De politieke strategie van Union Minière du Haut-Katanga tussen 1945 en 1960

Jeroen Laporte
Deze scriptie onderzoekt of het mijnbouwbedrijf Union Minière du Haut-Katanga (UMHK) een politieke strategie hanteerde in de laatste jaren voorafgaand aan de Congolese onafhankelijkheid.

Union Minière: politieke inmenging in aanloop naar de Congolese onafhankelijkheid?

Union Minière: politieke inmenging in aanloop naar de Congolese onafhankelijkheid?

“Nous sommes là pour faire du cuivre, non de la politique,” is te lezen in het jaarverslag van Union Minière du Haut-Katanga (UMHK) van 1958. De mijnbouwgigant had zich in de aanloop naar de Congolese onafhankelijkheid (1960) naar eigen zeggen enkel bezig gehouden met het mijnwezen. Briefwisseling tussen het lokale bestuur van UMHK in Congo en de bedrijfsleiding in België vertelt echter een ander verhaal. Jules Cousin, die aan de leiding stond van het bedrijf in Elisabethstad, schreef begin 1959 aan de UMHK directie in Brussel het volgende: “Nous avons toujours voulu rester neutres. J’estime que c’est une erreur et que nous devons carrément supporter les groupements politiques qui feront de la bonne propagande”. Mijn thesis onderzoekt welke van deze twee stellingen het dichtst aansluit bij de werkelijkheid: heeft UMHK zich afzijdig gehouden van elke politieke inmenging of heeft het bedrijf getracht de politiek te beïnvloeden om haar economische belangen te beschermen?

UMHK was ongetwijfeld het bekendste koloniale bedrijf in Belgisch Congo. De mijnbouwonderneming werd opgericht in 1906 en kreeg in de koloniale periode een grote bewegingsvrijheid van het Belgische koloniaal bestuur. Hierdoor kon het haar economisch monopolie verder uitbouwen, al begon er vanaf de jaren ’40 een steeds grotere druk te komen van de nieuwe sociale groepen in Congo die aangetrokken werden door de lokroep van de onafhankelijkheid.

Mijn onderzoek spitst zich toe op een uiterst belangrijke en complexe periode uit de koloniale geschiedenis (1945-1960). Het werpt nieuw licht op de wijze waarop het machtigste bedrijf in Congo reageerde op de snelle ontwikkelingen in Congo. Dit gebeurt aan de hand van origineel archiefonderzoek van de briefwisseling van de belangrijkste bedrijfsleiders van UMHK in België en Congo.

Union Minière als politieke speler in Congo

Grote bedrijven proberen vaak de politiek te beïnvloeden om hun belangen te beschermen. Mijn onderzoek toont aan dat Union Minière in de naoorlogse periode een gediversifieerde strategie volgde om het hoofd te bieden aan politieke veranderingen in de kolonie. UMHK richtte haar pijlen vooral op de toenemende dreiging van het communisme met het risico op de nationalisering van het bedrijf. Daarnaast wilde het bedrijf de ‘subversieve’ propaganda van de vakbonden en de nieuwe Congolese politieke partijen tegengaan. Ten slotte probeerde Union Minière ook een zekere ‘goodwill’ tot stand te brengen bij de Congolese bevolking om op die manier het postkoloniale tijdperk voor te bereiden.

Componenten van de politieke strategie

In mijn onderzoek ga ik in op zes methoden die Union Minière hanteerde binnen haar politieke strategie. Ten eerste was er de rechtstreekse beïnvloeding van de Belgische politieke wereld. De bestuurders van UMHK hadden geregeld contacten met de sleutelfiguren van het Belgische koloniaal bestuur: politici van alle toonaangevende politieke partijen, de opeenvolgende gouverneurs-generaal, ministers van Koloniën en zelfs koning Boudewijn. Ten tweede steunde UMHK verschillende anticommunistische bewegingen en was ze medeoprichter van private inlichtingendiensten in de kolonie. Ten derde mengde UMHK zich rechtstreeks in de Congolese politiek door een eigen politieke partij in Congo (Union Congolaise) op te richten en uitgebreide steun te verlenen aan een gevestigde partij (Conakat). Ten vierde richtte Union Minière haar aandacht op de opkomende vakbonden in Congo. Ten vijfde verstrekte UMHK directe en indirecte steun aan verschillende Congolese kranten. Last but not least richtte de strategie van UMHK zich ook op de ondersteuning van de katholieke missies.

Een snel evoluerende strategie

De politieke strategie van Union Minière kan worden opgedeeld in drie fasen. Een eerste fase (1945-1955) kan worden omschreven als ‘business as usual’ met een zekere mate van onderschatting van de politieke realiteit die zich op dat moment voltrok in Belgisch Congo. Hoewel de aanpak van het bedrijf aanvankelijk weinig veranderde, begonnen de bedrijfsleiders zich geleidelijk zorgen te maken over de snelle opmars van het communisme. De onderneming steunde diverse anticommunistische bewegingen en was medeoprichter van een private inlichtingendienst in de kolonie. In een tweede fase (1956 – eind 1959) trachtten de bestuurders van UMHK tijd te winnen en de ontwikkelingen in Congo te vertragen. Onder druk van de onafhankelijkheid van een aantal andere Afrikaanse landen en het ontstaan van politieke bewegingen in Congo groeide het besef dat er verandering op til was. Hier startte UMHK met haar gediversifieerde aanpak om de antikolonialistische gevoelens in te tomen en het behoud van haar bedrijfsbelangen te verzekeren. In een derde fase (eind 1959-1963) was er een sterke intensivering en radicalisering van de politieke acties van Union Minière. Het bedrijf maakte onder meer de keuze om een gevestigde politieke partij in Katanga te steunen (Conakat van Moïse Tshombe). Deze strategiewijziging had alles te maken met de politieke toestand in Congo, die in een stroomversnelling was terecht gekomen. Ook na de onafhankelijkheid van Congo bleef UMHK deze strategie volgen. Wanneer Tshombe enkele dagen na de onafhankelijkheid de afscheiding van Katanga aankondigde, twijfelde Union Minière niet. Het bedrijf begon met een grootschalige steun aan de secessiebeweging aan de internationaal niet-erkende Katangese staat. Deze hulp van Union Minière zou de ruggengraat vormen van deze beweging, die met behulp van een huurlingenleger drie jaar lang strijd leverde tegen de nieuwe Congolese machtshebbers.

Samengevat kunnen we stellen dat Union Minière du Haut-Katanga op verschillende manieren heeft getracht de touwtjes in handen te houden in de chaotische dekolonisatieperiode. De manier waarop het bedrijf dit deed lag niet altijd formeel vast. Toch anticipeerde UMHK steeds flexibel en met grote middelen op de snel evoluerende omstandigheden in Congo. Hoewel de politieke strategie een wisselend succes kende, slaagde het bedrijf er toch in om haar belangen te bestendigen in de periode voorafgaand, tijdens en na de dekolonisatie. De invloed van Union Minière op de Congolese politiek zou pas in 1967 gebroken worden, toen het bedrijf door president Mobutu genationaliseerd werd.

 

Bibliografie

Opgave van bronnen en literatuur

Onuitgegeven bronnen

BELGIË

Brussel

                            Algemeen Rijksarchief 2 – Dépôt Joseph Cuvelier

                      

                       Archief van de Groep Union Minière. Eerste reeks (1821-1987)

 

nr. 634

Jaarverslag Union Minière. 1958.     

                                                              

                      Archief van de Groep Union Minière. Tweede reeks (1904-1987)

 

nr. 183                                                   

Cousin aan Robiliart. 16.11.1956.

Cousin aan Sengier. 16.1.1957.

Cousin aan Robiliart. 5.3.1957.

Cousin aan Robiliart. 15.3.1957.

Cousin aan Robiliart. 19.3.1957.

Cousin aan Robiliart. 30.12.1957.

Cousin aan Robiliart. 27.5.1958.

Cousin aan Robiliart. 12.8.1958.

Cousin aan Robiliart. 19.1.1959.

Van Hemelrijck aan Cousin. 28.1.1959.

Cousin aan Robiliart. 31.1.1959.

Cousin aan Robiliart. 19.2.1959.

Cousin aan Robiliart. 9.3.1959.

Cousin aan Robiliart. 18.12.1959.

Cousin aan Robiliart. 28.12.1959.

Cousin aan Robiliart. 9.3.1960.

Cousin aan Robiliart. 23.3.1960.

 

nr. 185                                                          

Cousin aan Marthoz. 10.11.1958.

nr. 194                                                          

Van Weyenbergh aan Cousin. 2.8.1957.

Centre d’Etudes des Problemes Sociaux Indigènes. 9.12.1957.

 

nr. 196                                                          

Van Weyenbergh aan Marthoz. 10.1.1959.

Van Weyenbergh aan Robiliart. 19.5.1959.

Van Weyenbergh aan Marthoz. 19.5.1959.

Van Weyenbergh aan Robiliart. 10.7.1959.

Van Weyenbergh aan Wallef. 17.7.1959.

Note pour la Direction Générale – Elisabethstad. Creation d’une association professionelle des travailleurs de l’U.M.H.K. 9.12.1959.

Statuts. 9.12.1959.

Van Weyenbergh aan Cousin. 11.12.1959.

Van Weyenbergh aan Robiliart. 17.12.1959.

Van Weyenbergh aan Marthoz. 23.12.1959.

 

nr. 197                                                          

Van Weyenbergh aan Marthoz. 16.1.1960.

Van Weyenbergh aan Marthoz. 8.3.1960.

Van Weyenbergh aan Marthoz. 22.4.1960.

Van Weyenbergh aan Marthoz. 30.9.1960.

Van Weyenbergh aan Marthoz. 18.11.1960.

Van Weyenbergh aan Kibwe. 5.12.1960.

 

nr. 215                                                          

Robiliart aan Cousin. 1311.1956.

Robiliart aan Cousin. 7.3.1957.

Robiliart aan Cousin. 13.3.1957.

Robiliart aan Cousin. 15.3.1957.

Robiliart aan Cousin. 21.3.1957.

Robiliart aan Cousin. 2.6.1958.

Verdussen aan Cousin. 20.8.1958.

Robiliart aan Cousin. 28.11.1958.

Robiliart aan Cousin. 21.1.1959.

Robiliart aan Cousin. 2.2.1959.

Robiliart aan Cousin. 28.2.1959.

Robiliart aan Cousin. 4.3.1959.

Robiliart aan Cousin. 9.3.1959.

Robiliart aan Cousin. 30.8.1960.

 

nr. 226                                                          

Wallef aan Van Weyenbergh. 27.5.1959.

                                         

nr. 246                                                          

Marthoz aan Wallef. 12.7.1960.

 

nr. 284                                                          

Wallef aan Marthoz. 14.7.1960.

 

nr. 359                                                          

Robiliart aan Cousin. 23.3.1960.

Cousin aan Robiliart. 14.4.1960.

Notes de Monsieur J. Cousin, 16.12.1961.

 

nr. 373                                                          

Van Weyenbergh aan Cousin. 1.12.1955.

Cousin aan Marthoz. 24.12.1955.

 

nr. 374                                                          

Cousin aan Marthoz. 10.1.1956.

Cousin aan Marthoz. 25.1.1956.

Cousin aan Marthoz. 16.11.1956.

Cousin aan Marthoz. 9.2.1956.

Cousin aan Marthoz. 21.2.1956.

 

nr. 375                                                          

Cousin aan Marthoz. 2.2.1957.

Gripekoven aan Cousin. 8.2.1957.

Cousin aan Van der Straeten. 8.2.1957.

Cousin aan Marthoz. 11.3.1957.

Cousin aan Dubuisson. 12.11.1957.

Cousin aan Marthoz. 12.12.1957.

Cousin aan Marthoz. 24.12.1957.

Cousin aan Marthoz, 30.12.1957

 

nr. 376                                                          

Cousin aan Van Bree 20.1.1958.

Cousin aan Marthoz. 5.3.1958.

Cousin aan Marthoz. 26.3.1958.

Cousin aan Van der Straeten. 14.4.1958.

Cousin aan Marthoz. 14.4.1958.

Cousin aan Sengier. 16.4.1958.

Cousin aan Marthoz. 10.11.1958.

