Hersteld Contact: het belang van betekenisgeving binnen een gezinswetenschappelijke hulpverlening

Evelien Van Beeck
Betekenisgeving als medicijnWanneer we ziek worden, gaan we naar de dokter.  We krijgen een diagnose en een pilletje voorgeschreven.  Meestal voelen we ons dan beter.  Maar wat als dat niet zo is, of erger nog, de dokter vindt niets?  Dan hebben we stress, en ook daar zijn pilletjes voor.  Een pilletje graag, dokter.Een gangbare denkwijze in onze Westerse cultuur is het dualisme.

Hersteld Contact: het belang van betekenisgeving binnen een gezinswetenschappelijke hulpverlening

Betekenisgeving als medicijn

Wanneer we ziek worden, gaan we naar de dokter.  We krijgen een diagnose en een pilletje voorgeschreven.  Meestal voelen we ons dan beter.  Maar wat als dat niet zo is, of erger nog, de dokter vindt niets?  Dan hebben we stress, en ook daar zijn pilletjes voor.  

Een pilletje graag, dokter.

Een gangbare denkwijze in onze Westerse cultuur is het dualisme. We spreken over « lichaam

en geest » alsof het twee strikt onderscheiden entiteiten zijn.  Binnen de hulpverlening resulteert dit in een farmacologische en een psychisch gerichte wereld.  Deze twee strekkingen lijken los van mekaar te functioneren.  Paradoxaal genoeg lijkt er een tendens te bestaan om het psychische voornamelijk biologisch te bestrijden.  Dit werkt slechts tijdelijk en de ervaren leegte komt altijd terug.  Het is een signaal én appel om op zoek te gaan naar een alternatieve hulpverlening.

In wat volgt zal ik aantonen hoe diepgewortelde menselijke eigenschappen zoals intuïtie, irrationaliteit en creativiteit kunnen worden aangewend als heilzame krachtbronnen.  De holistische visie benadert de mens vanuit zijn geheel: wanneer iemand ziek wordt, zegt dit iets over zijn geest en andersom.  Betekenisgeving speelt hierbij een cruciale rol: het kan een alternatief zijn voor antidepressiva én de brug vormen tussen lichaam en geest.

Schrijven op voorschrift

Systeemtherapeut Didier Tritsmans definieert dit in zijn boek ‘Het methodische vermoeden’ als het ontstaan van een ‘schraal zelfverhaal’.  Ieder mens heeft wel een verhaal over zichzelf, en dit verhaal heeft een enorme impact op de manier waarop hij zichzelf ervaart en oriënteert in het leven.  Het zelfverhaal heeft zowel een beperkende als een verrijkende functie.  Enerzijds stelt het in staat tot betekenisgeving, anderzijds is het altijd gekleurd. 

Net als Didier Tritsmans is psychotherapeute en dramadocente Hilde Vleugels ervan overtuigd dat mensen samen met anderen hun levensverhaal kunnen schrijven en herschrijven.  In haar boek ‘Scherven’ beschrijft zij hoe sprookjes en mythen kunnen helpen om het eigen verhaal aan te vullen, of om zichzelf te uiten waar de eigen woorden tekort schieten. Men kan zich met verhalen of verhaalelementen identificeren.  Tevens kan het samen werken rond een verhaal voor een gemeenschappelijke taal zorgen tussen therapeut en cliënt. 

De hulpverlener kan deze rol op zich nemen.  Alice Miller, die als één van de grondlegsters van de moderne psychoanalyse wordt beschouwd, pleit voor het belang van een ‘Wetende Getuige’. Het is een authentiek en liefdevol persoon, die radicaal de kant van de gekwetste persoon kiest, en het geleden leed benoemt zoals het is. De Wetende Getuige kan met andere woorden helpen om de waarheid naar boven te halen en verdrongen gevoelens te ervaren met een intensiteit die vroeger ondenkbaar was. Miller spreekt over sprekende ziektes, waarmee zij bedoelt dat het lichaam onthoudt en vertelt wat de persoon vergeet of niet expliciet durft te verwoorden.  Zo vertelt anorexia nervosa volgens haar dat het lichaam verkeerd voedsel weigert.  Dat verkeerde voedsel wordt volgens Miller hoofdzakelijk gegeven door de ouders.  Het vierde gebod dat zegt « Vader en moeder zult gij eren », dit onvoorwaardelijk, is volgens Miller de grootste ziekmaker die er bestaat.  Immers, zwaar mishandelde kinderen doen tekort aan zichzelf als zij omwille van de maatschappelijke moraal hun leed moeten ontkennen. Volgen wij Millers denkpiste, dan moeten wij ons zelfverhaal onderwerpen aan datgene wat voor ons de waarheid is, hoe hard of amoreel deze ook mag zijn. Met Miller kunnen wij onderstrepen hoe belangrijk erkenning voor het geleden leed van het kind of de volwassene is.  Wanneer een persoon er in slaagt deze erkenning te vinden, zal hij of zij genezen.  Hij zal zijn echte gevoelens kunnen ervaren zonder zich te moeten verstoppen achter een maatschappelijk aanvaardbaar masker of een ziekte. In het licht van het zelfverhaal kunnen wij aan de hulpverlener de opdracht toedichten het verhaal te schrijven zoals het is, binnen de veiligheid van het menselijk contact, en met alle respect voor de grenzen en het tempo van zijn medemens. Oprecht en authentiek contact is een bron om uit te putten, om verder te gaan en om zin te ervaren.

Geen diagnoses, maar verhalen..

Het zoeken naar betekenis is van belang in het leven van elke mens.  Het stelt ons in staat om contact te herstellen waar nodig.  Ieder mens wordt vroeg of laat geconfronteerd met lijden.  Door betekenisgeving kan men opnieuw op verhaal komen. 

Bibliografie
  • BAETEN, K. (2011) Relatie-ondersteuning en bemiddeling. Brussel, Hoger Instituut voor Gezinswetenschappen. 
  • BARTELS, J. (2007) Grensverkeer tussen filosofie en neurowetenschappen. In: VAN BAAK, J.,
  • BARTELS, J., VAN HEUSDEN, B., et al., (red.) Lichaam en geest. Budel, Damon, 12-33)
  • BOHLMEIJER, E. (2007) Hysteria.  Ideas in Psychoanalysis. Cambridge, Icon Books.
  • BROWN, D. (2006) Is Descartes body a mode of mind? In: LAGERLUND, H., YRJÖNSUURI, M., (red.) Personality Psychology. Domains of Knowledge About Human Nature. New York, The McGraw-Hill Companies.
  • CLOOTS, A. (2005-2006) Fundamentele Wijsbegeerte. Leuven, Acco.
  • CUYPERS, S.E., (2005-2006) Lichaam en geest. Budel, Damon, 66-67.
  • JANOV, A., (1985) Gevangenen van de pijn.  Deventer, Uitgeverij Ankh-Hermes.
  • KAITARO, T. (2006) Emotional Pahologies and reason in French medical Enlightenment. In: LAGERLUND, H., YRJÖNSUURI, M., (red.) Forming the mind. Dordrecht, Springer.
  • LAGERLUND, H. (2006) Het drama van het begaafde kind. Houten.  Uitgeverij Unieboek bv.
  • MILLER, A. (2009)De ontembare vrouw.  Haarlem. Uitgeverij J.H. Gottmer.
  • TRITSMANS, D. (2004) Ouders in soorten. Antwerpen – Appeldoorn.  Garrant.
  • VAN RULER, H. (1999) Scherven. Antwerpen. Acco.
  • VOGT, M. ( (2005)  Filosofie.  Handboek. Lisse, Rebo Productions.
  • VROON, P., (1995) De ziel te lijf.  Schoten, Uitgeverij Westland.
  • YRJÖNSUURI , M. (2006) The soul as an entity: Dante, Aquinas, and Olivi. In: LAGERLUND, H., YRJÖNSUURI, M., (red.) Forming the mind. Dordrecht, Springer.
Universiteit of Hogeschool
Gezinswetenschappen
Publicatiejaar
2011
Kernwoorden
Share this on: