De Verenigde Staten van Europa: de eindbestemming van het Europese project? Een internationaalrechtelijke beschouwing van de Europese Unie.

Yana Bayens
"De Verenigde Staten van Europa", "Europese superstaat", enz. zijn termen die steeds vaker worden gehanteerd in de media en de politiek. Een staat is echter een internationaalrechtelijk concept. In deze masterproef ging ik na aan welke internationaalrechtelijke kenmerken van een staat de Europese Unie reeds voldoet en wat nog dient te gebeuren opdat de EU zichzelf als een staat kan profileren.

De Verenigde Staten van Europa: de eindbestemming van het Europese project?

“Een schip dat zijn bestemming niet kent heeft tegenwind.” Deze uitspraak van de Romeinse filosoof Seneca legt de vinger op de Europese wonde. Wat is de Europese Unie vandaag en wat is haar eindbestemming? Een duidelijk antwoord is niet voorhanden. Het Hof van Justitie van de Europese Unie duidt de Unie vandaag aan als ‘sui generis’. Een moeilijk woord om te zeggen dat de Europese Unie met niets vergeleken kan worden en een unicum in deze wereld is. En wat is dan de eindbestemming van het Europese schip? Ook hier is geen duidelijk antwoord voorhanden. De Europese verdragen vermelden enkel “een proces van totstandbrenging van een steeds hechter verbond tussen de volkeren van Europa”. In de media en de politiek worden vaak de termen ‘De Verenigde Staten van Europa’ en ‘Europese superstaat’ gebruikt om de eindbestemming te omschrijven. Maar kan de Europese Unie de vorm van een staat aannemen? Dit heb ik onderzocht in mijn masterproef, ingediend voor het behalen van de graad master in het internationaal en Europees recht.

 

Een Europese staat: de optelsom van een grondgebied, een bevolking, een effectief gezag en soevereiniteit

Het begrip ‘staat’ is een internationaalrechtelijk concept. Entiteiten dienen aan verschillende kenmerken te voldoen om als een staat naar internationaal recht te worden beschouwd. Een universele definitie is echter niet voorhanden. De kenmerken verschillen van rechtsgeleerde tot rechtsgeleerde en ondergingen een evolutie doorheen de tijd. De term ‘staat’ draagt dan ook een hele geschiedenis met zich mee wat het interessant maakt om de hierboven vermelde termen, gebruikt in Europese middens, te ontleden vanuit het internationaal recht.

Na het bestuderen van de verschillende definities koos ik ervoor om volgende kenmerken te toetsen aan de Europese Unie: een grondgebied, een bevolking, een effectief gezag en soevereiniteit. Het is voornamelijk het concept soevereiniteit dat beschouwt wordt als het struikelblok van de EU. Het overdragen van soevereiniteit of beslissingsmacht tast de lidstaten in hun diepste binnenste aan.

 

Een Europees grondgebied

Een eerste klassiek criterium om als staat te worden beschouwd, is het grondgebied. Dit is het gebied waarop de onafhankelijke overheid haar activiteiten zal ontplooien. Het bevat zowel de oppervlakte, de ondergrond als het luchtruim en eventueel een aantal zeemijl. De Europese Unie beschikt over een grondgebied van 4 482 000 km². Het feit dat een lidstaat de Europese Unie zou wensen te verlaten of een staat wenst toe te treden, heeft geen effect op het “staat-zijn”. Bij wijze van voorbeeld kan respectievelijk verwezen worden naar het Verenigd Koninkrijk en Bosnië-Herzegovina. Kortom, de Europese Unie beschikt over het eerste kenmerk.

 

De Europese Burgers

Het tweede bestanddeel waarover een entiteit dient te beschikken om als een staat te kunnen worden beschouwd, is een bevolking. De EU had op 1 januari 2015, 508 450 856 inwoners. Wanneer we dit vergelijken met andere staten, blijkt dat de Unie na China en India over de meeste inwoners ter wereld beschikt. Om beschouwd te worden als de permanente bevolking van een staat is het niet noodzakelijk om de nationaliteit van een staat te verwerven. Dit is namelijk een gevolg van het “staat-zijn” en geen bestanddeel. In dit kader kan verwezen worden naar het Europees burgerschap dat de Unie toekent aan eenieder die de nationaliteit van een lidstaat van de Unie bezit. Op dit vlak gedraagt de Unie zich met andere woorden als een staat.

