Louis Wodon (1868-1946) jurist-kabinetschef-adviseur van Albert I en Leopold III.

Koen Cools
Persbericht

Louis Wodon (1868-1946) jurist-kabinetschef-adviseur van Albert I en Leopold III.

LOUIS WODON: koninklijk jurist, kabinetschef en adviseur

 

In het najaar van 2001 verscheen het boek Koning en onderkoning, van de hand van de twee Wetstraat-specialisten Gui Polspoel en Pol Van Den Driessche. In hun publicatie lieten de journalisten hun licht schijnen op de figuur van Jacques van Ypersele de Strihou, de kabinetschef van koning Albert II. Zij noemden hem een “onderkoning” en probeerden de invloed van “de man achter de schermen” aan te tonen. Jarenlang werd en wordt gespeculeerd over de rol van kabinetschef van de koning in België. Toch moet er rekening mee worden gehouden dat ook de persoon die de functie bekleedt en de periode waarin ze wordt uitgeoefend sterk bepalend zijn.

 

Zo ook voor Louis Wodon. Het leven van Wodon speelde zich af tussen april 1868 en december 1946. In die periode werd België geregeerd door drie koningen. Met twee van hen had Wodon als kabinetschef persoonlijk te maken. Tot 1926 was Wodon actief als jurist aan de Université Libre de Bruxelles. De functie van kabinetschef van de koning oefende hij uit tot aan zijn zeventigste verjaardag in 1938. Tussen 1938 en 1946 bleef Wodon adviseur van de vorst.

 

JURIST

 

Tussen 1893 en 1926 bouwde Louis Wodon een succesvolle academische carrière uit als jurist aan de ULB. Na het einde van zijn academische loopbaan in 1926, zou hij zijn juridische ideeën nog jarenlang weergeven in de artikels die hij publiceerde bij de Académie Royale de Belgique. Wodon ontpopte zich als een realist en pragmaticus die het constitutioneel recht in de eerste plaats zag als een gewoonterecht. De Grondwet beschouwde Wodon als een communicatiemiddel dat de sociale voorschriften in een juridische vorm vastlegde. Volgens de jurist hadden tal van gewoonten en gebruiken de tekst van de Belgische Grondwet overwoekerd en zorgde dit voor de nodige verwarring. Wodon zag heil in een terugkeer naar de oorspronkelijke tekst en een politiek systeem waarin het Parlement een tweederangsrol kreeg toebedeeld. Hij lanceerde de idee van een “presidentiële Monarchie op zijn Belgisch”.

 

Zijn visie op de politieke partijen was minder flatterend. Deze evolueerden volgens hem tot “groepen en kliekjes” die enkel hun eigen belangen nastreefden. Volgens Wodon had elke samenleving nood aan een “onbetwistbare overste”, een rol die hij in 1938 concretiseerde met zijn these van de koninklijke voorrang. In de ogen van de jurist vervulde de vorst een morele en politieke rol die hem boven de rest van het politieke bestel plaatste. De Monarchie omschreef hij als “de hoogste en levende personificatie van de Natie”. De vorst stond door het zweren van de koninklijke eed in voor de naleving van de Grondwet en de wetten, de handhaving van de onafhankelijkheid en de bewaring van het grondgebied. Van hieruit beschikte hij over de koninklijke voorrang. Dit artikel zou de nodige weerklank vinden in de politieke wereld. 

 

KABINETSCHEF

 

Als kabinetschef paste Wodon zijn juridische ideeën toe op concrete situaties. Samen met koning Albert ontwikkelde hij een allergie voor de politieke partijen en het slecht werkende parlementaire systeem. De schuld hiervan legde hij bij de partijen die beschikten over onbekwaam, middelmatig personeel dat enkel oog had voor de eigen belangen. De kabinetschef nam de ministeriële solidariteit en het interpellatierecht op de korrel en beschouwde ze als uitvindingen die totaal vreemd waren aan de Grondwet. Het in onbruik geraakte koninklijke vetorecht wilde hij in ere herstellen. Ook de ministerkeuze was een voorrecht van de koning.

 

Onder koning Leopold werkte Wodon zijn ideeën verder uit. Eén van zijn centrale punten was dat ministers als individueel minister van de koning moesten worden beschouwd.  De vorst moest ministers kunnen kiezen op vlak van competentie en niet op vlak van politieke kleur. Dit had ook zijn gevolgen voor de ministerraden die volgens hem enkel tot doel hadden om het algemene beleid uit te stippelen. Wanneer een minister zijn ontslag aanbood, moest dit niet leiden tot het aftreden van de voltallige regering. Om weerstand te bieden tegen de crisis van de jaren dertig speelde Wodon met de idee van de extraparlementaire regeringen die bestonden uit “techniciens” of “vakministers”. Enkel zij – en niet de traag werkende coalitieregeringen – konden in de ogen van de kabinetschef de broodnodige hervormingen doorvoeren.

 

In verschillende nota’s verwees Wodon naar de situatie ten tijde van Leopold I. De kabinetschef had heimwee naar de tijd waarin de koning heerste én regeerde. Wodon verloor echter uit het oog dat ten tijde van de unionistische regeringen van Leopold I, er van politieke partijen nog geen sprake was en dat coalitieregering onder Leopold III onvermijdelijk waren. 

 

Op het vlak van de buitenlandse politiek pleitte Wodon voor een radicaal, onafhankelijke koers. Als klein land mocht België in geen geval verworden tot satelliet van de grootmachten. De geografische en historische ligging van het land brachten het volgens hem sowieso bij de neutraliteit. België diende in de woelige tijden gegarandeerd te worden, zonder zelf garant te zijn.

 

ADVISEUR

 

Tussen zijn pensioen in 1938 en zijn dood in 1946 behield Wodon zijn contacten met het Paleis. Zo bleef hij tijdens de jaren voor de Tweede Wereldoorlog hameren op de noodzaak van een grondige administratieve hervorming. Na het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog verliepen de contacten tussen Wodon en het Paleis meestal via secretaris Robert Capelle. In de loop van de Tweede Wereldoorlog werden Wodons ideeën steeds radicaler. Na de oorlog moest er schoon schip worden gemaakt met de vooroorlogse politieke toestanden. De vorst zou in dit alles een centrale plaats krijgen en er moest een programma van “nationale wederopstanding” worden verwezenlijkt.

 

EEN VERVLOGEN REALITEIT

 

De denkbeelden van Louis Wodon waren radicaal.  Toch waren ze niet uniek in een periode van internationale crisis en instabiliteit. Bovendien stond in België de democratie nog maar in haar kinderschoenen. Na de stabiele, homogene regeringen van voor de Eerste Wereldoorlog leidde het algemeen enkelvoudig stemrecht in 1919 tot het ontstaan van coalitieregeringen. Dit alles zorgde voor de nodige kinderziekten en groeipijnen.

 

Terwijl het Belgisch politieke schaakspel al sinds 1830 verder aan het evolueren was, wilde Wodon tabula rasa maken en de koning terug centraal plaatsen. Daarna wilde hij de pionnen terugzetten zoals ze in 1831 stonden opgesteld. Dit vereiste de terugkeer naar een werkelijkheid die niet meer bestond. In het interbellum waren de politieke partijen en het algemeen enkelvoudig stemrecht immers een feit. Wodon deed de juiste vaststellingen in een periode van crisis. Vanuit zijn overtuigde liefde voor de Monarchie bood hij echter de verkeerde oplossingen. Wodon haalde de mosterd in het verleden, bij een vervlogen realiteit.

Koen Cools – september 2005

Bibliografie

Bijlage: Bibliografie Louis Wodon

 

1.  Werken en artikelen

 

- WODON, L. La forme et la garantie dans les contrats francs. Etude d'histoire du droit. Verhandeling, Universiteit Brussel, afd. Rechten, 1893.

- WODON, L. "Régime du travail en législation comparée". Revue de l'Université de Bruxelles, III (1897) p. 241-261.

- WODON, L. La question des accidents du travail devant le Parlement Belge. Brussel, 1903.

- WODON, L., DE LEENER, G. en WAXWEILER, E. Le charbon dans le nord de la Belgique. Brussel, 1904.

 

- WODON, L. "Sur quelques erreurs de méthode dans l'étude de l'homme primitif. Notes critiques". Notes et Mémoires de l'Institut de Sociologie, IV (1906).

- WODON, L. Le contrôle juridictionnel de l' administration et la responsabilité des services publics en Belgique. Brussel, 1920.

- WODON, L. "A propos de la loi dite 'des pleins pouvoirs". Bulletin de la Classe des Lettres de l'Académie royale, 5e série, XIII (1927) p. 268-297.

- CAPART, M. Droit administratif élémentaire. Avec une préface de L. Wodon. Brussel, 1930.

- WODON, L. "Considérations sociologiques sur le mécanisme des institutions". Bulletin de la Classe des Lettres de l'Académie royale, 5e série, XVI (1930)

p. 232-256.

- WODON, L. "Les traits généraux de la vie sociale et le mécanisme des institutions". Revue de l'Instituts de Sociologie, X (1930) p. 655-681.

- WODON, L. en SERVAIS, J. L'oeuvre d'Adolphe Prins. s.l., 1934.

- WODON, L. Quelques observations sur les vues sociologiques de Emile Waxweiler. Parijs, 1935.

- WODON, L. "Du recours pour excès de pouvoir devant la constitution belge". Bulletin de la Classe des Lettres de l'Académie royale, 5e série, XXIV (1938)

p. 519-550.

- WODON, L. La constitution belge et la défense de l'état. Brussel, 1940.

- WODON, L. "Sur le rôle du Roi comme Chef de l'Etat dans le cas de défaillances constitutionnelles". Bulletin de la Classe des Lettres de l'Académie royale, 5e série, XXVII (1941) p. 207-219, p. 250-253.

- WODON, L. "Des formes politiques en général et du vieux droit public belge". Bulletin de la Classe des Lettres de l'Académie royale, 5e série, XXVII (1941)

p. 84-115.

- WODON, L. "Considérations sur la séparation et la délégation des pouvoirs en droit public belge". Mémoires  de la Classe des Lettres de l'Académie royale, 2e série, XLIII (1942) p. 1-69.

 

Bibliografie

 

1. Onuitgegeven bronnen

 

· Brussel, Archief Koninklijk Paleis

- Archief Wodon

1, 2, 11, 12, 15, 16, 18, 21, 24, 25, 36, 41

 

- Archief van het Secretariaat van Koning Leopold III (Capelle)

103/50, 104/1, 105a/5bis, 110/1, [151], [153], II C/Ze 2, IId/40, XIV/4, XIV/5, XIV/7, XIV/9, XIV/9a, XIV/13, XV, XV 1, XV 2, XV/11/5, XV a, XV A/18, XV G, XV GC Gouvernement II, XV GQ/104, XV GZ/2, [162] Autour de la question royale 1963 (onuitgegeven memoires Robert Capelle)

 

- Archief van het Kabinet van Koning Albert I

230 (persoonlijk dossier Louis Wodon), 619

 

- Archief van het Kabinet van Koning Leopold III

167, 250

 

- Archief van het Kabinet van Koning Leopold III (oorlogsperiode 1940-1944)

VII Constitution (a), VII Constitution (b), XI a

 

- Archief van het Privé-secretariaat van Koning Albert en Koningin Elisabeth

619, 876

 

· Brussel, Algemeen Rijksarchief

Archief Henri Jaspar, bundel 9 (correspondance avec M. Wodon, 1922-1937)

 

· Brussel, Archief Université Libre Bruxelles

1P351, ULB/H12 WODON*L (persoonlijke dossiers Louis Wodon)

 

11674 (dossier Louis Wodon)

 

· Court-Saint-Etienne, Archief familie Wodon

Foto’s familie Wodon

WODON, S. Souvenirs de la vie de mon père, Louis Wodon. s.l., 1970. (onuitgegeven, getypt)

 

·  Mondelinge informatie

Gesprek met Pierre Wodon, 25 november 2004

 

2. Uitgegeven bronnen

 

· Algemeen

- CAPELLE, R. Au service du Roi. Brussel, 1949.

- CAPELLE, R. Dix-huit ans auprès du Roi Léopold. Parijs, 1970.

- CARTON DE WIART, H. Souvenirs politiques (1918-1951). Brussel, 1981.

- DE SCHRYVER, A. Oorlogsdagboeken 1940-1942. Tielt, 1998.

- d’YDEWALLE, P. Mémoires 1912-1940. Brussel, 1994.

- HYMANS, P. Mémoires. Brussel, 1958.

- KIRSCHEN, G. De opvoeding van een prins – Gesprekken met Koning Leopold III. Kalmthout, 1984.

- LEOPOLD III. Kroongetuige. Tielt, 2001.

- Parlementaire bescheiden van de Belgische Senaat.  Buitengewone zitting 1939. Vergadering van 15 juni 1939, nr. 80.

- PIRENNE, J. Mémoires et notes politiques. Verviers, 1975.

- STRUYE, P. Journal de guerre 1940-1945. Brussel, 2004.

- VANLANGENHOVE, F. L’élaboration de la politique étrangère de la Belgique entre les deux guerres mondiales. Brussel, 1981.

- VAN OVERSTRAETEN, R. Albert I – Leopold III, vingt ans de politique militaire belge, 1920-1940. Brugge, 1949.

 

· Publicaties Louis Wodon

- WODON, L. Le contrôle juridictionnel de l' administration et la responsabilité des services publics en Belgique. Brussel, 1920.

- WODON, L. "A propos de la loi dite 'des pleins pouvoirs". Bulletin de la Classe des Lettres de l'Académie royale, 5e série, XIII (1927) p. 268-297.

- WODON, L. "Considérations sociologiques sur le mécanisme des institutions". Bulletin de la Classe des Lettres de l'Académie royale, 5e série, XVI (1930)

p. 232-256.

- WODON, L. "Du recours pour excès de pouvoir devant la constitution belge". Bulletin de la Classe des Lettres de l'Académie royale, 5e série, XXIV (1938)

p. 519-550.

- WODON, L. La constitution belge et la défense de l'état. Brussel, 1940.

- WODON, L. "Sur le rôle du Roi comme Chef de l'Etat dans le cas de défaillances constitutionnelles". Bulletin de la Classe des Lettres de l'Académie royale, 5e série, XXVII (1941) 207-219, p. 250-253.

- WODON, L. "Des formes politiques en général et du vieux droit public belge". Bulletin de la Classe des Lettres de l'Académie royale, 5e série, XXVII (1941)

 

3. Werken

 

· Zelfstandige werken

- BALACE, F., e.a. Jours de Guerre. Brussel, 2000.

- BIJEN, R. De taalwetgeving in het Belgische leger (1830-1940). Brussel, 1992.

- CARTON DE TOURNAI, F. en JANSSENS, G. Joseph Pholien: un homme d’Etat pour une Belgique en crises. Bierges, 2003.

- CLAEYS-VAN HAEGENDOREN, M. Hendrik de Man: een biografie. Antwerpen, 1972.

- COOLSAET, R. Buitenlandse Zaken. Leuven, 1989.

- COOLSAET, R. België en zijn buitenlandse politiek 1830-2000. Leuven, 1998.

- CROMBOIS, J. Camille Gutt – Les finances et la guerre 1940-1945. Brussel, 2000.

- DE JONGHE, A. Hitler en het politieke lot van België (1940-1944). I, Antwerpen, 1972.

- DELANDSHEERE, P. en OOMS, A. La Belgique sous les nazis. 4 dln., Brussel, s.d. [1945-1947].

- DE WEVER, B. Greep naar de macht.  Vlaams-nationalisme en Nieuwe Orde.  Het VNV 1933-1945. Tielt, 1994.

- DUMOULIN, M. Spaak. Brussel, 1999.

- GERARD, E. en VAN DEN WIJNGAERT, M. In het teken van de regenboog.  Geschiedenis van de katholieke partij en van de Christelijke Volkspartij. Antwerpen-Amsterdam, 1976.

- GERARD, E. De katholieke partij in crisis.  Partijpolitiek  leven in België (1918-1940). Leuven, 1984.

- HAAG, H. Le comte Charles de Broqueville, Ministre d’Etat, et les luttes pour le pouvoir (1910-1940). Louvain-la-Neuve, 1990.

- HASQUIN, H. Dictionnaire d’Histoire de Belgique. Brussel, 1988,

- HÖJER, C. Le régime parlementaire belge de 1918 à 1940. Brussel, 1969. [eerste uitgave in 1946]

- KONINCKX, C. Léopold III, roi et diplomate: la politique extérieur belge et les initiatives de paix pendant l’entre-deux-guerres 1934-1940. Antwerpen, 1997.

- LEGRAIN, P. Le dictionnaire de Belges. Brussel, 1981.

- LUYKX, T. en PLATEL, M.  Politieke geschiedenis van België van 1789 tot 1985. 2dln. Antwerpen, 1985.

- MOLITOR, A. La fonction royale en Belgique. Brussel, 1994.

- POLSPOEL, G. en VAN DEN DRIESSCHE, P. Koning en onderkoning. Leuven, 2001.

- PROVOOST, G. Vlaanderen en het militair-politiek beleid in België tussen de twee wereldoorlogen. Leuven, 1977.

- RASKIN, E. Elisabeth van België. Een ongewone Koningin. Antwerpen, 2005.

- ROBERT, H. L’Orléanisme. Parijs, 1992.

- STENGERS, J. De Koningen der Belgen. Van Leopold I tot Albert II. Leuven, 1997.

- STOLS, E. en VERMEULEN, J. Frankrijk. Zeven historische benaderingen. Leuven, 1998.

- TIMBAL, P.C. en CASTALDO, A. Histoire des institutions publiques et des faits sociaux. Parijs, 2000.

- TULARD, J. Les révolutions. Parijs, 1985.

- VAN DEN EECKHAUT, P. en VANTEMSCHE, G. Bronnen voor de studie van het hedendaagse België, 19de – 20ste eeuw. Brussel, 2001.

- VAN DEN WIJNGAERT, M., BEULLENS, L., BRANTS, D. België en zijn koningen.  Monarchie en macht. Antwerpen, 2000.

- VAN DEN WIJNGAERT, M., DUMOULIN, M. en DUJARDIN, V. Een koningsdrama.  De biografie van Leopold III. Antwerpen, 2001.

- VAN GOETHEM, G. en VERMOTE, M. 1885-1985.  Honderd jaar socialisme.  Een terugblik. Gent, 1985.

- VANWELKENHUYZEN, J. 1936. Léopold III, Degrelle, van Zeeland et les

autres …. Brussel, 2004.

- VAN YPERSELE, L. Le Roi Albert. Histoire d’un mythe. Ottignies, 1995.

- VELAERS, J. en VAN GOETHEM, H. Leopold III, de koning, het land, de oorlog. Tielt, 1994.

- WITTE, E., CRAEYBECKX, J. en MEYNEN, A. Politieke geschiedenis van België van 1830 tot heden. Antwerpen, 1997.

 

· Artikelen

- ANSIAUX, H. “Janssen, Georges” Nouvelle Biographie Nationale, I, Brussel, 1988, p. 192.

- BALTHAZAR, H. “Het maatschappelijk-politieke leven in België 1918-1940”. [Nieuwe] Algemene Geschiedenis der Nederlanden, XIV (1979) p. 148-199.

- BECKER, J.-J. “Pétain Philippe (maréchal)” Dictionnaire historique de la vie politique française au XXe siècle (dir. J.-F. SIRINELLI), Parijs, 1995, p. 782.

- BEKAERT, H. “Servais (Jean)” Biographie Nationale, XXXIII, Brussel, 1965-1966,

p. 646-650.

- BERNARD, C. “Max (Adolphe)” Biographie Nationale, XXX, Brussel, 1958-1959,

p. 551-569.

- BOURQUIN, M.T. “Vauthier, Marcel”  Nouvelle Biographie Nationale, I, Brussel, 1988, p. 360.

- BRELAZ M. en RENS, I. “Man (Henri de)” Biographie Nationale, XXXVIII, Brussel, 1973-1974, p. 535-554.  

- CARTON DE WIART, H. “Discours prononcé aux funérailles de M. Louis Wodon, le 30 décembre 1946”. Bulletin de l’ Académie Royale, XXXIII (1947) p. 8-10.

- COLIGNON, A. “Degrelle, Léon” Nouvelle Biographie Nationale, VI, Brussel, 2001, p. 111.

- CROMBOIS, J.-F. “Gutt, Camille”. Nouvelle Biographie Nationale, VI, Brussel, 2001, p. 228.

- DABIN, J. “Velge (Henri)” Biographie Nationale, XXXI, Brussel, 1961-1962,

p. 701-704.

- DEKKERS, R. “Marcq (René)” Biographie Nationale, XXXIII, Brussel, 1965-1966,

p. 473-480.

- DE LICHTERVELDE, L. “Notice sur Louis Wodon, membre de l’académie”. Annuaire de l’Académie Royale, CXXI (1955) p. 65-88.

- DE LICHTERVELDE, L. “Broqueville (Charles, comte de)” Biographie Nationale, XXIX, Brussel, 1956-1957, p. 369-377.

- DE LICHTERVELDE, L. “Jaspar (Henri)” Biographie Nationale, XXXIII, Brussel, 1961-1962, p. 480-491.

- DELSINNE, L. “Anseele (Edward)” Biographie Nationale, XXX, Brussel, 1958-1959, p. 57-64.

- DEPOORTERE, R. “Theunis, Georges” Nouvelle Biographie Nationale, V, Brussel, 1999, p. 327.

- DESMED-THIELEMANS, M.-R. “Albert I”. in: België en zijn Koningen. Brussel, 1990, p. 74-97.

- DE VOS, L. en DECAT, G. “Van Overstraeten, Raoul” Nouvelle Biographie Nationale, VI, Brussel, 2001, p. 368. 

- DE WEVER, B. “Clercq, Staf de” Nieuwe Encyclopedie van de Vlaamse Beweging, I, Tielt, 1998, p. 744-749.

- DE WEVER, B. “Vlaamsche front” Nieuwe Encyclopedie van de Vlaamse Beweging, III, Tielt, 1998, p. 3405.

- DUCHENE-MARULLAZ, H. “Foch (Ferdinand)” Dictionnaire de biographie française, XIV, Parijs, 1956, p. 153.

- DUMONT, G.-H. “Pirenne, Jacques” Nouvelle Biographie Nationale, IV, Brussel, 1997, p. 307.

- DUMOULIN, M. en DUJARDIN, V. “Van Zeeland, Paul” Nouvelle Biographie Nationale, VI, Brussel, 2001, p. 380.

- DUJARDIN, V. “De afloop van de koningskwestie”  in: M. VAN DEN WIJNGAERT, M. DUMOULIN en V. DUJARDIN, red. Een Koningsdrama.  De biografie van Leopold III, Antwerpen, 2001, p. 168-185.

- FENAUX, R. “Hymans (Paul)” Biographie Nationale, XXIX, Brussel, 1956-1957,

p. 712-718.

- FRANCESCHINI, E. “Briand (Aristide)” Dictionnaire de biographie française, VII, Parijs, 1956, p. 270.

- GERARD, E. “De spanning tussen koning en regering over de binnenlandse politiek”. in: M. VAN DEN WIJNGAERT, M. DUMOULIN en V. DUJARDIN, red. Een Koningsdrama.  De biografie van Leopold III, Antwerpen, 2001, p. 45-64.

- GOTOVITCH, J. “Histoire du Parti Communiste de Belgique”. Bulletin hebdomadaire du CRISP, 1582 (1997) p. 1-36.

- HAAG, H. “de Lichtervelde, Louis” Nouvelle Biographie Nationale, III, Brussel, 1994, p. 126. 

- HALPERN, P.G. “Keyes, Roger John Brownlow” Oxford Dictionary of National Biography, 31, Oxford, 2004, p. 473.

- HENRION, Ch.-E. “Prins (Adolphe)” Biographie Nationale, XLII, Brussel, 1981-1982, p. 627-630.

- HUNIN, J. “Huysmans, Camille” Nieuwe Encyclopedie van de Vlaamse Beweging, II, Tielt, 1998, p. 1497.

 

- JANSSENS, G. “België in januari 1940: door Duitsland bedreigd, door Groot-Brittannië en Frankrijk onder druk gezet”. Bijdragen en Mededelingen betreffende de Geschiedenis der Nederlanden, 113 (1998) p. 457-483.

- JANSSENS, G. “Van ongebondenheid naar neutraliteit.  De koning en de buitenlandse politiek.”. in: M. VAN DEN WIJNGAERT, M. DUMOULIN en V. DUJARDIN, red. Een Koningsdrama.  De biografie van Leopold III, Antwerpen, 2001, p. 64-82.

- KESTELOOT, CH. “Destrée, Jules” Nieuwe Encyclopedie van de Vlaamse Beweging, I, Tielt, 1998, p. 921.

- KRINGS, E. “Hayoit de Termicourt, Raoul” Nouvelle Biographie Nationale, IV, Brussel, 1997, p. 209. 

- LEMMENS, P. “Verbond der Vlaamse Oud-strijders (VOS)” Nieuwe Encyclopedie van de Vlaamse Beweging, III, Tielt, 1998, p. 3187.

- MACQ, P. “Camu, Louis” Nouvelle Biographie Nationale, III, Brussel, 1994, p. 68.

- MAHAIM, E. “Waxweiler (Emile)” Biographie Nationale, XXVII, Brussel, 1938,

p. 136-143.

- MATTHEW, H.C.G. “Gladstone, William Ewart” Oxford Dictionary of National Biography, 22, Oxford, 2004, p. 382.

- MOMMAERTS, H.D. en VAN HEES, P. “Raad van Vlaanderen” Nieuwe Encyclopedie van de Vlaamse Beweging, III, Tielt, 1998, p. 2523. 

- PLAVSIC, W.-S. “Roey (Jozef-Ernest Van)” Biographie Nationale, XXXIX, Brussel, 1976, p. 756-768.

- POLASKY, J. “Vandervelde, Emile” Nouvelle Biographie Nationale, I, Brussel, 1988, p. 344.

- RAMM, A. “Victoria” Oxford Dictionary of National Biography, 56, Oxford, 2004, p. 427.

- RANIERI, L. “Lippens, Maurice” Nouvelle Biographie Nationale, IV, Brussel, 1997, p. 256. 

- ROBBINS, K. “Grey, Edward” Oxford Dictionary of National Biography, 23, Oxford, 2004, p. 825. 

- SANDBURG, C. “Wilson, Woodrow” Dictionary of American Biography, X, New York, 1964, p. 352.

- SCHMITZ, Y. “Carton de Wiart (Henry, comte)”. Biographie Nationale, XLIV, Brussel, 1985-1986, p. 164-179.

- SCHÖFFER, I. “Wilhelmina” Biografisch woordenboek van Nederland, II, Amsterdam, 1985, p. 620-624.

- SIMON, A. “Mercier (Désiré)” Biographie Nationale, XXX, Brussel, 1958-1959,

p. 575-596.

- THORPE, D.R. “Eden, Antony” Oxford Dictionary of National Biography, 17, Oxford, 2004, p. 664.

- UGEUX, W. “Pierlot (Hubert, comte)” Biographie Nationale, XL, Brussel, 1977-1978, p. 704-715.

- VANDEWEYER, L. “De emancipatie van de ministerraad onder druk van de Tweede Wereldoorlog”. Res Publica, 38 (1996) p. 158-180.

- VANDEWEYER, L. “Borms, August” Nieuwe Encyclopedie van de Vlaamse Beweging, I, Tielt, 1998, p. 559.

- VANDEWEYER, L. “Nolf, Pierre” Nieuwe Encyclopedie van de Vlaamse Beweging, II, Tielt, 1998, p. 2211.

- VANDEWOUDE, E. “Ingenbleek (Jules)” Biographie Nationale, XLII, Brussel, 1981-1982, p. 355-366.

- VAN GINDERACHTER M. “Hoste, Julius (jr.)” Nieuwe Encyclopedie van de Vlaamse Beweging, II, Tielt, 1998, p. 1469. 

- VAN GOETHEM, H. en VELAERS, J. “Leopold III in het bezette land”. in: M. VAN DEN WIJNGAERT, M. DUMOULIN en V. DUJARDIN, red. Een Koningsdrama.  De biografie van Leopold III, Antwerpen, 2001, p. 107-128.

- VANLANGENHOVE, F. “Beyens (Eugène, baron)” Biographie Nationale, XXXIV, Brussel, 1967-1968, p. 71-79.

- VANLANGENHOVE, F. “Kerckhove de Denterghem (André, comte de)” Biographie Nationale, XXXIX, Brussel, 1976, p. 511-521.

- VANLANGENHOVE, F. “Goblet d’Alviella (Eugène, comte)” Biographie Nationale, XLI, Brussel, 1979-1980, p. 359-362.

- VON SRBIK, H.R. “Metternich, Clemens von” Österreichische Biographie ab 1815, XI, Wenen, 1976, p. 7.

- WANTY, E. “Denis (Henri)” Biographie Nationale, XXXIX, Brussel, 1976, p. 258-261. 

- WANTY, E. “Galet (Emile)” Biographie Nationale, XL, Brussel, 1977-1978,

p. 323-327.

- WILLEQUET, J. “Spaak (Paul-Henri)” Biographie Nationale, XXXIX, Brussel, 1976, p. 800-806.

- WILS, L. “Cauwelaert, Frans van” Nieuwe Encyclopedie van de Vlaamse Beweging, I, Tielt, 1998, p. 696-703.

- WIRTZ-CORDIER A.M. “Solvay, Ernest” Nouvelle Biographie Nationale, III, Brussel, 1994, p. 304.

- WITTE, E. en VAN VELTHOVEN, H. “Taalpolitiek en -wetgeving” Nieuwe encyclopedie van de Vlaamse Beweging, III, Tielt, 1998, p. 2995-3023.

 

Universiteit of Hogeschool
Moderne Geschiedenis
Publicatiejaar
2005
Share this on: