Tegen de stroom in? Horende ouders van dove kinderen die kiezen voor Vlaamse Gebarentaal.

Goedele Debeerst
Gebaren met doof kind lijkt wel zwemmen tegen de stroom in“Hoe belangrijk is het nu niet dat hij dat gebaar kent en dat ik dat gebaar ken om te weten wat mijn kind wilt zeggen tegen mij?” aldus een horende ouder van een doof kind.Stel je voor dat de taal die voor je kind het meest toegankelijk is, niet je eigen (moeder)taal is en dat het bovendien een taal is waarvan niet iedereen het nut inziet. Als horende ouder Vlaamse Gebarentaal (VGT) gebruiken met je dove kind: is dat een noodzakelijke brug slaan tussen twee werelden of is het een brug te ver?

Tegen de stroom in? Horende ouders van dove kinderen die kiezen voor Vlaamse Gebarentaal.

Gebaren met doof kind lijkt wel zwemmen tegen de stroom in

“Hoe belangrijk is het nu niet dat hij dat gebaar kent en dat ik dat gebaar ken om te weten wat mijn kind wilt zeggen tegen mij?” aldus een horende ouder van een doof kind.

Stel je voor dat de taal die voor je kind het meest toegankelijk is, niet je eigen (moeder)taal is en dat het bovendien een taal is waarvan niet iedereen het nut inziet. Als horende ouder Vlaamse Gebarentaal (VGT) gebruiken met je dove kind: is dat een noodzakelijke brug slaan tussen twee werelden of is het een brug te ver? Goedele Debeerst (KU Leuven) zocht het uit in haar masteronderzoek en ontdekte dat het voor horende ouders erg moeilijk is een keuze voor VGT ten volle in de praktijk te brengen. Ze stelde immers vast dat er in Vlaanderen (en elders) momenteel sprake is van twee tegenstrijdige evoluties t.o.v. doofheid en gebarentaal. Erg verwarrend voor ouders, zo blijkt.

De culturele betekenis van doof zijn maakt één evolutie uit: dove mensen vormen een taalkundige minderheidsgroep waarin gebarentaal en dovencultuur centraal staan. Recent is er sprake van meer maatschappelijke openheid en ondersteuning voor VGT. Denk aan de gebarentaaltolken op de VRT, een vast gegeven sinds december 2012. Ook de ruimere mogelijkheden voor dove kinderen om gebarentaaltolken in te zetten bij integratie in horende scholen werden vorig jaar nog ruim belicht in de media.

Daarnaast steekt echter ook een medisch-technologische evolutie de kop op die doofheid veeleer ziet als een beperking. Het stimuleren van het gehoor en de gesproken taalverwerving van dove kinderen m.b.v. technologische hulpmiddelen, zoals het cochleair implantaat (CI), staat voorop. Een negatieve houding t.o.v. gebarentaal is daarbij niet ongewoon.

Horende ouders krijgen eerst en vooral te maken met dat medische verhaal. Daardoor blijft VGT niet zelden buiten beeld. Naar een evenwichtig, volledig informatieaanbod inclusief gebarentaal moeten ouders nog steeds zelf op zoek. Zelfs nu de status van VGT sterk toeneemt, blijkt dat geen evidentie.

Debeerst trachtte d.m.v. diepte-interviews met ouders van maar liefst 11 jonge dove kinderen te achterhalen waarom en hoe sommige horende ouders toch een plaats (willen) geven aan VGT in de opvoeding van hun kind binnen de huidige, complexe context. Of: hoe kan je je kind leren zwemmen, als je zelf nog nooit in het water bent geweest?

Je moet kunnen communiceren met je kind

De ouders die bevraagd werden, kozen vooral voor VGT vanuit de motivatie dat het een verrijking is op communicatief en cultureel vlak. ‘Je moet kunnen communiceren met je kind’, aldus één van de ouders.

