Kwalitatief onderzoek naar acteurs met een beperking in Vlaanderen

Laura Van Alphen
Acteurs met een beperking in Vlaanderen“Als boodschap aan regisseurs en producenten zou ik willen meegeven: geef mensen met een beperking die een talent hebben en die het willen doen zeker de kans om te acteren. Er is geen ideale wereld, de maatschappij bestaat nu eenmaal uit minderheden en mensen met beperkingen, ze is niet perfect. Zo zit het leven nu eenmaal in elkaar.” (Chris Willemsen)Films over mensen met een beperking zijn het laatste decennium steeds meer in opkomst, denk aan bijvoorbeeld: Intouchables (2011), De Rouille et D’os (2012) of onze Vlaamse Hasta La Vista (2011).

Kwalitatief onderzoek naar acteurs met een beperking in Vlaanderen

Acteurs met een beperking in Vlaanderen

“Als boodschap aan regisseurs en producenten zou ik willen meegeven: geef mensen met een beperking die een talent hebben en die het willen doen zeker de kans om te acteren. Er is geen ideale wereld, de maatschappij bestaat nu eenmaal uit minderheden en mensen met beperkingen, ze is niet perfect. Zo zit het leven nu eenmaal in elkaar.” (Chris Willemsen)

Films over mensen met een beperking zijn het laatste decennium steeds meer in opkomst, denk aan bijvoorbeeld: Intouchables (2011), De Rouille et D’os (2012) of onze Vlaamse Hasta La Vista (2011). Wat hierbij opvalt, is dat in geen enkele van deze films een persoon met een echte beperking meedoet. Nog opmerkelijk is dat er jaarlijks wereldwijd rapportages worden gemaakt met informatie over de leeftijd, het geslacht en de etniciteit van mensen in de filmwereld, maar dat er geen gegevens worden verzameld over de tewerkstelling van acteurs met een beperking. In deze tijden van visuele media werd het dus hoog tijd om dit onderwerp onder de loep te nemen.Denkt u zelf maar eens aan films waarin het onderwerp ‘handicap’ aan bod komt. Klassiekers zijn: Rainman (1988), Forrest Gump (1994), I am Sam (2001),… Maar er bestaan nog honderden andere films rond dit onderwerp. Meer zelfs, 43% van deze films werd in de jaren ’90 genomineerd voor een award of Oscar. Een persoon spelen met een beperking staat in Hollywood zelfs bekend als een vrijgeleide naar een Oscar, daar kunnen Tom Hanks en Dustin Hoffman over meespreken. Maar is het niet eenvoudiger en authentieker om een echte gehandicapte de rol te laten vertolken? Slechts 1% van alle personages met een beperking op televisie gespeeld worden door acteurs met een beperking, 99% wordt dus ‘gefaked’( Raynor & Hayward, 2005).Maar Hollywood is niet zomaar te vergelijken met Vlaanderen. Om deze reden werd onderzocht wat de toestand is van acteurs met een beperking in het professionele circuit in Vlaanderen. Hoe liggen hun kansen in deze wereld in vergelijking met non-disabled acteurs? Wat zijn hun troeven en welke drempels moeten zij overwinnen?Voor dit onderzoek werden in Vlaanderen professionele acteurs met een visuele, mentale of fysieke beperking geïnterviewd, waaronder: Chris Willemsen, Els Laenen en William Boeva. Belangrijk was ook de mening van regisseurs, theatermakers, schrijvers en producers aan bod te laten komen om het volledige verhaal in kaart te brengen. Bekende namen zijn o.a.: Wim Opbrouck, Geoffery Enthoven en Filip Van Neyghem.Bij deze scriptie werd ook de documentaire ‘En ik ben acteur’ gemaakt waarin alle interviews en beeldfragmenten van de acteurs verzameld zijn.

Uit het onderzoek werd duidelijk dat professionele acteurs met een beperking minder kansen krijgen voor acteerwerk dan hun collega’s zonder een beperking. Er is minder werkgelegenheid en ook audities en dramaopleidingen zijn geen evidentie. Acteerwerk en castings gebeuren meestal via-via.

De acteurs worden voornamelijk gevraagd voor rollen waarbij de focus ligt op hun beperking. Het gevaar hierbij is dat de personages vaak in stereotypes vervallen. De acteurs staan telkens voor een dilemma: ga ik voor de rol en bevestig ik een stereotype of weiger ik dit principieel, maar blijf ik werkloos?Toch was het opvallend dat veel acteurs in Vlaanderen ook rollen krijgen aangeboden zonder de nadruk op hun beperking. Een voorbeeld hiervan is de rol van Chris Willemsen in Crimi Clowns. Hij werd niet gevraagd om ‘het dwergje’ te spelen, maar vertolkte de stoere rol van Mike die alles behalve stereotiep is. Toch blijft er op tv en in de film meer nood aan dit soort rollen omdat er voor personages met een beperking nog steeds voornamelijk wordt beroep gedaan op non-disabled acteurs.  Zo is Hasta La Vista de grootste Vlaamse doorbraak voor het onderwerp ‘handicap’ doch zonder echte gehandicapten.Een ander probleem is dat we zelden disabled personages op het scherm zien, wat disproportioneel is tegenover de prevalentie van mensen met een beperking in de maatschappij. Toch zijn er nu meer kansen dan vroeger voor zowel personages als acteurs met een beperking in het theater, de film of op tv. De meest recente voorbeelden hiervan zijn de televisiereeksen Marsman (over een man met autisme) en Met Man en Macht (waarin een vrouw met syndroom van Down meespeelde).De grootste barrières voor acteurs liggen in castingselecties. De overweging om voor deze acteurs te kiezen, brengt voor veel regisseurs angsten en onzekerheden met zich mee, vooral op vlak van tijd en budget. Toch zijn er ook veel motieven om hen wel te casten zoals authenticiteit, hun professionaliteit en de unieke sfeer die gecreëerd wordt.Het acteren heeft niet enkel een meerwaarde voor de personen met een beperking zelf (zoals meer zelfvertrouwen, bekendheid...), maar ook op maatschappelijk vlak kunnen hogere doelen verwezenlijkt worden. Zowel film- en televisiemakers als de disabled acteurs zelf kunnen bijdragen aan een positieve en correcte beeldvorming van deze doelgroep en zo een breed publiek positief beïnvloeden. Op deze manier kunnen ze stereotypes, vooroordelen en discriminatie tegenwerken.

We kunnen concluderen dat de toestand in Vlaanderen voor professionele acteurs met een beperking gunstiger is dan vroeger, maar dat er nog veel ruimte voor verbetering is. Kwinten Van Heden, één van de geïnterviewde acteurs, besluit: “Ik denk dat we al blij mogen zijn met wat we al bereikt hebben, maar ik vind het jammer dat ik dat erbij moet zeggen ‘met wat we al bereikt hebben’ want het is nog altijd niet wat het moet zijn. Het is nog altijd geen volwaardige acteur die er dan staat vind ik. Het blijft een acteur met een beperking waar rekening mee moet worden gehouden”.

De grootste drempel ligt bij regisseurs en castingdirectors. Zij moeten meer out of the box gaan denken om acteurs met een beperking ook te casten voor gewone rollen. Ook al vraagt dit soms extra tijd en budget, het zou een grote stap betekenen in de richting van een inclusieve samenleving waarin personen met een beperking zich erkend voelen en zich weerspiegeld zien in de realiteit die televisie en film tracht te weergeven

“Ik behandel acteurs met een beperking niet anders dan andere acteurs. In wezen werk je met iemand samen. Of dat nu een acteur is met een beperking of een topacteur (die hebben ook hun beperkingen) of een amateur of iemand in een rolstoel, eenmaal we samen werken is er geen onderscheid meer” (Wim Opbrouck)

Bibliografie
  1. Bibliografie

Band, S. A., Lindsay, G., Neelands, J., & Freakley, V. (2011). Disabled students in the performing arts–are we setting them up to succeed? International Journal of Inclusive Education, 15(9), 891–908. doi:10.1080/13603110903452903

Berkeley Library. (2012). Physical and Mental Disability in the Movies and Television: A Bibliography of Books and Articles. Retrieved May 25, 2014, from http://www.lib.berkeley.edu/MRC/disabilitiesbib.html

Berry, C. (2010). Social inclusion : NHS service users and the general public (Vol. 2).

Black, R. S., & Pretes, L. (2007). Victims and victors: Representation of physical disability on the silver screen. Research and Practice for Persons with Severe Disabilities, 32(1). doi:10.2511/rpsd.32.1.66

Bogard, W. (1998). Sense and segmentarity: some makers of a Deleuzian-Guattarian sociology. Sociological Theory, 16(1), 52–74.

Braidotti, R. (2004). Op Doorreis. Nomadisch denken in de 21ste eeuw. Boom.

Breeden, L. (2008). Transformative Occupations: Life Experiences of Performers with Disabilities in Film and Television. University of southern California.

Breeden, L. (2012). Transformative Occupation in Practice: Changing Media Images and Lives of People With Disabilities. OTJR: Occupation, Participation and Health, 32(1), 16. doi:10.3928/15394492-20110906-01

Broekaert, E., Vandevelde, S., & Briggs, D. (2011). The Postmodern Application of Holistic Education Eric Broekaert, Stijn Vandevelde & Dennie Briggs. THERAPEUTIC COMMUNITIES, 32(1), 18–34.

Broekaert, E., Van Hove, G., D’Oosterlinck, F., & Bayliss, P. (2004). The Search for an Integrated Paradigm of Care Models for People with Handicaps, Disabilities and Behavioural Disorders at the Department of Orthopedagogy of Ghent University. Education and Training in Developmental Disabilities, 39(3), 206–216.

Centrum voor Gelijkheid van Kansen en voor Racisme Bestrijding. (2005). Discussienota: Recht op Cultuur, 10 jaar na het algemeen verslag over de armoede (p. 15).

Clé, A. (2005). Culturele , sportieve en sociale participatie Het OCMW aan zet ! Een praktijkgids (p. 146). Brussel.

Cultuurbeleidsplan Antwerpen. (2008). Op weg naar een meer diverse cultuurparticipatie in Antwerpen. Antwerpen. Retrieved from http://www.antwerpen.be/docs/Stad/Bedrijven/Cultuur_sport_recreatie/CS_…

Davies, B. (2009). Difference and differentiation. In B. Davies & Gannon, S. (Ed.), Pedagogical Encounters. New York: Peter Lang publishers Inc.

De Bie, M., Oosterlynck, S., & De Blust, S. (2012). Participatie, ontwerp en toeeigening in een democratische stadsvernieuwing. In E. Vervloesem, B. Demeulder, & A. Loeckx (Eds.), Stadsvernieuwingsprojecten in Vlaanderen (2002-2011): een eigenzinnige praktijk in Europees perspectief. Brussel: ASP nv.

De Kesel, M. (2006). Ze komen zonder noodlot, zonder motief, zonder ratio. “Nomadisme” in Deleuze en in het deleuzisme. De Witte Raaf. Retrieved March 15, 2014, from http://www.dewitteraaf.be/artikel/detail/nl/3023

Deleuze, G., & Guattari, F. (1987). A Thousand Plateaus. In Capitalism and Schizophrenia. Londen: Continuüm.

Devlieger, P., Rusch, F., & Pfeiffer, D. (2003). Rethinking disability as same and different! Towards a cultural model of disability. In F. Devlieger, P., Rusch & D. Pfeiffer (Eds.), Rethinking disability: The emergence of new definitions, concepts and communities (2nd ed., pp. 9–15). Antwerpen-Apeldoorn: Garant.

Deweer, K., Marijsse, J., & Van Hove, G. (2008). All Inclusive, momenten met focus op personen met een beperking. Momenten, (3), 86.

Farnall, O., & Smith, K. (1999). Reactions to people with disabilities: Personal contact versus viewing of specific media portrayals. Journalism and Mass Communication Quarterly, 76(4), 659–672. doi:10.1177/107769909907600404

Federeale Overheidsdienst Sociale Zekerheid. (2014). De inkomensvervangende tegemoetkoming en de integratietegemoetkoming (p. 77).

Gabel, S., & Peters, S. (2004). Presage of a paradigm shift? Beyond the social model of disability toward resistance theories of disability. Disability & Society, 19(6), 585–600. doi:10.1080/0968759042000252515

Game Of Thrones Wiki: Tyrion Lannister. (n.d.). Retrieved July 16, 2014, from http://gameofthrones.wikia.com/wiki/Tyrion_Lannister

Garland-Thomson, R. (1996). Freakery: Cultural Spectacles of the Extraordinary Body. New York and London: New York University Press.

Garland-Thomson, R. (2005). Dares to stares: Disabled women performance artists & the dynamics of staring. In C. Sandahl & P. Auslander (Eds.), Bodies in commotion: Disability & performance (pp. 30–41). The University of Michigan Press.

