Scriptiebank is een vrij toegankelijke online databank. Deze bevat alle artikels en full text scripties van deelnemende bachelors en masters aan de Vlaamse Scriptieprijs.

Herinneringen verwoord Een ervaringsgeschiedenis van de aidscrisis in Vlaanderen (1981-1996)

Viktor Flamand
Onderzoek naar de subalterne ervaring van de aidscrisis in België bij homomannen, zowel hivpositief als negatief, en de manier waarop zij hun herinneringen vorm geven.

Sensors to manage Immune Mediated Inflammatory Diseases: Current Applications and Future Prospects

Charles Grammens Victor De Boi
Onderzoek naar gebruik van sensoren in management van immuun-gemedieerde inflammatoire aandoeningen.

Herinneringen verwoord: Een ervaringsgeschiedenis van de aidscrisis in Vlaanderen (1981-1996)

Viktor Flamand
Onderzoek naar de subalterne ervaring van de aidscrisis in België en de manier waarop homomannen, zowel hivpositief als negatief, hun herinneringen vorm geven.

Antibioticagebruik bij siervissen, met een focus op de koi karper

Frederique van den Wildenberg
Onderzoek naar het gebruik van antibiotica bij koi karpers. Er wordt uitgezocht welke antibiotica er zijn, tegen welke ziektes ze werken, maar ook worden er preventieve en alternatieve opties gegeven om de koi kaper gezond te houden en het gebruik van antibiotica te reduceren

The effect of targeted memory reactivation during sleep on motor memory consolidation in older adults and people with Parkinson’s disease.

Charlotte Moris
Pilootstudie om na te gaan of gerichte geheugenreactivatie (TMR) kan gebruikt worden tijdens de slaap om de consolidatie van het motorisch geheugen te verbeteren bij gezonde ouderen en bij mensen met de ziekte van Parkinson.

The influence of the vestibular system on postural instability in patients with Parkinson's disease

Karen Adriaenssens
Deze masterproef bespreekt in welke mate het evenwichts- of vestibulair systeem is aangetast bij personen met de ziekte van Parkinson. Tien parkinsonpatiënten en tien gezonde controlepersonen ondergingen een vestibulair testprotocol. Na vergelijking van de testresultaten bleken de parkinsonpatiënten slechter te scoren dan de controlepersonen.

Uterustransplantatie. Een behandeling voor vrouwen met absolute uteriene infertiliteit.

Rani Vanhee
Absolute uteriene infertiliteit is een probleem dat 1 op 500 vrouwen van reproductieve leeftijd treft. Deze pathologie kan zowel congenitaal als verworven zijn. Deze vrouwen worden zonder uterus geboren of verliezen hun uterus omwille van een medische indicatie. Het ontbreken van de uterus heeft als gevolg dat deze vrouwen geen eigen kind kunnen dragen. Een nieuwe ontwikkeling in de reproductieve geneeskunde brengt hier sinds kort verandering in. De uterustransplantatie heeft als doel deze vrouwen de kans te geven een eigen zwangerschap te voldragen

De perceptie van microbiologie bij zesdejaarsleerlingen in het secundair onderwijs

Duygu Gök
Ten gevolge van de coronapandemie staan microben in een slecht daglicht, maar ook in de lessen biologie en natuurwetenschappen in het secundair onderwijs ligt de klemtoon op het negatieve. Hoe is het dan gesteld met de perceptie van microbiologie bij zesdejaarsleerlingen ASO en TSO? Om deze vraag te beantwoorden, werd in deze scriptie een enquête opgesteld, gelinkt aan een Instagramaccount met educatieve posts over microbiologie.

Borstvoeding geven na borstkanker

Eugenie Mornie
Weinig vrouwen geven borstvoeding na een vroegere borstkankerdiagnose. In deze scriptie wordt onderzocht welke invloed een eerdere borstkankerdiagnose heeft op de mogelijkheid om borstvoeding te geven.

Regulatory networks in neuro- inflammatory disorders: Alzheimer’s disease and major depressive disorder

Hanne Puype
In deze scriptie werd met behulp van een computationele methode de overeenkomsten en verschillen onderzocht tussen de ziekte van Alzheimer en depressie. Hiervoor werden netwerken geconstrueerd uit data dat voordien al beschikbaar was.

Evaluatie correcte positie maagsonde door middel van echografie

Emma Coene Frédéric Claerhoudt
Patiënten op intensieve zorgen hebben vaak een maagsonde om voeding en medicatie toe te dienen. Er moet altijd gecontroleerd worden met (schadelijke) RX-stralen of deze juist geplaatst is. Frédéric Claerhoudt en Emma Coene onderzochten of ze de sonde ook konden lokaliseren met echografie.

Improved cochlear synaptopathy diagnostics using EEG measurements with fluctuating sounds

Pauline Devolder
Bij het ouder worden klagen volwassenen vaak over moeite met spraakverstaan in lawaaierige omgeving, ondanks normale resultaten op de standaard gehoortesten. Er is steeds meer onderzoek naar 'hidden hearing loss', waaronder ook de ontdekking van cochleaire synaptopathie. Het onderzoek heeft als doel om een EEG-stimulus te ontwikkelen om dit op een objectieve manier in kaart te kunnen brengen.

'De mondhygiënist: Een nieuwe (tot nu toe onbekende) essentiële zorgverlener binnen het interdisciplinair team bij personen met multiple sclerose'

Louise Fouyn Emma Pareng
Inclusie van de mondhygiënist in het interdisciplinair team bij personen met multiple sclerose. Effecten van deze aandoening op de (mond)gezondheid van de personen en hoe de mondhygiënist hierop kan inspelen.

Effect van de epidurale anesthesie op borstvoeding

Nisrine Amrani
Effect van de epidurale anesthesie op borstvoeding na een vaginale bevalling
Auteur: Amrani Nisrine
Interne promotor: Vermeulen Joeri
Externe promotor: Debonnet Serena
Introductie:
Het doel van deze bachelor proef is om na te gaan welk effect de epidurale anesthesie heeft
op de start van de borstvoeding na een vaginale bevalling. Het praktijkdeel richt zich op wat
de ervaringen zijn van zorgverleners die dagdagelijks met de materniteit in aanraking komen.
Methode:
Om dit literatuuronderzoek uit te voeren werd beroep gedaan op Pubmed en EhBIB Search.
De artikels werden op basis van abstractie en “levels van evidence” gekozen. Voor het
praktijkdeel werden er zes interviews afgenomen bij zorgverleners.
Resultaten:
Door de epidurale anesthesie te gebruiken als interventie op de baringspijn, zien we dat dit
een effect heeft op het opstarten van de borstvoeding. Eveneens gaat de epidurale anesthesie
ook de Fergussonreflex negatief beïnvloeden. De epidurale anesthesie in combinatie met
synthetische oxytocine gaat ook het gedrag van de pasgeborene beïnvloeden.
Discussie/besluit:
Om het effect van de epidurale anesthesie beter te begrijpen zouden er meer studies moeten
plaatsvinden. Ook is het niet altijd duidelijk of de gevolgen plaatsvinden omwille van de
epidurale anesthesie of door de synthetische oxytocine, die tegelijkertijd aanwezig is.
Sommige artikels spreken elkaar tegen of geven tegenstrijdige informatie.
Er wordt evenwel geconstateerd dat de epidurale anesthesie een effect zou hebben op de
start van de borstvoeding.

Endometriose en zijn ware aard: ‘De sensibilisering van endometriose bij de bevolking’

Talia Özçelik
Deze bachelorproef toont aan dat de omkadering rond de aandoening endometriose ontbreekt. Deze literatuurstudie creëert een beter beeld over wat endometriose is, welke mogelijke klachten en oorzaken er zijn en welke verschillende soorten behandelingen toegepast kunnen worden.

Doodsreutel, help wat nu?

tine geuens
Verpleegkundige aanpak in de behandeling van doodsreutel en ondersteuning van de naasten.

Zelfmanagement bij hartfalen

Sophie Geens
Hartfalen is een klinisch syndroom waarbij de pompfunctie van het hart van de patiënt tekort gaat schieten. Door de vergrijzing van de bevolking zal de prevalentie van deze aandoening alleen maar stijgen. In België lijdt naar schatting 4% van de bevolking hieraan. Er lijden 200.000 mensen aan hartfalen. De levenskwaliteit zal dalen op verschillende vlakken, zowel op het sociale aspect als op het psychisch en lichamelijke aspect. Leefstijlinterventies zijn cruciaal om de impact van hartfalen op het dagelijkse leven en complicaties van de ziekte te verminderen. Deze interventies gaan over de inname van medicatie, het aanpassen van de voeding en het opvolgen van het gewicht. Bij therapieontrouw van medicatie gaan de klachten verergeren. Als de patiënt zich niet houdt aan de vochtbeperking, zal de vochtretentie en stuwing niet minderen. De lichamelijke activiteit gaat zorgen voor een betere inspanningstolerantie. Het is van groot belang dat de kortademigheid en de vermoeidheid afnemen. Er moet ingezet worden op therapietrouw van zowel medicatie als dieet. Vaak is dit voor patiënten zeer complex en gebeuren hier regelmatig fouten op. Dit kan verklaard worden doordat in de medische zorg de focus ligt op de farmacologische therapieën in plaats van op het ondersteunen van de patiënten bij gedragsverandering.

Vraagstelling: Literatuurstudie naar hoe zelfmanagement bij patiënten met hartfalen in de thuissituatie door eerstelijnsverpleegkundigen bevorderd kan worden.

Zoekstrategie: Tussen 4 oktober en 7 mei werd er een literatuurstudie uitgevoerd met behulp van volgende gecomputeriseerde databanken: PubMed, UpToDate, Google Scholar, Nature, ScienceDirect en Springerlink. De zoektocht leverde in totaal 41 artikels op waaronder 26 reviews, 5 richtlijnen, 1 secundaire kwalitatieve analyse, 1 kwalitatieve studie en 8 tijdschriften.

Resultaten: Uit een literatuurstudie is gebleken dat mHealth-apps een positieve invloed hebben in de eerstelijnszorg, de zorgkosten en de levenskwaliteit. Patiënten gaan op een actievere manier hun gezondheid in eigen handen nemen. Zelfmanagementgedrag wordt beïnvloed door de leeftijd, de comorbiditeit, de functionele/emotionele en economische status. Het prototype HeartCheck wil de competenties van de zorgvragers verhogen door op verschillende factoren in te spelen. Deze competenties gaan over communicatie, aandacht voor de mentale en fysieke toestand, adaptatie aan ziektesymptomen en integratie in de maatschappij. Wederzijds vertrouwen tussen de patiënt en zorgverlener is hierbij essentieel.

Conclusie: Zonder effectief management zal de levenskwaliteit van de patiënt met hartfalen verslechteren. Voor de zorgverleners bieden mHealth-interventies de mogelijkheid om bijwerkingen te monitoren en verbeterpunten te identificeren. Ook de vrijheid en draagbaarheid van mobiele apparaten bieden een enorm potentieel aan patiënten en zorgverleners. Er kan gesteld worden dat gepersonaliseerde zorg door de app een meerwaarde vormt voor patiënten met hartfalen binnen een bestaand zorgplan. Elke patiënt heeft specifieke zorgvragen die niet alleen bepaald worden door de mate van de ernst en het type van HF maar ook door de individuele vaardigheden en context van de patiënt.


Standaarddosering van β-lactam-antibiotica: farmacokinetiek en effecten op veiligheid bij de geriatrische patiënt

Jeroen Vervalcke Arnaud De Clercq
Amoxicilline-clavulaanzuur en Piperacilline-tazobactam zijn twee frequent voorgeschreven antibiotica in het ziekenhuismilieu. Bij geriatrische ouderen wordt nu een standaarddosering gehanteerd, die werd berekend op basis van studies bij jongere individuen. Deze thesis tracht na te gaan of onder deze therapie adequate resultaten worden bekomen.

Therapieontrouw, de prijs die u betaalt: het multifactoriële karakter van therapieontrouw bij diabetes mellitus type 2

Lisa Schenck
In deze scriptie wordt het multifactoriële karakter van therapieontrouw bij diabetes mellitus type 2 patiënten uitgelegd. De probleemstelling van therapieontrouw en tenslotte wordt de E-health app toegelicht. Deze gebruikt kan worden in de thuissetting door thuisverpleegkundigen om zo therapieontrouw bij diabetes mellitus patiënten te minimaliseren.

Evaluatie van de timing van puberteit bij adolescente jongens met overgewicht: Associatie met laaggradige inflammatie?

Evy Berlanger
Heel wat jongens met overgewicht lijden enorm onder de fysieke en mentale gevolgen ervan. Vaak gaan ze naar de dokter omwille van groei- en ontwikkelingsproblematiek. Wat is de invloed van overgewicht op puberteit? De onderzoeksgroep van het kinderziekenhuis te UZ Brussel nam dit onder de loep.

Bachelorproef kwaliteit van zorg en ondernemerschap

Ella Dethier
Deze scriptie gaat over communicatie binnen de gezondheidszorg. Meer specifiek over de patiëntoverdracht tussen verpleegkundigen op een ziekenhuisafdeling neonatologie. De literatuur werd doorzocht naar een geschikte methode om de overdracht te structuren, zodat er minder communicatiefouten worden gemaakt. Het eindresultaat is een flowchart volgens de SBARR en ABCDE methodiek.

Safety and feasibility of S‐Caine patch use in children under the age of three: a pilot study

Britt Anciaux
Kinderen jonger dan drie jaar die pijnlijke prikken of procedures moeten ondergaan zouden baat hebben bij adequate pijnverlichting, zoals de opwarmende S-Caine pleister die lidocaïne en tetracaïne bevat.

Slachtoffers van onwetendheid: de kennisverspreiding van het DES-hormoon in België sinds 1971

Antje Van Kerckhove
In 1947 veroverde het DES-hormoon de wereld. Het middel had als doel om miskramen te voorkomen en werd wereldwijd voorgeschreven aan miljoenen zwangere vrouwen. In 1971 werd echter aangetoond dat DES schadelijk was voor de baby’s – zogenaamde DES-kinderen – die als foetus werden blootgesteld aan het hormoon. Vooral DES-dochters liepen ernstige medische risico’s. Bovendien bleek jaren later dat ook DES-kleinkinderen vatbaar zijn voor de gevolgen van DES. Dat het middel in België nog zeker tot 1977 – zes jaar nadat de schadelijkheid formeel werd bewezen – is toegediend aan zwangere vrouwen, doet onderzoeksjournaliste Greet Pluymers en enkele DES-dochters vermoeden dat er sprake is van een dofpotoperatie. Een mogelijke doofpotaffaire zou inderdaad verklaren waarom DES op de markt bleef tussen 1971 en 1977, maar het vormt geen antwoord op de vraag waarom er vandaag in België – in tegenstelling tot bijvoorbeeld de Verenigde Staten en Nederland – nog steeds weinig kennis bestaat of circuleert over de schadelijke gevolgen van het hormoon. Dit onderzoek gaat daarom na hoe de late en gebrekkige kennisverspreiding van DES binnen de Belgische context verklaard kan worden. Daarbij neemt deze studie afstand van een mogelijke doofpotaffaire door op zoek te gaan naar een lange termijn verklaring voor de relatieve onwetendheid over DES in België. Om een licht te werpen op het gebrek aan kenniscirculatie vanaf 1971 steunt dit onderzoek op inzichten uit de agnotologie, een theorie die ervan uitgaat dat onwetendheid het gevolg is van culturele constructies.
Zo bood deze studie – aan de hand van interviews met DES-dochters en gynaecologen – inzicht in de langdurige mechanismen en processen die aan de basis liggen van de gebrekkige kennisverspreiding van het DES-hormoon in België. De rol van ouders en artsen – die golden als de belangrijkste informatieverstrekkers in het kennisproces van DES-dochters – bleek daarbij cruciaal. Indien zij niet optraden als kennisverspreiders, bleven DES-dochters vaak jarenlang in het ongewisse over hun DES-identiteit. Verder wees de analyse uit dat DES-dochters in grote mate afhankelijk waren van toeval voor een juiste diagnostisering. Daarnaast bleek dat de schuldgevoelens van sommige DES-moeders – zeker in huishoudens waar een sterk taboe rustte op infertiliteit – het stilzwijgen van DES in de hand werkte. Op die manier toonde ik aan dat het stigma rond onvruchtbaarheid bijdroeg aan de onwetendheid over DES en niet alle ouders zomaar fungeerden als doorgeefluiken van kennis. Tot slot toonde dit onderzoek aan dat ook gynaecologen hun rol als informatieverstrekkers niet systematisch opnamen. Zo bleek dat artsen – ondanks het feit dat ze sinds het begin van de jaren 1970 geïnformeerd waren over de schadelijkheid van DES – het probleem leken te onderschatten. Deze onderschatting was het gevolg van de overtuiging dat het DES-probleem vanaf het einde van de jaren 1980 verleden tijd was. Maar deze opvatting alleen kon het kennistekort niet verklaren. Andere redenen waren de onzichtbaarheid van het DES-probleem in combinatie met de moeilijkheid om congenitale afwijkingen te linken met het hormoon, de exclusieve focus op fertiliteitsproblemen, het gebrek aan ondervraging
94
en de mogelijk nauwe relaties tussen UCB en de medische wereld. Op die manier ontstond er een algemeen gebrek aan belangstelling voor het DES-probleem in medische kringen in België waar DES-dochters tot op heden het slachtoffer van zijn.

The anti-inflammatory effect of mesenchymal stem cell-derived extracellular vesicles in Niemann-Pick disease type C1 pathology

Jonas Castelein
De ziekte van Niemann-Pick type C1 is een ziekte waarvoor tot op heden enkel symptomatische behandelingen beschikbaar zijn. In deze scriptie wordt een behandeling gebaseerd op mesenchymale stamcel-afgeleide extracellulaire vesikels getest.

Karakterisatie van klinische vaginale Candida albicans isolaten en het beoordelen van de antischimmelactiviteit van Saccharomyces cerevisiae stammen

Jade Michiels
Het karakterisatie van klinische vaginale Candida albicans isolaten. En daarnaast het beoordelen van de antischimmelactiviteit van Saccharomyces cerevisiae stammen tegen vaginale schimmelinfecties.