‘Hier klopt iets niet’: wanneer twijfel een kind kan beschermen

Fran
De Block

Een blauwe plek op een vreemde plaats. Een verhaal dat niet helemaal klopt. Een kind dat plots stil wordt. Geen van die signalen bewijst kindermishandeling. Toch hoeft een verpleegkundige niet zeker te weten wat er aan de hand is om iets te doen: de echte uitdaging is weten hoe je verantwoord handelt wanneer die zekerheid ontbreekt.

Stel je voor. Een kind komt op de spoedgevallendienst na een val. Tijdens de verzorging merkt de verpleegkundige enkele dingen op. De blauwe plekken lijken niet helemaal te passen bij het verhaal. De uitleg over het ongeval verandert. Het kind kijkt naar zijn ouder voor het antwoord geeft.

Misschien is daar een volkomen onschuldige verklaring voor.

Misschien ook niet.

En precies daar begint een van de moeilijkste momenten bij het herkennen van kindermishandeling.

Geen checklist voor onveiligheid

Kindermishandeling is zelden meteen herkenbaar.

Een blauwe plek kan ontstaan tijdens het spelen. Een kind dat weinig praat, kan gewoon verlegen zijn. Buikpijn kan tientallen oorzaken hebben. Eén signaal vertelt daarom nooit het hele verhaal.

Sommige combinaties verdienen wel extra aandacht. Een letsel dat niet past bij de leeftijd van een kind. Blauwe plekken op ongebruikelijke plaatsen. Een verklaring die niet overeenkomt met wat lichamelijk wordt gezien. Opvallend gedrag of spanning tussen ouder en kind.

Soms is er zelfs niets concreets aan te wijzen. Alleen dat moeilijk te omschrijven gevoel: hier klopt iets niet.

In de zorg wordt dat soms een niet-pluisgevoel genoemd. Het is geen bewijs van mishandeling, maar wel een professionele waarschuwing om verder te kijken.

Dat is nodig. In 2024 kregen de zes Vlaamse Vertrouwenscentra Kindermishandeling 7.501 meldingen waarbij 10.913 kinderen en jongeren betrokken waren. Toch blijft een deel van de problematiek verborgen. Ook in ziekenhuizen worden niet alle situaties herkend. Onderzoek schat dat 2 tot 10 procent van de kinderen die zich op een spoeddienst aanmelden slachtoffer is van mishandeling of verwaarlozing.

Het moeilijkste komt na het opmerken

Voor mijn bachelorproef onderzocht ik welke informatie en ondersteuning verpleegkundigen op spoed- en pediatrische afdelingen nodig hebben om mogelijke kindermishandeling te herkennen en er veilig naar te handelen.

Daarvoor analyseerde ik recente wetenschappelijke literatuur en bestaande richtlijnen over signalen, meldprocedures en de drempels die verpleegkundigen ervaren.

Daaruit bleek iets belangrijks: verpleegkundigen hebben niet alleen moeite met het herkennen van signalen. Vooral wat daarna komt, zorgt voor onzekerheid.

Zie ik dit wel juist? Is mijn bezorgdheid ernstig genoeg? Wat moet ik noteren? Met wie mag ik hierover praten? Wat met mijn beroepsgeheim? En bij wie kan ik terecht als mijn ongerustheid blijft?

Die twijfel is begrijpelijk. Een vermoeden van kindermishandeling is ingrijpend. Niemand wil een ouder onterecht beschuldigen. Tegelijk wil geen enkele zorgverlener een signaal missen bij een kind dat wel degelijk onveilig is.

Opvallend genoeg ontbreekt het niet aan informatie. Er bestaan richtlijnen, screeningsinstrumenten en gespecialiseerde diensten. Alleen is die informatie vaak verspreid over verschillende bronnen. Midden in een drukke shift is het niet vanzelfsprekend om uit te zoeken welke stap op dat moment de juiste is.

Het probleem is dus niet alleen: zie ik het?

Maar ook: wat doe ik ermee?

Een vermoeden is geen beschuldiging

Daar ligt een belangrijk onderscheid.

Een verpleegkundige hoeft niet zelf te bewijzen dat een kind mishandeld wordt. Een bezorgdheid uitspreken betekent evenmin dat een ouder onmiddellijk beschuldigd wordt.

Wat wel nodig is, is zorgvuldig observeren. Feitelijk noteren wat er gezien en gehoord wordt. Een bezorgdheid bespreken met collega's, artsen of andere betrokken zorgverleners. Verschillende observaties naast elkaar leggen.

Ook gesprekken met kinderen en ouders vragen voorzichtigheid. Open vragen stellen, luisteren en benoemen wat je ziet zonder meteen conclusies te trekken, laat ruimte voor zowel veiligheid als dialoog.

Kindermishandeling herkennen is daarom geen individuele opdracht van één verpleegkundige. Goede besluitvorming vraagt samenwerking en een omgeving waarin iemand mag zeggen: ik weet niet wat er aan de hand is, maar ik maak me zorgen.

“Elke gemiste kans op tijdig ingrijpen is er één te veel.”

Oefenen op wat niet zeker is

Vanuit die bevindingen ontwikkelde ik een interactieve bijscholing voor verpleegkundigen op spoed en pediatrie.

Geen presentatie waarin alleen signalen en definities worden opgesomd, maar een realistische casus die zich stap voor stap ontvouwt. Deelnemers krijgen telkens nieuwe informatie en moeten zelf nadenken.

Wat valt op? Welke vragen stel je? Wat noteer je? Wanneer bespreek je je bezorgdheid? En welke mogelijkheden zijn er wanneer het gevoel blijft dat iets niet klopt?

Daarnaast ontwikkelde ik een ondersteunend document waarin de belangrijkste informatie op één plaats staat: mogelijke signalen, het juridisch kader, relevante hulpinstanties en concrete handvatten voor de praktijk.

Het prototype moet nog in de praktijk worden getest. Ik kan dus niet stellen dat één bijscholing ervoor zorgt dat kindermishandeling vaker wordt herkend of gemeld.

Maar dat is ook niet de kern.

Het doel is niet om alle twijfel weg te nemen. Dat zou onmogelijk zijn. Signalen zijn daarvoor te verschillend en te weinig eenduidig.

Het doel is voorkomen dat twijfel betekent dat er niets gebeurt.

Eén zin kan het verschil maken

Terug naar de spoedgevallendienst.

De verpleegkundige weet nog altijd niet waar de blauwe plekken vandaan komen. Misschien blijkt de verklaring uiteindelijk onschuldig.

Maar deze keer verdwijnt het gevoel niet tussen de drukte van de shift.

De observaties worden genoteerd. De bezorgdheid wordt gedeeld. Iemand kijkt mee.

Niet omdat vaststaat dat het kind mishandeld wordt.

Maar omdat iemand durfde te zeggen:

Hier klopt iets niet.

 

Bibliografie

Adriaenssens, P. (2020). Wat doet mishandeling met een kinderbrein? [Video]. Universiteit van Vlaanderen. https://www.youtube.com/watch?v=cENXlup_B6w

Advo-Recht.be. (2024, 19 februari). Verontrustende opvoedingssituaties (VOS). https://advo-recht.be/kennisbank/jeugdrecht/algemeen-jeugdrecht/verontrustende-opvoedingssituaties/

Augeo Foundation. (z.d.). Augeo. https://www.augeo.nl/

Augeo. (z.d.). Verdachte locaties: blauwe plekken [PDF]. https://www.augeo.nl/-/media/Files/Bibliotheek/Augeo-Verdachte-locaties-blauwe-plekken.pdf

Berchtold, M. B., Wüthrich, C., Garcia, D., Berger, S., & Löllgen, R. M. (2023). Nurses’ and physicians’ reported difficulties and enablers to recognising and reporting child abuse in Swiss paediatric emergency and paediatric surgery departments – An observational study. Swiss Medical Weekly, 153, 40017. https://doi.org/10.57187/smw.2023.40017

Cleveland Clinic. (2025, 19 september). Factitious disorder imposed on another (FDIA). https://my.clevelandclinic.org/health/diseases/9834-factitious-disorder-imposed-on-another-fdia

Departement Cultuur, Jeugd en Media. (z.d.). Kinderrechtenverdrag.https://www.vlaanderen.be/cjm/nl/jeugd/vlaams-jeugd-en-kinderrechtenbeleid/kinderrechten/kinderrechtenverdrag

Finch, M., Featherston, R., Chakraborty, S., Bjørndal, L., Mildon, R., Albers, B., Fiennes, C., Taylor, D. J. A., Schachtman, R., Yang, T., & Shlonsky, A. (2021). Interventions that address institutional child maltreatment: An evidence and gap map. Campbell Systematic Reviews, 17(1), e1139. https://doi.org/10.1002/cl2.1139

Geçdi, T., & Tanrıverdi, D. (2026). The effects of education program provided for healthcare professionals on their levels of knowledge and awareness about child abuse and neglect. Journal of Pediatric Nursing, 87, 330–337. https://doi.org/10.1016/j.pedn.2026.01.022

Ghezzi, J. F. S. A., et al. (2021). Strategies of active learning methodologies in nursing education: An integrative review. Revista Brasileira de Enfermagem, 74(Suppl 5), e20201350. https://doi.org/10.1590/0034-7167-2020-1350

Heyming, T., Knudsen-Robbins, C., Sharma, S., Thackeray, J., Schomberg, J., Lara, B., Wickens, M., & Wong, D. (2023). Child physical abuse screening in a pediatric ED; Does TRAIN(ing) help? BMC Pediatrics, 23, 117. https://doi.org/10.1186/s12887-023-03927-0

Hoedeman, F., Puiman, P. J., van den Heuvel, E. A. L., Affourtit, M. J., Bakx, R., Langendam, M. W., van de Putte, E. M., Russel-Kampschoer, I. M. B., Schouten, M. C. M., Teeuw, A. H., de Koning, H. J., & Moll, H. A. (2023). A validated screening instrument for child abuse and neglect (SCAN) at the emergency department. European Journal of Pediatrics, 182, 79–87. https://doi.org/10.1007/s00431-022-04635-0

Jeugdhulp. (z.d.). Ondersteuningscentrum Jeugdzorg (OCJ).https://www.jeugdhulp.be/organisaties/ondersteuningscentrum-jeugdzorg-ocj

Kenniscentrum voor beleid en regelgeving. (z.d.). Mandaat. Rijksoverheid. https://www.kcbr.nl/ontwikkelen-beleid-en-regelgeving/beleidskompas/3-w…

Kinderrechtencommissariaat. (z.d.). Verdrag en protocollen. https://www.kinderrechten.be/themas/kinderrechten/verdrag-en-protocollen

Kindreflex. (z.d.). Kindreflex. https://kindreflex.be/

Kindreflex. (z.d.). Voor ziekenhuizen. https://kindreflex.be/sectoren/voor-ziekenhuizen/

Krenek, L., & Stewart, G. (2022, May 15). Child abuse: Approach and management. American Family Physician. https://www.aafp.org/pubs/afp/issues/2022/0500/p521.html

Nederlands Jeugdinstituut. (z.d.). Gevolgen en aanpak van seksueel misbruik. https://www.nji.nl/kennis/kindermishandeling/gevolgen-en-aanpak-van-sek…

Nederlands Jeugdinstituut. (z.d.). Gevolgen van kindermishandeling. https://www.nji.nl/kennis/kindermishandeling/gevolgen-van-kindermishandeling

Nederlands Jeugdinstituut. (z.d.). Hoe praat ik met een kind over vermoedens van kindermishandeling? https://www.nji.nl/kennis/kindermishandeling/hoe-praat-ik-met-een-kind-…

Nederlands Jeugdinstituut. (z.d.). Hoe praat ik met ouders over kindermishandeling? https://www.nji.nl/kennis/kindermishandeling/hoe-praat-ik-met-ouders-ov…

Nederlands Jeugdinstituut. (z.d.). Signalen van kindermishandeling herkennen. https://www.nji.nl/kennis/kindermishandeling/signalen-van-kindermishandeling-herkennen

Nederlands Jeugdinstituut. (z.d.). SPUTOVAMO. https://www.nji.nl/databanken/instrumenten/sputovamo

Nederlands Jeugdinstituut. (z.d.). Wat is kindermishandeling? https://www.nji.nl/kennis/kindermishandeling/wat-is-kindermishandeling

Offidani, C., Villani, A., Reale, A., Marchili, M. R., Rotondi Aufiero, L., Moras, P., Lodise, M., Raucci, U., Barbieri, M. A., & Raponi, M. (2022). Early recognition of child abuse through screening indicators at the emergency department: Experience of a tertiary urban pediatric hospital. Italian Journal of Pediatrics, 48, Article 32. https://doi.org/10.1186/s13052-022-01214-9

Opgroeien. (z.d.). Opgroeien. https://www.opgroeien.be/

Opgroeien. (2025, 12 juni). Verontrusting. https://www.opgroeien.be/kennis/cijfers-en-onderzoek/verontrusting

Ozanne, R., Ireland, J. L., Ireland, C., & Thornton, A. (2024). The impact of institutional child abuse: A systematic review using reflexive thematic analysis. Aggression and Violent Behavior, 78, 101946. https://doi.org/10.1016/j.avb.2024.101946

Richtlijnen Jeugdhulp en Jeugdbescherming. (z.d.). Combinatie van risicofactoren. https://www.richtlijnenjeugdhulp.nl/kindermishandeling/oorzaken-en-factoren/combinatie-van-risicofactoren

Rogol, A. D. (2020). Emotional deprivation in children: Growth faltering and reversible hypopituitarism. Frontiers in Endocrinology, 11, 596144. https://doi.org/10.3389/fendo.2020.596144

Samen Op Weg. (z.d.). Niet-pluisgevoel. Eerstelijnszone. https://www.eerstelijnszone.be/samenopweg/niet-pluis-gevoel

Subaşi, D. Ö., Şimşek, E., Sümengen, A. A., & Ocakçı, A. F. (2025). Nurses’ intention to report child abuse and related factors in Türkiye. Child Abuse & Neglect, 167, 107575. https://doi.org/10.1016/j.chiabu.2025.107575

UNICEF België. (z.d.). De artikelen van het kinderrechtenverdrag. https://www.unicef.be/nl/de-bestaansreden-van-unicef/het-kinderrechtenverdrag/de-54-artikelen

Vertrouwenscentrum Kindermishandeling. (z.d.). Over het VK. https://www.vertrouwenscentrum-kindermishandeling.be/over-het-vk/

Vertrouwenscentrum Kindermishandeling. (z.d.). Wat doet het met je? https://www.vertrouwenscentrum-kindermishandeling.be/over-kindermishandeling/wat-doet-het-met-je/

Vertrouwenscentrum Kindermishandeling. (z.d.). Wat is kindermishandeling? https://www.vertrouwenscentrum-kindermishandeling.be/over-kindermishandeling/wat-is-kindermishandeling/

Vertrouwenscentra Kindermishandeling & Vlaams Expertisecentrum Kindermishandeling. (2024). Jaarverslag 2024 VK en VECK: Geëngageerde aanpak van kindermishandeling door de Vertrouwenscentra Kindermishandeling en het Vlaams Expertisecentrum Kindermishandeling. https://www.vertrouwenscentrum-kindermishandeling.be/wp-content/uploads/2025/05/Jaarverslag-2024-VK-en-VECK.pdf

Vlaams Expertisecentrum Kindermishandeling. (z.d.). Feiten en cijfers kindermishandeling. https://veckvzw.be/feiten-en-cijfers-kindermishandeling/

Vlaams Expertisecentrum Kindermishandeling. (z.d.). Kindermishandeling en gevolgen. https://veckvzw.be/kindermishandeling-en-gevolgen/

Vlaamse overheid. (z.d.). Wegwijzers beroepsgeheim 4: Meldrechten en meldplichten. https://www.vlaanderen.be/publicaties/wegwijzers-beroepsgeheim-4-meldrechten-en-meldplichten

World Health Organization. (2025, 5 november). Child maltreatment. https://www.who.int/news-room/fact-sheets/detail/child-maltreatment

World Health Organization. (2025, 31 januari). Female genital mutilation. https://www.who.int/news-room/fact-sheets/detail/female-genital-mutilation

Download scriptie (13.6 MB)
Universiteit of Hogeschool
Thomas More Hogeschool
Thesis jaar
2026
Promotor(en) en begeleiders
Lieve Heyns