Glesne, C. (2010). Prestudy Tasks: Doing what is good for you. In G. Van Hove & L. Claes (Eds.), Qualitative Research and Educational Sciences: A Reader about Useful Strategies and Tools (pp. 1–37).

Goodley, D. (1997). Locating Self-advocacy in Models of Disability: Understanding disability in the support of self-advocates with learning difficulties. Disability & Society, 12(3), 367–379. doi:10.1080/09687599727227

Goodley, D. (2007a). Becoming rhizomatic parents: Deleuze, Guattari and disabled babies. Disability & Society, 22(2), 145–160. doi:10.1080/09687590601141576

Goodley, D. (2007b). Towards socially just pedagogies: Deleuzoguattarian critical disability studies. International Journal of Inclusive Education, 11(3), 317–334. doi:10.1080/13603110701238769

Goodley, D., & Runswick-cole, K. (2012). Reading Rosie : The postmodern disabled child. Educational&Child Psychology, 29(2), 53–66.

Harris, S. J. (2014). Able-Bodied Actors and Disability Drag: Why Disabled Roles are Only for Disabled Performers [Web log post]. Retrieved March 07, 2014, from http://www.rogerebert.com/balder-and-dash/disabled-roles-disabled-perfo…

Howitt, D. (2010). Thematic analysis. In G. Van Hove & L. Claes (Eds.), Qualitative Research and Educational Sciences: A Reader about Useful Strategies and Tools (pp. 179–202). Harlow: Pearson Education Limited.

Huxley, P., Evans, S., Madge, S., Webber, M., Burchardt, T., McDaid, D., & Knapp, M. (2012). Development of a social inclusion index to capture subjective and objective life domains (Phase II): psychometric development study. Health Technology Assessment (Winchester, England), 16(1), 1–25. doi:10.3310/hta16010

I AM PWD Inclusion in the Arts and Media [Video file]. (2008). Retrieved March 25, 2014, from http://www.iampwd.org/i-am-pwd-inclusion-arts-and-media

IAMPWD. (2010). New Study Reveals Lack of Characters With Disabilities on Television. Retrieved May 01, 2013, from http://www.iampwd.org/study-reveals-continued-lack-characters-disabilit…

Janssens, I. (2005). De sociaal-artistieke praktijk in de media: Een impressie vanuit de praktijk. Moment, (6), 1–16.

Johnson, L. R. (2000). In-service training to facilitate inclusion: An outcomes evaluation. Reading & Writing Quarterly, 16(3), 281–287. doi:doi:10.1080/105735600406751

Kerremans, J., De bisschop, A. (2010). Visietekst sociaal-artistiek werk. Brussel. Retrieved from http://www.demos.be/uploads/tx_bworxebib/2DemosVisietekstSAP_ONLINE.pdf

Lindsay, G., & Thompson, D. (2012). Values into practice in special education London. (pp. 1–163). Londen: David Fulton.

Matarasso, F. (1997). Use Or Ornament? The Social Impact of Participation in the Arts. Londen: Comedia.

McNiff, S. (1998). Art Based Research. In J. . Knowles & A. L. Cole (Eds.), Handbook of the Arts in Qualitative Research: Perspectives, Methodologies, Examples, and Issues (pp. 29–40). SAGE Publications.

Ofsted. (2006). Inclusion: does it matter where pupils are taught? Provision and outcomes in different settings for pupils with learning difficulties and disabilities (pp. 1–27).

Pletinckx, F. (2014). ’ Sociaal-artistieke ruimte“ Een reflectie over benaderen en benaderd worden binnen de sociaal-artistieke werkplek Victoria Deluxe vzw (master”s thesis). Universiteit Gent, België.

Posman, S. (2010). nomadisme rosi. nY, website en tijdschrift voor literatuur, kritiek & amusement,. Retrieved March 19, 2014, from http://www.ny-web.be/long-hard-looks/van-femina-faber-tot-cyberbabe.html

Raynor, O., & Hayward, K. (2005). The employment of performers with disabilities in the entertainment industry. Screen Actors Guild, 2(May). Retrieved from http://ieeexplore.ieee.org/xpls/abs_all.jsp?arnumber=1222248

Raynor, O., & Hayward, K. (2009). Breaking into the business: experiences of actors with disabilities in the entertainment industry. Journal of Research in Special Educational Needs Vol, 9(1), 39–47. doi:10.1111/j.1471-3802.2009.01114.x

Rizoom verklaard. (n.d.). Retrieved April 28, 2014, from http://www.rizoom.org/rizoom verklaard.html

Robinson, R. (2006). Hollywood’s race/ethnicity and gender-based casting: prospects for a title VII lawsuit. Latino Policy & Issues Brief, 14, 1–4.