 

Een effectief gezag

Wat betreft het kenmerk gezag diende een opdeling gemaakt te worden tussen het gezag op zichzelf, waarmee de institutionele structuur wordt bedoeld, en het effectieve karakter hiervan. De Unie past niet in de klassieke gezagsstructuren. Ze is geen internationale organisatie en beschikt zowel over federale als over confederale kenmerken. Deze unieke structuur staat het “staat-zijn” van de Europese Unie echter niet in de weg. De vorm waarin het gezag wordt uitgeoefend is niet van belang om als een staat te worden beschouwd. Een tweede element dat diende te worden besproken onder dit kenmerk is de effectiviteit van het gezag. Heeft het gezag met andere woorden uitwerking op het Europese grondgebied over de Europese bevolking? Het Europese beleidsniveau oefent daadwerkelijk gezag uit. Dit wordt bewerkstelligd door de principes van directe werking, voorrang van het Europees recht ten aanzien van het nationaal recht, enz.

 

De soevereiniteit: een Europese staat als kers op de taart

Soevereiniteit of hoogste gezag, is een van de oudste concepten van het internationaal recht, maar toch mag niet uit het oog worden verloren dat het geflankeerd wordt door een politieke dimensie. Het werd meerdere malen gebruikt als juridische grondslag voor de verwerving van meer macht. Het is de externe dimensie van het concept dat beschouwd wordt als de soevereiniteit naar internationaal recht. Dit houdt in dat de functies van een staat kunnen worden uitgeoefend zonder inmenging van buitenaf. Het staat tegenover de interne soevereiniteit, die betrekking heeft op de entiteit die binnen de grenzen van de staat over de beslissingsmacht beschikt. De Europese Unie beschikt over externe soevereiniteit wanneer we haar beschouwen als een multi-level governance, met andere woorden als het geheel van het Europese beleidsniveau en de beleidsniveaus binnen de lidstaten.

 

Extern is de Europese Unie soeverein en aangezien ze ook over de vorige kenmerken beschikt, kan er worden geconcludeerd dat de EU een staat is. Het enige wat nog dient te gebeuren om een Europese staat te creëren, is een politieke beslissing. Maar, dit blijft uit. De huidige Europese Unie kan vergeleken worden met een koppel dat zich gedraagt als een gehuwd stel, maar haar huwelijksgeloften niet aflegde. En juist deze geloften geven aan de buitenwereld het signaal: “Wij horen samen”. Het creëert zekerheid en dit is wat ontbreekt bij de Europese Unie. Er dient luidop te worden gezegd: “Wij horen samen, wij zijn een staat en vormen één blok in de internationale gemeenschap”. Vandaag is dit niet zo. De lidstaten zitten in een tweestrijd met zichzelf. Ze zien de voordelen van de Europese Unie, maar willen hun eigen identiteit (lees: soevereiniteit) hier niet voor opgeven.

Bibliografie

Wetgeving

A.           Internationale bronnen

A.1.       Verdragen

Verdrag van Versailles inzake de vrede met Duitsland van 28 juni 1919, Trb. 1955, 161.

Montevideo Convention on the Rights and Duties of States van 26 december 1933, League of Nations Treaty Series, vol. 165, 19.

Het Handvest van de Verenigde Naties van 26 juni 1945, United Nations Treaty Series XVI,1.

Statuut van het Internationaal Gerechtshof van 26 juni 1945, United States Treaty Series 993.

Statuut van de Voedsel- en Landbouworganisatie der Verenigde Naties van 16 oktober 1945, Basic Texts of the Food and Argiculture Organisation of the United Nations, 2015 edition.

Verdrag van Genève inzake de volle zee, UNO, Genève, 29 april 1958, BS 2 februari 1972.

Verdrag van Wenen inzake diplomatiek verkeer van 18 april 1961, United Nations Treaty Series, vol. 500, 95.

Convention on the reduction of statelessness van 30 augustus 1961, United Nations Treaty Series, vol. 989, 175.

Verdrag van Wenen inzake het verdragenrecht van 23 mei 1969, BS 25 december 1993, 28.706.

Geconsolideerde versie van het Statuut van Rome van 17 juli 1998, United Nations Treaty Series, vol. 2187, 38544.

A.2.       Resoluties van de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties

Resolutie 375 (IV) van de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties (6 december 1949), UN Doc. A/375 (1949).

Resolutie 2625(XXV) van de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties (24 oktober 1970), UN Doc. A/RES/2625 XXV (1970).

Resolutie 3314 (XXIX) van de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties (14 december 1974), UN Doc. A/9631.

Resolutie 55/153 van de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties (30 januari 2001), UN Doc. A/RES/55/153 (2001).

Resolutie 65/276 van de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties (3 mei 2011), UN Doc. A/RES/65/275 (2011).

A.3.       Resolutie van de veiligheidsraad

Resolutie 169 van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties (24 november 1961), UN Doc. S/Res/169 (1961).

Resolutie 1526 van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties (30 januari 2004), UN Doc. S/RES/1526 (2004).

 

 

B.           Europese bronnen

Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal van 18 april 1951.

Verdrag tot oprichting van de Europese Defensiegemeenschap van 27 mei 1952.

Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap van 15 maart 1957.

Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie van 15 maart 1957.

Verdrag betreffende de Europese Unie van 7 februari 1992, Pb.C. 326, 13-390.

Verdrag van Amsterdam houdende wijziging van het Verdrag betreffende de Europese Unie, de verdragen tot oprichting van de Europese Gemeenschappen en sommige bijhorende akten van 10 november 1997, Pb.C. 340.

Europees verdrag inzake nationaliteit van 6 november 1997, European Treaty Series, vol. 165.

Handvest van de grondrechten van de Europese Unie van 7 december 2000, ondertekend te Nice, Pb.C. 364/01.

Verdrag van Nice houdende wijziging van het Verdrag betreffende de Europese Unie, de verdragen tot oprichting van de Europese Gemeenschappen en sommige bijhorende akten van 26 februari 2001, Pb.C. 80.

Verdrag tot vaststelling van een Grondwet voor Europa van 29 oktober 2004, ondertekend te Rome, Pb.C. 310.

Verdrag van Lissabon tot wijziging van het Verdrag betreffende de Europese Unie en het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap van 13 december 2007, ondertekend te Lissabon, Pb.C. 306.

Geconsolideerde versie van het Verdrag betreffende de Europese Unie van 26 oktober 2012, Pb.C. 326, 13-390.

Geconsolideerde versie van het Verdrag betreffende de Werking van de Europese Unie van 26 oktober 2012, Pb.C. 115, 47-390.

 

C.           Nationale bronnen

Adv.RvS Nederland WO1.14.0025/I/Vo/B betreft de voorlichting inzake de democratische controle bij overdracht van bevoegdheden en soevereiniteit, Kamerstukken II 2013/2014, 33 848, nr. 15.

 

 

Rechtspraak

A.           Internationale rechtspraak

A.1.       Rechtspraak van het Permanent Hof van Internationale Justitie

PHIJ, Wimbledon, PCJ Series A, n°1, 1923, 24-25.

PHIJ, Lotus (Frankrijk t. Turkije), PCJ Series A, n°10, 1927, 19.

PHIJ, Customs Régime between Germany and Austria, Advisory Opinion, PCIJ Series A/B, n° 41, 1931, 57.

A.2.       Rechtspraak van het Internationaal Gerechtshof

IGH, North Sea Continental Shelf (Germany v. Denmark; Germany v. The Netherlands), ICJ Reports 1969, par. 46.

A.3.       Arbitrage

PHA, Island of the Palmas Arbitration (Nederland/Verenigde Staten van Amerika), arbitrale uitspraak van 4 april 1928, R.I.A.A., II, 829.

Duits-Pools Arbitragetribunaal, Deutsche Continental Gas-Gesellschaft v. Polish State, arbitrale uitspraak, Annual Digest 1929-1930, 5.

OPINION NO. 1 Arbitration Commission E.C. Conference on Yugoslavia of 29 November1991, 92 I.L.R. 162.

 

B.           Rechtspraak van de Europese Unie: Hof van Justitie

HvJ 5 februari 1963, Van Gend & Loos, C-26/62, ECLI:EU:C:1963:1.

HvJ 15 juli 1964, Costa/ENEL, C-6/64, ECLI:EU:C:1964:66.

HvJ 13 februari 1969, Wilhelm, C-14/68, ECLI:C:1969:4.

HvJ 17 december 1970, Internationale Handelsgesellschaft, C-11/70, ECLI:C:1970:114.

HvJ 31 maart 1971, Europese Commissie t. Raad, C-22/70, ECLI:C:1971:32.

HvJ 14 december 1971, Commissie van de Europese Gemeenschappen t. Franse Republiek, C-7/71, ECLI:EU:C:1971:121.

HvJ 13 juli 1972, Commissie van de Europese Gemeenschappen t. Italiaanse Republiek, C-48/71, ECLI:EU:C:1972:65.

HvJ 4 december 1974, Van Duyn, C-41/74, ECLI:C:1974:133.

HvJ 9 maart 1978, Simmenthal, C-106/77, ECLI:C:1978:49.

HvJ 15 januari 1986, Hurd, C-44/84, ECLI:C:1986:2.

HvJ 19 juni 1990, Factortame, C-213/89, ECLI:C:1990:257.

HvJ 13 november 1990, Marleasing, C-106/89, ECLI:C:1990:395.

HvJ 10 november 1991, Francovich, C-6/90, ECLI:C:1991:428.

HvJ 7 juli 1992, Micheletti e.a., C-369/90, ECLI:C:1992:295.

HvJ 10 november 1992, Hansa Fleisch Ernst Mundt GmbH & Co. KG t. Landrat des Kreises Schleswig-Flensburg, C-156/91, ECLI:C:1992:423.

HvJ 13 juli 1995, Spanje t. Raad, C-350/92, ECLI:C:1995:237.

HvJ 8 maart 2001, Ruiz Zambrano / Office national de l’emploi, C-34/09, ECLI:C:2011:124.

HvJ 20 september 2001, Grzelczyk, C-184/99, 31, ECLI:C:2001:458.

HvJ 3 september 2008, Kadi en Al Barakaat International Foundation t. Raad en Commissie, C-402/05 P, ECLI:C:2008:461.

HvJ 2 maart 2010, Rottmann, C-135/08, ECLI:C:2010:104.

HvJ 18 december 2014, Ontwerp van internationale overeenkomst – Toetreding van de Europese Unie tot het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden – Verenigbaarheid van dit ontwerp met het VEU en het VWEU, advies 2/13, Jur., 2014, 2454, r.o. 158.

 

C.           Nationale rechtspraak

C.1.       Rechtspraak van het Duitse Bundesverfassungsgericht

Bundesverfassungsgericht 12 oktober 1993, BVerfGE 89 (1993), 155-213.

 

 

Rechtsleer

A.           Boeken

ADEMOLA, A., International Law: Text, Cases and Materials, New York, Oxford University Press, 2012, 736 p. 

AMTENBRINK, F. en VEDDER, H.H.B., Recht van de Europese Unie, Den Haag, Boom Juridische uitgevers, 2013, 517 p.

BARENTS, R., Het Verdrag van Lissabon: achtergronden en commentaren, Amsterdam, Kluwer, 2008, 739 p.

BECK, G., The Legal Reasoning of the Court of Justice of the EU, Oxford, Hart Publishing, 2013, 486 p.

BEYER, J., INGEBRITSEN, C., STOHL, G. en NEUMANN, I.B., Small States in International Relations, Seattle, University of Washington Press, 2006, 352 p.

BITSCH, M-T., Histoire de la construction européenne, Brussel, Edition complexe, 2004, 401 P.

BLANKE, H-J. en MANGIAMELI, S., Governing Europe under a constitution. The hard road from the European Treaties to a European Treaty, Berlijn, Springer, 2006, 492 p.

BOSSUYT, M. en WOUTERS, J., Grondlijnen van het internationaal recht, Antwerpen, Intersentia, 2005, 1086 p.

CHALMERS, B., DAVIES, G. en MONT, G., European Union Law : Cases and Materials, New York, Cambridge University Press, 2010, 1115 p.

COGEN, M., Handboek internationaal recht, Mechelen, Kluwer, 2003, 490 p.

COHN-BENDIT, D. en VERHOFSTADT, G., Voor Europa!, Antwerpen, De Bezige Bij, 2012, 155 p.

CRAIG, P. en DE BURCA, G., EU Law: text, cases and materials, New York, Oxford University Press, 2011, 1155 p.

CRAWFORD, J., The creation of states in international law, New York, Oxford University Press, 2006, 870 p.

DEHULLU, C., Inleiding tot het recht van de Europese Unie, Leuven, Acco, 2009, 211 p.

DEVUYST, Y., De nieuwe Europese Unie: een heldere gids door de Europese doolhof, Brussel, VUB University Press, 2004, 296 p.

EUROPESE COMMISSIE, De Europese Unie in het kort: Hoe werkt de Europese Unie?, Luxemburg, Publicatiebureau van de Europese Unie, 2014, 39 p.

EUROPESE COMMISSIE, De Europese Unie in het kort: De Economische en Monetaire Unie (EMU) en de euro, Luxemburg, Bureau voor publicaties van de Europese Unie, 2015, 20 p.

EUROPESE COMMISSIE, International cooperation and development, Luxemburg, Publicatiebureau van de Europese Unie, 2014, 16 p.

EUROPESE COMMISSIE, The economic and monetary union: stronger economies for a stronger Union, Luxemburg, Publicatiebureau van de Europese Unie, 2014, 23 p.

EUROPESE COMMISSIE, Verslag over het EU-burgerschap 2013, Luxemburg, Publicatiebureau van de Europese Unie, 2013, 56 p.

GEUDENS, G. en JUDO, F. (ed.), Confederalisme?: Staatsrechtsconferentie 2007, Vlaamse Juristenvereniging, Gent, Larcier, 2008, 78 p.

HERMANS, J., Uitgerekend Europa. Geschiedenis van de Europese integratie, Amsterdam, Het Spinhuis, 1996, 266 p.

HORBACH, N., LEFEBER, R. en RIBBELINK, O., Handboek Internationaal Recht, Den Haag, T.M.C Asser Press, 2007, 159-195.

JELLINEK, G., Algemeine Staatslehre, Berlijn, Häring, 1914, 726 p.

JONES, E., MENON, A. en WEATHERILL, S., The Oxford Handbook of the European Union, Oxford, Oxford University Press, 2012, 893 p.

JORGENSEN, K.E., The European Union and International Organizations, New York, Routledge Taylor & Francis Group, 2009, 201 p.

KLABBERS, J., An Introduction to the International Organizations Law, Cambridge, Cambridge University Press, 2015, 424 p.

KOOIJMANS, P.H., Internationaal publiekrecht in vogelvlucht, Deventer, Kluwer, 2008, 403 p.

LAURSEN, F., Designing the European Union: From Paris to Lisbon, New York, Palgrave Macmillan, 2012, 317 p.

LENAERTS, K. en VAN NUFFEL, P., Europees recht, Antwerpen, Intersentia, 2011, 753 p.

LENAERTS, K., VAN NUFFEL, P. en BRAY, R., Constitutional law of the European Union, London, Thomson: Sweet&Maxwell, 2005, 969 p.

MARTIN, L., The treaties of peace: 1919-1923, II, New York, Carnegie Endowment for International Peace, 1924, 1098 p.

MENENDEZ, A.J., Altiero Spinelli. From Ventotene to the European Constitution, Oslo, Arena, 2007, 93 p.

MILANO, E., Unlawful territorial situations in International law: reconciling effectiveness, legality and legitimacy, Leiden, Martinus Nijhoff Publishers, 2006, 304 p.

NOLLKAEMPER, A., Kern van het internationaal publiekrecht, Den Haag, Boom Juridische uitgevers, 2001, 544 p.

OLSON, J.S., Historical Dictionary of the British Empire, I, Westport, Greenwood Press, 1996, 1254 p.

RAIC, D., Statehood and the law of self-determination, Leiden, Universiteit Leiden, 2002, 515 p.

SCHUTZE, R., European Constitutional Law, New York, Cambridge University Press, 2012, 484 p.

SEMINATORE, I., L’Europe entre utopie et realpolitik, Paris, L’Harmattan, 2009, 439 p.

SHAN, W., SIMONS, P. en SINGH, D., Redefining Sovereignty in International Economic Law, Portland, Hart Publishing, 2008, 516 p.

SHAW, QC M.N., International law, Cambridge, Cambridge University Press, 2014, 981 p.

SHINODA, H., Re-examing sovereignty: From classical theory to the global age, New York, Palgrave, 2000, 228 p.

SIEBELINK, H., De 50 dagen die Europa veranderden, Antwerpen, Luster, 2010, 125 p.

STERCKX, D., RYCKBOST, I., DELVA, T., VAN BOSSUYT, A. en VERMEERSCH, A., Zo werkt Europa, Heule, INNI publishers, 2016, 676 p.

TELO, M., Europe: a civilia power? European Union, Global governance, World Order, Londen, Palgrave Macmillan, 2006, 291 p.

THE SPINELLI GROUP, A Fundamental Law of the European Union, Bertelsmann Stiftung, Bielefeld, 2013, 309 p.

TUSHNET, M.V., LEVINSON, S. en GRABER, M.A., The Oxford Handbook of the U.S. Constitution, Oxford, Oxford University Press, 2015, 1095 p.

VAN DAMME, M., Overzicht van het Grondwettelijk recht, die keure, Brugge, 2008, 467 p.

VAN DEN BOS, B., De Europese Unie in een notendop, Amsterdam, Uitgeverij Bert Bakker, 2011, 217 p.

VAN DEN WIJDEVEN, I., De rafelranden van Europa, Houten, Uitgeverij Unieboek, Het Spectrum, 2016, 304 p.

VAN ROMPUY, H., Europa in de storm: lessen en uitdagingen, Leuven, Davidsfonds Uitgeverij, 2014, 143 p.

VAN ROOY, W., HAUMAN, R. en VAN ROOY, S., Europa wankelt: de ontvoering van Europa door de EU, Kessel-Lo, Uitgeverij Van Halewyck, 2012, 415 p.

VELAERS, J., Federalisme/confederalisme, en de weg er naar toe …, Brussel, KVAB Press, 2013, 33 p.

WALKER, N., Sovereignty in transition, Oxford, Hart Publishing, 2003, 556 p.

WOUTERS, J. en BOSSUYT, M., Grondlijnen van het internationaal recht, Antwerpen, Intersentia, 2005, 1085 p.

ZORGBIBE, C., Histoire de l’Union Européenne, Parijs, Editions Albin Michel, 2005, 403 p.

A.    Bijdragen in boeken

CRAVEN, M., “Statehood, self-determination and recognition” in M. EVANS (ed.), International Law, New York, Oxford University Press, 2010, 202-232.

CRAWFORD, J., “The criteria for statehood in international law” in J. WEILER en A.T. NISSEL (eds.), International Law: Critical Concepts in Law. Volume II: Fundamentals of International Law I, New York, Routledge: Taylor & Francis Group, 2011, 229-277.

PIRET, J-M., “Soevereiniteit in tijden van internationalisering: Rehabilitatie van een verguisd concept”, in M-C. FOBLETS, M. HILDEBRANDT en J. STEENBERGEN (eds.), Liber Amicorum René Foqué, Brussel, Larcier, 2011, 421-438.

VAN ROMPUY, H., “Kijken naar de resultaten” in X (ed.), De Europese Raad in 2014, Luxembug, Bureau voor de publicaties van de Europese Unie, 2015, 60 p.

 

B.           Tijdschriften

BORZEL, T.A. en RISSE, T., “Who is afraid of a European Federation? How to constitutionalise a multi-level governance system”, Jean Monnet Working Paper 2000, no. 7.

BRSAKOSKA BAZERKOSKA, J., “The European Union and the United Nations: theory and practice”, Iustinianus Primus Law Review 2011, afl. 2.2, 1-10.

DUCHATEAU, M. en VAN ROSSEM, J.W., “Soevereiniteit : nog steeds een nuttig concept ?”, Historisch tijdschrift 2008, 35-50.

GERARD, P., “Een Europese Grondwet in het aanschijn van Europa’s multinationaliteit”, jura falconis 2004 – 2005, 273-279.

GRANT, T.D., “Defining Statehood: The Montevideo convention and it’s Discontents”, Colombia Journal of Transnational Law 1989-1999, 403-457.

HOEKSMA, J., “Voorbij federatie en confederatie: de EU als Unie van burgers en lidstaten”, Internationale Spectator, 2009, 83-86.

KU, J. en YOO, J., “Globalization and Sovereignty”, Berkeley Journal of International Law 2013, 210-234.

NIEUWENHUIS, J.H., “Een steeds hechter verbond tussen de volkeren van Europa”, Groningen Opmerkingen en mededelingen, nr. 30, 29-75.

RIGAUX, F., “Hans Kelsen on international law”, European Journal of International Law 1998, 325-343.

SCHRAUWEN, A.A.M., “Europees burgerschap in recente rechtspraak van het Hof van Justitie”, Tijdschrift voor Europees en economisch recht, 2015, 15-25.

VERELLEN, T., “What to do with Sovereignty”, Jura Falconis 2010-2011, 417-440.

WESSEL, R.A., “De Europese Unie en de grenzen van het internationaal recht”, Internationale Spectator, 2015, http://www.internationalespectator.nl/pub/2015/januari/de_europese_unie….

X, “Een schip zonder bestemming”, De Standaard Plus, 10 maart 2009, 6-7.

 

C.           Internetbronnen

BORRELL, J., “Is a federal Europe Possible?”, thenewfederalist 2015, http://www.thenewfederalist.eu/is-a-federal-europe-possible.

BRINKHORST, L.J., Europese Unie en nationale soevereiniteit, Leiden, Universiteit Leiden, 20 p, https://openaccess.leidenuniv.nl/bitstream/handle/1887/19623/oratie%20B….

EUROPEES PARLEMENT, De burgers van de Europese Unie en hun rechten, oktober 2015, http://www.europarl.europa.eu/ftu/pdf/nl/FTU_2.1.1.pdf.

EUROPESE COMMISSIE, Internationale instellingen en fora, http://ec.europa.eu/economy_finance/international/forums/index_nl.htm.

EUROPESE COMMISSIE, standaard Eurobarometer 83, juli 2015, http://ec.europa.eu/public_opinion/archives/eb/eb83/eb83_en.htm.

EXPERTISECENTRUM EUROPEES RECHT MINISTERIE VAN BUITENLANDSE ZAKEN NEDERLAND, Het sluiten van verdragen, http://www.minbuza.nl/ecer/dossiers/externe-betrekkingen/het-sluiten-va….

JUNCKER, J-C., Staat van de Unie 2015: Tijd voor eerlijkheid, eenheid en solidariteit, 9 september 2015, http://europa.eu/rapid/press-release_SPEECH-15-5614_nl.htm.

JUNCKER, J-C., TUSK, D., DIJSSELBLOEM, J., DRAGHI, M. en SCHULZ, M., The Five Presidents’ Report: Completing Europe’s Economic and Monetary Union, 22 juni 2015, http://ec.europa.eu/priorities/economic-monetary-union/docs/5-president….

PIJPERS, A., KUIPERS, R. en SAP, J.W., Nationale Conventie Nederland: Rapport Werkgroep Europa: De Europese Unie als Statenverbond: Gedachten over de Finaliteit van de Europese integratie, 26 april 2006, https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-30184-12-b4.pdf.

PRESS EUROPEAN UNION, Relations between the European Union and the United Nations, September 2011, http://eeas.europa.eu/organisations/un/index_en.htm.

REDING, V., Waarom wij juist nu de Verenigde Staten van Europa nodig hebben, 8 november 2012, http://europa.eu/rapid/press-release_SPEECH-12-796_nl.htm.

T.M.C. ASSER INSTITUTE FOR PRIVATE AND PUBLIC INTERNATIONAL LAW, Annual Report 2007, http://www.asser.nl/media/2381/asser-annual-report-2007.pdf.

M. TRNSKI, Multi-level Governance in the EU, http://www.sustainableislands.eu/BlockImages/InLibraryData/GalleryData/….

UNION OF EUROPEAN FEDERALISTS, UEF Manifesto 2014: Towards Federal Union, http://www.federalists.eu/uef/news/uef-manifesto-2014/.

X, Didier Reynders lanceert Belgische campagne voor zetel in de Verenigde Naties, http://diplomatie.belgium.be/nl/Newsroom/Nieuws/Perscommuniques/buitenl…

X, Toetreding Bosnië en Herzegovina tot de Europese Unie, http://www.europa-nu.nl/id/vh9ifjaxyovy/toetreding_bosnie_en_herzegovin….

 

Universiteit of Hogeschool
Internationaal en Europees recht
Publicatiejaar
2016
Promotor(en)
Prof. Dr. Stefaan Smis
Kernwoorden
Share this on: