De rol van het EVRM bij gemeentelijke administratieve sancties

Marie DeCock
Persbericht

GAS in strijd met de mensenrechten?

GAS in strijd met de mensenrechten?

 

Een GAS-boete. U kent het wel. Al jaren laaien de gemoederen hoog op omtrent deze manier van sanctioneren. Menigmaal ontstond er een verhit debat tussen voor- en tegenstanders. Terecht, zegt u, als u weet dat gemeentelijke administratieve sancties niet worden opgelegd door een rechter maar door een orgaan van de uitvoerende macht. Maar is het uitvaardigen van een gemeentelijke administratieve sanctie wel zo onrechtvaardig als sommigen verkondigen? Is het problematisch dat een ambtenaar de sanctie oplegt in plaats van een rechter? Is GAS in strijd met het recht op een eerlijk proces zoals vervat in artikel 6 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM) en bijgevolg met de mensenrechten?

 

“Ik wil rechter spelen, meneer!”

 

Een gemeentelijke administratieve sanctie wordt niet opgelegd door een rechter, maar – afhankelijk van de soort sanctie – door een sanctionerend ambtenaar of door het college van burgemeester en schepenen. Met het oog op de scheiding der machten is dit opmerkelijk. De handhaving van het recht is immers een karakteristieke taak van de rechterlijke macht, niet van de uitvoerende macht. Hierdoor is het van belang erover te waken dat er bij de administratieve afhandeling voldoende rechtsbescherming en waarborgen bestaan voor de overtreder. Die waarborgen worden voorgeschreven door onder andere het recht op een eerlijk proces vervat in artikel 6 EVRM.

 

Administratieve fase buiten schot

 

Het recht op een eerlijk proces moet worden gerespecteerd tijdens de GAS-procedure. Aangezien de sanctionerende organen niet alle waarborgen van artikel 6 EVRM eerbiedigen, lijkt het problematisch dat een gemeentelijke administratieve sanctie niet door een rechter wordt opgelegd. Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) heeft echter geoordeeld dat het toekennen van een bestraffingsmogelijkheid aan een administratieve overheid die niet aan de vereisten van artikel 6 EVRM voldoet, kan, maar enkel als de gesanctioneerde zich naderhand tot een rechter kan wenden die wel voldoet aan de waarborgen van artikel 6 EVRM en bovendien volle rechtsmacht heeft. Dat de procedure voor de sanctionerend ambtenaar of het college van burgemeester en schepenen niet voldoet aan het recht op een eerlijk proces vindt het EHRM dus niet erg.

 

De sanctionerende overheden krijgen – gelukkigerwijs – geen vrij spel. Ook al zijn ze geen rechter, toch moeten ze een aantal waarborgen van artikel 6 EVRM respecteren: de redelijke termijn, het vermoeden van onschuld en de rechten van verdediging. Grosso modo respecteert de administratieve fase die drie waarborgen. Toch is er ruimte voor verbetering. Zo ontbreekt er een wettelijke verjaringstermijn waarbinnen het college van burgemeester en schepenen moet beslissen. Dit is een tekort van de GAS-wet dat het gevoel van willekeur in de hand werkt en de rechtsbescherming beknot.

 

 

De ‘echte’ rechter

 

Afhankelijk van de soort gemeentelijke administratieve sanctie is er een beroepsmogelijkheid bij de politie- of jeugdrechter of bij de Raad van State. Indien de rechter het recht op een eerlijk proces respecteert en over volle rechtsmacht beschikt, is het voldoende dat artikel 6 EVRM pas tijdens deze jurisdictionele fase wordt geëerbiedigd. Die volle rechtsmacht is waar het schoentje wringt... Volle rechtsmacht betekent dat het niet volstaat dat een rechter op om het even welke manier oordeelt: de rechter moet een aantal minimale bevoegdheden hebben, waaronder een toetsingsbevoegdheid.

 

Die toetsingsbevoegdheid doet heel wat stof opwaaien. Onder de toetsingsbevoegdheid kunnen de feitenbeoordeling, de wettigheid, de evenredigheid en de opportuniteit vallen. Opdat een rechter volle rechtsmacht zou hebben, moet hij hoe dan ook de wettigheid en evenredigheid van de gemeentelijke administratieve sanctie kunnen toetsen. Over de vraag of hij de opportuniteit van de sanctie moet kunnen beoordelen, heerst er verdeeldheid. Het toetsen van de opportuniteit van een sanctie door een rechter is immers alarmerend gelet op de scheiding der machten. In België leeft nog steeds het inzicht dat een volledige opportuniteitstoets van een gemeentelijke administratieve sanctie is uitgesloten en dat de toetsing slechts marginaal mag zijn. Daartegenover staat een tweede visie die stelt dat een rechter met volle rechtsmacht de opportuniteit van een sanctie wel moet kunnen toetsen. Volgens die laatste strekking is een marginale toetsing te beperkt om van volle rechtsmacht te kunnen spreken waardoor, indien een rechter de opportuniteit van de sanctie niet toetst, het recht op een eerlijk proces is miskend.

 

Raad van State

 

Volgens de eerste visie voldoet de toetsingsbevoegdheid van de Raad van State aan de vereisten inzake volle rechtsmacht. Die bestuursrechter gaat de wettigheid van de sanctie na, maar voert slechts een marginale toetsing door. Hierdoor laat hij de opportuniteit buiten beschouwing. Daarentegen, doordat de Raad van State een sanctie slechts marginaal toetst op zijn redelijkheid, heeft hij volgens de tweede visie geen volle rechtsmacht. De beroepsmogelijkheid bij de Raad van State is bijgevolg in strijd met artikel 6 EVRM.

 

 

Politie- en jeugdrechter

 

De trias politica zorgt ervoor dat de politie- of jeugdrechter zich, net zoals de Raad van State, in beginsel niet mag uitlaten over de opportuniteit van een GAS-boete. Volgens de eerste visie voldoet de procedure tot het aanvechten van die GAS-boete aan het vereiste van artikel 6 EVRM, te weten het recht op toegang tot een rechter met volle rechtsmacht. Aanhangers van de tweede visie menen dat de politie- en jeugdrechter geen volle rechtsmacht heeft door zijn gebrek aan opportuniteitstoetsing, tenzij de rechter zich soepeler opstelt en de evenredigheid van de sanctie zo benadert dat hij haast overgaat tot een opportuniteitstoets.

 

 

Weg, mensenrechten!

 

Indien de tweede visie wordt aangehangen, is de GAS-procedure in strijd met het recht op een eerlijk proces en bijgevolg met de mensenrechten. Dit wordt enkel versterkt doordat er slechts in 1,79 procent van de gevallen een beroep wordt ingesteld tegen GAS waardoor er haast nooit rechterlijke controle bestaat op de oplegging van een gemeentelijke administratieve sanctie. Het blijft een bestuursorgaan dat de rol opneemt van rechter terwijl het de waarborgen van artikel 6 EVRM niet allemaal respecteert. Wie weet is dit gegeven de olie op het vuur in de discussie omtrent de rechtsbescherming ten aanzien van gemeentelijke administratieve sancties. In ieder geval kan deze bedenking een reden zijn om de GAS-stapel opnieuw te doen smeulen.

Bibliografie

Bibliografie

Wetgeving

Europeesrechtelijke normen

 

  • Verdrag 4 november 1950 tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden.
     
  • Aanvullend Protocol bij het Verdrag tot Bescherming van de Rechten van de Mens en de Fundamentele Vrijheden.
     
  • Protocol nr. 4 bij het Verdrag tot Bescherming van de Rechten van de Mens en de Fundamentele Vrijheden, tot het waarborgen van bepaalde rechten en vrijheden die niet reeds in het Verdrag en in het Eerste Protocol daarbij zijn opgenomen.
     
  • Protocol nr. 7 bij het Verdrag tot Bescherming van de Rechten van de Mens en de Fundamentele Vrijheden.
     
  • Protocol nr. 12 bij het Verdrag tot Bescherming van de Rechten van de Mens en de Fundamentele Vrijheden.
     

 

Akten van de wetgevende machten

 

  • Wet 24 juni 2013 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties, BS 1 juli 2013.
     
  • Decreet van 21 juni 2013 houdende wijziging van het decreet van 26 maart 2004 betreffende de openbaarheid van bestuur, wat de beroepstermijnen betreft, BS 19 juli 2013.
     
  • Wetboek van economisch recht van 28 februari 2013, BS 29 maart 2013.
     
  • Wet 1 juni 2011 tot instelling van een verbod op het dragen van kleding die het gezicht volledig dan wel grotendeels verbergt, BS 13 juli 2011.
     
  • Sociaal Strafwetboek van 6 juni 2010, BS 1 juli 2010.
     
  • Wet 15 mei 2007 tot instelling van de functie van gemeenschapswacht, tot instelling van de dienst gemeenschapswachten en tot wijziging van artikel 119bis van de nieuwe gemeentewet, BS 29 juni 2007.
     
  • Wet 15 mei 2006 tot wijziging van de wet van 8 april 1965 betreffende de jeugdbescherming, het Wetboek van strafvordering, het Strafwetboek, het Burgerlijk Wetboek, de nieuwe gemeentewet en de wet van 24 april 2003 tot hervorming van de adoptie, BS 2 juni 2006.
     
  • Wet 20 juli 2005 houdende diverse bepalingen, BS 29 juli 2005.
     
  • Wet 17 juni 2004 tot wijziging van de nieuwe gemeentewet, BS 23 juli 2004.
     
  • Wet 7 mei 2004 tot wijziging van de wet van 8 april 1965 betreffende de jeugdbescherming en de nieuwe gemeentewet, BS 25 juni 2004.
     
  • Wet van 13 mei 1999 tot invoering van gemeentelijke administratieve sancties, BS 10 juni 1999.
     
  • Wet 21 december 1998 betreffende de veiligheid bij voetbalwedstrijden, BS 3 februari 1999.
     
  • Wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motivering van bestuurshandelingen, BS 12 september 1991.
     
  • Wet 10 april 1990 tot regeling van de private en bijzondere veiligheid, BS 29 mei 1990.
     
  • Gecoördineerde wetten op de Raad van State van 11 juli 1973, BS 21 maart 1973.
     
  • Wetboek van 3 juli 1969 van de belasting over de toegevoegde waarde, BS 17 juli 1969.
     
  • Wetten op het gebruik van de talen in bestuurszaken van 18 juli 1966, BS 2 augustus 1966.
     
  • Besluitwet 29 december 1945 houdende verbod tot het aanbrengen van opschriften op den openbaren weg, BS 4 januari 1946.
     
  • Gemeentedecreet.
     
  • Gerechtelijk Wetboek.
     
  • Nieuwe Gemeentewet.

     

 

Koninklijke besluiten

 

  • KB 9 maart 2014 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties voor de overtredingen betreffende het stilstaan en het parkeren en voor de overtredingen betreffende de verkeersborden C3 en F 103, vastgesteld met automatisch werkende toestellen, BS 20 juni 2014.

 

 

Gemeentelijke besluiten
 

 

 

Omzendbrieven

 

  • Omz. 22 juli 2014 waarbij uitleg verschaft wordt bij de nieuwe regelgeving aangaande de gemeentelijke administratieve sancties, BS 8 augustus 2014.
     
  • Omz. 3 januari 2005 aangaande de uitvoering van de wetten van 13 mei 1999 tot invoering van gemeentelijke administratieve sancties, van 7 mei 2004 tot wijziging van de wet van 8 april 1965 betreffende de jeugdbescherming en de nieuwe gemeentewet en van 17 juni 2004 tot wijziging van de nieuwe gemeentewet, BS 20 januari 2005.
     
  • Omz. 2 mei 2001 aangaande de uitvoering van de wet van 13 mei 1999 betreffende de invoering van de gemeentelijke administratieve sancties, BS 23 mei 2001.

 

 

Voorbereidende documenten

 

  • Adv.RvS nr. 52.585/2 bij de wet betreffende de gemeentelijke administratieve sancties, BS 1 juli 2013.
     
  • Adv.RvS nr. 2031/4 bij de wet tot invoering van gemeentelijke administratieve sancties, BS 10 juni 1999.
     
  • Memorie van toelichting bij het wetsontwerp betreffende de gemeentelijke administratieve sancties, Parl.St. Kamer 2012-13, nr. 2712/001.
     
  • Memorie van toelichting bij het wetsontwerp tot invoering van gemeentelijke administratieve sancties, Parl.St. Kamer 1998-99, nr. 2031/1.
     

 

Rechtspraak

Europees Hof voor de Rechten van de Mens

 

  • EHRM 4 maart 2014, nr. 18640/10, Grande Stevens/Italië.
  • EHRM 27 september 2011, nr. 43509/08, A. Menarini Diagnostics S.R.L./Italië.
  • EHRM 21 juli 2011, nr. 32181/04 and 35122/05, Sigma Radio Television LTD/Cyprus.
  • EHRM 10 februari 2009, nr. 14939/03, Sergey Zolotukhin/Rusland.
  • EHRM 12 april 2007, nr. 66455/01, Bulinwar Ood en Hrusanov/Bulgarije.
  • EHRM 23 november 2006, nr. 73053/01, Jussila/Finland.
  • EHRM 6 september 2005, nr. 61406/00, Gurepka/Oekraïne.
  • EHRM 16 november 2004, nr. 53371/99, Canady/Slowakije.
  • EHRM 4 maart 2004, nr. 47650/99, Silvester’s Horeca Service/België.
  • EHRM 9 oktober 2003, nr. 39665/98 and 40086/98, Ezeh and Connors/Verenigd Koninkrijk.
  • EHRM 21 mei 2003, nr. 34619/97, Janosevic/Zweden.
  • EHRM 29 mei 2001, nr. 37950/97, Franz Fischer/Oostenrijk.
  • EHRM 13 februari 2001, nr. 29731/96, Krombach/Frankrijk.
  • EHRM 23 september 1998, nr. 68/1997/852/1059, Malige/Frankrijk.
  • EHRM 2 september 1998, nr. 5/1998/908/1120, Kadubec/Slowakije.
  • EHRM 2 september 1998, nr. 4/1998/907/1119, Lauko/Slowakije.
  • EHRM 30 juli 1998, nr. 84/1997/868/1080, Oliveira/Zwitserland.
  • EHRM 26 januari 1996, nr. 57/1994/504/586, Putz/Oostenrijk.
  • EHRM 23 oktober 1995, nr. 15523/89, Schmautzer/Oostenrijk.
  • EHRM 10 februari 1995, nr. 15175/89, Allenet de Ribemont/Frankrijk.
  • EHRM 23 maart 1994, nr. 14220/88, Ravnsborg/Zweden.
  • EHRM 24 februari 1994, nr. 12547/86, Bendenoun/Frankrijk
  • EHRM 24 november 1993, nr. 13972/88, Imbrioscia/Zwitserland.
  • EHRM 29 april 1988, nr. 10328/83, Belilos/Zwitersland.
  • EHRM 25 augustus 1987, nr. 9912/82, Lutz/Duitsland.
  • EHRM 21 februari 1984, nr. 8544/79, Öztürk/Duitsland.
  • EHRM 10 februari 1983, nr. 7299/75 en 7496/76, Albert and Le Compte/België.
  • EHRM 23 juni 1981, nr. 6878/75; 7238/75, Le Compte, Van Leuven and De Meyere/België.
  • EHRM 8 juni 1976, nr. 5100/71, 5101/71, 5102/71, 5354/72, 5370/72, Engel and others/Nederland.

 

 

 

Grondwettelijk Hof

 

  • GwH 9 februari 2017, nr. 16/2017.
  • GwH 23 april 2015, nr. 45/2015.
  • GwH 23 april 2015, nr. 44/2015.
  • GwH 17 september 2009, nr. 139/2009.
  • GwH 28 februari 2008, nr. 28/2008.
  • GwH 24 februari 1999, nr. 22/99

 

 

Hof van Cassatie

 

  • Cass. 8 december 2011, AR C.10.0521.N.
  • Cass. 24 januari 2002, AR C.00.0234.N, C.00.0442.N
  • Cass. 5 februari 1999, AR C.97.0441.N.

 

 

Raad van State

 

  • RvS 10 juli 2012, nr. 220.242, Leemans.
  • RvS 6 juli 2012, nr. 220.208, BVBA Transport Sioen Roger en zonen.
  • RvS 13 januari 1998, nr. 70.643, Vanden Breeden.
  • RvS 27 november 1996, nr. 63.300, De Herdt.
  • RvS 22 november 1994, nr. 50.287, b.v.b.a. The Box.

 

 

Politierechtbanken

 

  • Pol. Antwerpen (afd. Mechelen) 22 januari 2016, AR 15A8390.
  • Pol. Vilvoorde 5 september 2013, AR 12A253.
  • Pol. Brussel (4e k.) 26 januari 2011.
  • Pol. Maaseik 12 juni 2006, onuitg.

 

 

Rechtsleer

Boekwerken

 

  • BOES, M., Administratieve sancties en art. 6 EVRM in België, Zwolle, Tjeenk Willink, 1989, 36 p.
     
  • BOES, M., Bestuursrecht, Leuven, Acco, 2010, 208 p.
     
  • BURGORGUE-LARSEN, L., La Convention européenne des droits de l'homme, Issy-les-Moulineaux, LGDJ-Lextenso éditions, 2015, 302 p.
     
  • DEBEN, L., De optimale inrichting van de verkeersboete in België en Nederland vanuit een strafrechtelijk en bestuursrechtelijk perspectief: een juridische en rechtseconomische analyse, Antwerpen, Intersentia, 2007, 404 p.
     
  • McBRIDE, J., Human rights and criminal procedure. The case law of the European Court of Human Rights, Straatsburg, Council of Europe Publishing, 2009, 398 p.
     
  • RIMANQUE, K. en DE SMET, B., Het recht op behoorlijke rechtsbedeling. Een overzicht op basis van artikel 6 EVRM, Antwerpen, Maklu, 2002, 178 p.
     
  • SCHRAM, F. en LIEVENS, J., Gemeentelijke administratieve sancties: een antwoord op overlast?, Brugge, Vanden Broele, 2013, 218 p.
     
  • VANDAELE, A., De volle rechtsmacht bij de beoordeling van bestuurshandelingen, Brugge, Die Keure, 2014, 112 p.
     
  • VANDE CASTEELE, P., Rechtsbescherming tegen de overheid (1930-2005) in verdragsrechtelijk perspectief. Militaire tuchtstraffen en toegang tot een rechter, onuitg. doctoraatsthesis Rechten KU Leuven, 2009, 650 p.
     
  • VAN GOOL, E., De GAS-procedure. Rechtsbescherming bij gemeentelijke administratieve sancties, Gent, Larcier, 2015, 268 p.
     
  • VANDE LANOTTE, J. en CEREXHE, E., De motiveringsplicht van bestuurshandelingen, Brugge, Die Keure, 1992, 45 p.
     
  • VAN WIJK, H., KONIJNENBELT, W. en VAN MALE, R., Hoofdstukken van bestuursrecht, Deventer, Kluwer, 2014, 934 p.
     
  • VENY, L. en WARNEZ, B., Decentralisatie van bestuurlijke ordehandhaving, Mechelen, Wolters Kluwer, 2015, 229 p.
     
  • WARNEZ, B., Gemeentelijk zakboekje bestuur 2017, Mechelen, Wolters Kluwer, 2016, 705 p.

 

 

Bijdragen in verzamelwerken

 

  • ADRIAANSE, P.C., BARKHUYSEN, T. en VAN EMMERIK, M.L., “Bestuurlijke punitieve sancties in Nederland in het licht van Europeesrechtelijke vereisten” in ANKAERT, E., PUT, J., ADRIAANSE, P.C., BARKHUYSEN T. en VAN EMMERIK, M.L., Europeesrechtelijke eisen bij de toepassing van bestuurlijke punitieve sancties, Alphen aan den Rijn, Kluwer, 2006, 99-157.
     
  • ALEN, A., “Administratieve geldboeten: hun internationaal- en internrechtelijke kwalificatie” in X., Publiekrecht. De doorwerking van het publiekrecht in het privaatrecht, Gent, Mys & Breesch, 1997, 265-314.
     
  • ALLEWAERT, T., “Recente ontwikkelingen inzake gemeentelijke administratieve sancties: de wet van 24 juni 2013” in LIERMAN, S. (ed.), Actualia gemeenterecht,  Brugge, Die Keure, 2013,  29-68.
     
  • ANKAERT, E. en PUT, J., “Bestuurlijke punitieve sancties in België in het licht van Europeesrechtelijke vereisten” in ANKAERT, E., PUT, J., ADRIAANSE, P.C., BARKHUYSEN T. en VAN EMMERIK, M.L., Europeesrechtelijke eisen bij de toepassing van bestuurlijke punitieve sancties, Alphen aan den Rijn, Kluwer, 2006, 53-96.
     
  • ANKAERT, E. en PUT, J., “Het EVRM en bestuurlijke punitieve sancties” in ANKAERT, E., PUT, J., ADRIAANSE, P.C., BARKHUYSEN T. en VAN EMMERIK, M.L., Europeesrechtelijke eisen bij de toepassing van bestuurlijke punitieve sancties, Alphen aan den Rijn, Kluwer, 2006, 5-50.
     
  • BILLIET, C., “Bestuurlijke geldboeten en de toets van de rechter: brede schets met klemtoon op omgevingsrecht” in VANDE LANOTTE, J., GOOSSENS, J. en CANNOOT, P. (eds.), Rechtsbescherming in het Publiekrecht: kan er nog gebouwd worden in Vlaanderen?, Mechelen, Wolters Kluwer, 2016, 43-93.
     
  • BILLIET, C., “Het gemeentelijke instrumentarium ter bestrijding van de openbare overlast: duiding van een cocktail” in SANTENS, M. (ed.), Gewapend bestuur? Gemeentelijk bestuur(srecht) en gemeentelijke administratieve sancties ter bestrijding van overlastfenomenen en kleine criminaliteit, Brugge, Die Keure, 2005, 89-105.
     
  • BOSLY, H., “Les sanctions administratives” in  BERNARD, D., CARTUYVELS, Y., GUILLAIN, C., SCALIA, D. en VAN DE KERCHOVE, M. (eds.), Fondements et objectifs des incriminations et des peines en droit européen et international, Limal, Anthemis, 2013, 545-562.
     
  • BRUGGEMAN, I., “Verkeersgerelateerde administratieve sancties (GAS)” in X., Postal Memorialis. Lexicon strafrecht, strafvordering en bijzondere wetten, Mechelen, Wolters Kluwer, 1-220.
     
  • DE GEYTER, L., “Een mensenrechtelijke benadering van het fenomeen van de bestuurlijke sancties” in SANTENS, M. (ed.), Gewapend bestuur? Gemeentelijk bestuur(srecht) en gemeentelijke administratieve sancties ter bestrijding van overlastfenomenen en kleine criminaliteit, Brugge, Die Keure, 2005, 107-115.
     
  • DE SCHEPPER, T., “Hoe verloopt de nieuwe procedure?” in DE SCHEPPER, T. (ed.), De nieuwe gemeentelijke administratieve sancties, Brussel, Politeia, 2014, 56-60.
     
  • DE SCHEPPER, T., “Voorgeschiedenis” in DE SCHEPPER, T. (ed.), De nieuwe gemeentelijke administratieve sancties, Brussel, Politeia, 2014, 29-35.
     
  • DE SCHEPPER, T., “Wat zijn de krachtlijnen van de nieuwe GAS-wet?” in DE SCHEPPER, T. (ed.), De nieuwe gemeentelijke administratieve sancties, Brussel, Politeia, 2014, 46-53.
     
  • DE SMET, B., “Administratief sanctierecht voor minderjarigen” in VANDEPLAS, A., ARNOU, P. en VAN OVERBEKE, S. (eds.), Strafrecht en strafvordering. Artikelsgewijze commentaar met overzicht van rechtspraak en rechtsleer, Mechelen, Wolters Kluwer, 2015, 5-40.
     
  • DE SMET, B., LATHOUWERS en J., RIMANQUE, “Artikel 6. Recht op eerlijk proces” in VANDE LANOTTE J. en HAECK, Y. (eds.), Handboek EVRM. Deel 2. Artikelsgewijze Commentaar. Volume I, Antwerpen, Intersentia, 2004, 386-518.
     
  • DESMET, N., “GAS als onderdeel van een integraal veiligheidsbeleid” in DE SCHEPPER, T. (ed.), De nieuwe gemeentelijke administratieve sancties, Brussel, Politeia, 2014, 24-28.
     
  • DE SUTTER, T., “De gemeentelijke administratieve sancties 1999-2009” in DE SUTTER, T. (ed.), Gemeentelijke administratieve sancties. Balans 1999-2009, Brugge, Die Keure, 2010, 1-58.
     
  • EECKHOUT, S., “GAS in het spanningsveld tussen de bestuurlijke en de gerechtelijke aanpak van overlastfenomenen. Een politionele benadering” in DE SUTTER, T. (ed.), Gemeentelijke administratieve sancties. Balans 1999-2009, Brugge, Die Keure, 2010, 59-68.
     
  • HEBBERECHT, P., “De lokale gemeentelijke bestrijding van openbare overlast in het kader van het federaal preventie- en veiligheidsbeleid” in SANTENS, M. (ed.), Gewapend bestuur? Gemeentelijk bestuur(srecht) en gemeentelijke administratieve sancties ter bestrijding van overlastfenomenen en kleine criminaliteit, Brugge, Die Keure, 2005, 161-172.
     
  • HUBEAU, B. en LANCKSWEERDT, E., “Bemiddeling (en ombudswerk?) als tegengewicht voor gewapend besturen” in SANTENS, M. (ed.), Gewapend bestuur? Gemeentelijk bestuur(srecht) en gemeentelijke administratieve sancties ter bestrijding van overlastfenomenen en kleine criminaliteit, Brugge, Die Keure, 2005, 173-187.
     
  • LEANZA, P., “Article 6 ECHR” in LEANZA, P. en PRIDAL, O., The Right to a Fair Trial. Article 6 of the European Convention on Human Rights, Alphen aan den Rijn, Wolters Kluwer, 2014, 13-77.
     
  • LEMMENS, P., “Enkele beschouwingen bij de zogenaamde “volle rechtsmacht” van de rechter bij de toetsing van administratieve sancties” in X., Liber Amicorum Marc Boes, Brugge, Die Keure, 2011, 393-410.
     
  • LUST, A. en LUST, S., “Het grondrecht op een rechter met volle rechtsmacht en de stedenbouwkundige herstelvordering” in VERBRUGGEN, F., VERSTRAETEN, R., VAN DAELE, D. en SPRIET, B. (eds.), Strafrecht als roeping. Liber amicorum Lieven Dupont, Leuven, Universitaire pers, 2005, 869-904.
     
  • MAREEN, D., “De toepassing van algemene rechtsbeginselen op de gemeentelijke administratieve sancties” in VENY, L. en DE VOS, N. (eds.), Gemeentelijke Administratieve Sancties, Brugge, Vanden Broele, 2005, 160-220.
     
  • MAUS, M., “Fiscaal-administratieve sanctionering en rechtsbescherming” in MAUS, M. en ROZIE, M. (eds.), Actuele problemen van het fiscaal strafrecht, Antwerpen, Intersentia, 2011, 201-252.
     
  • MOERMANS, E., “Hervorming van de wetgeving” in DE SCHEPPER, T. (ed.), De nieuwe gemeentelijke administratieve sancties, Brussel, Politeia, 2014, 36-44.
     
  • RIBANT, D. en RASSON, A., “Les sanctions administratives à l'aune de la Cour constitutionnelle et de la Cour européenne des droits de l'homme” in GUILLAIN, C. en CARTUYVELS, Y. (eds.), Les sanctions administratives communales, Brussel, Die Keure, 2015, 125-144.
     
  • RIMANQUE, K., “Art. 6 eerste lid EVRM” in DEPUYDT, P., ALLEMEERSCH, B., LINDEMANS, D. en RAES, S. (eds.), Gerechtelijk recht. Artikelsgewijze commentaar met overzicht van rechtspraak en rechtsleer, Mechelen, Wolters Kluwer, 2002, 215-295.
     
  • SCHUERMANS, F., “Gemeentelijke administratieve sancties en gewapend-bestuursrecht: naar een embryo van bestuurlijke parketten” in SANTENS, M. (ed.), Gewapend bestuur? Gemeentelijk bestuur(srecht) en gemeentelijke administratieve sancties ter bestrijding van overlastfenomenen en kleine criminaliteit, Brugge, Die Keure, 2005, 21-66.
     
  • SOTIS, C., “Les sanctions administratives du point de vue dynamique” in BERNARD, D., CARTUYVELS, Y., GUILLAIN, C., SCALIA, D., VAN DE KERCHOVE, M. (eds.), Fondements et objectifs des incriminations et des peines en droit européen et international, Limal, Anthemis, 2013, 563-576.
     
  • THEUNIS, J., “De rechter geklemd tussen het beginsel van scheiding der machten en het vereiste van volle rechtsmacht?” in I. COOREMAN (ed.), De wettigheidstoets van artikel 159 van de Grondwet, Brugge, Die Keure, 2010, 153-227.
     
  • VAN DEN HENDE, T., “De rol van het parket inzake gemeentelijke administratieve sancties” in T. DE SUTTER (ed.), Gemeentelijke administratieve sancties. Balans 1999-2009, Brugge, Die Keure, 2010, 85-119.
     
  • VANDER BEKEN, T., “Administratieve afhandeling, Anders en beter?” in X., Het strafrechtssysteem in de Laatmoderniteit, Mechelen, Kluwer, 2004, 119-136.
     
  • VANDER BEKEN, T., “Minderjarigen en gemeentelijke administratieve sancties” in VENY, L. en DE VOS, N. (eds.), Gemeentelijke Administratieve Sancties, Brugge, Vanden Broele, 2005, 140-157.
     
  • VAN HAEGENBORGH, G., “De politionele bevoegdheid van de gemeenteraad” in DUJARDIN, J. en SOMERS, W. (eds.), Gemeenteraad. Bevoegdheden, Brugge, Die Keure, 2011, 347-460.
     
  • VENY, L. en DE VOS, N., “De gemeentelijke bestuurlijke sancties en de bestuurlijke procedures van sanctieoplegging” in VENY, L. en DE VOS, N. (eds.), Gemeentelijke Administratieve Sancties, Brugge, Vanden Broele, 2005, 60-137.
     
  • VENY, L. en DE VOS, N., “Een inleidend overzicht inzake gewapend bestuur” in VENY, L. en DE VOS, N. (eds.), Gemeentelijke Administratieve Sancties, Brugge, Vanden Broele, 2005, 14-57.
     
  • VERSTUYFT, D., “Rechtsbescherming en verweer” in VENY, L. en DE VOS, N. (eds.), Gemeentelijke Administratieve Sancties, Brugge, Vanden Broele, 2005, 222-262.
     
  • X. “De nieuwe GAS-procedures: stap voor stap toegelicht” in DE SCHEPPER, T. (ed.), De nieuwe gemeentelijke administratieve sancties, Brussel, Politeia, 2014, 61-188.
     

 

Tijdschriftartikelen

 

  • ALEN, A., “Naar een betere rechtsbescherming inzake administratieve geldboeten na de koerswijziging van het Hof van Cassatie in zijn arresten van 5 februari 1999”, RW 2000, 630-638.
     
  • BAUWENS, T., PLEYSIER, S., VAN DEN BROECK T. en DE PAUW, E., “De nieuwe GAS-wet. Zuurstof of stikstof voor steden en gemeenten?”, Orde dag 2016, afl. 73, 4-10.
     
  • BIJNENS, D., POTARGENT, S. en THEUNIS, J., “De toetsing aan grondrechten door het Grondwettelijk Hof. Overzicht van rechtspraak 2015”, TBP 2017, afl. 3, 114-165.
     
  • BOUCHIRAB, N.,  DAMEN, M., DEBEN, M. en WEIS, K., “GAS-wetgeving minderjarigen”, NJW 2014, afl. 309, 722-731.
     
  • BOULLART, S., “De ene volle rechtsmacht is de andere niet: over volle en minder volle rechtsmacht”, CDPK 2007, afl. bijzonder nummer, 246-273.
     
  • CASTELAIN, S., “De gemeentelijke administratieve sanctie… A never ending story?”, T.Gem. 2005, afl. 1, 31-40.
     
  • DECAIGNY, T., “Tegenspraak bij gemeentelijke administratieve sancties” (noot onder Pol. Vilvoorde 5 september 2013), NJW 2013, afl. 287, 665.
     
  • DE GEYTER, L., “De controle van de civiele rechter op de opgelegde administratieve geldboete”, TBP 2001, 4-12.
     
  • DE HERT, P., MEERSCHAUT K. en GUTWIRTH, S., “Democratie en rechtsbescherming bij zeer lichte administratieve sancties”, Panopticon 2008, afl. 1, 1-10.
     
  • DE SCHEPPER, T. en FAYAD, L., “Onbekend is onbemind. Een aantal ervaringen en ontwikkelingen uit de bestuurspraktijk als mogelijk antwoord op maatschappelijke vragen over het gemeentelijk administratief sanctierecht”, Orde dag 2016, afl. 73, 11-25.
     
  • DE SMET, B., “Verschillen tussen straf(proces)recht en jeugdbeschermingsrecht”, RW 2005, afl. 30, 1161-1172.
     
  • DE SUTTER, T., “Lokale rechtshandhaving eindelijk op kruissnelheid?”, TBP 2007, afl. 3, 131-150.
     
  • DE SUTTER, T., “Lokale rechtshandhaving via administratieve sancties en minderjarigen”, TJK 2005, afl. 2, 62-79.
     
  • DE VOS, N. en VENY, L., “Gemeentelijke bestuurlijke sancties … een nieuwe mogelijkheid tot bestraffing van jongeren bij openbare overlast”, RW 2005, afl. 13, 481-495.
     
  • DEVROE, E., “Last van overlast: volle G.A.S. vooruit?”, Orde dag 2003, afl. 24, 7-32.
     
  • DUJARDIN, J., “Mogelijkheid van gemeentelijke administratieve sancties” (noot onder GwH 27 mei 2010), T.Gem. 2010, afl. 4, 262-263.
     
  • FLACHET, I., “EVRM geldt ook voor GAS-boete”, Juristenkrant 2013, afl. 275, 3.
     
  • FLAMAND, E., “Mirabeau revisited: de mens als geketende van zijn burgerschap”, Orde dag 2016, afl. 73, 37-46.
     
  • GEUDENS, G., “De GAS-wet en rechterlijke toetsing: nood aan uniformiteit”, Juristenkrant 2011, afl. 232, 13.
     
  • GEUDENS, G., “Eerste rapport over GAS-wet is een feit”, Juristenkrant 2016, afl. 324, 1 en 3.
     
  • GEUDENS, G., “GAS-boetes voor kleine afvalinbreuken kunnen”, Juristenkrant 2010, afl. 212, 4-5.
     
  • GEUDENS, G., “GAS-wet: geen zwaard van Damocles meer”, Juristenkrant 2015, afl. 311, 13.
     
  • GEUDENS, G., “GAS-wet heeft wel bestaansrecht”, Juristenkrant 2009, afl. 192, 12.
     
  • GEUDENS, G., “GAS-wet: over beeldvorming en realiteit”, Juristenkrant 2007, afl. 146, 5.
     
  • GEUDENS, G., “Grondwettelijk Hof spreekt zich uit over verjaringstermijn GAS-wet”, Juristenkrant 2008, afl. 171, 4-5.
     
  • GEUDENS, G., “Grondwettelijk Hof verduidelijkt aansprakelijkheid nummerplaathouder in GAS-wet”, Juristenkrant 2017, afl. 345, 2.
     
  • GEUDENS, G., “Politierechter spreekt zich uit over sluierkwestie. Stad Maaseik mag boerka en niqaab verbieden” (noot onder Pol. Maaseik 12 juni 2006), Juristenkrant 2006, afl. 137, 17.
     
  • GORIS, K., DUMORTIER, E. en PLEYSIER, S., “Het ‘probleemkind’ in de Belgische jeugdbescherming, een geschiedenis. Een geschiedenis van het ‘probleemkind’ in de Belgische jeugdbescherming (1912-2012)”, Orde dag 2012, afl. 58, 5-21.
     
  • KEEREMAN, A., “GAS-ambtenaren geven tegengas”, Juristenkrant 2014, afl. 283, 8-9.
     
  • KINDT, E., “De federale GAS-Wet en het recht op spelen – een onderzoek naar de overeenstemming van het begrip van de openbare overlast met de internationale mensenrechten”, TBP 2015, afl. 7, 368-383.
     
  • LANCKSWEERDT, E., “Bemiddeling in het kader van de wetgeving op de gemeentelijke administratieve sancties: een unieke kans voor de gemeenten”, T.Gem. 2005, afl. 1, 41-59.
     
  • LAVRYSEN, L., “Sluikstorten, GAS en DABM” (noot onder GwH 27 mei 2010), NJW 2010, afl. 233, 831-832.
     
  • LESAGE, X., “Kleine milieuoverlast (eindelijk) sanctioneerbaar met GAS” (noot onder GwH 27 mei 2010), T.Strafr. 2010, afl. 5, 259-261.
     
  • LUGENTZ, F., “Le principe non bis in idem et le cumul des sanctions administrative et penale à l’épreuve de la Cour constitutionnelle”, RDPC 2007, afl. 12, 977-1006.
     
  • LUST, S., “Discriminatie tussen administratieve en strafrechtelijke sanctie”, NJW 2008, afl. 183, 439.
     
  • MALEFASON, S., “De GAS-Wet: op het kruispunt van bestuurlijk sanctierecht en strafrecht”, T.Strafr. 2015, afl. 6, 330-355.
     
  • MICHIELS, O., “Pas d’obstacle constitutionnel pour les sanctions administratives communales”, Rev.Dr.ULg. 2016, afl. 1, 79-99.
     
  • MOUTON, A., “L’affaire est dans le SAC”, J.dr.jeun. 2013, afl. 324, 4-6.
     
  • NINANE, G., “Le voile intégral et le pouvoir de police des autorités locales” (noot onder Pol. Brussel (4e k.) 26 januari 2011), JLMB 2011, afl. 22, 1072-1074.
     
  • NOLF, J., “Het probleem is GAS, maar soms ook de ambtenaren”, Juristenkrant 2014, afl. 284, 10-11.
     
  • NOLF, J., “Schriftelijk advies d.d. 15 april 2013 van ere-vrederechter Jan Nolf aan de Kamercommissie voor de Binnenlandse Zaken, de Algemene Zaken en het Openbaar Ambt omtrent het wetsontwerp betreffende de gemeentelijke administratieve sancties”, www.gasboetes.be/wp-content/uploads/2013/04/Advies-Kamercommissie-BZ-GA….
     
  • OPFERGELT, A., “Lokale bemiddeling in de spotlights”, Orde dag 2016, afl. 73, 58-66.
     
  • PUT, J., “Administratieve boeten, verzachtende omstandigheden en volle rechtsmacht: contradicties in de rechtspraak van het Arbitragehof?”, TBP 2002, afl. 10, 675-683.
     
  • PUT, J., “De verhouding bestuur – rechter inzake administratieve sancties”, AJT 1996-97, 469-471.
     
  • PUT, J., “Rechtshandhaving door administratieve sancties in het recht”, RW 2002, afl. 34, 1195-1209.
     
  • SCHUERMANS, F., “Het hindernissenparcours van de gemeentelijke administratieve sancties: een status questionis”, T.Strafr. 2005, afl. 6, 405-42.
     
  • TODTS, L., “Het evenredigheidsbeginsel bij administratieve sancties en politiemaatregelen: de ene evenredigheid is de andere niet?”, T.Gem. 2015, afl. 4, 263-266.
     
  • VAN DEN HENDE, T., “Strafrecht light tegen overlast is overbodig”, Juristenkrant 2009, afl. 191, 10-11.
     
  • VANDER BEKEN, T., “Meer met minder? Over administratieve handhaving en strafrecht light”, Orde dag 2003, afl. 24, 65-74.
     
  • VANDERSCHOT, K. en WEIS, K., “GAS-gesanctioneerde kan zich mondeling én schriftelijk verweren”, Juristenkrant 2013, afl. 267, 2.
     
  • VANDER STEENE, A., DE HERT, P., MEERSCHAUT K. en VAN DER BEKEN, T., “De bemiddelingsprocedure bij lichte administratieve sancties in België. Een empirische en inhoudelijke verkenning”, Tijdschrift voor Herstelrecht 2008, afl. 4, 20-33.
     
  • VANOBBERGEN B. en ROM, M., “GAS geven of GAS terugnemen?”, Orde dag 2016, afl. 73, 67-74.
     
  • VAN VYVE, C., “Hof Mensenrechten preciseert rechtsbescherming inzake administratieve geldboeten” (noot onder EHRM 4 maart 2004, nr. 47650/99, Silvester’s Horeca Service/België), Juristenkrant 2004, afl. 91, 16.
     
  • VENY, L., DE GEYTER, L. en VANDENDRIESSCHE, F., “De invoering van gemeentelijke administratieve sancties... of naar publieke rechtshandhaving op lokaal vlak in België?”, AJT 1999-00, 157-173.
     
  • VRIELINK, J., OUALD CHAIB, S. en BREMS, E., “Boerkaverbod. Juridische aspecten van lokale en algemene verboden op gezichtsverhulling in België”, NJW 2011, afl. 244, 398-414.
     
  • VRIELINK, J., OUALD CHAIB, S. en BREMS, E., “Boete voor dragen gezichtssluier is onwettig” (noot onder Pol. Brussel (4e k.) 26 januari 2011), Juristenkrant 2011, afl. 223, 2.
     
  • VROMAN, F., “De nieuwe GAS-Wet en het Grondwettelijk Hof: venit!, vidit!, vicit?” (noot onder GwH 23 april 2015), TJK 2015, afl. 3, 287-295.
     
  • VROMAN, F., “GAS en minderjarigen: gemeenten omzeilen rechtswaarborgen”, TJK 2011, afl. 5, 285-294.
     
  • VROMAN, F. en MALEFASON, S., “De GAS-wetgeving: een kind van zijn tijd? O tempora! O mores!”, Orde dag 2016, afl. 73, 26-36.
     
  • WARNEZ, B., “De interbestuurlijke samenwerking inzake gemeentelijke administratieve sancties”, T.Gem. 2014, afl. 1, 2-15.
     
  • WARNEZ, B., “Grondwettelijk Hof stelt de gemeentelijke GAS-verplichtingen op scherp” (noot onder GwH 23 april 2015), T.Gem. 2016, afl. 2, 146.
     
  • WARNEZ, B., “Zonale GAS-ambtenaars”, Juristenkrant 2012, afl. 257, 16.
     
  • WEIS, K., “Grondwettelijk Hof interpreteert GAS-wet en legt bal in het kamp van de politie- en jeugdrechter”, T.Strafr. 2015, afl. 3, 125-126.
     
  • WEIS, K., “Grondwettelijk Hof verfijnt GAS-wet”, Juristenkrant 2015, afl. 309, 2.
     
  • X., “Administratieve sancties in België, Luxemburg en Nederland. Vergelijkende studie. Colloquium Vergadering van de Raden van State van de Benelux en van het administratief Hof van Luxemburg”,
     www.raadvst-consetat.be/?action=doc&doc=928.
     
  • X., “Gemeentelijke Administratieve Sancties. Standpunt & Aanbevelingen - Liga voor Mensenrechten”, www.mensenrechten.be/bestanden/uploads/pdf/Liga_standpunt_en_aanbevelin….
     
  • X., “Guide on Article 6. Right to a fair trial”, www.echr.coe.int/Documents/Guide_Art_6_criminal_ENG.pdf.  
     
  • X., “Juridische strijd tegen GAS”, TvMR 2013, afl. 4, 2.
     
  • X., “Tegen GAS”, Juristenkrant 2013, afl. 279, 14.
     
  • X., “VVSG-advies voorontwerp wet GAS”, www.gasboetes.be/wp-content/uploads/2013/04/VVSG_standpunt-voorontwerp-….
     
  • WEYEMBERGH, A. en JONCHERAY, N., “Punitive administrative sanctions and procedural safeguards. A Blurred Picture that Needs to be Addressed”, New Journal of European Criminal Law 2016, afl. 2, 190-209.
     
  • YERNAULT, D., “Les sanctions administratives communales et le principe de contradiction devant l’administration et le juge”, APT 2002, afl. 1, 34-48.

 

 

Niet-juridisch bronnenmateriaal

 

  • EERDEKENS E. en NOLF, J., “Le top 25 des sanctions administratives les plus absurdes”, Le Vif 23 december 2013.
     
  • VAN ERP, A., “Kinderrechtencommissaris: 'Het huidige jeugdrecht volstaat'”, Knack 30 mei 2013.
     
  • VANHECKE, N., “Sommige GAS-boetes zijn onwettig”, De Standaard 5 november 2013.
     
  • X., “350 euro voor ‘belletje trek’ en andere absurde GAS-boetes", Het Nieuwsblad 28 augustus 2013.
     
  • X. “Deze nieuwe borden verbieden Pokémon jagen in Lillo”, De Morgen 2 oktober 2016.
     
  • X, “Helft Limburgse gemeenten wil niet weten van GAS-boetes”, Het Belang van Limburg 23 januari 2016.
Universiteit of Hogeschool
Master of Laws in de rechten
Publicatiejaar
2017
Promotor(en)
prof. dr. Ludo Veny
Kernwoorden
Share this on: