De Vlaamse ScriptieBank

Scriptiebank is een vrij toegankelijke online databank. Deze bevat alle artikels en full text scripties van deelnemende bachelors en masters aan de Vlaamse Scriptieprijs.

Wat is de impact van de General Data Protection Regulation op de IT-processen van een internationale onderneming?

Kevin Bollengier
We leven in een digitaliserende en snel evoluerende wereld op vlak van informatica. Bij digitalisering behoren natuurlijk veel data waaronder ook persoonlijke data.
Voor het ontstaan van GDPR had elke lidstaat van de Europese Unie reeds richtlijnen en wetgeving inzake databescherming, maar deze kon per lidstaat verschillen. GDPR vervangt deze richtlijnen om ze te uniformiseren voor alle lidstaten van de Europese Unie. Ook zorgt GDPR er nu voor dat meer soorten data als persoonlijke data gezien worden. Elk bedrijf dat klantendata verwerkt en bijhoudt van Europese burgers is onderworpen aan de GDPR.
Het doel van mijn onderzoek is bekijken welke impact de GDPR heeft op verschillende vakgebieden binnen informatica zoals security, privacy en big data. Een ander doel van het onderzoek is bekijken hoe de totstandkoming van compliance aan de GDPR binnen een onderneming aangepakt dient te worden.

ZAKELIJKE ZEKERHEID OP BITCOINS: WAAROM ZOWEL JURIDISCHE ALS TECHNISCHE BARRIÈRES ROET IN HET ETEN GOOIEN

Michiel Fierens
De bitcoin wordt economisch steeds waardevoller. Hoe kunnen we in de toekomst juridisch en praktisch-technisch een zakelijke zekerheid vestigen op dit soort fenomenen. Hoe kan het recht omgaan met dergelijke nieuwe technologieën?

De rechtsbescherming van de belastingplichtige in het kader van de huidige 'una via'-regeling

Stevo Gatsos
In de strijd tegen fiscale fraude heeft de federale wetgever anno 2008 een parlementaire
onderzoekscommissie opgericht. De belangrijkste aanbeveling van deze parlementaire
onderzoekscommissie handelde over het instellen van een una via-regeling in fiscale
strafzaken. Dit heeft finaal geleid tot de wet 20 september 2012 tot instelling van het ‘una
via’-principe in de vervolging van overtredingen van de fiscale wetgeving en tot verhoging
van de fiscale penale boetes, oftewel de Una Via-wet.
Dit una via-principe houdt in dat slechts één weg kan ingeslagen worden in de beteugeling
van inbreuken op de fiscale wetten, hetzij strafrechtelijk met strafsancties, hetzij fiscaaladministratief
met fiscaal-administratieve sancties. De federale wetgever had met de
ontdubbeling van parallelle procedures een efficiënter fraudebeleid voor ogen. Concreet werd
dit gerealiseerd door het una via-overleg tussen de fiscale administraties, het Openbaar
Ministerie en de bevoegde politionele overheden, hetgeen de betrokken actoren in staat
diende te stellen uit te maken wat de meest adequate afhandelingswijze van het concreet
dossier zou zijn.
De federale wetgever heeft met de Una Via-wet eveneens gepoogd het non bis in idembeginsel,
zoals geïnterpreteerd door de Europese rechtscolleges, wettelijk te verankeren. Dit
beginsel belet dat eenzelfde persoon, die reeds het voorwerp heeft uitgemaakt van een
definitieve beslissing, opnieuw voor dezelfde feiten wordt berecht of bestraft. In dit opzicht is
het relevant om ook het strafrechtelijk karakter van administratieve sancties onder de loep te
nemen. Wanneer blijkt dat zowel een strafrechtelijke sanctie als een administratieve sanctie
met een strafrechtelijk karakter in de zin van artikel 6 EVRM voor dezelfde feiten worden
opgelegd, zal het non bis in idem-beginsel toepassing vinden. Vóór de intrede van de Una
Via-wet voorzagen de fiscale wetboeken expliciet de mogelijk om strafrechtelijke sancties en
administratieve sancties met een strafrechtelijk karakter te cumuleren. De Una Via-wet, met
respect voor het non bis in idem-beginsel, dient tegemoet te komen aan deze problematiek
door een decumul te voorzien, waarbij dezelfde rechtsonderhorige hetzij strafrechtelijk, hetzij
fiscaal-administratief gesanctioneerd wordt.

Het opzet van dit werk bestaat erin een analyse te maken van de rechtsbescherming van de
belastingplichtige in het kader van de huidige una via-regeling. Het onderzoek naar de
tegemoetkoming aan het non bis in idem-beginsel door de federale wetgever in het una viamodel
staat centraal. Om de evaluatie te kunnen maken of de wet hieraan voldoet is een
grondige uiteenzetting van de draagwijdte van het non bis in idem-beginsel in fiscale
strafzaken vereist. Dit gebeurt aan de hand van de bespreking van de bronnen en de
jurisprudentiële invulling van dit beginsel, met inbegrip van het strafrechtelijk karakter van
administratieve sancties. Vervolgens wordt, het non bis in idem-beginsel indachtig, de Una
Via-wet besproken. De totstandkoming, de onvolmaaktheden en de gedeeltelijke vernietiging
worden hierbij toegelicht. Het sluitstuk van dit onderzoek heeft betrekking op suggesties de
lege ferenda. Hierbij wordt onderzocht of het Nederlands una via-model, het sociaal
strafrecht en het aanrekeningsprincipe soelaas kunnen bieden.

De bescherming van cultureel erfgoed in conflictgebieden

Mika Camps
Hoe kan cultureel erfgoed in conflictgebieden beter beschermd worden? Voor het antwoord op die vraag wordt gekeken naar de bestaande beschermingsinstrumenten en hun sterktes en zwaktes, alvorens een aantal verbeteringsmogelijkheden aan re reiken.

De positie en de belangen van dader en slachtoffer in kaart: een kritische evaluatie over de diverse strafprocedures heen

Margo Ghijs
Een kritische analyse omtrent de positie en belangen van dader en slachtoffer binnen de assisenprocedure en het nieuwe wetsvoorstel inzake de criminele kamers. Houdt dit laatste een fundamentele verbetering in voor beide partijen ten opzichte van de assisenprocedure of is er nog werk aan de winkel?

Het oudste beroep maar nog steeds geen wettelijk statuut - aanbevelingen voor wetgevende initiatieven

Valérie Schouteden
Haalbaarheid van een sociaal statuut voor sekswerkers. Kan de prostitué(e) ressorteren onder de bestaande sociale statuten als werknemer of zelfstandige?

Notice and Takedown: onderzoek naar de baanbrekende rol van Child Focus in de online bestrijding tegen Child Sexual Abuse Material in een nog klassiek strafrechtelijk denkkader.

Camille De Brabant-Bibi
Het onderzoek naar nieuwe samenwerkingsvormen tussen een gespecialiseerde burgerlijke organisatie, met name Child Focus, en de gerechtelijke en politionele autoriteiten in de strijd tegen online beelden van kindermisbruik.

Is de wet 7 mei 1999 op de kansspelen, de weddenschappen, de kansspelinrichtingen en de bescherming van de spelers verenigbaar met art. 56 VWEU (vrij verkeer van diensten)?

Stijn Storms
In België moet men over een vergunning beschikken om online kansspelen te kunnen aanbieden. Aan zo'n vergunning zijn strenge voorwaarden gekoppeld. Uit mijn scriptie blijken deze strenge voorwaarden onhoudbaar in het licht van de gemeenschappelijke markt binnen de Europese Unie.

De afslanking van de Vlaamse provincies

Saul Janssens
Er woedt al decennia een discussie over het bestaan van de provincies in het ingewikkeld bestuurlijk landschap, dat België kent. Er is dan ook een evolutie waar te nemen waarbij de provincies worden afgeslankt. Zo zullen de provincies vanaf 1 januari 2018 alle culturele en persoonsgebonden taken overdragen aan hetzij de Vlaamse overheid hetzij de gemeenten en steden. Met deze bijdrage wordt beoogd om aan de hand van een aantal onderzoeksvragen duidelijkheid te scheppen in het project van de afslanking van de Vlaamse provincies.

De doodstraf in België. Een status quaestionis in tijden van terreur.

Marc Roijer
Het Westen blijft niet gespaard van het religieus terrorisme. Heel wat mensen vragen zich openlijk af of de doodstraf niet beter terug zou worden ingevoerd voor terroristen, ook in België. De doodstraf is echter in strijd met onze westerse waarden.

Economisch gebruik van persoonsgegevens in België: Invloed van de (nieuwe) gegevensbescherming op de vrijheid van ondernemen.

Arno De Bois
Een juridische analyse van de weerslag van de nieuwe AVG (Algemene Verordening Gegevensbescherming) op de vrijheid van ondernemen.

CYBERPESTEN TUSSEN MINDERJARIGE LEERLINGEN IN HET SECUNDAIR ONDERWIJS. FENOMEENANALYSE, JURIDISCHE KWALIFICATIE EN DE PREVENTIEVE WERKING VAN MAATREGELEN OP HET NIVEAU VAN HET JEUGDPARKET. EEN CASESTUDIE BIJ HET PARKET HALLE-VILVOORDE

David Hublé
Een studie van vijftig dossiers over cyberpesten toont aan dat de online-verwensingen bijzonder ver gaan tot het bevel tot zelfdoding toe. Het federaal parket steunt onze vraag om dat laatste strafbaar te stellen. De jeugdparketten dienen meer in te zetten op herstelbemiddeling, het versturen van waarschuwingsbrieven en het uitnodigen van minderjarige daders om hen te herinneren aan de wetgeving die op hun gedrag van toepassing is.

Beëindiging bedingen van tontine en aanwas

Isabel Vanhengel
De beëindiging van het tontinebeding en het beding van aanwas indien één van de partners bij het eindigen van de relatie niet akkoord gaat.

Vrijstelling van doorstorting bedrijfsvoorheffing bij sportclubs: onderzoek naar staatssteun

Dimitri Thijskens
Voetbal-, volleybal en basketbalclubs genieten in België sinds 1 januari 2008 van een belangrijk fiscaal voordeel met de vrijstelling van doorstorting van tachtig procent van de
bedrijfsvoorheffing ingehouden op de lonen van hun sporters-werknemers. Uit het onderzoek in deze masterscriptie blijkt dat deze steunmaatregel moet beschouwd worden als staatssteun. Gevolg is dat de Europese Commissie de steun aan de verschillende sportclubs ab initio moet terugvorderen als er een klacht zou ingediend worden, wat de Belgische voetbalclubs meer dan vierhonderd miljoen euro zou kosten.

De digitale nalatenschap en het testamentenrecht: noopt het digitale tijdperk tot een wetsherziening tegen het strenge formalisme? Een wake-up call voor de digital natives

Mariëlle Ruell
Naast de klassieke nalatenschap is er in toenemende mate ook sprake van een digitale nalatenschap. In deze masterscriptie wordt het testamentsrecht via een rechtsvergelijkend onderzoek tussen België, Nederland en Oklahoma afgetoetst aan de eigenheid van een digitale nalatenschap. Er zal een analyse gemaakt worden van de verdiensten of tekortkomingen van de in de bestudeerde rechtsstelsels reeds bestaande laatste wilsbeschikkingsmechanismen binnen de context van een digitale nalatenschapsplanning.

De rol van het EVRM bij gemeentelijke administratieve sancties

Marie DeCock
Is het problematisch dat een orgaan van de uitvoerende macht een gemeentelijke administratieve sanctie oplegt in plaats van een rechter? Deze scriptie onderzoekt hoofdzakelijk of GAS in strijd is met het recht op een eerlijk proces zoals vervat in artikel 6 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM).

The EU-U.S. Privacy Shield: ensuring the continuation of data flows instead of rebuilding trust? Europe tangled up in its own data protection requirements?

