Scriptiebank is een vrij toegankelijke online databank. Deze bevat alle artikels en full text scripties van deelnemende bachelors en masters aan de Vlaamse Scriptieprijs.

CTG misinterpretatie: Sneller gebeurd dan je denkt!

Lore Schurgers Jelina Baute Caro Merckx
Literatuuronderzoek dat nagaat hoe CTG misinterpretatie ontstaat, wat de gevolgen zijn (zowel voor het verloop van de arbeid en bevalling, als voor de neonaat) en aanbevelingen om de misinterpretatie tegen te gaan.

WERK ZOEKEN EN EEN CARRIÈRE STARTEN IN HET COVID-19 TIJDPERK

Pieterjan Dhondt Louise Gyselinck
Kwalitatief onderzoek naar de impact van COVID-19 op het werkzoekproces en de school naar werktransitie van masterstudenten die afstuderen en werk zochten tijdens de coronacrisis.

Horen, zien en praten. "Een gezinswetenschappelijke visie op hoe we het welbevinden kunnen bewaken/verhogen van zowel de nieuwe bewoner als zijn familie bij een verhuis naar een wzc"

Nyiraneza Callaerts
Deze scriptie behandelt de vraag: 'Wat dient te worden aangepast aan de benadering van een wzc naar een nieuwe bewoner toe en hoe kunnen we ervoor zorgen dat de kwaliteit van leven van die persoon gewaarborgd blijft of verhoogd wordt? Vanuit drie theoretische invalshoeken (zorgethiek, psychologie en sociologie) wordt getracht de onderzoeksvraag te verhelderen. Goede communicatie is de rode draad doorheen de scriptie, drie veranderingsstrategieën wordt beschrijven hoe de communicatie verbeterd kan worden.

De drempels en noden van professionals in organisaties voor bijzondere jeugdzorg omtrent seksualiteit. Een vignettenonderzoek bij professionals werkzaam in Vlaamse begeleidingstehuizen voor 12- tot 18-jarige jongeren.

Aithne Van den Bossche
Praten over seksualiteit en het geven van relationele en seksuele vorming aan jongeren is een
belangrijk hedendaags thema. Om ervoor te zorgen dat alle jongeren, ook degenen die in een
organisatie voor bijzondere jeugdzorg (OVBJ) verblijven, dit krijgen, is het van belang om zo veel
mogelijk drempels weg te werken en tegemoet te komen aan de noden die professionals ervaren.

Patiëntenparticipatie tijdens multidisciplinaire teambesprekingen in residentiële settings van de geestelijke gezondheidszorg. De persoonlijke mening van hulpverleners.

Laurein Van Peer
Exploratief cross-sectioneel onderzoek naar de persoonlijke mening van hulpverleners over patiëntenparticipatie tijdens multidisciplinaire teambesprekingen in residentiële settings van de geestelijke gezondheidszorg.

Op zoek naar de elite: Hooggeschoolde immigranten aantrekken via het Belgische migratiebeleid.

Claire Nardon
Hooggeschoolde immigranten vormen een belangrijke troef voor een groeiende economie. In tegenstelling tot Canada en Australië, slaagt België er echter niet in om deze gegeerde groep aan te trekken. Via een comparatieve analyse tussen het Belgische, Canadese en Australische migratiebeleid gaat deze masterproef na hoe België hier verandering in kan brengen.

Ogen zijn ook mysterieus. Bedenkingen over hoe en waarom kinderen geëvalueerd worden in hun artistieke inspanningen.

Lucia Saura
Vanuit de vraag hoe met de rapporten in het DKO om te gaan, maakt de scriptie een reflectie over de implicaties van feedback en evaluatie. Het Raamleerplan DKO wordt gekoppelt aan maatschappijkritiek, kunst en filosofie. De ervaringen van de auteur als beginnend leraar worden gelinkt aan haar verleden in de commerciële ICT. Vanuit deze domeinen cirkelt ze rond de zin en onzin van evalueren.

HR-tech: een concreet antwoord op discriminatie op de arbeidsmarkt of een illusie?

Lieven Miguel
Sinds 2010 zoeken wetenschappers naar oplossingen om discriminatie op de arbeidsmarkt te bestrijden. Lieven Miguel wilde onderzoeken als technologie 4.0 een oplossing kan zijn voor het verminderen van discriminatie op de arbeidsmarkt. Om het specifieker te maken, heeft hij zich toegespitst op de blockchaintechnologie.

Hoe ervaren vluchtelingen hun individuele arbeidsmarktintegratietraject en welke rol kan een lokale organisatie als Rising You(th) hierbij spelen?

Robbert Leysen
Het doel van het onderzoek was om te achterhalen hoe vluchtelingen hun integratietraject zelf ervaren en welke rol een lokale organisatie kan spelen in de toeleiding naar duurzame tewerkstelling.

Partnergeweld bij volgmigranten: een kwalitatieve studie naar de rol van sociaal werk en sociaal beleid

Sara Eelen
De hulpverlening en het beleid kunnen partnergeweld bij volgmigranten verhelpen, maar anderzijds ook partnergeweld versterken of hulp bemoeilijken. Om deze complexe rol te onderzoeken bevroeg ik vijftien sociaal werkers uit Vlaanderen en Brussel die met migranten en/of partnergeweld in aanraking komen.

Jongvolwassenen binnen de Centra voor Geestelijke Gezondheidszorg: een vergeten groep?!

Lise Mous
De jongvolwassenheid is een kwetsbare en onzekere periode waarbij jongeren tegen verschillende veranderingen, drempels in de hulpverlening en obstakels oplopen. Tevens is het een periode met een verhoogd risico op het gebruik van middelen, het stellen van risicovolgedrag, psychische problemen en sociale uitsluiting. Langs de andere kant is het een periode van kansen waarbij jongeren, met de nodige ondersteuning, een geheel nieuwe wending aan hun leven kunnen geven. Het is kortom een groep die zeker aandacht verdient, maar op dit moment nog niet de aandacht krijgt waar ze recht op heeft.

Leiderschap en teamleren: Wat maakt dat leiders teamleren mogelijk maken en hoe stimuleren leiders teamleren?

Fryderyk Sevens
Wat maakt nu dat bepaalde leidinggevenden inzien dat ze afhankelijk zijn van hun teamleden en zichzelf bescheidener opstellen in plaats van de egocentrische leider te zijn? In de wetenschappelijke literatuur is al wat geweten over hoe leiders teamleren stimuleren, maar over de beweegredenen waarom ze teamleren mogelijk maken nog niet.

Zelfreflectie: volg je de ontwikkelingen of ontwikkel je jezelf?

Feline Brantegem
‘Als ik wil reflecteren draag ik wel een fluohesje’, de weerklank van studenten verpleegkunde en pedagogie over zelfreflectie. Ondersteund door facebookgroepen als weerstand tegen de terugblik op de eigen acties als leervorm. Zelfreflectie in de praktijk, een utopische gedachte?

HERVORMING PWA-STELSEL NAAR WIJK-WERK: ONDER DE LOEP

Jolien De Hertog
Een hervorming van het PWA-stelsel naar wijk-werk, een transitie met vele gevolgen voor zowel de doelgroep, de PWA-beambten en de gebruikers. Met deze scriptie haalde ik de stem van de PWA-beambten, een belangrijke groep mensen die niet gehoord werden gedurende deze langdurige transitie naar boven.

An issue of equality: analysis of the evolution and patterns of the Belgian gender wage gap from 2014 to 2015 with the Oaxaca-Blinder decomposition method

Sarah Bouzzaouit
De Belgisch genderloonkloof wordt bestudeerd aan de hand van de Oaxaca-Blinder decompositie methode in twee delen: een deel die uitgelegd kan worden op basis van objectieve criteria zoals werkervaring en opleiding, en een deel die voorzichtig kan toegewezen worden aan discriminatie.

Mutirão | Collective Autoconstruction in São Paulo

Loranne Colla Clementien Peeters Caroline Preud'homme
Mutirão is een omstreden Braziliaanse term die verschillende vormen van coöperatieve hulp en collectieve initiatieven beschrijft. Hoewel het oorspronkelijk voornamelijk verwees naar collectieve landbouwpraktijken beslaat de term intussen een brede waaier aan gemeenschapspraktijken, met coöperatieve bouwprojecten als de meest opmerkelijke. Precies deze vorm van mutirão vormt het onderwerp van dit onderzoeks- en ontwerpproject. Het tracht enerzijds de omstreden geschiedenis van collectieve autoconstructie in São Paulo nader te belichten, en anderzijds een toekomstperspectief te verbeelden vanuit een extensieve veldwerkervaring en nauwe samenwerking in lopende mutirão projecten.

Artikel 60 binnen OCMW Aalst, een goedlopende trein of een bij te sleutelen parcours?!

Karolien Devos
In dit onderzoek werd artikel 60 op mesoniveau, binnen het OCMW van Aalst, onderzocht. Dit met als doel een zo duidelijk mogelijk beeld te krijgen over hoe deze tewerkstelling loopt en waar er eventueel marge is voor verbetering.

Mijn onderzoeksopzet bestond enerzijds uit een interview met de beleidsmensen, met de ambtenaren die verantwoordelijk zijn voor deze sociale tewerkstelling. Anderzijds uit een focusgesprek met ervaringsdeskundigen, met mensen die of een sociale tewerkstelling positief hebben beëindigd of nog steeds aan het werk zijn als artikel 60.

Aan de hand van mijn ervaring en mijn onderzoeksopzet heb ik mijn veranderingsdoelen opgemaakt. Gezien de ervaringsdeskundigen artikel 60 als een positieve ervaring beschouwden denk ik dat men eerst en vooral moet proberen meer tewerkstelling plaatsen te creëren. Meer plaatsen geeft ook meer kansen dus meer kwetsbare mensen die men zo kan helpen naar werkervaring of zelfs naar een doorstroom naar de reguliere arbeidsmarkt. Hiervoor zal de begeleiding anders moeten worden aangepakt en zal ook de bijhorende subsidiëring moeten herbekeken worden. Zowel op mesoniveau binnen het OCMW te Aalst als op macroniveau en dus op Vlaams, gezien dit recent is overgeheveld van Federaal naar Vlaams.

Een tweede veranderingsdoel, wat ik zou willen gerealiseerd zien, is het verbeteren van de sfeer op de werkvloer ten opzichte van de mensen in artikel 60. Het welbevinden op het werk draagt volgens mij ook bij naar enerzijds je goed voelen in je vel maar anderzijds ook het goed presteren op het werk zelf. Voor mensen in sociale tewerkstelling denk ik dat de motivatie om op zoek te gaan naar een job na artikel 60 groter zal zijn als men een positieve ervaring heeft mogen ervaren.

Ook na begeleiding moet volgens mij beter. In het focusgesprek gaf elke deelnemer aan dat men in het spreekwoordelijke zwarte gat valt na artikel 60. Ook hier zouden we door in te zetten op betere, intensievere begeleiding, de doorstroom naar de reguliere markt kunnen bevorderen.

Ik ben dit eerst en vooral juridisch gaan bekijken, wetgeving versus toepassingen die men hanteert in het OCMW te Aalst. Daaruit bleek onder andere dat een flexibel werktraject, bijvoorbeeld deeltijds werken, wettelijk wel kan. Iets wat mogelijk zou moeten zijn voor iedereen in deze hectische maatschappij, zeker voor kwetsbare mensen die geen (groot) sociaal opvangnet hebben. Ook het loon voor de artikels 60 bepaalt men zelf als OCMW. Naar privé werkgevers toe factureert men 740 euro, openbare instanties die mensen tewerk stelt in artikel 60 betalen niets. Ook het feit dat men enkel leefloon gerechtigden in artikel 60 toelaat, is specifiek voor Aalst en zou dus ook anders kunnen. Er is dus een duidelijk verschil tussen wat er wetmatig mag en wat er in Aalst wordt toegepast. De reden hiervoor ligt meestal bij de subsidiëring die men hiervoor krijgt.

In een tweede invalshoek heb ik de psychosociale bril opgezet. Daar bleek, door de analyse van verschillende theorieën met betrekking tot het welbevinden en het hebben van een job, dat er wel effectief gevolgen kunnen zijn door het al dan niet hebben van een job. Zeker naar kwetsbare mensen toe moeten we hiermee rekening houden, zij hebben misschien bepaalde werkattitudes niet meegekregen van thuis. Doordat ze niet aan het werk zijn, worden ze uitgesloten uit de maatschappij. Men verliest zijn status en heeft niet het gevoel ergens bij te horen, ergens deel vanuit te maken. Aan het werk zijn zal hen dus empoweren, zal hun psychosociaal welzijn erop verbeteren.

Een laatste invalshoek is de hulpverlening. Doordat onze maatschappij volop in transitie is, dient de hulpverlening herbekeken te worden. Sleutelwoord bij hulpverlening is empoweren. Niet enkel doen wat wetmatig moet maar mensen helpen hun doelen te laten stellen en deze te verwezenlijken. De houding van de hulpverlener moet op voet van gelijkwaardigheid zijn en met een onvoorwaardelijke positieve houding ten opzichte van de cliënt met als doel zijn eigenwaarde te versterken.

Ik breng aan de hand van mijn onderzoeksopzet en theoretische staving vijf veranderingsstrategieën naar voor. Eerst en vooral moet artikel 60 voor iedereen kunnen en niet enkel voor mensen met een leefloon. Zo sluiten we mensen uit die ook zouden geholpen zijn door op deze manier aan het werk te kunnen. Ik denk bijvoorbeeld van een vrouw op leeftijd die van haar man is gescheiden en jaren voor de kinderen heeft gezorgd. Iemand van een iets oudere leeftijd, met een ‘black hole’ in haar CV van enkele jaren, zal niet makkelijk werk vinden.

Een tweede veranderingsstrategie is de mogelijkheid naar een flexibeler traject. Zeker nu we langer zullen moeten werken, is dit geen overbodige luxe. Zoals we ook in Finland zien, werkt zo’n systeem. Meer en meer mensen nemen ook hier ouderschapsverlof, tijdskrediet of loopbaanonderbreking om voor hun gezin of voor zichzelf te kunnen zorgen. Ook en zelfs vooral kwetsbare mensen die weinig of geen ervaring hebben en vaak niet beschikken over een sociaal opvangnet, zouden dit dus zeker moeten kunnen doen. Meer mensen zullen slagen in hun te presteren dagen in de opgegeven referteperiode en mensen gaan ook meer gemotiveerd zijn aan het werk te blijven in deze drukke geluksmaatschpapij.

Een derde strategie is de begeleiding van de mensen op de werkvloer die met mensen in artikel 60 moeten werken. Het stigmatiseren van deze groep tegen gaan door preventief de mensen op de werkvloer zelf grondig te informeren en hen te duiden wat de intentie is. Zo kunnen we taboes en vooroordelen wegwerken en eventuele pesterijen voorkomen. Een ‘workbuddy’, een gezinswetenschapper die niet alleen de mensen in sociale tewerkstelling maar ook de collega’s hierin begeleidt.

Een vierde strategie is het herbekijken van de kosten die men factureert aan privé firma’s. Zij krijgen een factuur van 740 euro per maand voor een werknemer, openbare instanties en vzw’s niet. Men hanteert dit omdat dit de kost is die het OCMW zelf zou moeten bijleggen, die men dus niet krijgt via subsidieringen. Op macroniveau zouden we dus moeten inzetten in het herbekijken van deze subsidieringen om deze gelijk te stellen. Maar ook OCMW Aalst zou zelf de beslissing kunnen nemen dit niet als grondvoorwaarde te hanteren. Zo creëren we meer tewerkstellingsplaatsen en vergroten we ook de doorstroom.

Een laatste voorstel naar verandering is de betere (na)begeleiding. Mensen in de laatste weken goed toeleiden naar het einde van hun tewerkstelling en al klaarstomen naar solliciteren op de reguliere arbeidsmarkt. Ook een betere samenwerking met onder andere VDAB is opportuun zijn. Ook hier is een rol weggelegd die perfect zou zijn voor een gezinswetenschapper.

Referentielijst:

Adriaens, C. L. (2013). Praktisch handboek voor OCMW-recht. 612 Loopbaan met zorg. (2015). Betekenis van werk. Betekenis van werk.

Tine Van Regenmortel, K. H. (2013. Het concept ‘empowerende academische werkplaats’. Een innovatieve vorm van samenwerken aan werkzame kennis. Tijdschrift voor Welzijnswerk, 36-48 Van Regenmortel, S. (2015, april). Sociaal werk moet anders in de nieuwe samenleving. Entry-media

Vlieger, S. D. (2008, Juni). Schuld en schaamte: een vergelijkende studie tussen werkenden en werklozen. Gent: Universiteit Gent.

Vries, S. D. (2010). Basismethodiek psychosociale hulpverlening. In S. D. Vries, Basismethodiek psychosociale hulpverlening (p. 425). Hoten, Nederland: Bohn Stafleu van Loghum.

Attitudes van verpleegkundigen bij palliatieve sedatie en euthanasie

Valérie D'Haese
Mijn BP gaat over de attitudes van verpleegkundigen t.o.v. palliatieve sedatie en euthanasie. Allereerst leg ik het verschil uit tussen palliatieve sedatie en euthanasie en nadien licht ik verschillende attitudes van verpleegkundigen toe, bv. de attitude omtrent de diepte van de sedatie etc.

Hoogopgeleide migranten in het volwassenenonderwijs in Vlaanderen en hun inburgeringsproces

Emel Kilic Emel Kilic
Dit onderzoek handelt over migratie- en inburgeringsprocessen bij hoogopgeleide migranten. Er wordt daarbij gekeken naar het taalverwervingsproces van het Nederlands bij hoogopgeleiden met een migratieachtergrond die ten minste een bachelordiploma hebben behaald, hun positie en hun slaagkansen in het volwassenenonderwijs en naar het verloop van hun inburgeringsproces.

Zakendoen met Zuid-Korea: Onderzoek naar interculturele werkervaringen van Vlaamse ondernemers in Zuid-Korea

Oona Van Belle
ACHTER DE SCHERMEN VAN HET HANDELDRIJVEN MET ZUID-KOREANEN“Zakendoen met Zuid-Korea, Azië voor gevorderden”Samsung, Kia en LG zijn slechts enkele Zuid-Koreaanse exportproducten die we bijna dagelijks tegenkomen. Sinds de ondertekening van het vrijhandelsakkoord in 2011 nam de bilaterale handel met Europa sterk toe en er wordt verwacht dat dit zal blijven stijgen. Zuid-Korea is een interessante handelspartner aangezien deze grootmacht beschikt over hoogtechnologische bedrijven, een grote koopkracht en een voorkeur voor luxegoederen met een `Made in Europe` label. Uit een onderzoek van O.

Studentenarbeid: ook lonend na de studies?

Olivier Rotsaert
STUDENTENARBEID: OOK LONEND NA DE STUDIES?Afgelopen zomer spendeerden heel wat jongeren ongetwijfeld een deel van hun vrije tijd aan een studentenjob. Naast een nuttig tijdverdrijf en een belangrijke inkomstenpost, kan studentenarbeid mogelijk ook een impact hebben op latere carrièremogelijkheden. Laatstgenoemde langetermijngevolgen van studentenarbeid vormen de focus van deze Masterproef.Op de vraag of pas afgestudeerden bij een sollicitatie een hogere kans op succes hebben indien ze in het verleden studentenarbeid verrichtten, zouden velen geneigd zijn om meteen ‘ja’ te antwoorden.

Overkwalificatie: hoogopgeleid, hoge verwachtingen?

Mattias Van Hulle
Overkwalificatie: hoogopgeleid, hoge verwachtingen?Ongeveer 21% van de Belgische beroepsactieve bevolking is vandaag overgekwalificeerd voor de job die hij of zij uitoefent (bron: Eurostat). Het is niet enkel een actueel en terugkerend thema in de media, maar voor meer dan 1/5 van de jonge hoogopgeleide werknemers is het ook een dagdagelijkse realiteit. Het hoeft weinig betoog dat voor velen van hen deze situatie leidt tot ontevredenheid en toenemende vatbaarheid voor een depressie.

Hiv en Disclosure

Sofie Adriaensens
Hiv en Disclosure: welke rol vervult de hulpverlener?“Dat is een thema dat heel fel leeft en waar veel mensen vragen rond hebben (…) En veel staat of valt eigenlijk met disclosure. Dat komt altijd wel ergens terug: naar werkgever, partner, … . Dus ik hoop daar nog veel in te kunnen leren.” – Respondent 9Omdat het aantal nieuwe hiv-diagnoses aanhoudt en mensen met de ziekte steeds langer leven, worden meer en meer seropositieven geconfronteerd met de moeilijke beslissing hun hiv-status al dan niet bekend te maken aan hun omgeving.

Hiv en Disclosure

Sofie Adriaensens
Hiv en Disclosure: welke rol vervult de hulpverlener?“Dat is een thema dat heel fel leeft en waar veel mensen vragen rond hebben (…) En veel staat of valt eigenlijk met disclosure. Dat komt altijd wel ergens terug: naar werkgever, naar partner, … . Dus ik hoop daar nog veel in te kunnen leren.” – Respondent 9Omdat het aantal nieuwe hiv-diagnoses aanhoudt en mensen met de ziekte steeds langer leven, worden meer en meer seropositieven geconfronteerd met de moeilijke beslissing hun hiv-status al dan niet bekend te maken aan hun omgeving.

De impact van een management traineeship op de ervaren steun, de relatie werknemer-manager, commitment en vertrekintenties

Ineke Vanobbergen
Een goed presterende werknemer is een waardevolle troef voor elk bedrijf. Toewijding en loyaliteit van het personeel zijn belangrijk. Werknemers die zich emotioneel verbonden voelen met hun organisatie zijn minder afwezig, presteren beter en hebben minder de neiging om van job te veranderen (Meyer & Allen, 1997). Er gebeurt dan ook heel wat onderzoek over toewijding van werknemers (commitment) en hun intentie om van job te veranderen (turnover intentions). Verschillende factoren hebben een invloed op commitment en vertrekintenties.