De kracht van genezing. De keuze voor een magnetische behandeling in België (1860-1910)

Marijke De Sadeleer
JOURNALISTIEK ARTIKELVandaag de dag heeft de dokter het laatste woord over lijf en leden en wordt diens almacht amper of niet in vraag gesteld. Bij ziekte is de dokter een onmogelijk te negeren autoriteit. De populariteit van het programma Meneer Doktoor, dat menig Vlaming geboeid aan de buis kluisterde, illustreert dit. Onze hedendaagse gemedicaliseerde samenleving vertoont nochtans grote verschillen met de situatie in de negentiende eeuw. Toen overheersten allerhande ‘alternatieve’ geneeswijzen de medische markt, geneeswijzen waar zieken vol vertrouwen en in groten getale beroep op deden.

De kracht van genezing. De keuze voor een magnetische behandeling in België (1860-1910)

JOURNALISTIEK ARTIKEL

Vandaag de dag heeft de dokter het laatste woord over lijf en leden en wordt diens almacht amper of niet in vraag gesteld. Bij ziekte is de dokter een onmogelijk te negeren autoriteit. De populariteit van het programma Meneer Doktoor, dat menig Vlaming geboeid aan de buis kluisterde, illustreert dit. Onze hedendaagse gemedicaliseerde samenleving vertoont nochtans grote verschillen met de situatie in de negentiende eeuw. Toen overheersten allerhande ‘alternatieve’ geneeswijzen de medische markt, geneeswijzen waar zieken vol vertrouwen en in groten getale beroep op deden. Welke redenen speelden er dus voor de zieke zelf mee om aan te kloppen bij de dokter, of net heil te zoeken in de armen van één of andere alternatieve geneeswijze?

‘Druk uw handen op mijn zieke ledematen, want ik voel dat gij vermoogt ze erdoor te verlichten’

Variërend van kwakzalvers, kruidenvrouwtjes of gewone reguliere artsen vond een zieke altijd wel iets naar zijn of haar gading op de medische markt. Eén van de duistere sujetten waarop de zieke beroep kon doen, was de magnetiseur. Deze bracht via magnetische strijkbewegingen een quasi-magische kracht, fluïdum, over op het zieke lichaam dat vervolgens idealiter genas. De magnetische methode, ontsproten aan het brein van de Duitse arts Mesmer, was bijzonder populair in het negentiende-eeuwse België.

Hoewel de grens met ‘alternatieve’ geneeswijzen in de loop van de negentiende eeuw steeds scherper werd afgebakend, bleven zieken openstaan voor deze specifieke vorm van genezing. De centrale vraag is dan ook waarom de zieke beroep deed op een irreguliere methode als het magnetisme, zeker in een wereld die werd gekenmerkt door een toenemende professionalisering van het medische vak. Want hoewel de medische wereld – geruggesteund door de staat – droomde van wetten, bleken praktische bezwaren toch sterker door te wegen. Processen waar magnetiseurs terecht stonden vanwege het illegaal uitoefenen van de geneeskunde, stelden de grenzen scherp en maakten dat zieken kleur moesten bekennen waarom ze net deze keuze maakten.

Aan de andere kant van het spectrum was er een specifieke groep mensen die het magnetisme maar al te graag toepasten. Spiritisten, gekenmerkt door hun geloof in contact met gene zijde, incorporeerden gedurende de tweede helft van de negentiende eeuw met veel plezier het magnetisme in hun discours. In Belgische spiritistische kringen waren magnetische genezingen dan ook schering en inslag. Sporen van zieken die beweerden heil te vinden in de magnetische methode, weliswaar overgoten met een spiritistisch sausje, zijn dan ook veelvuldig terug te vinden in spiritistische tijdschriften en publicaties. Ook in de processen lieten zieken hun stem horen en verhaalden ze vaak een onwrikbaar vertrouwen in het irreguliere magnetisme.

Verhalen op de grens

De ware aantrekkingskracht van de magnetische methode zat vervat in het fluïdum. In deze onzichtbare kracht herkende de zieke quasi-magische elementen die aansloten bij zijn of haar eigen wereldbeeld. Het was immers een onzichtbare stof die een zichtbaar effect – genezing – kon bewerkstelligen. In een wereld waarin de scheiding tussen natuurlijk en bovennatuurlijk samenviel met de scheiding tussen zichtbaar en onzichtbaar, bevond het fluïdum zich in een grijze, aantrekkelijke schemerzone en kon ze een immense aantrekkingskracht uitoefenen op zieken die zochten naar genezing.

Door zoveel mogelijk de nadruk te leggen op de stem van de zieke, is dit verhaal dan ook een medical history from below in de lijn van de sociale geschiedenis van de geneeskunde. Zieken oefenden indirect een zekere invloed uit op de magnetische praktijk. Als irreguliere methode moest deze zich immers steeds aanpassen aan de wensen en verlangens van de zieken. Tevens nuanceert dit verhaal het idee van een rechtlijnige medicalisering. De wereld van genezing was enorm groot, en hoewel de grenzen door wetten steeds scherper werden afgebakend, kenden quasi-magische genezingen nog steeds veel weerklank. De zieke, uitgaande van aan magisch wereldbeeld of – bij de spiritisten – een zeker geloof, bleef een immens vertrouwen koesteren in de magnetische methode, overtuigd van de genezende werking.

Bibliografie

BIBLIOGRAFIE

 

De kracht van genezing. De keuze voor een magnetische behandeling in België (1860-1910)

 

Bronnen

 

Processen

 

BRUSSEL, Algemeen Rijksarchief, Inventaire des dossiers du tribunal correctionnel de Bruxelles,

première série, nr 702. Proces tegen Gérard Schmidt, se disant magnétiseur. Veroordeeld vanwege l’exercice illégal de l’art de guérir  in 1868.

 

BRUSSEL, Algemeen Rijksarchief, Inventaire des dossiers du tribunal correctionnel de Bruxelles,

première série, nr 749. Proces tegen Michel Lebedinzoff, docteur en médecine de St-Pétersbourg. Veroordeeld vanwege l’exerice illégal de l’art de guérir in 1885.

 

BRUSSEL, Algemeen Rijksarchief, Inventaire des dossiers du tribunal correctionnel de Bruxelles,

première série, nr 750. Proces tegen Léopold Boëns. Veroordeeld vanwege l’exercice illégal de l’art de guérir in 1885.

 

Periodieken

 

Bulletin Officiel du Bureau International du Spiritisme, 1911.

 

Den Denderbode, 1856, 1901, 1910, 1912.

 

Het Land van Aelst, 1884.

 

La Belgique Judiciaire – Gazette des tribunaux Belges et étrangers, 1848.

 

Le Messager, Luik, 1872-1914.

 

Le Moniteur Spirite et Magnétique, Brussel, 1891-1898.

 

Le Scalpel - Organe des intérêts scientifiques et professionnels de la medecine, de la pharmacie et de l’art veterinaire, 1854.

 

L’Etoile Belge, 1868.

 

Uitgegeven bronnen

 

CAHAGNET, L.A., Magie magnétique ou traité historique et pratique de Fascinations, miroirs cabalistiques, apports, suspensions, pactes, talismans, charme des vents, convulsions, possessions, envoûtements, sortilèges, magie de la parole, correspondance dynamique, nécromancie, etc., Parijs, 1854.

 

Congrès Spirite tenu à Liège, 11 en 12 Juni 1905, Luik, 1905.

 

CUS, A.J. Spiritisme, tables tournantes, magnétisme, hypnotisme, Leuven, 1885.

 

DE COCK, A., Volksgeneeskunde in Vlaanderen, Gent, 1891.

 

DUDART, V., La pile magnétique et son application au traitement des maladies, Parijs en Brussel, 1874.

 

DUDART, V., Qu’est-ce que le magnétisme curatif et comment peut-il guérir les maladies, Brussel, 1892.

 

Guide Pratique du médium guérisseur, Luik, 1873.

 

LOBET, L., L’hypnotisme en Belgique et le Projet du loi soumis aux Chambres Législatives, Verviers, 1891.

 

MORIN, A. S., Du magnétisme et des sciences occultes, Parijs en New York, 1860.

 

SÉGOUIN, A., Les mystères de la magie ou les secrets du magnétisme, 2e ed., Parijs, 1853.

 

Geraadpleegde Literatuur

 

ALVADARO, C.S., Atlantic University’s Scholar in Residence – Historical Perspectives on Out-of-Body Experiences and Related Phenomena: II. Hector Durville and Phantoms of the Living, 2013 (http://carlossalvarado.edublogs.org/2012/07/04/historical-perspectives-…). Geraadpleegd op 26 maart 2012.

 

BECCALOSI, C. en CRYLE, P., ‘Recent Developments in the Intellectual History of Medicine: A Special Issue of the Journal of the History of Medicine’, Journal of the History of Medicine and Allied Sciences, 67(2012), 1-6.

 

BERGÉ, C., La voix des Esprits – Ethnologie du spiritisme, Parijs, 1990.

 

BERGÉ, C., ‘Le corps et la plume. Écritures mystiques de l’Agent inconnu’, Revue d’histoire du XIXe siècle, 38(2009), 41-59.

 

BERGÉ, C., ‘Fluides organiques et pesée de l’âge ou le calcul des humeurs en réanimation’, Corps, 8(2010), 65-72.

 

BIVINS, R., ‘Histories of heterodoxy’, M. JACKSON red., The Oxford Handbook of the history of medicine, 2011, 578-579.

 

BOULHOL, P. e.a., Guérisons du corps et de l’âme : approches pluridisciplinaires: actes du colloque international organisé du 23 au 25 septembre 2004 par l’UMR 6125, textes et documents de la Méditerranée antique et médiévale, Aix-en-Provence, 2006.

 

BROWER, M.B., Unruly Spirits – The Science of Psychic Phenomena in Modern France, Chicago en Springfield, 2010.

 

BURKE, P., ‘Performing History: The Importance of Occasions’, Rethinking History, 9(2005), 35-52.

 

BYNOUM, W.F. en PORTER, R. red., Medicine and the Five Senses, Cambridge, 1993.

 

COOTER, R., ‘The turn of the body: History and the politics of the corporeal’, Arbor Ciencia, Pensamiento y culture, 186 (2010), 393-405.

 

CHANTIN, J-P., ‘Nizier Philippe, guérisseur lyonnais’, Politica Hermetica, 18(2004), 65-73.

 

CUCHET, G., Le crépuscule du purgatoire, Parijs, 2005.

 

CUCHET, G., ‘Le retour des esprits, ou la naissance du spiritisme sous le Second Empire’, Revue d’histoire moderne et contemporaine (1954-), 54(2007), 74-90.

 

CUCHET, G., ‘La “carte de l’autre vie” au XIXe siècle. L’au-delà, entre espaces réel et symbolique’, Archives de sciences sociales des religions, 52(2007), 67-78.

 

CUCHET, G., Les voix d’outre-tombe. Tables tournantes, spiritisme et société, Parijs, 2012.

 

DACHEZ, R., ‘Papus médecin ou les sortilèges d’Hippocrate à la Belle Epoque’, Politica Hermetica, 18(2004), 81-91.

 

DANCOT, S., Vertrouwen op père Antoine – Een godsdienstsociologisch onderzoek naar het antoinisme, Ongepubliceerde licentiaatsverhandeling, Katholieke Universiteit Leuven, Departement Sociologie, 1994.

 

DE BLÉCOURT, W., ‘Het Staphorster boertje. De geneeskundige praktijk van Peter Stegeman (1840-1922)’, Volkskundig bulletin, 17(1991), 171-194.

 

DE BLÉCOURT, W., ‘Sequah in Amsterdam – over de invloed van reclame op de medische markt’, Focaal. Tijdschrift voor Antropologie, 21(1993), 131-172.

 

DE BLÉCOURT, W., Het Amazonenleger – Irreguliere genezeressen in Nederland 1850-1930, Amsterdam, 1999.

 

DE BLÉCOURT, W., ‘Illegale genezers en neppatiënten. Over de aantrekkingskracht van onorthodoxe vormen van geneeskunde rond 1900’, Tijdschrift voor sociale geschiedenis, 25(1999), 425-442.

 

DE BLÉCOURT, W., HUISMAN, F., en VAN DER VELDEN, H., ‘De medische markt in Nederland, 1850-1950’, Tijdschrift voor sociale geschiedenis, 25(1999), 361-382.

 

DE BLÉCOURT, W., ‘De macht van de vrouwelijke hand. De feminisering van het magnetisme rond 1900’, De Negentiende Eeuw, 25(2001), 147-160.

 

DE BLÉCOURT, W. en DAVIES, O. red., Witchcraft Continued – Popular Magic in Modern Europe, Manchester, 2004.

 

DE BLÉCOURT, W. en DAVIES, O., ‘Introduction’, W. DE BLÉCOURT en O. DAVIES red., Beyond the Witch Trials – Witchcraft and magic in Enlightenment Europe, Manchester en New York, 2004, 1-8.

 

DE WAARDT, H. ‘Het taaie voortleven der demonen – De onttovering van de geneeskunde als impuls voor irreguliere geneeswijzen’, A. KLUVELD e.a. red., Genezen – Opstellen bij het afscheid van Marijke Gijswijt-Hofstra, Amsterdam, 2005, 139-148.

 

DOFFIJN, P., Kwakzalverij en onbevoegd uitoefenen van de geneeskunst: een historisch en een medico-legale benadering van de praktijken van Drieske Nijpers, uit Sint-Gillis-Waas (1826-1853), Onuitgegeven licentiaatsverhandeling, Rijksuniversiteit Gent, 1990.

 

DRAAISMA, D., ‘Een lichtstraal over de graven – Elise Van Calcar en het spiritisme’, Jaarboek voor Vrouwengeschiedenis, 14(1994), 126-150.

 

DRAAISMA, D., ‘Genezing van gene zijde: het spiritisme als medische tegenbeweging’, Spiegel der Letteren, 42(2000), 116-133.

 

EDELMAN, N., Voyantes, guérisseuses et visionnaires en France 1785-1914, Parijs, 1995.

 

EDELMAN, N., ‘Représentation de la maladie et construction de la différence des sexes. Des maladies de femmes aux maladies nerveuses, l’hystérie comme exemple’, Romantisme, 110(2000), 73-87.

 

EDELMAN, N., ‘L’invisible (1870-1890): une inscription somatique’, Ethnologie française, 33(2003), 593-600.

 

EDELMAN, N., ‘Spiritisme et politique’, Revue d’histoire du XIXe siècle, 28(2004), 149-161.

 

EDELMAN, N., ‘Introduction’, Revue d’histoire du XIXe siècle, 38(2009), 11-15.

 

EDELMAN, N., ‘Un savoir occulté ou pourquoi le magnétisme animal ne fut-il pas pensé «comme une branche très curieuse de psychologie et d’histoire naturelle»?’, Revue d’histoire du XIXe siècle, 38(2009), 115-132.

 

FERBER, S., ‘Charcot’s demons – Retrospective medicine and historical diagnosis in the writings of the Salpêtrière school’, M. GIJSWIJT-HOFSTRA, H. MARLAND, en H. DE WAARDT red., Illness and Healing Alternatives in Western Europe. Studies in the Social History of Medicine, New York, 1997, 120-140.

 

GAULD, A., A history of hypnotism, Cambridge, 1992.

 

GIJSWIJT-HOFSTRA, M. red., Geloven in Genezen: bijdragen tot de sociaal-culturele geschiedenis van de geneeskunde in Nederland, Amsterdam, 1991.

 

GIJSWIJT-HOFSTRA, M., ‘Varia – Onderzoek ‘magie en geneeskunde’ in Nederland: medische geschiedenis vanuit een sociaal-cultureel perspectief’, Gewina, 15(1992), 58-59.

 

GIJSWIJT-HOFSTRA, M., e.a. red., Grenzen van genezing – Gezondheid, ziekte en genezen in Nederland, zestiende tot begin twingigste eeuw, Amsterdam, 1993.

 

GIJSWIJT-HOFSTRA, M., ‘A sense of gender: Different Histories of Illness and Healing Alternatives’, R. JÜTTE, M. EKLÖF en M.C. NELSON red., Historical Aspects of Unconventional Medicine. Approaches, concepts, case studies, Sheffield, 2001, 37-50.

 

GUMPPER, S., Essai de recension, Périodiques Français traitant de magnétisme animal, somnambulisme, franc-maçonnerie, sciences occultes, spiritualisme, ésoterisme, spiritisme, métapsychique, théosophie & mysticisme, (fin XVIIIe – début XXIe siècle) en France, classéschronologiquement, (http://www.politicahermetica.com/Lire_en_ligne/PERIODIQUES_MAGNETISME_A…). Geraadpleegd op 25 maart 2013.

 

HANEGRAAFF, W.J., ‘How magic survived the disenchantment of the world’, Religion, 33(2003), 357-380.

 

HAVELANGE, C., Les figures de la guérison (XVIIIe – XIXe siècles). Une histoire sociale et culturelle des professions médicales au pays de Liège, Luik, 1990.

 

HUISMAN, F., ‘Shaping the Medical Market: On the Construction of Quackery and Folk Medicine in Dutch Historiography’, Medical History, 43(1999), 359-375.

 

HUISMAN, F. en H. TE VELDE, ‘Op zoek naar nieuwe vormen in wetenschap en politiek – de ‘medische’ kleine geloven’, De Negentiende Eeuw, 25(2001), 129-136.

 

HUISMAN, F., ‘Wie geneest? De strijd om culturele autoriteit in de Nederlandse gezondheidszorg’, F. VAN LUNTEREN e.a. red., De opmars van deskundigen: souffleurs van de samenleving, Amsterdam, 2002, 99-118.

 

HUISMAN, F., ‘Patiëntenbeelden in een moderniserende samenleving: Nederland, 1880-1920’, Gewina, 25(2002), 210-225.

 

Isala Van Diest, eerste vrouwelijke arts in België. Wetenschappen en techniek. Portretten (http://www.rosadoc.be/joomla/index.php/portretten/wetenschap_en_technie…). Geraadpleegd op 9 mei 2013.

 

KAUFMAN, S.K., Consuming Visions – Mass Culture and the Lourdes Shrine, Chicago, 2005.

 

KLOOSTERMANS, I., ‘Psychical research and parapsychology interpreted - suggestions form the international historiography of psychical research and parapsychology for investigating its history in the Netherlands’, History of the Human Sciences, 25 (2012), 2-22.

 

KONTOU, T. en WILLBURN, S. red., The Ashgate research Companion to Nineteenth-Century Spiritualism and the Occult, Oxford en Amherst, 2012.

 

LACHAPELLE, S., ‘Science on stage: Amusing physics and scientific wonder at the nineteenth-century French Theatre’, History of Science, 47(2009), 297-315.

 

LACHAPELLE, S., Investigating the Supernatural – From Spiritism and Occultism to Psychical Research and Metapsychics in France, 1853-1931, Baltimore, 2011.

 

LANDRESSE, C., Un siècle de renouveau de l’occulte (1847-1940): Spiritisme, Théosophie et Antoinisme en Belgique, Onuitgegeven licentiaatsverhandeling, Université Libre de Bruxelles, Faculté de Philosophie et Lettres, 1998.

 

MONROE, J.W., Laboratories of Faith: Mesmerism, Spiritism, and Occultism in Modern France, Cornell, 2008.

 

MEEUS, M., ‘Naissance et croissance du spiritisme et de l’antoinisme dans le Diocèse de Liège’, Leodium - Publication périodique de la Société d’Art et d’Histoire du Diocèse de Liège, 95(2010), 19-44.

 

MÉHEUST, B., Somnambulisme et médiumnité (1784-1930) – Tome 1 – Le défi du magnétisme animal, Le Plessis-Robinson, 1999.

 

MEIJMAN, F.J. en SNELDERS, S., De mondige patiënt – Historische kijk op een mythe, Amsterdam, 2009.

 

MÜLBERGER, A., ‘Marginalisation de la parapsychologie et du spiritisme dans le discours scientifique en Espagne’, L’Homme et la société, 167-168-169 (2008), 101-115.

 

NYE, R., ‘Kennis over macht – medicalisering, de staat en de rechten van het individu’, K. WILS e.a. red., De zieke natie – over de medicalisering van de samenleving 1860-1914, Groningen, 2002, 22-41.

 

OIVO – dossier Alternatieve Geneeskunde (http://www.gezondheid.be/index.cfm?fuseaction=art&art_id=10960#2). Geraadpleegd op 25 juli 2013.

 

OJA, L. ‘Responses to witchcraft in late seventeenth- and eighteenth-century Sweden – The superstitious other’, W. DE BLÉCOURT en O. DAVIES red., Beyond the Witch Trials – Witchcraft and magic in Enlightenment Europe, Manchester en New York, 2004, 69-80.

 

OPPENHEIM, J., The Other World – Spiritualism and Psychical Research in England, 1850-1914, Cambridge, 1985.

 

PAULUSSEN, F., Hypnose: Kwakzalverij of Geneeskunde? De maatschappelijke toelaatbaarheid van hypnose in België (1880-1914), Ongepubliceerde licentiaatsverhandeling, Katholieke Universiteit Leuven, departement Geschiedenis, 2001.

 

PETER, J-P., ‘De Mesmer à Puységur. Magnétisme animal et transe somnambulique, à l’origine des thérapies psychiques’, Revue d’histoire du XIXe siècle, 38(2009), 19-40.

 

PORTER, R., ‘The Patient’s View: Doing Medical History from below’, Theory and Society, 14(1985), 175-198.

 

PORTER, R., Health for sale: quackery in England 1660-1850, Manchester, 1989.

 

 

RAMSEY, M., ‘Magical healing, witchcraft and elite discourse in eighteenth- and nineteenth – century France’, M. GIJSWIJT-HOFSTRA, H. MARLAND, en H. DE WAARDT red., Illness and Healing Alternatives in Western Europe. Studies in the Social History of Medicine, New York, 1997, 14-37.

 

RÉTAT, C., ‘Jean-Marie Ragon et le modèle du maçon guérisseur’, Politica Hermetica, 18(2004), 46-64.

 

SCHEPERS, R., De opkomst van het medisch beroep in België – De evolutie van de wetgeving en de beroepsorganisaties in de 19e eeuw, Amsterdam en Atlanta, 1989.

 

SCHMITZ, O., Soigner par l’invisible. Enquête sur les guérisseurs aujourd’hui, Parijs, 2006.

 

SEYSSENS, T., Le Propagateur – Dierlijk magnetisme in België in de 19de eeuw, Onuitgegeven masterthesis, Universiteit Gent, departement Geschiedenis, 2009.

 

TOLLEBEEK, J. e.a. red., Degeneratie in België, 2003, Leuven.

 

VAN BAAL, A.H., In Search of a Cure - The Patients of the Ghent Homoeopathic Physician Gustave A. Van den Berghe (1837-1902), Uitgegeven proefschrift, Universiteit van Amsterdam, 2004.

 

VAN BAAL, A.H., ‘Spiritisme: geloof in genezing? Het Amsterdamse genootschap Veritas (1869-1900)’, A. KLUVELD e.a. red., Genezen – Opstellen bij het afscheid van Marijke Gijswijt-Hofstra, Amsterdam, 2005, 163-173.

 

VAN BRANDEN, G., De receptie van het spiritisme in België, 1870-1920, Onuitgegeven licentiaatsverhandeling, Rijksuniversiteit Gent, faculteit Letteren en Wijsbegeerte, 1986.

 

VANDEKERCKHOVE, P., Meneer Doktoor – Verhalen over leven en dood, lijf en lust 1937-1964, Roeselare, 2006.

 

VAN DER VEEN, C.J., “Omdat het steunt op weten.” – Spiritism in the Netherlands between 1890 and 1940, Onuitgegeven meesterproef, Universiteit van Utrecht, Faculteit Geesteswetenschappen, 2012.

 

VANDEVOORDE, H., ‘Het gesprek met de geesten. Schrijvers en spiritisten in België’, E. BREMS en T. SINTOBIN red., De Goudsmid en de klein-inquisiteur. Essays over F.V. Toussaint van Boelaere, gevolgd door een geannoteerde uitgave van Het gesprek in Tractoria, Gent, 2008, 121-138.

 

VAN IMPE, F., Studie van de heksenverhalen in Aalst en omgeving (19de – 20ste eeuw) – Deel 1, Ongepubliceerde licentiaatsverhandeling, Katholieke Universiteit Leuven, Departement literatuurwetenschappen, 2002.

 

VAN PRAET, W., ‘De receptie van homeopathie in België: 1874-1914’, BTNG-RBHC, 20(1989), 107-139.

 

VAN VEGCHEL, G., Medici contra kwakzalvers: de strijd tegen niet-orthodoxe geneeswijzen in Nederland in de 19de en 20ste eeuw, Amsterdam, 1991.

 

VELLE, K., Arts, geneeskunde en samenleving: medicalisering in België in de 19de en de 20ste eeuw, Onuitgegeven doctoraatsproefschrift, Rijksuniversiteit Gent, Faculteit Letteren en Wijsbegeerte, 1988.

 

VELLE, K., ‘Bronnen voor de medische geschiedenis: de Belgische medische pers (begin XIXde eeuw – 1940)’, Annalen van de Belgische Vereniging voor de Geschiedenis van de Hospitalen en de Volksgezondheid, 13-14 (1988), 68-119.

 

VELLE, K., ‘Massage te Brussel (eind 19de eeuw-begin 20ste eeuw): Criminaliteit of beoefening van de geneeskunde?’, De Brabantse Folklore en Geschiedenis, 266(1990), 192-134.

 

VELLE, K., ‘Geneesheren in de ban van hypnose (1880-1900)’, Oostvlaamse Zanten, 62(1990), 51-64.

 

VELLE, K., De nieuwe biechtvaders – de sociale geschiedenis van de arts in België, Leuven, 1991.

 

VELLE, K., ‘De geneeskunde en de Rooms-Katholieke Kerk (1830-1940): een moeilijke verhouding?’, Trajecta, 4(1995), 1-21.

 

VERMASSEN, M., Overheid en geneeskunde tijden de eerste helft van de 19de eeuw. De Provinciale Kommissie voor Geneeskunde van Oost-Vlaanderen (1818-1850), Ongepubliceerde licentiaatsverhandeling, Katholieke Universiteit Leuven, Faculteit Wijsbegeerte en Letteren, 1970.

 

VERMEER, L., ‘Als de tafel danst, dan wankelt de wetenschap – De relatie tussen spiritisme en wetenschap in Nederland rond 1900’, Gewina, 30(2007), 26-43.

 

VIJSELAAR, J., ‘Geschiedenis van het genezen; het dierlijk magnetisme’, Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde, 141(1997), 157-161.

 

VIJSELAAR, J., De magnetische geest. Het dierlijk magnetisme 1770-1830, Nijmegen, 2001.

 

VOSS, E., ‘The Struggle for Sovereignty. The Interpretation of Bodily Experiences in Anthropology and among Mediumistic Healers in Germany’, A. FEDELE en R.L. BLANES, Encounters of Body and Soul in Contemporary Religious Practices – Anthropological Reflections, New York en Oxford, 2011, 168-178.

 

VOSS, E., ‘From Crisis to Charisma: Redefining Hegemonic Ideas of Science, Freedom and Gender among Mediumistic Healers in Germany’, A. FEDELE en K.E. KNIBBE, Gender and Power in Contemporary Spirituality – Ethnographic Approaches, New York, 2013, 115-125.

 

WINTER, A., Mesmerized – Powers of Mind in Victorian Britain, Chicago en Londen, 1998.

 

WILS, K. e.a., ‘Een medisch object – veranderingen in menswetenschap, cultuur en politiek’, K. WILS e.a. red., De zieke natie – over de medicalisering van de samenleving 1860-1914, Groningen, 2002, 10-21.

 

WILS, K. e.a. red., De zieke natie – over de medicalisering van de samenleving 1860-1914, Groningen, 2002.

 

WILS, K., 'Medical and juridical expertise of hypnosis in France', lezing op congres Between autonomy and engagement. Performances of scientific expertise, 1860-1960, 22 mei 2012.

 

WOLFRAM, H., The Stepchildren of Science. Psychical Research and Parapsychology in Germany, c. 1870-1939, Amsterdam en New York, 2009.

 

WORBOYS, M., 'Practice and the Science of Medicine in the Nineteenth Century', Isis, 102(2011), 109-115.

 

ZORAB, G., Magnetiseurs en wondergenezers, Leiden, 1952.

 

Universiteit of Hogeschool
Master in de geschiedenis
Publicatiejaar
2013
Kernwoorden
Deel deze scriptie