Scriptiebank is een vrij toegankelijke online databank. Deze bevat alle artikels en full text scripties van deelnemende bachelors en masters aan de Vlaamse Scriptieprijs.

Het penitentiair verlof: theorie vs. praktijk

Eilan Bergs
Deze scriptie heeft tot doel om een vergelijking te maken tussen hoe de procedure tot toekenning van het
penitentiair verlof is en hoe deze in praktijk effectief verloopt. Er wordt bijgevolg een globaal beeld van de procedure geschetst, vanuit de standpunten van de verschillende actoren opdat het voor de lezer duidelijk zou worden hoe deze functioneert, wie betrokken is en welke afwegingen en beslissingen deze betrokken actoren dienen te maken.

Aan het werk met een psychische kwetsbaarheid. Wat werkt?

Anke Boone
Het Individuele Plaatsing & Steun (IPS) Model is een wetenschappelijk onderbouwde methodiek om mensen met een psychische kwetsbaarheid te ondersteunen in hun zoektocht naar werk. Dit onderzoek gaat dieper in op twee IPS-basisprincipes: (1) De inbedding van de IPS-coach in de zorgsector (2) Het place-then-train principe. Dit betekent meteen een job zoeken op de reguliere arbeidsmarkt, zonder langdurige training vooraf. Uit voorgaand onderzoek is gebleken dat deze twee principes cruciaal zijn voor een succesvolle IPS-implementatie, maar dat beiden beperkt toegepast worden in Vlaanderen. De bedoeling van dit onderzoek is om een eerste verkennende studie uit te voeren naar de percepties van de zorgsector (psychologen, psychiaters, sociaal werkers, …) en ervaringsdeskundigen (mensen met een psychische kwetsbaarheid) omtrent deze twee IPS-principes.

Mummies voor dummies: de meerwaarde van activerende werkvormen in een geschiedenisles

Pieter Gythiel
De leerlingen verkrijgen door de integratie van activerende werkvormen in geschiedenislessen (mits een correct reflecterende nabespreking) inzicht in hun leerproces, historische vaardigheden waaruit ze maatschappelijke waarden en normen overnemen en hogere resultaten en waarderingen voor het vak zelf.

"If you put effort in, you'll have it." Een onderzoek naar de invloed van e-inclusieprojecten op burgerschap bij nieuwkomers in Antwerpen.

Elien Diels
Deze masterproef handelt over de invloed van e-inclusieprojecten op burgerschap bij nieuwkomers in Antwerpen. Op basis van een single-case onderzoek bestaande uit 22 interviews met zowel jongeren als volwassenen die als nieuwkomer in Antwerpen deelnamen aan e-inclusielessen, werden een aantal conclusies geformuleerd.

Cultuurparticipatie en Gemeente Asse: Hoe kunnen wij vanuit de bibliotheek de anderstalige nieuwkomers (meer) laten participeren aan het open culturele aanbod dat er bestaat in de gemeente Asse en zo de participatiedrempel wegwerken?

Anna Kalaschova
Voor elke individu is het belangrijk om “erbij te kunnen horen” in de samenleving, in de maatschappij. Om zich volwaardig te voelen en eenzaamheid en isolement tegen te werken is participatie belangrijk. Vandaar mijn onderzoek naar (cultuur)participatie bij de anderstalige nieuwkomers

Verblijf in de transitstad

Marrije Vanden Eynde Sarah Van de Velde
De vluchtelingencrisis werpt een licht op de sociale huisvestingscrisis in ons land. Het ontwerpen van nieuwe modellen voor tijdelijke verblijven, die meer zijn dan noodopvang en een meerwaarde betekenen voor de stad, vormt de doelstelling van deze scriptie.

Een onverwerkt verleden. Ida en historische trauma's in het hedendaagse Polen.

Fien De Coninck
De Poolse film Ida vormt het vertrekpunt voor een onderzoek naar historische trauma's in het huidige Polen. De felle kritiek die namelijk gekomen is op deze internationaal gerenommeerde film toont aan dat er zaken zijn waar Polen tot op de dag van vandaag mee worstelt. Deze zaken worden onderzocht en gekoppeld aan het huidige regeringsbeleid in Polen.

Kunst en klimaat een goede combinatie?

Morgane Lemmens
Is het mogelijk om extra meerwaarde te realiseren tijdens de lessen plastische opvoeding door ze te linken aan een actualiteitsonderwerp?
Leerlingen ontdekken en ervaren via de les plastische opvoeding dat kunst een spiegel is op de maatschappij. De knutselles wordt ingezet als middel om leerlingen tot bewuste burgers te vormen en wordt zo een levensles.

Refugee Existence in Lawrence Hill's 'The Illegal'

Lena Raeymaekers
Een literaire analyse van de dystopische roman van Canadees auteur Lawrence Hill waarbij getracht wordt het verband te vinden tussen tussen de roman en de actuele vluchtelingencrisis.

Mohammed zkt. stereotiepvrije kiezer. Een quasi-experimenteel onderzoek naar stereotypen die kiezers gebruiken bij de beoordeling van etnische kandidaten in de Vlaamse politiek

Sigrid Van Trappen
Etnische minderheden zijn politiek ondervertegenwoordigd in België. Kiezers spelen hierbij een cruciale rol. Deze masterproef gaat na hoe jonge kiezers kandidaten met een migratieachtergrond beoordelen en of ze hierbij gebruik maken van stereotypen. Uit de resultaten blijkt dat kiezers kandidaten met een migratieachtergrond niet minder competent, maar wel linkser inschatten.

Hoe ervaren vluchtelingen die in België gesetteld zijn de rol van media en mediaberichtgevingen in hun integratieproces?

Julie Brieau
Deze scriptie behandelt de rol van media en mediaberichtgevingen in het integratieproces van vluchtelingen. Vanuit het standpunt van de doelgroep wordt er achterhaald hoe vluchtelingen de rol van media en mediaberichtgevingen ervaren. Stemt het standpunt van de doelgroep overeen met bestaande onderzoeksbevindingen en in welke mate kunnen vluchtelingen zelf toewerken naar een meer genuanceerde beeldvorming.

Adolescente verkrachtingsslachtoffers: Ontwerp van een brochure ter bevordering van veerkracht

Bieke Longeville
In deze bachelorproef wordt een brochure ontworpen voor adolescente verkrachtingsslachtoffers waarvan op basis van wetenschappelijk vooronderzoek kan worden verwacht dat deze het herstel van jongeren na een eenmalige verkrachting stimuleert. Dergelijke informatie op maat van adolescenten bleek tot op heden immers te ontbreken, terwijl zij bijzonder kwetsbaar zijn voor secundaire victimisatie en de ontwikkeling van psychische klachten na verkrachting.

The awareness of aphasia in Flanders

Eline De Coninck Leonie Vercruysse
Wat weet de Vlaamse bevolking van afasie? 1518 personen werden geïnterviewd in 10 Vlaamse winkelstraten. Daaruit bleek dat 21,8% van de Vlaamse bevolking reeds van afasie had gehoord maar slechts 11,0% had ook basiskennis omtrent afasie. In de toekomst zijn bewustwordingscampagnes nodig om de notie van afasie bij de Vlaamse bevolking te verhogen gezien een hoger publiek bewustzijn zorgt voor een hogere QoL van afasiepatiënten.

Vakantieboek OKAN

Natalja Ryon Julie Theylaert Griet Vergauwen
Ontwikkeling van een vakantieboek voor anderstalige nieuwkomers in samenwerking met Berkenboom Sint-Niklaas .

Raamwerk voor de evaluatie van locaties voor een duurzaam strafuitvoeringsproject

Sarah Holbrouck
Vzw De Huizen streeft naar een kleinschalige, maatschappelijk geïntegreerde en gedifferentieerde strafuitvoering met een focus op re-integratie. Gevangenissen worden daarbij vervangen door kleinschalige detentiehuizen. In deze masterproef wordt een raamwerk opgesteld om de vele locaties die hiervoor nodig zijn te evalueren.

De rol van de Gentse moskeeën in deradicalisering en ‘disengagement’: de vreedzame imam als wapen in de strijd tegen radicalisering?

Saïd Chioua Lekhli
Het doel van deze thesis is het verkennen van de rol die imams kunnen spelen in disengagement en deradicalisering en hun eigen visies hierop. Hiervoor werd gebruikt gemaakt van een literatuuronderzoek, een analyse van beleidsdocumenten en diepte-interviews met imams van de moskeeën in Gent. Er wordt beargumenteerd dat imams een waarde kunnen hebben in disengagement en deradicalisering.

Terror-ex. Een casestudy naar het re-integratieproces van voormalig terroristen

Sigrid Raets
Het kernconcept re-integratie bij terroristen werd ontrafeld aan de hand van een theoretisch model, uitgesplitst naar het verloop van dit proces en de bijhorende katalyserende en remmende factoren. Dit theoretisch model werd verder uitgediept aan de hand van een casestudy naar een uitgetreden neonazi, uitgevoerd door middel van een inhoudsanalyse. Op basis van beide delen, theoretisch en empirisch, konden een aantal beleidsmatige conclusies getrokken worden.

Eigen Kracht-conferenties in de Geestelijke Gezondheidszorg: voldoende kracht van het netwerk?

Kristine Donche
.Krachtgerichte en netwerkversterkende methodieken zoals Eigen Kracht-conferenties worden vaak toegepast in de jeugdhulpverlening maar vinden tot op vandaag weinig ingang in de Geestelijke Gezondheidszorg. Stigmatisering en vooroordelen maken dat sommige hulpverleners te weinig geloven in de kracht en competenties van hun cliënt en zijn netwerk. Wil men streven naar een meer herstelgerichte zorg waar de cliënt zijn leven en zorg in eigen hand heeft dan kan EK-c een positieve aanvulling zijn op het bestaande aanbod.

Artikel 60 binnen OCMW Aalst, een goedlopende trein of een bij te sleutelen parcours?!

Karolien Devos
In dit onderzoek werd artikel 60 op mesoniveau, binnen het OCMW van Aalst, onderzocht. Dit met als doel een zo duidelijk mogelijk beeld te krijgen over hoe deze tewerkstelling loopt en waar er eventueel marge is voor verbetering.

Mijn onderzoeksopzet bestond enerzijds uit een interview met de beleidsmensen, met de ambtenaren die verantwoordelijk zijn voor deze sociale tewerkstelling. Anderzijds uit een focusgesprek met ervaringsdeskundigen, met mensen die of een sociale tewerkstelling positief hebben beëindigd of nog steeds aan het werk zijn als artikel 60.

Aan de hand van mijn ervaring en mijn onderzoeksopzet heb ik mijn veranderingsdoelen opgemaakt. Gezien de ervaringsdeskundigen artikel 60 als een positieve ervaring beschouwden denk ik dat men eerst en vooral moet proberen meer tewerkstelling plaatsen te creëren. Meer plaatsen geeft ook meer kansen dus meer kwetsbare mensen die men zo kan helpen naar werkervaring of zelfs naar een doorstroom naar de reguliere arbeidsmarkt. Hiervoor zal de begeleiding anders moeten worden aangepakt en zal ook de bijhorende subsidiëring moeten herbekeken worden. Zowel op mesoniveau binnen het OCMW te Aalst als op macroniveau en dus op Vlaams, gezien dit recent is overgeheveld van Federaal naar Vlaams.

Een tweede veranderingsdoel, wat ik zou willen gerealiseerd zien, is het verbeteren van de sfeer op de werkvloer ten opzichte van de mensen in artikel 60. Het welbevinden op het werk draagt volgens mij ook bij naar enerzijds je goed voelen in je vel maar anderzijds ook het goed presteren op het werk zelf. Voor mensen in sociale tewerkstelling denk ik dat de motivatie om op zoek te gaan naar een job na artikel 60 groter zal zijn als men een positieve ervaring heeft mogen ervaren.

Ook na begeleiding moet volgens mij beter. In het focusgesprek gaf elke deelnemer aan dat men in het spreekwoordelijke zwarte gat valt na artikel 60. Ook hier zouden we door in te zetten op betere, intensievere begeleiding, de doorstroom naar de reguliere markt kunnen bevorderen.

Ik ben dit eerst en vooral juridisch gaan bekijken, wetgeving versus toepassingen die men hanteert in het OCMW te Aalst. Daaruit bleek onder andere dat een flexibel werktraject, bijvoorbeeld deeltijds werken, wettelijk wel kan. Iets wat mogelijk zou moeten zijn voor iedereen in deze hectische maatschappij, zeker voor kwetsbare mensen die geen (groot) sociaal opvangnet hebben. Ook het loon voor de artikels 60 bepaalt men zelf als OCMW. Naar privé werkgevers toe factureert men 740 euro, openbare instanties die mensen tewerk stelt in artikel 60 betalen niets. Ook het feit dat men enkel leefloon gerechtigden in artikel 60 toelaat, is specifiek voor Aalst en zou dus ook anders kunnen. Er is dus een duidelijk verschil tussen wat er wetmatig mag en wat er in Aalst wordt toegepast. De reden hiervoor ligt meestal bij de subsidiëring die men hiervoor krijgt.

In een tweede invalshoek heb ik de psychosociale bril opgezet. Daar bleek, door de analyse van verschillende theorieën met betrekking tot het welbevinden en het hebben van een job, dat er wel effectief gevolgen kunnen zijn door het al dan niet hebben van een job. Zeker naar kwetsbare mensen toe moeten we hiermee rekening houden, zij hebben misschien bepaalde werkattitudes niet meegekregen van thuis. Doordat ze niet aan het werk zijn, worden ze uitgesloten uit de maatschappij. Men verliest zijn status en heeft niet het gevoel ergens bij te horen, ergens deel vanuit te maken. Aan het werk zijn zal hen dus empoweren, zal hun psychosociaal welzijn erop verbeteren.

Een laatste invalshoek is de hulpverlening. Doordat onze maatschappij volop in transitie is, dient de hulpverlening herbekeken te worden. Sleutelwoord bij hulpverlening is empoweren. Niet enkel doen wat wetmatig moet maar mensen helpen hun doelen te laten stellen en deze te verwezenlijken. De houding van de hulpverlener moet op voet van gelijkwaardigheid zijn en met een onvoorwaardelijke positieve houding ten opzichte van de cliënt met als doel zijn eigenwaarde te versterken.

Ik breng aan de hand van mijn onderzoeksopzet en theoretische staving vijf veranderingsstrategieën naar voor. Eerst en vooral moet artikel 60 voor iedereen kunnen en niet enkel voor mensen met een leefloon. Zo sluiten we mensen uit die ook zouden geholpen zijn door op deze manier aan het werk te kunnen. Ik denk bijvoorbeeld van een vrouw op leeftijd die van haar man is gescheiden en jaren voor de kinderen heeft gezorgd. Iemand van een iets oudere leeftijd, met een ‘black hole’ in haar CV van enkele jaren, zal niet makkelijk werk vinden.

Een tweede veranderingsstrategie is de mogelijkheid naar een flexibeler traject. Zeker nu we langer zullen moeten werken, is dit geen overbodige luxe. Zoals we ook in Finland zien, werkt zo’n systeem. Meer en meer mensen nemen ook hier ouderschapsverlof, tijdskrediet of loopbaanonderbreking om voor hun gezin of voor zichzelf te kunnen zorgen. Ook en zelfs vooral kwetsbare mensen die weinig of geen ervaring hebben en vaak niet beschikken over een sociaal opvangnet, zouden dit dus zeker moeten kunnen doen. Meer mensen zullen slagen in hun te presteren dagen in de opgegeven referteperiode en mensen gaan ook meer gemotiveerd zijn aan het werk te blijven in deze drukke geluksmaatschpapij.

Een derde strategie is de begeleiding van de mensen op de werkvloer die met mensen in artikel 60 moeten werken. Het stigmatiseren van deze groep tegen gaan door preventief de mensen op de werkvloer zelf grondig te informeren en hen te duiden wat de intentie is. Zo kunnen we taboes en vooroordelen wegwerken en eventuele pesterijen voorkomen. Een ‘workbuddy’, een gezinswetenschapper die niet alleen de mensen in sociale tewerkstelling maar ook de collega’s hierin begeleidt.

Een vierde strategie is het herbekijken van de kosten die men factureert aan privé firma’s. Zij krijgen een factuur van 740 euro per maand voor een werknemer, openbare instanties en vzw’s niet. Men hanteert dit omdat dit de kost is die het OCMW zelf zou moeten bijleggen, die men dus niet krijgt via subsidieringen. Op macroniveau zouden we dus moeten inzetten in het herbekijken van deze subsidieringen om deze gelijk te stellen. Maar ook OCMW Aalst zou zelf de beslissing kunnen nemen dit niet als grondvoorwaarde te hanteren. Zo creëren we meer tewerkstellingsplaatsen en vergroten we ook de doorstroom.

Een laatste voorstel naar verandering is de betere (na)begeleiding. Mensen in de laatste weken goed toeleiden naar het einde van hun tewerkstelling en al klaarstomen naar solliciteren op de reguliere arbeidsmarkt. Ook een betere samenwerking met onder andere VDAB is opportuun zijn. Ook hier is een rol weggelegd die perfect zou zijn voor een gezinswetenschapper.

Referentielijst:

Adriaens, C. L. (2013). Praktisch handboek voor OCMW-recht. 612 Loopbaan met zorg. (2015). Betekenis van werk. Betekenis van werk.

Tine Van Regenmortel, K. H. (2013. Het concept ‘empowerende academische werkplaats’. Een innovatieve vorm van samenwerken aan werkzame kennis. Tijdschrift voor Welzijnswerk, 36-48 Van Regenmortel, S. (2015, april). Sociaal werk moet anders in de nieuwe samenleving. Entry-media

Vlieger, S. D. (2008, Juni). Schuld en schaamte: een vergelijkende studie tussen werkenden en werklozen. Gent: Universiteit Gent.

Vries, S. D. (2010). Basismethodiek psychosociale hulpverlening. In S. D. Vries, Basismethodiek psychosociale hulpverlening (p. 425). Hoten, Nederland: Bohn Stafleu van Loghum.

DANS, de motor van het leren.

Nele Vandeneede
DANS, de motor van het leren.Het doel van onderwijs. Het scheppen van een krachtige leeromgeving.Kijk eens even naar de lucht. Zie je ze hangen, de stapelwolken? Groot, klein, grijs, wit. Eén grote wolkenmassa die drijft op de wind, deinend van links naar rechts. Maar weet je toevallig ook hoe zo'n wolken eigenlijk ontstaan?Het antwoord op deze mooie vraag kon juffrouw Jamy, leerkracht van groep 5 (*) heel keurig uitleggen aan haar leerlingen. Na het geven van een wetenschappelijk en correct onderbouwd antwoord herhaalde zij haar vraag: "Wie kan mij vertellen hoe een wolk wordt gevormd?".

Voetbalclubs en hun socio-culturele werking Van hooliganisme tot communitywerking in Engeland en België. Een casestudy van KAA Gent en RSC Anderlecht.

DEBORAH D'HAUWER
RSC Anderlecht, het nieuwe stadion en maatschappelijk verantwoord ondernemenIn de jaren tachtig van de twintigste eeuw waren er protestacties door voetbalsupporters. Om voetbalgeweld (één van de protestacties) aan te pakken, werden er door de voetbalautoriteiten en overheden verschillende acties op poten gezet. Fancoaching –het begeleiden van fans om incidenten tegen te gaan- is daar een voorbeeld van. Het Heizeldrama (1985) en Hillsboroughincident (1989) speelden hierin een belangrijke rol. In Manchester verzetten de supporters zich echter tegen de hypercommercialisering van het voetbal.

Drijfveren van ervaringsdeskundigen in de geestelijke gezondheidszorg: "Opbouwen van een positieve identiteit"

Joeri Vandewalle Sofie Verhaeghe Bart Debyser
Drijfveren van ervaringswerkers in de geestelijke gezondheidszorg.‘Opbouwen van een positieve identiteit’INTRODUCTIEJe kent het wel: een rotdag op het werk, een uitbrander krijgen van je baas of een moeizaam contact met collega’s. Misschien is jouw droomjob helemaal niet wat je ervan had verwacht? Daarom moeten we beseffen dat mensen geen machines zijn maar een eigen wil en drijfveren hebben. Datgene wat iemand drijft beïnvloed zijn of haar gedrag en emoties. Dit draagt dan weer bij aan de vorming van onze identiteit.

De schuldige onschuldige kinderen. Jeugddelinquentie tijdens de Eerste Wereldoorlog in onbezet België

Anouk Bruneel Anouk Bruneel
Met deze scriptie werd een bijdrage geleverd aan het historisch onderzoek aangaande kinderen tijdens de Eerste Wereldoorlog in onbezet België. Aan de hand van het bespreken van de jeugddelinquentie werd een beeld geschetst van de kinderen en hun dagelijks leven tijdens deze voor hen ongeziene omstandigheden. Het werd duidelijk dat de oorlog niet alleen inwerkte op het wel en wee van de bevolking in het door het Duitse Rijk bezette landsdeel, maar dit ook het geval was voor de bevolking achter het front.

Tegen de stroom in? Horende ouders van dove kinderen die kiezen voor Vlaamse Gebarentaal.

Goedele Debeerst
Gebaren met doof kind lijkt wel zwemmen tegen de stroom in“Hoe belangrijk is het nu niet dat hij dat gebaar kent en dat ik dat gebaar ken om te weten wat mijn kind wilt zeggen tegen mij?” aldus een horende ouder van een doof kind.Stel je voor dat de taal die voor je kind het meest toegankelijk is, niet je eigen (moeder)taal is en dat het bovendien een taal is waarvan niet iedereen het nut inziet. Als horende ouder Vlaamse Gebarentaal (VGT) gebruiken met je dove kind: is dat een noodzakelijke brug slaan tussen twee werelden of is het een brug te ver?

Misdaden tegen de Mensheid, Mensenrechten en Conflicttransformatie in het toetredingsbeleid van de Europese Unie

Evelyn Merckx
Europa Ziet SterretjesDe toetredingsperikelen van de ex-Joegoslavische landen leggen de ziel van de Europese Unie blootEuropa staat in een spreidstand: terwijl de kreet voor minder EU in veel lidstaten steeds luider klinkt, willen verschillende kandidaat-lidstaten net niets liever dan het lidmaatschap. Dankzij een onderzoek naar het toetredingsparcours van de kandidaat-lidstaten uit ex-Joegoslavië kunnen lessen getrokken worden voor een vernieuwde, hechtere EU.Een eengemaakt, maar verbrokkeld EuropaDe EU telt momenteel 28 lidstaten.