Scriptiebank is een vrij toegankelijke online databank. Deze bevat alle artikels en full text scripties van deelnemende bachelors en masters aan de Vlaamse Scriptieprijs.

Effect van de epidurale anesthesie op borstvoeding

Nisrine Amrani
Effect van de epidurale anesthesie op borstvoeding na een vaginale bevalling
Auteur: Amrani Nisrine
Interne promotor: Vermeulen Joeri
Externe promotor: Debonnet Serena
Introductie:
Het doel van deze bachelor proef is om na te gaan welk effect de epidurale anesthesie heeft
op de start van de borstvoeding na een vaginale bevalling. Het praktijkdeel richt zich op wat
de ervaringen zijn van zorgverleners die dagdagelijks met de materniteit in aanraking komen.
Methode:
Om dit literatuuronderzoek uit te voeren werd beroep gedaan op Pubmed en EhBIB Search.
De artikels werden op basis van abstractie en “levels van evidence” gekozen. Voor het
praktijkdeel werden er zes interviews afgenomen bij zorgverleners.
Resultaten:
Door de epidurale anesthesie te gebruiken als interventie op de baringspijn, zien we dat dit
een effect heeft op het opstarten van de borstvoeding. Eveneens gaat de epidurale anesthesie
ook de Fergussonreflex negatief beïnvloeden. De epidurale anesthesie in combinatie met
synthetische oxytocine gaat ook het gedrag van de pasgeborene beïnvloeden.
Discussie/besluit:
Om het effect van de epidurale anesthesie beter te begrijpen zouden er meer studies moeten
plaatsvinden. Ook is het niet altijd duidelijk of de gevolgen plaatsvinden omwille van de
epidurale anesthesie of door de synthetische oxytocine, die tegelijkertijd aanwezig is.
Sommige artikels spreken elkaar tegen of geven tegenstrijdige informatie.
Er wordt evenwel geconstateerd dat de epidurale anesthesie een effect zou hebben op de
start van de borstvoeding.

Grensverleggende zorg: Ervaringen van Vlaamse transgender personen met medische zorg, 1950 tot heden.

Esther Lamberts
Deze thesis focust op de ervaringen van Vlaamse transgender personen met de medische zorg, 1950 tot heden. Het duikt in een tot nu toe onbeschreven verleden van de transgender geschiedenis van België.

Zelfmanagement bij hartfalen

Sophie Geens
Hartfalen is een klinisch syndroom waarbij de pompfunctie van het hart van de patiënt tekort gaat schieten. Door de vergrijzing van de bevolking zal de prevalentie van deze aandoening alleen maar stijgen. In België lijdt naar schatting 4% van de bevolking hieraan. Er lijden 200.000 mensen aan hartfalen. De levenskwaliteit zal dalen op verschillende vlakken, zowel op het sociale aspect als op het psychisch en lichamelijke aspect. Leefstijlinterventies zijn cruciaal om de impact van hartfalen op het dagelijkse leven en complicaties van de ziekte te verminderen. Deze interventies gaan over de inname van medicatie, het aanpassen van de voeding en het opvolgen van het gewicht. Bij therapieontrouw van medicatie gaan de klachten verergeren. Als de patiënt zich niet houdt aan de vochtbeperking, zal de vochtretentie en stuwing niet minderen. De lichamelijke activiteit gaat zorgen voor een betere inspanningstolerantie. Het is van groot belang dat de kortademigheid en de vermoeidheid afnemen. Er moet ingezet worden op therapietrouw van zowel medicatie als dieet. Vaak is dit voor patiënten zeer complex en gebeuren hier regelmatig fouten op. Dit kan verklaard worden doordat in de medische zorg de focus ligt op de farmacologische therapieën in plaats van op het ondersteunen van de patiënten bij gedragsverandering.

Vraagstelling: Literatuurstudie naar hoe zelfmanagement bij patiënten met hartfalen in de thuissituatie door eerstelijnsverpleegkundigen bevorderd kan worden.

Zoekstrategie: Tussen 4 oktober en 7 mei werd er een literatuurstudie uitgevoerd met behulp van volgende gecomputeriseerde databanken: PubMed, UpToDate, Google Scholar, Nature, ScienceDirect en Springerlink. De zoektocht leverde in totaal 41 artikels op waaronder 26 reviews, 5 richtlijnen, 1 secundaire kwalitatieve analyse, 1 kwalitatieve studie en 8 tijdschriften.

Resultaten: Uit een literatuurstudie is gebleken dat mHealth-apps een positieve invloed hebben in de eerstelijnszorg, de zorgkosten en de levenskwaliteit. Patiënten gaan op een actievere manier hun gezondheid in eigen handen nemen. Zelfmanagementgedrag wordt beïnvloed door de leeftijd, de comorbiditeit, de functionele/emotionele en economische status. Het prototype HeartCheck wil de competenties van de zorgvragers verhogen door op verschillende factoren in te spelen. Deze competenties gaan over communicatie, aandacht voor de mentale en fysieke toestand, adaptatie aan ziektesymptomen en integratie in de maatschappij. Wederzijds vertrouwen tussen de patiënt en zorgverlener is hierbij essentieel.

Conclusie: Zonder effectief management zal de levenskwaliteit van de patiënt met hartfalen verslechteren. Voor de zorgverleners bieden mHealth-interventies de mogelijkheid om bijwerkingen te monitoren en verbeterpunten te identificeren. Ook de vrijheid en draagbaarheid van mobiele apparaten bieden een enorm potentieel aan patiënten en zorgverleners. Er kan gesteld worden dat gepersonaliseerde zorg door de app een meerwaarde vormt voor patiënten met hartfalen binnen een bestaand zorgplan. Elke patiënt heeft specifieke zorgvragen die niet alleen bepaald worden door de mate van de ernst en het type van HF maar ook door de individuele vaardigheden en context van de patiënt.


Therapieontrouw, de prijs die u betaalt: het multifactoriële karakter van therapieontrouw bij diabetes mellitus type 2

Lisa Schenck
In deze scriptie wordt het multifactoriële karakter van therapieontrouw bij diabetes mellitus type 2 patiënten uitgelegd. De probleemstelling van therapieontrouw en tenslotte wordt de E-health app toegelicht. Deze gebruikt kan worden in de thuissetting door thuisverpleegkundigen om zo therapieontrouw bij diabetes mellitus patiënten te minimaliseren.

Een kritische analyse van het recht op onderwijs in het internationale recht en diens openheid voor de verankering van de thuistaal van nieuwe minderheden

Joachim Vandevelde
In deze scriptie wordt de mogelijkheid onderzocht van de verankering van de thuistaal van anderstalige kinderen in het onderwijs vanuit het recht op onderwijs en vanuit mogelijke inspiratie van het VRPH.

Screening of first-degree relatives of patients with an aortic aneurysm and/or bicuspid aortic valve: is it worthwhile?

Roger Van Schoor
Meer en meer genen lijken verantwoordelijk voor hartslagaderverbreding. Door systematische familiale screening willen we familiale clustering aantonen en het nut van screening promoten.

Pre-eclampsie en het ontwikkelen van een autisme spectrum stoornis bij het kind: een systematische review.

Celine Vlerick Lana Hoebeke
Door middel van een literatuuronderzoek werd er onderzocht of vrouwen met pre-eclampsie tijdens de zwangerschap een verhoogde kans hebben op het krijgen van een kind met autismespectrumstoornis. Het werkingsmechanisme op de hersenontwikkeling wordt bondig uitgelegd. Bovendien kon de masterproef aantonen dat er een verhoogd risico op autismespectrumstoornis is.

The Beginning of the End of the Bacteriological Paradigm in the Japanese Empire –Space of Experience, Path Dependencies, and Generations as Factors in Conceptions of Japanese Experts about the 1918-1920 Influenza Pandemic–

Jorinde Wels
Hoe beïnvloedden ervaringen de concepties en verwachtingen van Japanse experts tijdens de influenzapandemie van 1918-1920? Aan de hand van een reconstructie van de "ervaringsruimtes" van twintig Japanse experts en de analyse van artikels door hun geschreven in de jaren 20, brengt dit eindwerk aan het licht hoe de "Spaanse griep" een drijfveer was voor microbiologisch onderzoek.

KIDNEY STONE PREVENTION - Effect of kidney stone prevention on urinary risk factors for kidney stone formation and new stone formation: a single centre retrospective cohort study

Florine Janssens
Nierstenen zijn een groeiend maatschappelijk probleem die naast heel hoge kosten, ook heel wat pijn en ziekenhuisbezoeken met zich meebrengen. Valt daar dan echt niks aan te doen? Een masterstudent Geneeskunde en de dienst Nefrologie van het UZ Brussel zochten het voor je uit!

Een hart uit de duizend: Een beschrijvende studie met passende website omtrent de noden die ouders hebben na het krijgen van de diagnose van een congenitale hartafwijking bij hun kind

Emma Manssens Delphine Cnudde
Deze bachelorproef peilt naar de informatiebehoefte na het vermoeden of de vaststelling van een aangeboren hartafwijking. De onderzoeksvraag kan als volgt opgesteld worden: Wat is de informatiebehoefte van koppels na de vaststelling van een aangeboren hartafwijking en hoe kan een website aan deze behoefte voldoen?

Liver stage malaria - Investigating the interaction between the malaria circumsporozoite protein and host importin-α proteins

Busra Turan Chaymae Abouazza
Malaria is één van de vier dodelijkste infectieziekten en wordt overgebracht door de vrouwelijke Anopheles mug. Deze aandoening wordt veroorzaakt door parasieten van het Plasmodium genus. De levenscyclus begint met de aanwezigheid van sporozoïeten (SPZn) in de bloedbaan van de menselijke
gastheer als gevolg van een beet van een geïnfecteerde mug. Deze SPZn kunnen vervolgens de levercellen bereiken en deze binnendringen met behulp van de interactie tussen hun belangrijkste oppervlakte-eiwit, het circumsporozoïet proteïne (CSP), en hoog-gesulfateerde heparaansulfaatgroepen op de levercellen. Eenmaal in de levercel, wordt verondersteld dat CSP in het cytoplasma terechtkomt en het transport van de transcriptiefactoren naar de celkern verhindert. Op deze manier zou het immuunsysteem van de levercel mogelijk onderdrukt worden en de overleving van de parasiet bevorderd
worden. Pas wanneer de parasiet de bloedfase bereikt, is er sprake van ziekteverschijnselen zoals de kenmerkende koortsaanvallen. Het is van belang dat malaria goed en op tijd wordt behandeld om verdere complicaties te voorkomen. Als behandeling kan er gebruik gemaakt worden van chloroquine- en artemisine-gebaseerde therapieën. De stijgende resistentie tegen deze behandelingen is echter een stimulans voor het vinden van nieuwe middelen. Het doel van deze thesis was om te onderzoeken of er een interactie plaatsvindt tussen de importine-α eiwitten en het CSP van zowel P. falciparum als P. berghei. Om dit te bereiken werden PfaCSPFL en PbeCSPFL recombinant geproduceerd in E. coli en opgezuiverd via chromatografische methoden. Voor
het verkrijgen van de importine-α eiwitten van zowel menselijke als murine oorsprong, werden respectievelijk HepG2 en Hepa1-6 cellen gecultiveerd. Tenslotte werden pull-down assays uitgevoerd om de mogelijke interactie tussen CSP en importine-α eiwitten te onderzoeken.

Haptonomische pre- en postnatale begeleiding van ouders en kind

Birten Pots
Binnen het perinatale zorgnetwerk zijn er heel wat alternatieve begeleidingsvormen aan een
opmars bezig, onder andere de haptonomische pre- en postnatale begeleiding van ouders en
kind. De impact en de meerwaarde hiervan worden beschreven pre, peri- en postnataal, dat zowel voor de ouders als voor het kind. Als vroedvrouw kan de haptonomische visie een andere kijk op het werkveld geven.

Optimization of isolation, maintenance and phalloidin staining of skeletal muscle cell populations

Mathieu Vandamme
De gelijkenissen en de verschillen tussen de bekende bloedtransfusies en orgaantransplantaties. Wat de valkuilen zijn bij spierweefseltransplantaties en hoe deze valkuilen kunnen worden aangepakt.

Zwangerschap na gastric bypass: Aandachtspunten en meest voorkomende complicaties

Zoë Frans
Een zwangerschap na gastric bypass gaat gepaard met aandachtspunten en mogelijke complicaties. Er wordt verwacht dat vroedvrouwen meer en meer in contact gaan komen met zwangeren met een gastric bypass in de voorgeschiedenis. Wat is de taak van de vroedvrouw binnen een multidisciplinaire opvolging?

Transseksualisme en geslachts-affirmerende interventies: De invloed op lichaam, geest en seksualiteit.

Amina Ryffranck
Deze scriptie gaat over transgenders/transseksuelen, over de mogelijke interventies en over de invloed van al deze interventies en van het trans zijn op het lichaam, de geest en de seksualiteit.

Pancreatic intra-islet vessel ablation and regeneration as a model for promoting active beta and delta cell cycling

Stephanie Bourgeois
Patiënten met type 1 diabetes worden tot op heden behandeld met insuline-injecties, die gevaarlijk lage bloedsuikerspiegels teweeg kunnen brengen en onvoldoende beschermen tegen de chronische complicaties die deze ziekte met zich meebrengt. Een echte curatieve therapie voor type 1 diabetes zou het herstel van de oorspronkelijke populatie beta cellen kunnen zijn door middel van regeneratie. Wij hebben een methode gevonden om beta cellen in muizen terug te doen delen door de bloedvaten in eilandjes van Langerhans te laten wegtrekken en terug te doen groeien.

Boer zoekt Protocol

Waut Bruynseels Kelvin van den Nieuwenhof
Ons Scriptie gaat over extramuraal revalideren in een herstelboerderij en hoe een ergotherapeut hierbij de boer kan ondersteunen.

Sepsis sneller herkennen en behandelen op een spoedgevallendienst

Tina Ver Elst Kim Van Der Wee
In deze thesis werd een uitgebreide literatuurstudie uitgevoerd om de problematiek van sepsis te schetsen en het probleem te kaderen van het herkennen van sepsis. Spoedgevallen vormt een extra uitdaging om septische patiënten te herkennen. Omdat snelle herkenning en behandeling essentieel is voor de overleving van septische patiënten werd er in deze scriptie gezocht naar antwoorden op de vraagstellingen hoe spoedverpleegkundige sepsis snel kunnen herkennen, welke handelingen er dienen uitgevoerd te worden en hoe deze informatie in de praktijk kan worden geïmplementeerd. Er werd een informatieve website ontwikkeld met de essentiële antwoorden op de vraagstellingen.

Het verband tussen voedingsgewoonten bij patiënten met een bariatrische chirurgie en de evolutie van NAFLD: Pre- en postoperatieve vergelijking

Mariem Chiairi
Dit onderzoek gaat over het verband tussen de voedingsgewoontes van patiënten die een bariatrische chirurgie ondergaan en de evolutie van non alcohol fatty lever disease (NAFLD).

Het doel van dit onderzoek is om bij patiënten die een bariatrische chirurgie ondergaan naast het gewichtsverlies, ook de pre- en postoperatieve voedingsgewoonten in verband te brengen met de evolutie van NAFLD.

Gecombineerde lever-niertransplantaties, resultaten in UZ Leuven

Seliene Van Laer
Deze masterthesis gaat over gecombineerde lever-niertransplantaties in UZ Leuven. De complicaties en overleving na deze transplantatie werden onderzocht.

The effects of UATC in addition to a classic moderate-intensity aerobic exercise program on body composition and cardiometabolic risk profile in adults with obesity.

Katrien Vilters Brenda Reynders
Dit onderzoek richt zich op het ontdekken van de additionele effecten van ultrasound vetweefselcavitatie bovenop een klassiek oefenprogramma in een populatie van volwassenen met obesitas.

De verplichtingen van videoplatformen (vb. YouTube) in de nieuwe Richtlijn Audiovisuele Mediadiensten

Emiel Koonen
Aanbieders van videoplatformdiensten krijgen nieuwe verplichtingen door de herziening van de Europese Richtlijn Audiovisuele Mediadiensten. Passende maatregelen moeten worden getroffen om gebruikers te beschermen tegen schadelijke inhoud.

Riglo - Improving Neuromuscular Monitoring

Hugo Carvalho Michael Verdonck Patrice Forget Johan Berghmans Lieselot Geerts Wilfried Cools
De scriptie gaat over Neuromusculaire monitoring binnenin de anesthesie domein. Hiervoor werd een specifieke smartphone app ontwikkeld die de anesthesisten helpen om de spierslapte van patienten te meten tijdens een operatie. De scriptie houdt simultaan een meta-analyse (met analyse van confidence in network meta-analysis) van de effect van neuromusculaire monitoring in post-operatieve residuele paralyse, alsook een published enquete van de confidence van anesthesisten in mobile applications en peripherals voor anesthesie gebruik.

Studie rond toegankelijkheid van mobiele applicaties voor personen met een beperking a.d.h.v. een proof-of-concept

Jonas Baert
Deze studie zocht a.d.h.v. een proof-of-concept van een niet-toegankelijke én een toegankelijke applicatie uit wat toegankelijkheid van applicaties inhoudt voor personen met CVI en/of een verminderde functie van de hand. 19 testpersonen hebben de beide applicaties getest tijdens een interview.

Relatie tussen geglycosyleerd hemoglobine en parodontitis

Maxime Van Looveren
De bidirectionele relatie tussen diabetes type 2 en parodontitis.
Beide aandoeningen komen zeer frequent voor in de samenleving en beïnvloeden elkaar.
Tijdige diagnose en behandeling kan levens redden!