Safran, S. (1998a). Disability portrayal in film: Reflecting the past, directing the future. Exceptional Children, 64(2), 227–238. Retrieved from http://www.eric.ed.gov/ERICWebPortal/recordDetail?accno=EJ561020

Safran, S. (1998b). The First Century of Disability Portrayal in Film: An Analysis of the Literature. The Journal of Special Education, 31(4), 467 – 479. doi:10.1177/002246699803100404

Safran, S. (2001). Movie Images of Disability and War: Framing History and Political Ideology. Remedial and Special Education, 22(4), 223 – 241. doi:10.1177/074193250102200406

SAG-AFTRA. (2014). Mission Statement. Retrieved March 25, 2013, from http://www.sagaftra.org/about-us/mission-statement

Sandahl, C. (2008). Why disability identity matters from dramaturgy to casting in John Belluso’s “Pyretown.” Text and Performance Quarterly, 28, 225–241.

Schelstraete, I. (2013, March 6). Imperfect is sexy: van Hasta la vista tot The sessions: films over gehandicapten zijn in opmars. De Standaard, pp. 2–3.

Schippers, A., & Heumen, L. Van. (2014). The Inclusive City through the lens of Quality of Life. In R. I. Brown & R. Faragher (Eds.), Challenges for Quality of Life : Applications in Education and other Social Contexts . (pp. 1–16). New York: Nova Science Publishers.

Shaw, C. (2006). The lure of the weird. Retrieved May 25, 2014, from http://www.theguardian.com/media/2006/feb/20/broadcasting.comment

Smeyers, p., & Levering, B. (2001). Grondslagen van de wetenschappelijke pedagogiek. Modern en postmodern. (P. Smeyers & B. Levering, Eds.). Amsterdam - Boom.

Taylor, S., & Bogdan, R. (2007). On Accepting Relationships between People with Mental Retardation and Non-disabled People: Towards an Understanding of Acceptance. Disability, Handicap & Society, 4(1), 21–36. doi:10.1080/02674648966780021

The Sarah Bernhardt Pages. (2005). Retrieved May 25, 2014, from http://www.sarah-bernhardt.com/

Timmermans, P. (2009). Geïllustreerde inleiding tot de algemene pedagogiek. Website opvoedkunde. Retrieved March 29, 2014, from http://opvoedkunde1av.khleuven.be/PEDAGOGIEK/ALGINLEID/INLalgped.htm

Van Hove, G. (2008). Art based research: een meer dan noodzakelijke aanvulling voor de sociale wetenschappen. Momenten, (3), 24–33.

Van Hove, G. (2009). Disability Studies, een vakgebied van modellen en stromingen. Belangrijke eerste gegevens uit de UK. In G. Van Hove (Ed.), Disability Studies. Basisteksten uitgediept (pp. 9–10). Antwerpen-Apeldoorn: Garant.

Van Regenmortel, T. (2009). Empowerment als uitdagend kader voor sociale inclusie en moderne zorg. Journal of Intervention: Theory and Practice, 18(4), 22–42.

Verberckmoes, J. (2010). Dwergen aan het aartshertogelijk hof. Retrieved from http://www.dbnl.org/tekst/_zev001199001_01/_zev001199001_01_0006.php

Vlaamse Overheid Cultuur, Jeugd, Sport, Media, . (n.d.-a). ABC Interculturaliseren. Vlaamse Overheid Cultuur, Jeugd, Sport, Media. Retrieved March 20, 2014, from http://www.interculturaliseren.be/index.php?id=25#H

Vlaamse Overheid Cultuur, Jeugd, Sport, Media, . (n.d.-b). Participatiedecreet. Vlaamse Overheid Cultuur, Jeugd, Sport, Media. Retrieved from http://www.cjsm.be/overkoepelende-themas/participatie/participatiedecre…

 

Universiteit of Hogeschool
Pedagogische Wetenschappen
Publicatiejaar
2014
Kernwoorden
Share this on: