Scriptiebank is een vrij toegankelijke online databank. Deze bevat alle artikels en full text scripties van deelnemende bachelors en masters aan de Vlaamse Scriptieprijs.

Slachtoffers van onwetendheid: de kennisverspreiding van het DES-hormoon in België sinds 1971

Antje Van Kerckhove
In 1947 veroverde het DES-hormoon de wereld. Het middel had als doel om miskramen te voorkomen en werd wereldwijd voorgeschreven aan miljoenen zwangere vrouwen. In 1971 werd echter aangetoond dat DES schadelijk was voor de baby’s – zogenaamde DES-kinderen – die als foetus werden blootgesteld aan het hormoon. Vooral DES-dochters liepen ernstige medische risico’s. Bovendien bleek jaren later dat ook DES-kleinkinderen vatbaar zijn voor de gevolgen van DES. Dat het middel in België nog zeker tot 1977 – zes jaar nadat de schadelijkheid formeel werd bewezen – is toegediend aan zwangere vrouwen, doet onderzoeksjournaliste Greet Pluymers en enkele DES-dochters vermoeden dat er sprake is van een dofpotoperatie. Een mogelijke doofpotaffaire zou inderdaad verklaren waarom DES op de markt bleef tussen 1971 en 1977, maar het vormt geen antwoord op de vraag waarom er vandaag in België – in tegenstelling tot bijvoorbeeld de Verenigde Staten en Nederland – nog steeds weinig kennis bestaat of circuleert over de schadelijke gevolgen van het hormoon. Dit onderzoek gaat daarom na hoe de late en gebrekkige kennisverspreiding van DES binnen de Belgische context verklaard kan worden. Daarbij neemt deze studie afstand van een mogelijke doofpotaffaire door op zoek te gaan naar een lange termijn verklaring voor de relatieve onwetendheid over DES in België. Om een licht te werpen op het gebrek aan kenniscirculatie vanaf 1971 steunt dit onderzoek op inzichten uit de agnotologie, een theorie die ervan uitgaat dat onwetendheid het gevolg is van culturele constructies.
Zo bood deze studie – aan de hand van interviews met DES-dochters en gynaecologen – inzicht in de langdurige mechanismen en processen die aan de basis liggen van de gebrekkige kennisverspreiding van het DES-hormoon in België. De rol van ouders en artsen – die golden als de belangrijkste informatieverstrekkers in het kennisproces van DES-dochters – bleek daarbij cruciaal. Indien zij niet optraden als kennisverspreiders, bleven DES-dochters vaak jarenlang in het ongewisse over hun DES-identiteit. Verder wees de analyse uit dat DES-dochters in grote mate afhankelijk waren van toeval voor een juiste diagnostisering. Daarnaast bleek dat de schuldgevoelens van sommige DES-moeders – zeker in huishoudens waar een sterk taboe rustte op infertiliteit – het stilzwijgen van DES in de hand werkte. Op die manier toonde ik aan dat het stigma rond onvruchtbaarheid bijdroeg aan de onwetendheid over DES en niet alle ouders zomaar fungeerden als doorgeefluiken van kennis. Tot slot toonde dit onderzoek aan dat ook gynaecologen hun rol als informatieverstrekkers niet systematisch opnamen. Zo bleek dat artsen – ondanks het feit dat ze sinds het begin van de jaren 1970 geïnformeerd waren over de schadelijkheid van DES – het probleem leken te onderschatten. Deze onderschatting was het gevolg van de overtuiging dat het DES-probleem vanaf het einde van de jaren 1980 verleden tijd was. Maar deze opvatting alleen kon het kennistekort niet verklaren. Andere redenen waren de onzichtbaarheid van het DES-probleem in combinatie met de moeilijkheid om congenitale afwijkingen te linken met het hormoon, de exclusieve focus op fertiliteitsproblemen, het gebrek aan ondervraging
94
en de mogelijk nauwe relaties tussen UCB en de medische wereld. Op die manier ontstond er een algemeen gebrek aan belangstelling voor het DES-probleem in medische kringen in België waar DES-dochters tot op heden het slachtoffer van zijn.

Donorconceptie, een alternatieve vorm van gezinsvorming: De nood aan psychosociale begeleiding van (wens)ouders

Els Willaert
De beslissing over te gaan tot donorconceptie brengt heel wat vragen en uitdagingen met zich mee. Ook tijdens het opgroeien van het kind kunnen zich (nieuwe) vragen voordoen. Waar kunnen (wens)ouders en hun donorgezinnen terecht met al deze vragen? Fertiliteitscentra richten zich voornamelijk tot de (psychologische) begeleiding voor en tijdens de behandeling. Er lijkt dan ook nood te zijn aan en laagdrempelig expertisecentrum. Hier kan elke (wens)ouder en zijn donorgezin terecht tijdens elke fase van de gezinsuitbreiding en nog lang nadien. Binnen de begeleiding staat het (toekomstige) kind en zijn belangen centraal.

Zwangerschap na gastric bypass: Aandachtspunten en meest voorkomende complicaties

Zoë Frans
Een zwangerschap na gastric bypass gaat gepaard met aandachtspunten en mogelijke complicaties. Er wordt verwacht dat vroedvrouwen meer en meer in contact gaan komen met zwangeren met een gastric bypass in de voorgeschiedenis. Wat is de taak van de vroedvrouw binnen een multidisciplinaire opvolging?

Afzender Onbekend

Fien Van Liedekerke Emma Van Vooren Lien Stalpaert
Volgens de Belgische wet gebeurt spermadonatie anoniem. Dat wil zeggen dat donorkinderen niet zomaar kunnen achterhalen wie hun biologische vader is. Maar is dat nog wel verantwoord? Moet een spermadonor anoniem zijn? In deze bachelorproef gaan we op zoek naar antwoorden.

Denk nu ook aan later. Fertiliteitspreservatie in de kinderoncologie.

Katrien Markey
De verschillende fertiliteitspreservatiemogelijkheden voor kinderen met kanker en barrières in de zorg worden besproken en onderzocht, zodoende wordt duidelijk waarom dit onderwerp nog te weinig aan bod komt.

Characteristics of single women signing up for fertility treatment with donor sperm - A cross-sectional study in a Flemish university hospital

Helena Demey Stephanie Dekempe
Wereldwijd heerst controverse rond alleenstaande vrouwen met een kinderwens. Vrouwen zonder partner zouden psychologisch niet in staat zijn om hun kind de juiste opvoeding te geven. Dit onderzoek toont echter aan dat alleenstaande vrouwen met een kinderwens gemiddeld minder psychologische problemen vertonen dan de doorsnee populatie.

Fertiliteit- en zwangerschapsuitkomsten na hysteroscopische placentarestverwijdering

Nele Coryn
Aan de hand van een retrospectieve analyse wordt de follow up studie gedaan betreffende reproductieve en zwangerschapsuitkomsten na hysteroscopische
placentarestverwijdering (loop resectie versus morcellatie).

De Novo genmutaties bij subfertiliteit.

Brenda Vanlaer
in deze masterproef wordt onderzocht welke genmutaties het vaakst voorkomen bij koppels met subfertiliteit en bij mannen met azoöspermie of oligoasthenoteratozoöspermie. Dit gebeurde aan de hand van een literatuur studie en aan de hand van een retrograde studie van 877 dossiers van koppels die consulteerde in het Leuvens universitair Fertiliteitscentum..

The impact of fertility preservation on the time interval between cancer diagnosis and initiation of chemotherapy in women diagnosed with breast cancer or Hodgkin's lymphoma

Cynthia D'Hondt
In het kader van deze masterproef werd de impact van het uitvoeren van een fertiliteitspreservatie bij vrouwen met borstkanker of een Hodgkin lymfoom op het tijdsinterval tussen de kankerdiagnose en de start van de chemotherapie onderzocht. Hieruit bleek dat met de gebruikte patiënt-gerichte aanpak het uitvoeren van een vruchtbaarheidsbehandeling geen uitstel van de chemotherapie met zich meebrengt. Hiermee wordt weerwoord geboden aan de angst die hieromtrent leeft bij patiënten en artsen.

Ethische vragen omtrent het gebruik van elektronische medische dossiers

Laetitia Cooreman
Het doel van deze masterproef is te onderzoeken wat de visie van patiënten is op ethische vragen die ontstaan bij het gebruik van elektronisch medisch dossiers (EMD’s) en de bijhorende elektronische gegevensdeling. Dit gebeurde aan de hand van een kwantitatief onderzoek werden bestaande uit een enquêtestudie met vignetten.

Patiëntgerapporteerde uitkomsten van vrouwen met endometriose

Elyne Geukens Katrien Berghs
Endometriose is een chronische gynaecologische aandoening die ongeveer 10% van vrouwen tijdens hun reproductieve levensjaren treft. Literatuuronderzoek toont aan dat het fysiek ongemak van endometriose een negatieve impact kan hebben op het psychosociaal welbevinden van vrouwen, maar dat de grootte van deze impact niet verklaard kan worden door de graad van endometriose. Deze studie onderzocht (1) hoe vrouwen met endometriose preoperatief hun kwaliteit van leven (KvL), subjectieve gezondheidstoestand en psychologische weerbaarheid (SOC) scoren; (2) of deze preoperatieve uitkomsten gerelateerd zijn aan de graad van endometriose en/of aan de endometrioseklachten; en (3) of SOC bijdraagt tot het voorspellen van het psychosociaal welbevinden van deze vrouwen na correctie voor de graad van endometriose, endometrioseklachten en mogelijke andere ‘confounders’.

Digging into the genetics of high responders

Sari Daelemans
Vijfentwintig procent van alle vrouwen ‘in vitro fertilisatie’ (IVF, ook wel gekend als proefbuisbaby’s) gebruikt om zwanger te raken. Hierbij krijgen zij een reeks inspuitingen met hormonen die ervoor zorgen dat er meer dan één goede eicel rijpt die maand om die nadien te bevruchten in het lab. Maar sommige vrouwen reageren hier heel slecht op met soms levensbedreigende gevolgen.

Zwanger na een fertiliteitstraject - Impact op de beleving van zwangerschap, postpartum en pril ouderschap

Hilke Vervenne
In deze literatuurstudie werd nagegaan wat de gevolgen zijn van een behandeling met artificiële reproductieve technieken, specifiek in het kader van fertiliteitsproblematiek, op de beleving van zwangerschap, bevalling en postpartum/ouderschap. Aanvullend werd er uitgezocht hoe de vroedvrouw deze beleving positief kan beïnvloeden.

Rol van de vroedvrouw bij draagmoederschap - Focus op het juridische aspect

Cato De Langhe
Draagmoederschap kent in België nog geen wetgeving wat de uitvoering zeer moeilijk maakt. Als vroedvrouw is het belangrijk de adviezen en richtlijnen te kennen wanneer je een draagzwangerschap zult opvolgen. In deze scriptie komen de huidige adviezen aan bod alsook de tekortkomingen en aandachtspunten voor de vroedvrouw met focus op het juridische aspect,prenatale en intapartum begeleiding.

Legalisering van draagmoederschap in België op grond van mensenrechtelijke argumenten

Levi Sanders
Het huidige draagmoederschapsrecht in België: een kind overboord?Levi Sanders – Student aan de Rechtenfaculteit KULVelen vertelden me dat schrijven over draagmoederschapslegalisering heel interessant is omdat het een actueel onderwerp is. Dat is het eigenlijk niet: al zo’n twintig jaar kent België problemen met het inpassen van draagmoederschap in het recht en komen tragische draagmoederschapsgevallen in de media. Aangezien draagmoederschap nog steeds niet wettelijk geregeld is, moeten de huidige regels ook op draagmoederschapsgevallen toegepast worden.

Molecular Markers of a Receptive Endometrium

Haaike Bens
Waarom zwanger worden soms zo moeilijk is...Niet alles wat natuurlijk lijkt, gebeurt zonder meer. Bij ongeveer 10% van de koppels met een kinderwens wordt de vrouw na één jaar onbeschermd en regelmatig seksueel contact niet zwanger. Bij 25 tot 30% van deze koppels werken de meest eenvoudige methodes van vruchtbaarheidsbehandeling ook niet.Deze koppels worden dan doorverwezen voor een behandeling met in-vitrofertilisatie (IVF), al dan niet met intracytoplasmatische (ofwel directe) sperma-injectie (ICSI).Sommige vrouwen worden ondanks deze hulp nog steeds niet zwanger.

De beleving van het ouderschap na eiceldonatie

Ingeborg Van Soye Ingeborg Van Soye
De beleving van het ouderschap na eiceldonatie. Een kwalitatief onderzoek naar de wijze van communiceren door ouders na eiceldonatie en de beleving van de asymmetrie in het ouderschap.Promotor: prof. dr. Peter RoberTot op heden is er in de literatuur weinig onderzoek geleverd naar de beleving van de asymmetrie binnen het ouderschap na eiceldonatie. Objectief gezien schuilt er een asymmetrie tussen het genetisch (sociaal-biologisch) ouderschap van de vader en het sociaal-biologisch ouderschap van de moeder.

Controle en optimalisatie van cultuurcondities in in vitro fertilisatie

Annelies De Bisschop
Controle en optimalisatie van cultuurcondities in 'in vitro fertilisatie'

Elke vrouw begrijpt wel wanneer ik spreek over haar “biologische klok”, wanneer haar kinderwens op natuurlijke wijze echter niet kan worden vervuld, kan IVF of in vitro fertilisatie een oplossing bieden.


De eerste baby die op deze manier werd geboren – in 1978 in Groot-Brittannië – was Louis Brown. Sindsdien heeft IVF een steile opgang gemaakt en zien jaarlijks vele duizenden paren via deze behandeling hun kinderwens in vervulling gaan.

Identificatie van genomische groepen binnen het genus Stenotrophomonas & ontwikkeling van een nieuw Burkholderia cepacia selectief medium

Elke Vanlaere
 
&
ontwikkeling van een nieuw Burkholderia cepacia selectief medium
 
Mucoviscidose of cystic fibrosis is de meest voorkomende erfelijke ziekte bij blanken. Ze wordt veroorzaakt door mutaties ter hoogte van het cystic fibrosis transmembrane conductance regulator (CFTR) gen.  Deze mutatie leidt tot een slecht functionerend CFTR eiwit dat in gezonde mensen onder andere het transport van zouten en water regelt en er dus voor zorgt dat slijmlagen gehydrateerd blijven. Het basisdefect is opvallend merkbaar in de exocriene klieren door abnormaal dik, kleverig en taaie secreties.