Cousin aan Marthoz. 24.12.1958.

Memorandum de la reunion tenue au bureau de monsieur Cousin. 29.12.1958.

Cousin aan Marthoz. 3.1.1959.

Cousin aan Marthoz. 17.1.1959.

Cousin aan Marthoz. 9.3.1959.

Cousin aan Marthoz. 13.3.1959.

Cousin aan Marthoz. 6.7.1959.

Cousin aan Marthoz. 20.7.1959.

Cousin aan Marthoz. 22.7.1959.

Situation générale au Katanga. 6.11.1959.

Cousin aan Marthoz. 26.12.1959.

Cousin aan Marthoz. 18.2.1960.

 

nr. 377                                                          

Cousin aan Wallef. 4.1.1960.

Cousin aan Marthoz. 15.2.1960.

Cousin aan Marthoz. 18.2.1960.

Cousin aan Marthoz. 19.2.1960.

Cousin aan Marthoz. 23.3.1960.

Assoignon aan Cousin. 31.3.1960.

Cousin aan Marthoz. 1.4.1960.

Cousin aan Marthoz. 11.4.1960.

Cousin aan Marthoz. 19.4.1960.

Cousin aan Marthoz. 22.4.1960.

Cousin aan Marthoz. 7.5.1960.

 

nr. 425                                                          

Brief van CCBC, 4.11.1959.

Verslag N°30 aan Wallef. 24.2.1960.

 

nr. 426                                                          

de Beauffort aan Wallef. 16.5.1960.

Cousin aan Wallef. 13.7.1960.         

 

nr. 495                                                          

Reseau “Crocodile”. 2.1.1950.

 

nr. 499                                                          

Bamps aan Robiliart. 7.1.1960.

 

Uitgegeven bronnen

Mottoulle, Léopold. Politique Sociale de L’Union Minière du Haut-Katanga pour sa main d’oeuvre indigène et ses résultats au cours de vingt années d’application. Brussel: Van Campenhout, 1946.

Gedrukte bronnen

“Flash”. L’Avenir. 14 mei 1957.

 “L’U.M. remplace ses travailleurs ruandais par des travailleurs katangais,” Echo du Katanga, 8.11.1958.

Le Courrier d’Afrique, 14 maart 1956.

“Reunion Syndicale”. Essor du Congo. 4 maart 1957.

 

Literatuur

“Algemene Vergadering en Raad van Bestuur”. HRwijs. Geraadpleegd 30 maart 2016. http://hrwijs.be/thema/algemene-vergadering-en-raad-van-bestuur.

 

Brion, René, en Jean-Louis Moreau. Inventaire des archives du Groupe Union Minière, 1821-1987. Première série. Brussel: Algemeen Rijksarchief, 2015.

 

———. Van mijnbouw tot mars. De ontstaansgeschiedenis van Umicore. Tielt: Lannoo, 2006.

 

Bruneau, Jean-Claude. “Les nouvelles provinces de la République Démocratique du Congo: construction territoriale et etnicités”. L’Espace Politique 1, nr. 3 (2009).

 

Buch, Pierre, en Jacques Vanderlinden. L’uranium, la Belgique et les puissances: marché de dupes ou chef d’oevre diplomatique? Brussel: De Boeck, 1995.

 

Buelens, Frans. Congo 1885-1960. Een financieel-economische geschiedenis. Berchem: EPO, 2007.

 

Butendi, François. Cartographie des syndicats en R D Congo: vers une compréhension du monde syndical congolais. Yaoundé: Presses universitaires d’Afrique, 2013.

 

Ceuppens, Bambi. Congo made in Flanders? Koloniale Vlaamse visies op “blank” en “zwart” in Belgisch Congo. Gent: Academia Press, 2003.

 

———. School en cultuur. Eenheid en verscheidenheid in de geschiedenis van het Belgische en Nederlandse onderwijs. Jaarboek voor de geschiedenis van opvoeding en onderwijs 2005. Bewerkt door Nelleke Bakker, Marjoke Rietveld-van Wingerden, en Jeffrey Tyssens. Assen: Van Gorcum, 2006.

 

Chomé, Jules. Zaïre, Ketens van Koper. Leuven: Kritak, 1977.

 

Congo, Democratic Republic. Foreign Policy and Government Guide. Vol. 1. Washington DC: International Business Publications, 2011.

 

Coolsaet, Rik. België en zijn buitenlandse politiek, 1830-2015. Leuven: Van Halewyck, 2014.

 

Cooper, Frederick. Africa since 1940. The Past of the Present. New York: Cambridge University Press, 2002.

 

“Coördinatie van de statuten op 26 december 2014”. Geraadpleegd 30 maart 2016. http://www.umicore.com/en/governance/articles-of-association/.

 

Cuypers, Louis. Union Minière du Haut Katanga. 1906-1956. Brussel: Editions L. Cuypers, 1956.

 

“De controle”. notaris.be. Geraadpleegd 30 maart 2016. https://www.notaris.be/opstarten-ondernemen/statuten-bij-de-nv-bvba-en-….

 

De Villers, Gautier. De Mobutu à Mobutu: Trente ans de relations Belgique-Zaïre. Brussel: De Boeck Université, 1995.

 

De Vos, Luc, Emmanuel Gerard, Jules Gérad-Libois, en Philippe Raxhon. Parlementair onderzoek met het oog op het vaststellen van de precieze omstandigheden waarin Patrice Lumumba werd vermoord en van de eventuele betrokkenheid daarbij van Belgische politici. Brussel: Belgische Kamer van volksvertegenwoordigers, 2001.

 

———. Parlementair onderzoek met het oog op het vaststellen van de precieze omstandigheden waarin Patrice Lumumba werd vermoord en van de eventuele betrokkenheid daarbij van Belgische politici. Brussel: Belgische Kamer van volksvertegenwoordigers, 2001.

 

De Witte, Ludo. De moord op Lumumba. Van Halewyck, 1999.

 

———. Huurlingen, geheim agenten en diplomaten. Leuven: Van Halewyck, 2014.

 

De Wulf, Hans. “De Wet Corporate Governance en het bestuur: directiecomité en intra-groepsverrichtingen”. In Financiële regulering: op zoek naar nieuwe evenwichten, door Michel Tison, Cathy Van Acker, en Jan Cerfontaine, Vol. 1. Antwerpen: Intersentia, 2003.

 

Depelchin, Jacques. From the Congo free state to Zaïre: how Belgium privatized the economy: a history of Belgian stock companies in Congo-Zaïre from 1885 to 1974. Londen: CODESRIA, 1992.

 

Doucy, Arthur, en Pierre Feldheim. Problèmes du travail et politique sociale au Congo Belge. Brussel: Les Editions de la Librairie encyclopédique, 1952.

 

Emizet, Kisangani, en F. Bobb Scott. Historical Dictionary of the Democratic Republic of Congo. 3de ed. Historical Dictionaries of Africa 12. Lanham: The Scarecrow Press, Inc., 2010.

 

Epstein, Edwin M. The Corporation in American Politics. Eaglewood Cliffs: Prentice-Hall, 1969.

 

Etambala, Zana Aziza. Congo “55-”65. Van Koning Boudewijn tot President Mobutu. Tielt: Lannoo, 1999.

 

———. “Sociale bewegingen in Belgisch-Congo”. Brood & Rozen 2, nr. 18 (1999).

 

Ferrand, Isabelle. “Congo 1955-1960. De aanloop naar de onafhankelijkheid. Een analyse van de berichtgeving in drie Vlaamse kranten: De Standaard, Vooruit, Het Laatste Nieuws”. Licentiaat, Universiteit Gent, 2000.

 

Fonteneau, Gérard, Noël Madounga, en André Linard. Histoire du syndicalisme en Afrique. Karthala, 2004.

 

Frindéthié, K. Martial. From Lumumba to Gbagbo: Africa in the Eddy of the Euro-American quest for Exceptionalism. Jefferson: McFarland & Company, Inc., Publishers, 2016.

 

Ganshof van der Meersch, Walter J. Fin de la souveraineté belge au Congo: documents et réflexions. Brussel: Institut royal des relations internationales, 1963.

 

Gerard, Emmanuel, Widukind De Ridder, en Françoise Muller. Wie heeft Lahaut vermoord? De geheime Koude Oorlog in België. Leuven: Davidsfonds Uitgeverij, 2015.

 

Gerard, Emmanuel, Luc De Vos, en Jules Gérad-Libois. Lumumba: de complotten? De moord. Leuven: Davidsfonds, 2004.

 

Gernaert, Ivo. “Het Belgische ontwikkelingsbeleid. Een kind van zijn tijd of een rebel?” Masterproef, Universiteit Gent, 2010.

 

Gibbs, David. “International Commercial Rivalries & the Zaïrian Copper Nationalisation of 1967”. Review of African Political Economy 72, nr. 24 (1997).

 

———. The Political Economy of Third World Intervention. Mines, Money, and U.S. Policy in the Congo Crisis. Chicago: The University of Chicago Press, 1991.

 

Gijs, Anne-Sophie. Le pouvoir de l’absent. Les avatars de l’anticommunisme au Congo (1920-1961). Vol. 1. 2 vols. Brussel: P.I.E. Peter Lang, 2016.

 

Hasaers, Jan. “De belangen van de Belgische Privé-sector in Zaïre”. Licentiaat, Universiteit Gent, 1992.

 

Haskin, Jeanne M. The Tragic State of the Congo. From Decolonization to Dictatorship. New York: Algora Publishing, 2005.

 

Helmreich, Jonathan. Gathering Rare Ores: The Diplomacy of Uranium Acquisition, 1943-1954. Princeton: Princeton University Press, 1986.

 

Hillman, Amy J., en Michael A. Hitt. “Corporate Political Strategy Formulation: A Model of Approach, Participation, and Strategy Decisions”. The Academy of Management Review 4, nr. 24 (1999).

 

Hillman, Amy J., Asghar Zardkoohi, en Leonard Bierman. “Corporate Political Strategies and Firm Performance: Indicators of Firm-Specific Benefits from Personal Service in the U.S. Government”. Strategic Management Journal 1, nr. 20 (1999).

 

Kanza, Thomas. “The Problems of the Congo”. African Affairs 1, nr. 67 (1968).

 

“La presse quotidienne au Congo”. Courrier hebdomadaire du CRISP 26, nr. 1 (1959).

 

“l’Affaire de l’Union Minière du Haut-Katanga”. Courrier hebdomadaire du CRISP 4, nr. 9 (1967).

 

Lekime, Fernand. La mangeuse de cuivre: la saga de l’Union Minière du Haut-Katanga, 1906-1966. Brussel: Didier Hatier, 1992.

 

Lemarchand, René. Political Awakening in the Belgian Congo. Berkeley: University of California Press, 1964.

 

Lihun Nzundu Augustin, Bita. Missions catholiques et protestantes face au colonialisme et aux aspirations du peuple autochtone à l’autonomie et à l’indépendance politique au Congo Belge (1908-1960). Rome: Editrice pontificia università gregoriana, 2013.

 

Luykx, Theo, en Marc Platel. Politieke Geschiedenis van België. Van 1944 tot 1985. 5de ed. Vol. 2. Antwerpen: Kluwer rechtswetenschappen, 1985.

 

Markowitz, Marvin D. “The Missions and Political Development in the Congo”. Africa: Journal of the International African Institute 3, nr. 40 (1970).

 

Mbu-Mputu, Norbert. Patrice lumumba: discours, lettres, textes. 2de ed. Newport: MediaComX, 2012.

 

Mommen, André. The Belgian Economy in the Twentieth Century. New York: Routledge, 1994.

 

Ndaywel è Nziem, Isodore. Histoire générale du Congo: de l’héritage ancien à la république démocratique. Louvain-la-Neuve: Duculot, 1998.

 

Ndikumana, Léonce, en Kisangani Emizet. “The Economics of Civil War: The Case of the Democratic Republic of Congo”. Amherst: University of Masachusetts, 2003.

 

Nzongola-Ntalaja, Georges. The Congo: From Leopold to Kabila: A People’s History. Londen: Zed Books, 2002.

 

P. Merriam, Alan. Congo: Background of Conflict. Evanston: Northwestern University Press, 1961.

 

Peemans, Jean-Philippe. “Imperial Hangovers: Belgium - The Economics of Decolonization”. Journal of Contemporary History 2, nr. 15 (1980).

 

Pétillion, L.A. Biographie Belge d’Outre-Mer. Vol. VII A. Académie Royal des Sciences d’Outre-Mer, 1973.

 

“Political Economy”. The Free Dictionary, z.d. Geraadpleegd 6 april 2016.

 

Puissant, Jean, en Ginette Kurgan-Van Hentenryk. Dictionnaire des patrons en Belgique: les hommes, les entreprises, les réseaux. Brussel: De Boeck Université, 1996.

 

Salamon, Lester M., en John J. Siegfried. “Economic Power and Political Influence: The Impact of Industry Structure on Public Policy”. The American Political Science Review 3, nr. 71 (1977).

 

Saquet, Jean-Jacques. De l’Union Minière du Haut-Katanga à la Gécamines. Collection Mémoires lieux de mémoires. Brussel: l’harmattan, 2001.

 

Schuler, Douglas A., Kathleen Rehbein, en Roxy D. Cramer. “Pursuing Strategic Advantage through Political Means: A Multivariate Approach”. The Academy of Management Journal 4, nr. 45 (2002).

 

Thierry, Raphaël. “L’Essor du Congo, pionnier de l’édition africaine”. EditAfrica, 2011. http://www.editafrica.com/l%E2%80%99essor-du-congo-pionnier-de-l%E2%80%….

 

Trefon, Theodore, red. Reinventing Order in the Congo. How people respond to State Failure in Kinshasa. Londen: Zed Books, 2004.

 

Van Bilsen, Jef. Kongo 1945-1965. Het Einde van een Kolonie. Leuven: Davidsfonds, 1993.

 

Van Bol, Jean-Marie. La presse quotidienne au Congo Belge. Brussel: La Pensée Catholique, 1959.

 

Van de Velde, Mark. “The Two Language Maps of the Belgian Congo”. Annales Aequatoria, nr. 20 (1999).

 

Van Den Eeckhout, Patricia, en Guy Vanthemsche. Bronnen voor de studie van het hedendaagse België 19e - 21e eeuw. 2de ed. Brussel: Koninklijke Commissie voor Geschiedenis/Commision royale d’Histoire, 2009.

 

Van Reybrouck, David. Congo. Een geschiedenis. Antwerpen: De Bezige Bij, 2010.

 

Van Rossem, Jean-Pierre. Belgisch uranium voor de eerste Amerikaanse en Russische atoombommen. Leuven: Van Halewyck, 2011.

 

Vandenheuvel, Myriam. “De Zusters van Liefde van Jezus en Maria in dienst van de Union Minère du Haut-Katanga (1926-1965)”. Masterproef, Universiteit Gent, 2008.

 

Vanthemsche, Guy. Congo. De impact van de kolonie op België. Tielt: Lannoo, 2007.

 

Verhoeyen, Etienne, en Rudi Van Doorslaer. De moord op Julien Lahaut. Meulenhoff/Manteau, 2010.

 

Walter, Andrew, en Gautam Sen. Analyzing the Global Political Economy. Princeton: Princeton University Press, 2009.

 

Waterschoot, Dirk. Union Minière du Haut Katanga: ontstaan en arbeidsbeleid tot 1960. Brussel: Gresea, 1985.

 

Weidenbaum, Murray L. “Public Policy: No Longer a Spectator Sport for Business”. Journal of Business Strategy 3, nr. 4 (1980).

 

Witte, Els, Jan Craeybeckx, en Alain Meynen. Politieke Geschiedenis van België. Van 1830 tot heden. 7de ed. Antwerpen: Standaard Uitgeverij, 2005.

 

Young, Crawford. Politics in the Congo. Decolonization and Independence. Princeton: Princeton University Press, 1965.

 

Young, Crawford, en Thomas Turner. The Rise and Decline of the Zairian State. Londen: The University of Wisconsin Press, 1985.

 

Universiteit of Hogeschool
Master of Arts in de geschiedenis
Publicatiejaar
2016
Promotor(en)
Eric Vanhaute
Kernwoorden