamse gemeenten: het perspectief van het lokaal bestuur onderzocht

Universiteit Gent
2022
Lore
Walbrou
Deze masterproef gaat over burgerparticipatie bij Vlaamse gemeenten. Hierbij wordt onderzocht waarom en hoe gemeenten hun burgers betrekken bij het beleid.
Meer lezen

Hoe zien stakeholders de verplichte invulling van buddywerking binnen de vierde pijler van het inburgeringstraject?

Hogeschool West-Vlaanderen
2022
Femke
Borra

De verplichting van 40 uur deelname aan een buddyproject is één van de veranderingen die het nieuw decreet van 1 maart 2022 betreffende het Vlaamse integratie- en inburgeringsbeleid met zich meebrengt. Deze thesis brengt de visie op die verandering van drie betrokken partijen in kaart en stuurt op basis daarvan een boodschap naar het beleid.
Meer lezen

Naar een integrale armoedebestrijding dankzij de inkanteling van het OCMW in het gemeentebestuur?

HOGENT
2019
Agneta
Hendrickx
Deze scriptie doet onderzoek naar mogelijke synergieën binnen een lokaal bestuur, in het kader van een meer integrale armoedebestrijding.
Meer lezen

Leren om te leren? Interorganisationeel leren inzake integratiebeleid tussen lokale besturen in Vlaanderen

KU Leuven
2019
Matilde
Geuëns
“Leren om te leren? Interorganisationeel leren inzake integratiebeleid tussen lokale besturen in Vlaanderen” gaat na hoe Vlaamse steden en gemeenten van elkaar (kunnen) bijleren om het integratiebeleid dat zij voeren efficiënter en effectiever te maken. Aan de hand van kwalitatieve onderzoeksmethoden zoals diepte-interviews en focusgroepen wordt vastgesteld hoe onderlinge leerprocessen momenteel verlopen én hoe het eventueel beter kan om praktische “do’s-and-don’ts” op vlak van integratiebeleid uit te wisselen. Daarbij blijken een vijftal randvoorwaarden van belang om een dergelijke uitwisseling van goede praktijken mogelijk te maken.
Meer lezen

Het glazen plafond op lokaal niveau in Vlaanderen: twee stappen vooruit, één stap achteruit

Vrije Universiteit Brussel
2017
Sébastien
Dewailly
Onderzoek naar een correlatie tussen het aantal (zichtbare) vrouwen in de gemeentepolitiek en het rechtstreeks aantal verkozen vrouwen. Dit onderzoek is gebaseerd op de theorie van het rolmodeleffect en de symbolische vertegenwoordiging. Onderzoek naar de effecten van de politieke aanwezigheid van vrouwen op de overtuigingen van de burgers – over de aard van de politiek als mannelijk domein – staat nog steeds in de kinderschoenen en heeft nog veel empirische en methodologische uitdagingen. Daarom probeer ik een verfrissende invalshoek aan te bieden door een kwantitatieve methodologie te gebruiken.
Meer lezen

Hoe kan een lokale investering in toegankelijkheid een investering zijn in de toekomst?

KU Leuven
2011
Mark
Van Assche
Hoe kan een lokale investering in toegankelijkheid een investering zijn in de toekomst?Dat het aantal mensen met een beperking in de komende jaren, mede als gevolg van de vergrijzing van bevolking en de vooruitgang van de wetenschap, zal wel niemand verbazen. Neem daarnaast noch een persoon met een gebroken been  die het moeilijk heeft om het openbaar vervoer te gebruiken of een leverancier met een zware last moet doos per doos binnenbrengen omdat zijn wagentje de vijf treden naar de ingang niet kan nemen dan komt men tot een zeer grote groep van mensen die met een ‘toegankelijkheidsprobleem’
Meer lezen

De verpersoonlijking van kiescampagnes. De Bekende Vlaming als kandidaat bij de provincie- en gemeenteraadsverkiezingen op 8 oktober 2006

Universiteit Gent
2007
Frederik
De Swaef
Onderzoek naar BV’s in de politiek levert verrassende resultaten op. BV’s zijn meerwaarde in de politiek Elke verkiezing opnieuw trekken politieke partijen een nieuw blik Bekende Vlamingen open om hun lijsten op te fleuren. Gelijktijdig doppen perscommentatoren hun pennen in vitriool om het fenomeen met de grond gelijk te maken. Onterecht meent Frederik De Swaef die onderzoek deed naar BV’s die opkwamen bij de lokale verkiezingen in 2006.  Bij de laatste lokale verkiezingen op 8 oktober 2006 bevolkten een record aantal BV’s de kieslijsten.
Meer lezen