Scriptiebank is een vrij toegankelijke online databank. Deze bevat alle artikels en full text scripties van deelnemende bachelors en masters aan de Vlaamse Scriptieprijs.

Locus Esse

Lina Chen
Wat betekent voor mij "een plaats om er te zijn"? Locus Esse is een zoektocht naar mijn discours als ontwerper.

The influence of Flemish pupils’ attitudes toward German on their language acquisition

Aaricia Herygers
Wat is de huidige stand van zaken voor Duits in het secundair onderwijs? Voor deze bachelorproef werd onderzocht in welke mate de mening van Vlaamse leerlingen tegenover de Duitse taal hun taalverwerving beïnvloedt.

Hoogbegaafde jongeren aan de universiteit: ontwikkeling van een aanbod voor studie-ondersteuning

Eline van den Muijsenberg
Sommige hoogbegaafde studenten ervaren belemmeringen in de transitie naar het hoger onderwijs en presteren lager dan verwacht, ondanks het potentieel om sterke academische resultaten te behalen. Om in te spelen op hun noden, werd in deze masterproef het coachingstraject 'Hoogbegaafd? En toch loop je vast bij het studeren?' ontwikkeld en geëvalueerd.

Remember - Re-membering

Nadia Cogge John Deheegher Etienne Moons Rudy Baert
'Remember - re-membering'
Soms gaat het nooit voorbij
Het belang van herinneringseducatie bij de intergenerationele overdracht van de gevolgen van de twee Belgische wereldoorlogen.

Een studie van remigratiemotieven van tweede en derde generatie hoogopgeleide Belgen met Turkse roots

Elif Lootens
Het migratiedebat verhit in West-Europa sinds de laatste decennia van de twintigste eeuw de gemoederen. Het debat is vooral gericht op instroom en integratie. Daarbij is emigratie een onderbelicht aspect. Zo is er weinig onderzoek gedaan naar de remigratie van migranten naar het land van herkomst.

Bij remigratie is het opleidingsniveau een relevante factor. Anders dan soms vermoed wordt, zijn het niet kansarme, laaggeschoolde jongeren die remigreren, maar eerder hoogopgeleide jonge migranten. Omdat net zij in Turkije een gedegen opleiding, meertaligheid en nuttige beroepservaring kunnen inbrengen als troef op de arbeidsmarkt.

Deze hoogopgeleiden ervaren in West-Europa beperkte vooruitzichten op zowel sociaal, persoonlijk als professioneel gebied. Hoogopgeleiden met Turkse roots hebben het gevoel dat zij in Turkije hun kansen beter kunnen benutten en zijn daardoor eerder geneigd te vertrekken.

Daarnaast wijzen onderzoekers erop dat de uitstroom van jonge hoogopgeleiden in tijden van vergrijzing en de daarmee samenhangende schaarstes op de arbeidsmarkt, nadelig kan zijn voor West-Europese economieën. Het vertrek van hoogopgeleide Turken is een ‘braindrain’ en een ‘verlies van menselijk kapitaal’. Dit veroorzaakt een onevenwicht tussen hoog- en laagopgeleiden migranten in Europa.

Wat opvalt is dat ondanks hun studies en diploma, deze hoogopgeleiden geconfronteerd worden met discriminatie op de arbeidsmarkt. Deze pessimistische toekomstperspectieven in Belgie voeden de drang tot remigratie. Etnische minderheden scoren beduident lager op vlak van jobtevredenheid. Volgens Vandevenne & Lenaers (2007) geeft ongeveer 64% van de hoogopgeleide etnische minderheden in Vlaanderen aan minder kans te hebben om door te stromen naar hogere functies en 61% meent zich door zijn afkomst extra te moeten bewijzen.

Hierbij komen we tot de integratieparadox die als een pushfactor meespeelt voor remigratie: hoogopgeleide Belgische Turken komen meer in aanraking met autochtonen, waardoor ze hun eigen posities op de arbeidsmarkt vergelijken en bijgevolg een ‘relatieve deprivatie’ ervaren waardoor hun eigen jobtevredenheid afneemt. Deze hooggeschoolden met een migratieachtergrond hebben immers vaak een baan onder hun opleidingsniveau, ervaren meer moeite om werk te vinden en krijgen minder promotiekansen. Hoogopgeleide en ondernemende migranten ervaren deze discriminatie intenser en zijn daarom sterker geneigd om elders het geluk te zoeken.

Bovendien hebben deze hoogopgeleiden de perceptie, met hun verworven competenties, betere jobkansen en doorgroeimogelijkheden te kunnen krijgen in Turkije. Vrouwen bevinden zich in een extra benadeelde positie doordat ze dubbel gediscrimineerd worden: naast het behoren tot een etnische minderheid, behoren ze ook tot de symbolische minderheid op vlak van gender. Hierdoor zou de wil om te migreren bij vrouwen eveneens hoger liggen, in de hoop op een gunstiger positie in het land van herkomst.

Uit resultaten van het onderzoek dat uitgevoerd werd bij kandidaat remigranten in België en effectieve remigranten in Turkije is er een duidelijke discrepantie te vinden in hun motivaties. Uit het onderzoek blijkt dat de economische factoren minder belangrijk geacht worden als drijfveer bij de hoogopgeleide aspirant-remigranten dan bij de effectieve remigranten, omdat ze min of meer tevreden zijn met hun huidige arbeidsmarktpositie in België. Bij aspirant-remigranten draait het vooral rond maatschappelijke beweegredenen. Ten eerste zijn er gevoelens van frustratie doordat de participanten zich aanvankelijk als deel van de Belgische samenleving beschouwen, maar anderzijds continu geconfronteerd worden met hun ‘anders’ zijn en steeds het gevoel kregen niet volledig aanvaard te worden als deel van de Belgische samenleving. De negatieve beeldvorming over etnische minderheden en moslims in de media lijkt hierin een katalysator te zijn.

Een tweede, opvallend resultaat, is dat de angst voor assimilatiedruk en het risico op verlies van de Turkse cultuur bij hun kinderen een veel gebruikt argument vormt om te overwegen om naar Turkije te verhuizen.

Het ervaren van een identiteitsconflict maakt de aantrekkingskracht van Turkije als toevluchtsoord bovendien groter. Remigratie biedt de mogelijkheid om voortaan tot de meerderheid te behoren. Door remigratie heft de remigrant zijn minderheidsstatus op.

Asprianten blijven in België tot zich een krachtige combinatie van negatieve en positieve acute gebeurtenissen voordoet die een kentering in hun leven te weeg brengt. Acute pushfactoren zoals ontslag, gemiste promotiekansen of een relatiebreuk stimuleren de aspirant-remigrant om de remigratiewens om te zetten in concrete plannen. Van zodra acute pullfactoren zich aandienen, zoals een aantrekkelijke werkaanbieding of een huwelijk, wordt het voornemen waargemaakt.

Bij de effectieve regimgranten zien we wel jobgerelateerde motieven zoals de ongunstige posities op de Belgische arbeidsmarkt en de ruimere carrièremogelijkheden in het land van origine. Het was voor hen niet evident om een job te vinden op het niveau van hun behaalde diploma, en ze maakten zich zorgen over hun loopbaanperspectieven. Daarenboven uiten deze hoogopgeleide participanten die op de sociale ladder willen opklimmen een gevoel van onbehagen. Vandaar dat deze groep zich niet langer uitsluitend op de Belgische arbeidsmarkt focuste en na ontslag of gefnuikte carrièrekansen tot het besef kwam dat ze beschikt over een alternatief, namelijk de arbeidsmarkt in Turkije. Na het maken van een kostenbatenanalyse verkoos deze groep te verhuizen naar Turkije, omdat zij daar een beter perspectief op werk en carrière zage. Een aantrekkelijke jobaanbieding in Turkije zorgde er uiteindelijk voor dat men daadwerkelijk de stap onderneemt.

Leesbevorderend literatuuronderwijs in de eerste graad A-stroom

Aurélie Slegers
Deze bachelorproef onderzoekt het leesgedrag van leerlingen uit de eerste graad A-stroom van Campus Vox Pelt. Het onderzoek wijst uit dat het merendeel van de leerlingen niet graag leest. Hoe komt dit en hoe verbeter je dit? De beste oplossing is gevarieerd literatuuronderwijs. Zo ontstond de leesdoos: een toolbox om aan leesbevordering te werken met je leerlingen. Perfect literatuuronderwijs is voor iedereen verschillend. Daarom biedt de leesdoos een waaier aan opdrachten die je klassikaal, als taak of op schoolniveau kan integreren om leesbevorderend aan literatuur te werken.

Kleine verbindingen - een open visie voor Borgerhout intra muros

Kate, Pieterjan Kerkhofs, Maes
‘Kleine verbindingen’ toont een strategie als antwoord op ruimtelijke, sociaal-economische en ecologische uitdagingen van de stad in de 21ste eeuw. Om een potentiële postcorona stadsvlucht tegen te gaan, is het cruciaal om aan te tonen dat meer kwalitatieve open ruimte kan samengaan met de verdichting van de stads- en dorpskernen. Het onderzoeksgebied bevindt zich in het dense Borgerhout intra muros (Antwerpen).

De brug van eenzaamheid naar aanbod

Birger Baert
Deze scriptie onderzoekt de noden van jongvolwassenen in eenzaamheid. Het kijkt naar hoe het huidige aanbod aan deze noden voldoet. Dit resulteert in 13 concepten die in de ruime samenleving toepasbaar zijn.

Belonging als universeel ontwerp: het fundament voor de diverse school

Sofie Smets
Belonging als universeel ontwerp: het fundament voor een diverse school

Sustainability of Information Systems in Developing Countries

Aurélie Vercaempt Siemen Dhooghe
This research assesses the most occurring problems and challenges as well as environmental influences on an information system’s success in developing areas. It produces and applies a model based on the theories of IS Success by DeLone & McLean, the Technology Acceptance Model (TAM), the Unified Theory of Acceptance and Use of Technology (UTAUT) and the Integrated Model of Business Value (IGB). This model gives an answer to the need of more research in the domain of sustainability through multi-case research in developing contexts. It generates new insight on the literature, confirms and questions some existing statements and proposes new hypotheses for future research. A checklist for future IS designers or researchers was added to incorporate the most important elements found in this research. The paper concludes on the importance of the IS’ perceived usefulness, the social influences and the IS’ locality, as well as daring to think outside the box so to work with the available resources and to foster creativity.

Vrijwilligerstoerisme en de vrijwilligertoerist: een verkennend onderzoek naar de ervaringen van vrijwilligertoeristen

Nathalie Colpin
Deze masterproef laat jongvolwassen vrijwilligers die deelnamen aan uiteenlopende vrijwilligerstoerismepraktijken aan het woord om hun ervaringen met de sector te delen. Zowel ervaringen voor, tijdens als na vertrek worden in vraag gesteld. Daarnaast is er ook oog voor de rol van vrijwilligersorganisaties (lokale en Europese), de sociale omgeving rondom de vrijwilligers en de lokaliteit (lokale bevolking en cultuur).

Achter de schermen bij de Belgische douane in verandering

Simon Gysbrecht
Deze masterproef onderzoekt of de constante veranderingen in de organisatiestructuur van de Algemene Administratie van Douane en Accijnzen dreigen te complex te worden om de beleidsdoelstellingen efficiënt te kunnen realiseren op het terrein als douanier.

Achieving cohesion through connectors: Connector usage in argumentative essays written by Flemish EFL undergraduate students

Denver De Cleer
Dit corpusonderzoek kijkt naar het gebruik van connectoren in Engelstalige essays van Vlaamse leerlingen en hoe zij cohesie of samenhang creëren. De essays worden vergeleken met gelijkaardige teksten geschreven door English natives. Uit de scriptie blijkt dat er ruimte is voor verbetering. Het onderzoek stelt een paar structurele aanpakken voor.

Structurele optimalisatie van de Stadshal in Gent

Ruben Mertens

Structurele optimalisatie wordt al enkele decennia onderzocht, met als motivatie het besparen van materiaal en ingenieurstijd bij het ontwerp van de draagstructuur van een bouwwerk. Hoewel de methodes in de wetenschappelijke literatuur erg veelbelovend zijn, blijft de toepassing ervan in de praktijk uit. In dit onderzoek wordt de haalbaarheid van een gewichtsminimalisatie in een realistische context nagegaan d.m.v. een representatieve ‘case study’.

VOLUNTEER MOTIVATIONS IN NON-PROFIT ORGANIZATIONS

Sara Tori
Het onderzoek gaat na welke motivatiefactoren een rol spelen bij vrijwilligers in België.

"Smartphonende" ouders: Hoe beschikbaar zijn ze voor hun kinderen en hoe voeden ze hun kinderen op?

Kato Swinnen
Het gebruik van de smartphone neemt toe binnen het gezinsfunctioneren. Binnen het huidige cross-sectioneel vragenlijstonderzoek onderzoeken we hoe ouders omgaan met hun smartphone in termen van hun intentie en onderliggende motivatie om hun smartphonegebruik in te perken in het bijzijn van hun kinderen.

Best practices in downstream space technology transfer: From ESA Space Solutions and EU Astropreneurs, to Flanders’ Space

Corneel Bogaert
Deze scriptie beschrijft het proces van technologietransfer met betrekking tot de Europese ruimtevaart. Het onderzoek bevat een vergelijking tussen de initiatieven van ESA en die van de EU, alsook de nationale en regionale invulling in België en Vlaanderen. Een case study zorgt voor een praktische houvast. De scriptie wordt afgesloten met een lijst van richtlijnen voor ondernemers enerzijds, en beleidsmakers anderzijds.

Watching Ads for Charity

Roseline van Gogh
Deze studie onderzoekt in hoeverre respondenten de intentie hebben om de app Sharity te gebruiken, en welke aspecten deze intentie voorspellen. Sharity is een hypothetische app waarin men reclame kijkt in ruil voor donaties aan het goede doel.

“Te gek om los te lopen” Het leven van geïnterneerden onder de Commissie tot Bescherming van de Maatschappij van Vorst (1930-1980).

Emma Minderhout
Geïnspireerd door Roy Porters Patiens History en de subalterniteit onderzoek ik hoe een waaier van actoren afzonderlijk en tezamen de levens van geïnterneerden onder de Commissie tot Bescherming van de Maatschappij van Vorst bepaalden voor de periode tussen 1930 en 1980.

VERBORGEN TALENTEN. De invloed van ouders op faalangst, gecontroleerde motivatie en onderpresteren bij (hoog)begaafde leerlingen in Vlaanderen.

Sarah Balcaen
Bij een begaafde steekproef (IQ > 120) uit het Vlaamse project TALENT, wordt er nagegaan in welke mate en waarom deze doelgroep onderpresteert. Specifiek wordt er een model getoetst, met behulp van model- en padanalyses, waarin psychologische controle van de ouders, faalangst en gecontroleerde motivatie gelinkt zijn met onderpresteren.

En français? Volontiers! Collectief leren rond het gebruik van de doeltaal in de lessen Frans

Monia Van Damme
Samen met een vakgroep Frans (in Nederland) initieerde ik een veranderproces met als doel vaker en doelgerichter Frans als voertaal te gebruiken tijdens de lessen Frans. Dit resulteerde in het collectief leren en een mooi professionaliseringstraject.

Bevorderen van sportparticipatie bij mensen met een drugsverslaving

Laura Verstraete
Vrijetijdsbesteding is een belangrijke factor die herval bij een drugsverslaving voorkomt. Cliënten in behandeling gaan, in functie van gedragsverandering, hun verslaving afbouwen. Voor het voorkomen van herval en het vereenvoudigen van de re-integratie in de maatschappij is het van belang iets terug op te bouwen. Dit gebeurt op verschillende levensdomeinen waaronder werk, vrije tijd en sport.
In dit onderzoek staat het bevorderen van sportparticipatie centraal. Aan de hand van semigestructureerde interviews werd er nagegaan welke drempels cliënten ervaren en hoe men hierop kan inspelen.

"Hoe gerne soudic riddere sijn": een lectuur van Die Riddere metter Mouwen vanuit het fictional minds perspectief

Maren Lambrichts
Deze masterproef presenteert een narratologische analyse van de Middelnederlandse Arturroman Die Riddere metter Mouwen vanuit het fictional minds perspectief (Alan Palmer, 2004).

Burnout, myth or reality? A structural and functional investigation using advanced MRI techniques

Alexia Van Goethem Caroline Struijk
fMRI-onderzoek waarbij afbeeldingen getoond werden aan vrouwen mét en zonder burn-out. Bij het zien van onplezierige afbeeldingen genereren vrouwen met burn-out net iets meer hersenactiviteit in de inferior frontal gyrus en de nucleus caudatus dan vrouwen zonder burn-out.

The effect of ambient scent on time spent in retail stores: The mediating role of consumers’ shopping mood

Anke Van Malder
Onderzoek naar het gebruik van geuren in retail en horeca, en het effect ervan op de gemoedstoestand van consumenten en de bijkomende commerciële effecten en voordelen