Jonge ouders zien het aanbieden van VGT dikwijls als een manier om hun kind alle mogelijke kansen te geven naar de toekomst toe. Ze bieden zowel Nederlands als Vlaamse Gebarentaal aan, en hebben vaak – hoewel lang niet altijd – aandacht voor de twee daarbij passende culturen. Een moeder getuigt: ‘Hij is al een buitenbeentje bij de horenden, omdat hij geïmplanteerd is. Ik wou niet dat hij ook nog eens een buitenbeentje was bij de doven.’

Hierbij moet opgemerkt worden dat ouders VGT eerder zien als louter een hulpmiddel: wanneer een CI of hoorapparaat niet gebruikt kan worden, zoals in bad of bij het slapengaan, of als een opstapje naar de verwerving van het Nederlands.

Nog veel struikelblokken

‘In het begin zag je dat hij heel gefrustreerd was, omdat hij zich niet verstaanbaar kon maken. Hij had geen taal, hij had geen gebaren, hij had niks.’ Al zien ouders de voordelen in van gebarentaal, kiezen voor VGT blijft moeilijk. Het dagelijkse leven in Vlaanderen en daarbuiten is erg gericht op het auditieve; de meeste mensen zijn nu eenmaal horend. Met het belang van gesproken taal moeten ouders dan ook rekening houden. Dove kinderen zullen immers veel tijd (moeten) doorbrengen in de horende maatschappij.

Ouders moeten bovendien al te vaak zelf op zoek naar informatie. Het aanbod dat er is, zoals cursussen VGT en activiteiten in dovenclubs, is overigens vaak onvoldoende afgestemd op deze doelgroep. De mogelijkheden voor ouders en hun dove kind om VGT te leren en nadien te onderhouden zijn momenteel ook nog erg beperkt. Als je je kind wilt leren zwemmen, maar als ouder amper de kans of de tijd krijgt om die vaardigheid eerst zelf te leren, maakt dat het er alleen maar moeilijker op.

Daarnaast worden de meeste dove kinderen geïmplanteerd, waardoor ze dikwijls beter kunnen leren spreken en horen (d.i. niet noodzakelijk hetzelfde als goed taal kunnen begrijpen). Dat geeft veel ouders de indruk dat een gebarentaal niet echt ‘nodig’ is; een idee dat vanuit medische hoek vaak aangemoedigd wordt.

Ouders willen en-en-verhaal

De verdeeldheid in de maatschappij creëert bij de ouders een dubbel gevoel. Ze ervaren het verrijkende karakter van VGT, maar voelen alsnog de druk van de buitenwereld waarin gesproken taal en horen de norm zijn, ook – in deze tijden van CI – voor dove kinderen. Die duale context beïnvloedt de manier waarop ouders hun keuze voor VGT uitwerken.

Die keuze wordt echter bemoeilijkt door een gebrek aan steun. Horende ouders ervaren op sociaal en talig vlak meestal weinig steun in hun horende omgeving, de school, de dovengemeenschap en de media. Probeer maar eens je hoofd boven water te houden, als er in de verste verte geen boei te bespeuren valt… Zelfs de overwegend positieve houding van de dovengemeenschap t.o.v. haar eigen visuele taal waarvoor ze decennialang heeft moeten vechten, geeft ouders soms een beklemmend gevoel in hun poging een evenwichtig taalaanbod te voorzien voor hun kind.

Debeerst besluit dat ouders wel degelijk dat evenwicht proberen te zoeken: ‘De meeste respondenten pleiten voor een en-en-verhaal waarin de gesproken en gebarentaal een gelijkwaardige rol toebedeeld krijgen. Toch is het geen evidente keuze.’ Een brug slaan tussen beide perspectieven op doofheid is prioritair.

Voor horende ouders van dove kinderen blijkt kiezen voor Vlaamse Gebarentaal aan te voelen als een sprong in het diepe. En al blijkt die sprong achteraf dikwijls de moeite waard, het zou fijn zijn moesten ouders niet steeds het gevoel hebben dat ze tegen de stroom in gaan.

Bibliografie

Referentielijst

1. Boeken, verhandelingen en artikels

Baarda, D.B., De Goede, M.P.M. & Van der Meer-Middelburg, A.G.E. (2007). Basisboek interviewen: handleiding voor het voorbereiden en afnemen van interviews. Groningen/Houten: Wolters-Noordhoff.

Baker, A., Van den Bogaerde, B. & Jansma, S. (2008). Gebarentaalverwerving. In: Baker, A., Van den Bogaerde, B., Pfau, R. & Schermer, T. (Red.) (2008). Gebarentaalwetenschap: een inleiding. Deventer: Van Tricht, p. 63-82.

Bolle, P. & VLOK-CI (2013). Open oorlog in De Standaard: een opiniestuk door VLOK-CI. Onici (Onafhankelijk Informatiecentrum over Cochleaire Implantatie) Nieuwsbrief, 11:21, p. 13-17.

Bulckaert, P., Magry, J., Heyerick, I. & Van Impe, A. (2008). Dienstverlening en zorg. In: Vermeerbergen, M. & Van Herreweghe, M. (Red.) (2008). Wat [geweest/gewenst] is. Organisaties van en voor doven in Vlaanderen bevraagd over 10 thema’s. Gent: Fevlado Diversus vzw en Academia Press, p. 249-274.

Calderon, R. & Greenberg, M.T. (1999). Stress and coping in hearing mothers of children with hearing loss: factors affecting mother and child adjustment. American Annals of the Deaf, 144:1, p. 7-18.

Calderon, R. (2000). Parental involvement in deaf children’s education programs as a predictor of child’s language, early reading, and social-emotional development. Journal of Deaf Studies and Deaf Education, 5:2, p. 140-155.

Callewier, J. & Heyerick, I. (2008). Media. In: Vermeerbergen, M. & Van Herreweghe, M. (Red.) (2008). Wat [geweest/gewenst] is. Organisaties van en voor doven in Vlaanderen bevraagd over 10 thema’s. Gent: Fevlado Diversus vzw en Academia Press, p. 309-326.

Candaele, A. (2013, 13 september). “Ik hoop dat mensen ook zijn sterke kanten zien”. Gezinskrant De Bond.

Chen Pichler, D. (2012). Language acquisition. In: Pfau, R., Woll, B. & Steinbach, M. (eds.). Handbook of Linguistics and Communication Science: Sign Language. Berlin: de Gruyter, p. 647-686.

Crasborn, O. & Van der Kooij, E. (2008). Fonetiek. In: Baker, A., Van den Bogaerde, B., Pfau, R. & Schermer, T. (Red.) (2008). Gebarentaalwetenschap: een inleiding. Deventer: Van Tricht, p. 214-232.

Debeerst, G. (2012a). Essay on language acquisition research in spoken and signed language. Jyväskylä (Finland): Jyväskylän Yliopisto.

Debeerst, G. (2012b). Essay on sociolinguistic research on signed languages. Jyväskylä (Finland): Jyväskylän Yliopisto.

Debeerst, G. (2013). Vergelijkende studie van gebarentaal op televisie (on- en offline) in Finland en Vlaanderen. Ongepubliceerde BA-paper aangeboden tot het verkrijgen van het diploma BA of Arts in de Toegepaste Taalkunde, KU Leuven – Thomas More.

De Boer, F. & Evers, J. (2012). The Qualitative Interview: art and skill. Den Haag: Eleven International Publishers.

De Clerck, G., Decrans, A., De Durpel, H., De Meulder, M., Deschildre, D., Matthijs, L., Rijckaert, J., Van Herreweghe, M., Van Hoorebeke, A., Vercruysse, K., Vermeerbergen, M., Verstraete, F., Verstraete & Vlerick, S. (Red.) (2013). Recht op Vlaamse Gebarentaal. Memorandum 2014-2019 adviescommissie Vlaamse Gebarentaal naar aanleiding van de verkiezingen in 2014.

De Meulder, M., D’hoore, R., Vercruysse, K., Verstraete, F. & Scheiris, I. (2008). De Vlaamse Dovengemeenschap. In: Vermeerbergen, M. & Van Herreweghe, M. (Red.) (2008). Wat [geweest/gewenst] is. Organisaties van en voor doven in Vlaanderen bevraagd over 10 thema’s. Gent: Fevlado Diversus vzw en Academia Press, p. 41-71.

De Meulder, M., Smessaert, I., Vermeerbergen, M., Aerden, K. & Debreuck, K. (2008). Onderwijs aan dove en slechthorende kinderen, jongeren en volwassenen. Onderwijs van VGT en Dovencultuur. In: Vermeerbergen, M. & Van Herreweghe, M. (Red.) (2008). Wat [geweest/gewenst] is. Organisaties van en voor doven in Vlaanderen bevraagd over 10 thema’s. Gent: Fevlado Diversus vzw en Academia Press, p. 73-140.

De Raeve, L., Loots, G. & De Meulder, M. (2008). Cochleaire implantatie vroeger en nu. In: Vermeerbergen, M. & Van Herreweghe, M. (Red.) (2008). Wat [geweest/gewenst] is. Organisaties van en voor doven in Vlaanderen bevraagd over 10 thema’s. Gent: Fevlado Diversus vzw en Academia Press, p. 141-188.

De Witte, D. & Callewier, J. (2008). Tolken. In: Vermeerbergen, M. & Van Herreweghe, M. (Red.) (2008). Wat [geweest/gewenst] is. Organisaties van en voor doven in Vlaanderen bevraagd over 10 thema’s. Gent: Fevlado Diversus vzw en Academia Press, p. 219-247.

Eleweke, C.J. & Rodda, M. (2000). Factors contributing to parents’ selection of a communication mode to use with their deaf children. American Annals of the Deaf, 145:4, p. 375-383.

Hardonk, S. (2011). Parents’ perspective on the care trajectory of their congenitally deaf child. A sociological analysis of their experiences, preferences, and decisions. Brussel: VUB Press.

Hart, H. ‘t, Boeije, H. & Hox, J. (2009). Onderzoeksmethoden. Amsterdam: Boom.

Heyerick, Isabelle & Vermeerbergen, Myriam (2012). Sign Language Interpreting in Educational Settings in Flanders, Belgium. In: Leeson, L. & Vermeerbergen, M. (Eds.). Working with the Deaf Community: Education, Mental Health and Interpreting. Dublin: Interesource Group (Ireland) Limited, p. 119-134.

Holden-Pitt, L. & Diaz, J.A. (1998). Thirty years of the annual survey of deaf and hard-of-hearing children and youth: a glance over the decades. American Annals of the Deaf, 143:2, p. 71-76.

Huttunen, K. & Välimaa, T. (2010). Parents’ views on changes in their child’s communication and linguistic and socio-emotional development after cochlear implantation. Journal of Deaf Studies and Deaf Education, 15:4, p. 383-404.

Jackson, C.W., Traub, R.J. & Turnbull, A.P. (2008). Parents’ experiences with childhood deafness: implications for family-centered services. Communication Disorders Quarterly, 29:2, p. 82-98.

Kitzinger, J. (1994). The methodology of Focus Groups: the importance of interaction between research participants. Sociology of Health & Illness, 16:1, p. 103-121.

Kitzinger, J. (1995). Qualitative Research: Introducing focus groups. British Medical Journal, 311, p. 299-302.

Loots, G., Devisé, I., Lichtert, G., Hoebrechts, N., Van De Ginste, C. & De Bruyne, I. (2003). De dovengemeenschap in Vlaanderen: doorlichting, sensibilisering en standaardisering van de Vlaamse gebarentaal: Eindrapport, luik 1. De gemeenschap van doven en slechthorenden in Vlaanderen: communicatie, taal en verwachtingen omtrent maatschappelijke toegankelijkheid. Gent: Fevlado Diversus vzw.

Maes, B., Rymen, L. & Ghesquiere, P. (2003). De dovengemeenschap in Vlaanderen: doorlichting, sensibilisering en standaardisering van de Vlaamse gebarentaal: Eindrapport, luik 3. Leren met gebaren: de betekenis van gebarencommunicatie in het buitengewoon onderwijs voor dove en slechthorende leerlingen. Gent: Fevlado Diversus vzw.

Matthijs, L., Loots, G., Mouvet, K., Hardonk, S., Herreweghe, M. van, Hove, G. van, Puyvelde, M. van & Leigh, G. (2012). First information parents receive after UNHS Detection of their baby’s hearing loss. Journal of Deaf Studies and Deaf Education, 17:4, p. 387-401.

Mouvet, K., Matthijs, L., Loots, G., Taveniers, M. & Van Herreweghe, M. (2013a). The language development of a deaf child with a cochlear implant. Language Sciences, 35 (2013), p. 59-79.

Mouvet, K., Matthijs, L., Loots, G., Van Puyvelde, M. & Van Herreweghe, M. (2013b). The influence of social discourses concerning deafness on the interaction between hearing mothers and deaf infants: A comparative case study. In: Meurant, L., Sinte, A., Van Herreweghe, M. & Vermeerbergen, M. (Eds.). Sign Language Research, Uses and Practices. Berlijn: Mouton de Gruyter (Duitsland), p. 35-62 (1-27).

Mouvet, K., Hardonk, S., Matthijs, L., Van Puyvelde, M., Loots, G. & Van Herreweghe, M. (2013c). Analyzing language practices in mother-child interaction against the background of maternal construction of deafness. Language & Communication, 33 (2013), p. 232-245.

Mouvet, K., Taverniers, M., Matthijs, L., Van Puyvelde, M., Loots, G., Van Herreweghe, M. (2013d). The exchange of meaning: A Systemic Functional approach to the language development of young deaf children in Flanders. Functions of Language (forthcoming).

Fevlado (2013a). Mijn baby is doof. Dovennieuws, 88:5.

Mouvet, K. (2013). What about sign language? A longitudinal study of the language development of young deaf children in Flanders in times of cochlear implantation. Doctoraal proefschrift, Vrije Universiteit Brussel en Universiteit Gent.

Powell, R.A. & Single, H.M. (1996). Methodology Matters V: Focus Groups. International Journal for Quality in Health Care, 8:5, p. 499-504.

Raemdonck, L. & Scheiris, I. (Red.) (2006). Ongehoord verleden: doofbewustzijn in historisch perspectief. Geschiedenis van de belangenverdediging in België (eind 19de eeuw – eind jaren ’70) – een introductie. Gent: Fevlado Diversus vzw.

Raemdonck, L. & Scheiris, I. (Red.) (2007). Ongehoord verleden: dove frontvorming aan het begin van de 20ste eeuw. Gent: Fevlado Diversus vzw.

Scheiris, I. (2002). Hoe zoenen doven? Een antwoord op de meest gestelde vragen over doofheid. Gent: Cultuur voor Doven.

Schermer, T. (2008). Taalvariatie en –standaardisatie. In: Baker, A., Van den Bogaerde, B., Pfau, R. & Schermer, T. (Red.) (2008). Gebarentaalwetenschap: een inleiding. Deventer: Van Tricht, p. 257-274.

Smithson, J. (2000). Using and analysing focus groups: limitations and possibilities. International Journal of Social Research Methodology, 3:2, p. 103-119.

Soetemans, L. (2014). Hoort een tolk Vlaamse Gebarentaal in het pedagogisch team? Ongepubliceerde BA-paper aangeboden tot het verkrijgen van het diploma BA of Arts in de Toegepaste Taalkunde, KU Leuven.

Van den Bogaerde, B., Buré, M. & Fortgens, C. (2008). Tweetaligheid en educatie. In: Baker, A., Van den Bogaerde, B., Pfau, R. & Schermer, T. (Red.) (2008). Gebarentaalwetenschap: een inleiding. Deventer: Van Tricht, p. 293-304.

Vandenreyt, C. (2014, 10 februari). “Drie keer meer dove kinderen in gewone school”. Het Belang van Limburg.

Vandoolaeghe, A. (2014). Knelpunten bij het inzetten van gebarentolken in het kleuter- en lager onderwijs. Ongepubliceerde BA-paper aangeboden tot het verkrijgen van het diploma BA of Arts in de Toegepaste Taalkunde, KU Leuven.

Van Herreweghe, M. & Vermeerbergen, M. (1998). Thuishoren in een wereld van gebaren. Gent: Academia Press.

Van Herreweghe, M. & Vermeerbergen, M. (2012). 30 vragen over gebarentaal in Vlaanderen en 29 antwoorden. Gent: Fevlado Diversus vzw en Academia Press.

Van Herreweghe, M., Vermeerbergen, M., & Mouvet, K. (manuscript). From erasure to recognition (and back again?): the case of Flemish Sign Language.

Vermeerbergen, M. & Van Herreweghe, M. (2008). De status van de Vlaamse Gebarentaal: van ondergronds bestaan tot culturele erkenning. In: Vermeerbergen, M. & Van Herreweghe, M. (Red.) (2008). Wat [geweest/gewenst] is. Organisaties van en voor doven in Vlaanderen bevraagd over 10 thema’s. Gent: Fevlado Diversus vzw en Academia Press, p. 1-25.

Weaver, K.A. & Starner, T. (2011). We need to communicate! Helping hearing parents of deaf children learn American Sign Language. Gepresenteerd op de jaarlijkse ASSETS conferentie 2011. Scotland: Dundee.

Young, A.M. (1999). Hearing parents’ adjustments to a deaf child – the impact of a cultural-linguistic model of deafness. Journal of social work practice: psychotherapeutic approaches in health, welfare and the community, 13:2, p. 157-176. London: Routledge.

2. Folders

Fevlado (2013b). Leren Visueel Communiceren in VGT met dove baby’s en peuters (folder).

Kasterlinden (2013). Buitengewoon onderwijs: blinde en slechtziende, dove en slechthorende leerlingen, leerlingen met autisme of een taalstoornis (brochure). Brussel: Kasterlinden.

KIDS (2013). Thuisbegeleiding: baby, kind, jongere (brochure). Hasselt: KIDS.

Koca (2013). Thuisbegeleidingsdienst Jonghelinckshof: voor dove en slechthorende kinderen, kinderen met spraaktaalontwikkelingsstoornissen (brochure). Antwerpen: Koca vzw.

Schelp: voor slechthorende en dove kinderen (brochure). Brussel: Koninklijk Instituut Woluwe.

Spermalie (2013). Perspectief: thuisbegeleidingsdienst voor dove en slechthorende kinderen en volwassenen (brochure). Brugge: De Kade vzw.

Thuisbegeleiding Woluwe vzw: voor kinderen en volwassenen met gehoor-, taal- of spraakproblemen (brochure). Brussel: Woluwe vzw.

3. Lesmaterialen

Doggen, C. (2011). Van gehoorgestoord naar gebarentalig. PowerPointpresentatie. Antwerpen: Lessius Hogeschool.

Kasterlinden (2011). Kasterlinden. PowerPointpresentatie. Sint-Agatha-Berchem: Kasterlinden.

Matthijs, L. (2014). Het participatieproject in een notedop [sic].  PowerPointpresentatie.

Takkinen, R. (2012a). Finnish and Finnish Sign Language in the life of deaf children using cochlear implant. PowerPointpresentatie. Finland: University of Jyväskylä.

Takkinen, R. (2012b). Sign Language Acquisition. PowerPointpresentatie. Finland: University of Jyväskylä.

Vermeerbergen, M. (2010a). Inleiding gebarentaalkunde: 3. Gebarentaalverwerving. Powerpointpresentatie. Antwerpen: Lessius Hogeschool.

Vermeerbergen, M. (2010b). Inleiding gebarentaalkunde: 10. Taalvariatie en standaardisatie. PowerPointpresentatie. Antwerpen: Lessius Hogeschool.

Vermeerbergen, M. (2011a). Dovengemeenschap en Dovencultuur 1: Les 1. Inleiding: Wat is “Doven-cultuur”?. Antwerpen: Lessius Hogeschool.

Vermeerbergen, M. (2011b). Dovengemeenschap en Dovencultuur 1: Les 2. Geschiedenis van het dovenonderwijs. Antwerpen: Lessius Hogeschool.

Vermeerbergen, M. (2011c). Dovengemeenschap en Dovencultuur 1: Les 3. De Dovengemeenschap: geschiedenis – met de nadruk op belangenverdediging. Antwerpen: Lessius Hogeschool.

Vermeerbergen, M. (2011d). Dovengemeenschap en Dovencultuur 1: Les 4. De Vlaamse d/Dovenge-meenschap nu. Antwerpen: Lessius Hogeschool.

Vermeerbergen, M. (2011e). Dovengemeenschap en Dovencultuur 1: Les 6. De Vlaamse d/Dovenge-meenschap – de toekomst. Antwerpen: Lessius Hogeschool.

Vermeerbergen, M. (2011f). Dovengemeenschap en Dovencultuur 1: Les 9. Het Vlaamse doven-onderwijs – toen en nu. Antwerpen: Lessius Hogeschool.

Vermeerbergen, M. (2011g). Dovengemeenschap en Dovencultuur 1: Les 11. Geïntegreerd doven-onderwijs. Antwerpen: Lessius Hogeschool.

Vermeerbergen, M. (2013). Tolken Vlaamse Gebarentaal/Gebarentaaltolken. PowerPointpresentatie. Gastcollege Master Tolken. Antwerpen: KU Leuven

4. Online bronnen

Agentschap Sociaal-Cultureel Werk voor Jeugd en Volwassenen (z.j.). Geraadpleegd op 10 augustus 2014 via http://www.sociaalcultureel.be/volwassenen/gebarentaal_adviescommissie….

Conceptnota (2011). Samen grenzen verleggen. Talennota 2011. Geraadpleegd op 17 maart 2014 via http://www.ond.vlaanderen.be/nieuws/2011/doc/talennota_2011.pdf.

De Clerck, G. (2013). Tolk Vlaamse Gebarentaal van kleuter tot student: zijn we er nu? Gepubliceerd in juni 2013 op http://www.dewereldmorgen.be/. Geraadpleegd op 10 maart 2014 via http://www.dewereldmorgen.be/artikels/2013/06/29/tolk-vlaamse-gebarenta….

De Meulder, M. (2013a). Tolkuren basisonderwijs. Gepubliceerd in juni 2013 op http://bristol.verbeeld.be. Geraadpleegd op 10 maart 2014 via http://bristol.verbeeld.be/2013/06/27/ tolkuren-basisonderwijs/.

De Meulder, M. (2013b). “Gebarentaal in tijden van stroompanne”: reactie op de nieuwsbrief van VLOK-CI. Gepubliceerd in augustus 2013 op http://bristol.verbeeld.be. Geraadpleegd op 07 augustus 2014 via http://bristol.verbeeld.be/2013/08/22/gebarentaal-in-tijden-van-stroomp….

Fevlado (z.j.). Actualiteit: artikel ‘Hij redde Vlaamse kinderen van doofheid’ lokt verder reacties uit. Geraadpleegd op 07 augustus 2014 via http://www.fevlado.be/fevlado-vzw/nieuws-prikbord/ actualiteit/?d=267.

Fevlado (z.j.). Dossiers (toelichting bij de cel Belangenbehartiging). Geraadpleegd op 6 augustus 2014 via http://www.fevlado.be/fevlado-vzw/dossiers/.

Fevlado (z.j.). Over Fevlado-Diversus: missie. Geraadpleegd op 6 augustus 2014 via http://www. fevlado.be/diversus-vzw/over-fevlado-diversus/missie/.

Fevlado (2013c). Actualiteit: verslag Werelddovendag 2013. Geraadpleegd op 26 oktober 2013 via http://www.fevlado.be/fevlado-vzw/nieuws-prikbord/actualiteit/ ?d=284.

Fevlado (2013d). Thema van Werelddovendag 2013: ‘Het dove kind en VGT: ouders en Dovengemeenschap samen in zee.’ Geraadpleegd op 31 oktober 2013 via http://www.fevlado.be/ fevlado-vzw/nieuws-prikbord/actualiteit/?d=246.

Fevlado (2013e). Actualiteit: Dove Kinder Theater stelt voor: "Eerste Keer”. Geraadpleegd op 18 juli 2014 via http://www.fevlado.be/fevlado-vzw/nieuws-prikbord/actualiteit/?d=195.

Gesprek met Stefan Hardonk over de te eenzijdige informatie die ouders van doof geboren kinderen krijgen (2012). Geraadpleegd op 27 december 2013 via http://www.fevlado.be/upload/content/file/ Fevlado/Dossiers/INTERVIEW%20STEFAN%20HARDONK.pdf.

Het participatieproject. Geraadpleegd op 20 april 2014 via http://www.mijnbabyisdoof.be/sites/ default/files/afbeeldingen/uitleg_pp.pdf.

Kaatje leert Vlaamse Gebarentaal. Geraadpleegd op 18 juli 2014 via http://www.ketnet.be/kaatje-voor-ouders/kaatje-leert-vlaamse-gebarentaal.

Lijst referentiecentra gehoor: Kind en Gezin (2013). Geraadpleegd op 26 oktober 2013 via http://www.kindengezin.be/img/Lijst_Referentiecentra_gehoor_ 25092013.pdf.

Mama kan gebaren, papa ook! Geraadpleegd op 26 oktober 2013 via http://www.mamakan gebaren.be/.

Mijn baby is doof. Geraadpleegd op 26 oktober 2013 en 04 juli 2014 via http://www.mijnbabyisdoof.be.

Oortjes getest… Wat doen we nu best? Een eerste wegwijzer voor ouders na de vroegtijdige gehoorscreening. Geraadpleegd op 26 oktober 2013 via http://www.kindengezin.be/img/ Brochure2gehoor.pdf.

Signaal vzw (2013). Participatieproject. Geraadpleegd op 29 juni 2014 via http://www.tsignaal.be/ content/participatie-project.

Recht op tolken in onderwijs nu in een ontwerp van decreet! Geraadpleegd op 17 maart 2014 via http://www.fevlado.be/fevlado-vzw/nieuws-prikbord/actualiteit/?d=237.

Schieving, J.H. (2008). CHARGE-syndroom. Geraadpleegd op 20 december 2013 via http://www. kinderneurologie.eu/ ziektebeelden/syndromen/CHARGE.php.

Signaal vzw. Geraadpleegd op 29 juni 2014 via http://www.tsignaal.be/.

VGT Doe Mee. Geraadpleegd op 31 juli 2014 via http://www.vgtdoemee.be.

Vlok-CI. Geraadpleegd op 26 oktober 2013 via http://www.vlok-ci.eu/start.html.

5. Audiovisuele bronnen

Vermeerbergen, M., e.a. (1997). Een wereld van gebaren. Brussel: BRTN. Aflevering 3, 8 en 12.

Universiteit of Hogeschool
Master in het Tolken
Publicatiejaar
2014
Kernwoorden
Share this on: