Het nut van en mogelijke alternatieven voor de Europese vennootschap (SE) in het kader van grensoverschrijdende samenwerking

Emmy Tonoli
Op 4 mei 2018 is de Europese vennootschap North Sea Port opgericht door Havenbedrijf Gent en Zeeland Seaports. Meer en meer wordt er grensoverschrijdend samengewerkt tussen vennootschappen uit verschillende EU-lidstaten. Hierbij stelt men onmiddellijk de vraag in welke rechtsvorm dit het best gebeurt. Waarom kozen de havenbedrijven van North Sea Port voor de unieke rechtsvorm, de Europese vennootschap?

België groot voorbeeld in Europa door oprichting North Sea Port

North Sea Port haven

"North Sea Port is nummer drie van de Europese havens.”

Op 4 mei 2018 is de Europese vennootschap North Sea Port opgericht door Havenbedrijf Gent en Zeeland Seaports. De grote stap naar deze juridische havenfusie is geen verrassing. Al in 1823 zorgde Koning Willem l voor de verbinding tussen Gent en Terneuzen door de aanleg van een kanaal. Vandaag verbindt dit kanaal deze twee belangrijke havens. Door de oprichting van de Europese vennootschap North Sea Port verwacht men een betere en soepelere samenwerking over de grenzen heen op economisch en cultureel vlak.

 

Together smarter

Meer en meer wordt er grensoverschrijdend samengewerkt tussen vennootschappen uit verschillende EU-lidstaten. Hierbij stelt men onmiddellijk de vraag in welke rechtsvorm dit het best gebeurt. Waarom kozen de havenbedrijven van North Sea Port voor de unieke rechtsvorm, de Europese vennootschap?

Deze rechtsvorm biedt een juridische oplossing voor de interne reorganisatie van vennootschappen met grensoverschrijdende activiteiten. Transnationale vennootschappen streven vandaag naar een ruimer netwerk, een hechtere samenwerking, meer invloed, ambitie en een manier om vernieuwend te ondernemen. Door ervaring te delen en elkaar te helpen wil men zich versterken op het Europees en internationaal niveau. De slagzin in het nieuwe logo van North Sea Port ‘Together smarter’ sluit hier bij aan.

 

Koningstroeven

De Europese vennootschap voorziet in een uitzonderlijke rechtsvorm die grotendeels geregeld wordt onder een Europese verordening, aangevuld met een bijhorende richtlijn. Hierdoor krijgen de ondernemingen de gelegenheid om aan de hand van een rechtspersoon, die onderhevig is aan een regelgeving die in alle lidstaten wordt aanvaard, in de gehele Europese Unie te opereren.

Het Europees imago van deze rechtsvorm zorgt voor een aanzienlijke reputatie op mondiaal vlak. Dit voordeel kan als één van de grootste troeven beschouwd worden en is veel minder terug te vinden bij alternatieve rechtsvormen.

Ook is er de mogelijkheid om de statutaire zetel van de Europese vennootschap vrij te verplaatsen naar een andere EU-lidstaat. Deze zetelverplaatsing kan zonder veel formaliteiten in tegenstelling tot de zetelverplaatsing bij nationale vennootschappen.

Daarnaast is een sterkere positie mogelijk bij onderhandelingen met banken en de vraag naar financiële steun bij de Europese Unie.

Tot slot zorgt het supranationaal karakter van de Europese vennootschap voor stabiliteit en continuïteit in de regelgeving en de naleving ervan. Het vervaagt de interne grenzen met als gevolg een toename van samenwerking op economisch vlak.

North Sea Port staat door de oprichting van de Europese vennootschap nu op de Europese nummer drie, op basis van de toegevoegde waarde van hun logistiek en industrie, na Antwerpen en Rotterdam.

 

Uniek

Het unieke aan deze samenwerking is dat het gaat om een fusie van overheidsbedrijven en dus niet van privébedrijven. Om deze fusie tussen Zeeland Seaports en het Havenbedrijf Gent mogelijk te maken, was er aan Belgische zijde een wijziging nodig in het bestaande Vlaamse wettelijk kader. In België liet het Gemeentedecreet immers nog niet toe om gemeenten en provincies te laten participeren in een Europese vennootschap met statutaire zetel in een andere lidstaat. Om die reden is er op 30 maart 2018 een bijzonder Vlaams decreet gekomen dat deze structuur van de Europese vennootschap wettelijk mogelijk maakt. Dit decreet wijzigt zowel het bestaande Havendecreet als het Gemeentedecreet.

 

Een dure droom

In België zijn er tot op vandaag slechts een 11-tal Europese vennootschappen, in Europa maar een 3000-tal. Het lage aantal is voornamelijk te wijten aan de hoge kosten verbonden bij de oprichting van een Europese vennootschap. Dit heeft hoofdzakelijk een afschrikkend effect op kleinere bedrijven.

Allianz SE en BASF SE zijn bekende voorbeelden van grote Europese vennootschappen met uitzonderlijk hoge omvormingskosten. Zelfs wanneer men deze kapitaalkrachtige voorbeelden buiten beschouwing laat, komt men tot een gemiddelde oprichtingskost van 784.000  euro. Dit bedrag bevat de kosten voor juridisch advies, de inschrijving, vertalingen en belastingadvies. Daarnaast moet het geplaatst kapitaal van deze rechtsvorm minstens 120.000 euro bedragen. Tot slot kan onvoldoende bekendheid en rechtsonzekerheid van deze rechtsvorm een afschrikkend effect hebben.

 

Pijnpunten alternatieven

De belangrijkste alternatieven om grensoverschrijdend samen te werken zijn onder meer de grensoverschrijdende fusie van kapitaalvennootschappen en de grensoverschrijdende  contractuele samenwerking. Deze alternatieven dragen niet bij tot het harmoniseren van het Europees vennootschapsrecht terwijl de Europese vennootschap dit wel doet dankzij de Europese verordening waaronder zij geregeld wordt. De grensoverschrijdende fusie van kapitaalvennootschappen is onderworpen aan een Europese richtlijn, maar de vennootschap die overblijft, volgt daarentegen volledig de nationale wetgeving. Bij de grensoverschrijdende contractuele samenwerking is het contract onderhevig aan de nationale wetgeving van één van de participerende vennootschappen. Daarnaast is er ook geen sprake van een Europees imago aangezien deze alternatieven een nationale rechtsvorm hebben. De zetelverplaatsing bij een Europese vennootschap heeft het voordeel dat niet tot de ontbinding van de vennootschap en de oprichting van een nieuwe vennootschap moet worden overgegaan, zoals dit de regel wel is bij nationale vennootschappen.

 

Standbeeld in Gent

De Europese vennootschap kan een zeer interessant en efficiënt rechtsinstrument zijn. De voor- en nadelen die eraan verbonden zijn, moeten bekeken worden op een case-by-case basis. Dankzij de toekomstvisie van Willem l, die op 20 oktober 2018 met een standbeeld in Gent gehuldigd wordt, is de Europese droom van Havenbedrijf Gent en Zeeland Seaports werkelijkheid geworden.

Emmy Tonoli

Bibliografie

 

      I.            Wetgeving

·         Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie van 25 maart 1957, BS 25 december 1957.

·         Verord.Raad nr. 2137/85, 25 juli 1985 tot instelling van Europese economische samenwerkingsverbanden (EESV), Pb.L.31 juli 1985, afl. 199, 1-9.

·         Verord.Raad nr. 1435/2003, 22 juli 2003 tot het statuut van de Europese Coöperatieve Vennootschap (SCE), Pb.L. 18 augustus 2003, afl. 201, 1-24.

·         Verord.Raad nr. 2157/2001, 8 oktober 2001 betreffende het statuut van de Europese Vennootschap (SE), Pb.L. 10 november 2001, afl. 294, 1-21.

·         Richtl.Raad nr. 2001/86/EG, 8 oktober 2001 tot aanvulling van het statuut van de Europese Vennootschap met betrekking tot de rol van de werknemers, Pb.L. 10 november 2001, afl. 294, 22-32.

·         Richtl.Raad nr. 2009/133/EG VAN DE RAAD,19 oktober 2009 betreffende de gemeenschappelijke fiscale regeling voor fusies, splitsingen, gedeeltelijke splitsingen, inbreng van activa en aandelenruil met betrekking tot vennootschappen uit verschillende lidstaten en voor de verplaatsing van de statutaire zetel van een SE of een SCE van een lidstaat naar een andere lidstaat, Pb.L. 25 november 2009, afl. 310, 34–46.

·         Richtl.Raad nr. 2005/56/EG, 26 oktober 2005 betreffende grensoverschrijdende fusies van kapitaalvennootschappen (opgeheven door Richtl.Raad nr. 2017/1132, 14 juni 2017 aangaande bepaalde aspecten van het vennootschapsrecht, Pb.L. 30 juni 2017, afl. 169, 46-127).

·         Richtl.Raad nr. 2017/1132, 14 juni 2017 aangaande bepaalde aspecten van het vennootschapsrecht, Pb.L. 30 juni 2017, afl. 169, 46-127.

·         Richtl.Raad nr. 2013/36/EU, 26 juni 2013 betreffende toegang tot het bedrijf van kredietinstellingen en het prudentieel toezicht op kredietinstellingen en beleggingsondernemingen, tot wijziging van Richtlijn 2002/87/EG en tot intrekking van de Richtlijnen 2006/48/EG en 2006/49/EG Voor de EER relevante tekst, Pb.L. 27 juni 2013, afl. 176, 338–436.

·         Richtl.Raad nr. 91/674/EEG, 19 december 1991 betreffende de jaarrekening en de geconsolideerde jaarrekening van verzekeringsondernemingen, Pb.L. 31 december 1991, 374, 7-31.

·         Verslag (Comm.) over de toepassing van Verordening (EG) nr. 2157/2001 van de Raad van 8 oktober 2001 betreffende het statuut van de Europese vennootschap (SE), 17 november 2010, COM (2010) 676 def.

·         Wet van 17 september 2005 houdende diverse bepalingen met betrekking tot de instelling van een bijzondere onderhandelingsgroep, een vertegenwoordigingsorgaan en procedures betreffende de rol van de werknemers in de Europese vennootschap, BS 26 oktober 2005.

·         Wet van 10 augustus 2005 houdende begeleidende maatregelen met betrekking tot de instelling van een bijzondere onderhandelingsgroep, een vertegenwoordigingsorgaan en procedures betreffende de rol van de werknemers in de Europese vennootschap, BS 7 september 2005.

·         Wet van 8 juni 2008 houdende diverse bepalingen, BS 16 juni 2008.

·         KB van 1 september 2004 houdende tenuitvoerlegging van verordening (EG) nr. 2157/2001 van de Raad van 8 oktober 2001 betreffende het statuut van de Europese vennootschap, BS 9 september 2004.

·         Decr.Vl. 30 maart 2018 betreffende het beheer en de exploitatie van het havengebied van Gent en tot specifieke afwijkingen van het Havendecreet voor het havengebied van Gent, BS 6 april 2018.

·         CAO nr. 84 van 6 oktober 2004, gesloten in de Nationale Arbeidsraad, betreffende de rol van de werknemers in de Europese vennootschap, gewijzigd door de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 84 bis van 21 december, BS van 19 januari 2005.

·         W.Venn.

·         W.E.R.

·         B.W.

·         V.W.E.U.

·         Burgerlijk Wetboek Boek 2 (Nederlands recht).

 

 

  II.            Rechtsleer

 

a)     Boeken

·         CLAEYS, I., Verbintenissenrecht, 2015, Universiteit gent, 290 p.

·         COLOMBANI, J., FAVERO, M. et CAMUS, P., La Societas Europaea/ La Société Européenne (SE), Paris, Joly, 2002, 180 p.

·         DE GRAEVE, A., ROODHOOFT, J.,  en WINDY, B., Praktisch vennootschapsrecht, Wommelgem, Van In, 2017, 199 p.

·         DE KLUIVER, H.J., DUMOULIN, S.H.M.A., WITTEVEEN, P.A.M. e.a., De Europese vennootschap  (SE), Deventer, Kluwer, 2004, 312 p.

·         EECKHOUTTE, W., Sociaal Compendium arbeidsrecht 2017-2018, Mechelen, Kluwer, 2017, 3.011 p.

·         HIRTE, H. and TEICHMANN, C., The European private company- societas privata europaea (SPE), Berlin, De Gruyter, 2013, 508 p.

·         HOFKENS, J., MAEREVOET, K., VAN ENDE, K. en VAN VALCKENBORGH, F., Nieuwe wetgeving: De Europese vennootschap, Mechelen, Kluwer, 2005, 230 p.

 

·         KOPPENOL-LAFORCE, M.E., BARTMAN, S.M., KÖNIG, Ph.H.F. e.a., De Europese vennootschap in de praktijk (SE), Deventer, Kluwer, 2005, 244 p.

·         MORBEE, K., GERNAY, T.,  en VEKEMAN, M., Handboek voor Fiscaal recht 2017-2018, Mechelen, Kluwer, 2017, 2292 p.

·         OPLUSTIL, K., and TEICHMANN, C., The European company-all over Europe: A state-by-state account of the introduction of the European Company, Berlin, De Gruyter, 2012, 427 p.

·         PEETERS, B., Europees Belastingrecht, Gent, Larcier, 2005, 851 p.

·         RICKFORD, J., The European company: developing community law of corporations, Antwerpen, Intersentia, 2003, 154 p.

·         STEINER, S., Societas Privata Europaea : Perspektiven einer neuen supranationalen Rechtsform, Frankfurt, Lang, 2009, 167 p.

·         VAN VEEN, W.J.M., BELLINGWOUT, J. W., BLECOURT-WOUTERSE, M.A.D. e.a., De Europese naamloze vennootschap (SE): een nieuwe rechtsvorm in het Nederlandse recht, Deventer, Kluwer, 2004, 362 p.

 

b)     tijdschriften

·         BYTTEBIER, K., Handboek fusies en overnames, Antwerpen, Intersentia, 2012, 912.

·         CASTELEIN, C., “De Societas Europaea, nuttig instrument of maat voor niets?”, Jura Falc. 2002-03, 41-76.

·         DE MEULENEERE, I., “Eindelijk een Europese vennootschap”, Juristenkrant 2001, 13.

·         DORSSEMONT, F., “Werknemersparticipatie in de Societas Europaea”, De Juristenkrant 2001, 13.

·         EVRARD, M., GUBBELS, A. et DEROOCK, M., “La société européenne de droit belge“, DAOR 2004, 3.

·         FALCONIS, J., WYCKAERT, M., DE BROE, L., Corporate Mobility in België en Europa, Antwerpen, Intersentia, 2014, 142.

 

·         LEMMENS, J., “Europese vennootschap uit de steigers”, Acc.Bedr.M. 2002, 9-10.

 

 

·         MARESCEAU, K., “De Europese markt voor vennootschapsrecht: een (her)evaluatie van het vennootschapsrechtelijke harmonisatieprogramma”, TPR 2015, 549-596.

 

·         PALMAER, G.  en GUBBELS, A., ”De grensoverschrijdende fusie”, T. Fin. R. 2008, 282.

·         PARREIN, F., “De wet van 8 juni 2008 en de grensoverschrijdende fusie”, RW 2010-11,(306)

314

·         PEETERS, J., “De rol van de werknemers in de Europese vennootschap.”, R.D.S. 2003, 323.

 

·         PRINGOT, S., “De Europese vennootschap: de toepasselijke rechtsregels of de intrede van het nationaal vennootschapsrecht op de Europese scène”, TBH 2006, 358.

 

·         UGLIANO, A., “The new cross-border merger directive: harmonisation of European company law and free movement”, EBLR 2007,(585) 612. 

·         VAN GERVEN, D., “Een overzicht van de rechtspersonen van Europees recht”, TBH 2006, 151-169.

·         VAN GERVEN, D., “Editoriaal: We zijn op weg naar een eenvormig Europees vennootschapsrecht: het glas is halfvol.”, TRV 2011, 329.

·         VAN VALCKENBORGH, F., “Europese vennootschap”, NJW 2006, 194-200.

·         VERMEYLEN, J. en DAUWE, A., “De binnenlandse en de grensoverschrijdende fusie- en splitsingsprocedures na de wet van 8 januari 2012: een kritische analyse”, RW 2012-13, 981.

·         VERSTRAETE, H., “Worden grensoverschrijdende reorganisaties gemakkelijker?”, Fiscoloog 2003, 1-5.

·         WAUTERS, B., “Oprichting en openbaarmakingsformaliteiten”,OVV 2010, 10.

·         WAUTERS, M., “Europese vennootschap: curiosum of katalysator voor een nieuwe harmonisatiegolf ?”,TBH 2002, 157-160.

·         X., “De trein van de Europese Vennootschap is vertrokken”, De Venn. 2002, 8-9.

 

 

 

III.            Rechtspraak

 

·         HvJ 1 oktober 2009, nr. C-575/08, ECLI:EU:C:2009:606.

·         HvJ 9 maart 1999, nr. C-212/97, ECLI:EU:C:1999:126.

 

·         HvJ 13  december  2005, nr.  C-411/03, ECLI:EU:C:2005:762.

 

 

IV.            Online bronnen

 

·         “North Sea Port boekt recordoverslag”, www.tijd.be (consultatie 15 maart 2018).

 

·         R. JACOBUS, “De havenfusie van Gent en Zeeland staat in de sterren geschreven”, Ondernemers 2018, 8. www.voka.be (consultatie 15 maart 2018).

·         “Allianz wordt Europese vennootschap”, www.standaard.be (consultatie 5 april 2018).

 

·         "Allianz Plans Buy Out of AGF Minority Shares; German Life Minorities", www.insurancejournal.com (consultatie 5 april 2018).

 

·         “Zalando opnieuw stap dichter bij beursgang”, www.tijd.be (consultatie 5 april 2018).

 

·         A. CARLSON (2018) SE Companies in 2018. Workers' Participation Europe Network, ETUI. www.worker-participation.eu (consultatie 15 april).

 

·         “De voor- en nadelen van de Europese vennootschap”, www.ondernemingsrecht-duitsland.nl(consultatie 20 april).

 

·         “(Tsjechië) Paradijs voor duistere ondernemingen”, www.voxeurop.be. (consultatie  2 mei 2018).

 

Universiteit of Hogeschool
Bedrijfsmanagement- afstudeerrichting Rechtspraktijk
Publicatiejaar
2018
Promotor(en)
Benjamin Chamon
Kernwoorden