Judith Vermeulen
De scriptie omvat een analyse van het EU-V.S. Privacyschild in het licht van de Europese privacystandaarden (in het bijzonder deze aangaande de legaliteit van 'mass surveillance'). Die analyse wordt vervolgens in perspectief geplaatst door andere EU instrumenten (zoals de PNR akkoorden, de PNR Richtlijn, het TFTP akkoord, (standard) contractual clauses en binding corporate rules), in de mate dat die zich daartoe lenen, aan dezelfde test te onderwerpen.

Directe buitenlandse investeringen na het Verdrag van Lissabon: waar staan we nu?

Lentle Nijs
Met de inwerkingtreding van het Verdrag van Lissabon zijn directe buitenlandse investeringen expliciet onder de gemeenschappelijke handelspolitiek komen te vallen. Deze masterproef tracht een overzicht te geven van de draagwijdte van de nieuwe bepalingen en hoe ze zich verhouden tot de vier vrijheden van de Unie d.m.v. het bestuderen van het huidig wetgevend kader en rechtspraak van het Hof van Justitie.

Walk the line, How to balance access to research and protection of the prisoner?

Mathijs van Westendorp
In deze scriptie wordt gekeken naar de balans tussen de toegang tot wetenschappelijk onderzoek en de bescherming tegen misbruik van gedetineerden. Daarbij ligt de focus op het belang van de geïnformeerde toestemming en op de invloed van de gevangenisomstandigheden op de vrijwilligheid van deelname aan een onderzoek.

ARTEpreneur: Legal clinic voor student ondernemers

Nikita Colpaert Stijn Bril Ellen Broes Nikita Colpaert Robin Van de Sompel Fabienne Verschelde
Deze bachelorproef bestaat uit drie uitgeschreven juridische adviezen, elk met hun eigen standpunt en onderwerp. Elk advies werd volgens een vast stramien uitgewerkt en heeft telkens de juridische probleemstelling van de student-ondernemer als vertrekpunt. De topics van de juridische adviezen zijn: het beheren van een legale webshop, het creëren van een evenementenbureau en het tewerkstellen van kinderen jonger dan 15 jaar.

Verweesde werken - een terminologisch onderzoek

Hannelore Vanlinthout
In deze scriptie wordt de problematiek van verweesde werken besproken. Is de oplossing die Europa voorstelt voldoende. Een tweede luik behandeld te terminologie van het domein verweesde werken en met uitbreiding het autersrecht.

HERVORMING VAN HET FAMILIAAL VERMOGENSRECHT

Elien Verniers
EEN PROGRESSIEVE BENADERING VAN HET FAMILIAAL VERMOGENSRECHT: INTRODUCTIE VAN EEN RELATIEVERMOGENSRECHT

EU Bevoegdheden voor Geneesmiddelen: Meer dan Verwacht op het Eerste Gezicht - Minder dan Verwacht bij Nader Inzien? Onderzoek naar de verhouding tussen art. 114 en 168 (4) c) VWEU

Hannah Bogaert
In het Europees recht is de afbakening tussen de bevoegdheden van de interne markt en de volksgezondheid een juridisch knelpunt. De Tabaksreclamearresten openden de interne markt voor volksgezondheidsoverwegingen en boden zo een antwoord op deze problematiek. Het nieuwe art. 168 (4) c) VWEU zet deze rechtspraak echter potentieel op de helling. Maakt het Verdrag van Lissabon een einde aan de brede mogelijkheden om onder art. 114 VWEU een volksgezondheidsbeleid te voeren?

Het aansprakelijkheidsregime bij accidentele olieverontreiniging op zee door schepen, met nadruk op de vergoeding.

Eline Stevens
Bespreking van de regels met betrekking tot aansprakelijkheid naar aanleiding van accidentele olieverontreiniging. Een dieper onderzoek naar de vergoedingen die worden toegekend wanneer dergelijke rampen zich voordoen.

Climate Change Induced Migration: Towards a Righteous Approach?

Anne Verhelst
Deze thesis onderzoekt het juridisch kader voor de bescherming van klimaatmigranten - mensen die gedwongen zijn te verhuizen omwille van de gevolgen van de opwarming van de aarde. Bestaat er recht dat deze mensen voldoende bescherming kan bieden? Is er nood aan nieuwe wetgeving, en zo ja, op welk niveau?