GEO-Actief: integratie van de actieve werkvorm in de les aardrijkskunde

Sven Verhoeven
 
 
 
Gedurende mijn eigen schoolloopbaan heb ik tijdens de lessen aardrijkskunde vaak het gevoel gehad dat er meer in een les zou kunnen zitten dan dat er nu in zat. Als leerling vond ik de lessen die ik volgde vaak saai, maar ik had het gevoel dat er mogelijkheden moesten bestaan om datgene we aangeleerd kregen op een leuke manier te kunnen zien.  Welke oplossingen er hier dan mogelijk waren, wist ik als leerling uiteraard niet.
 
Tijdens mijn opleiding aan de Hogeschool Antwerpen begon ik als maar meer te begrijpen wat het gevoel dat ik tijdens het middelbaar had, nu juist betekende.

GEO-Actief: integratie van de actieve werkvorm in de les aardrijkskunde

 

 

 

Gedurende mijn eigen schoolloopbaan heb ik tijdens de lessen aardrijkskunde vaak het gevoel gehad dat er meer in een les zou kunnen zitten dan dat er nu in zat. Als leerling vond ik de lessen die ik volgde vaak saai, maar ik had het gevoel dat er mogelijkheden moesten bestaan om datgene we aangeleerd kregen op een leuke manier te kunnen zien.  Welke oplossingen er hier dan mogelijk waren, wist ik als leerling uiteraard niet.

 

Tijdens mijn opleiding aan de Hogeschool Antwerpen begon ik als maar meer te begrijpen wat het gevoel dat ik tijdens het middelbaar had, nu juist betekende. Het was namelijk zo dat ik les volgde op een school die voornamelijk gebruik maakte van de klassieke werkvormen, met andere woorden van passieve werkvormen. Er werd totaal voorbijgegaan aan het actieve aspect van leren. Tijdens mijn opleiding ging er in dat opzicht dan ook een nieuwe wereld voor me open. Ik wist van de meeste actieve werkvormen het bestaan niet eens af.

 

Ik had nu het gevoel dat ik later, wanneer ik hopelijk zelf leerkracht ben, veel meer gebruik zou willen maken van deze werkvormen. Ook tijdens mijn stages wilde ik wel eens proberen om activerend te werk te gaan. Ik ondervond echter problemen. Ik wist eigenlijk niet hoe ik deze werkvormen moest toepassen. Tijdens de opleiding werd er namelijk slechts een minimum aan aandacht geschonken aan deze werkvormen en direct bruikbare literatuur rond actieve wekvormen is eigenlijk ook nog steeds zeer moeilijk te vinden. Ik zag de oplossing in mijn eindwerk.

 

Dit eindwerk gaat over actieve werkvormen en over hoe deze toe te passen in de lessen aardrijkskunde. Ik wil hiermee leerkrachten, maar ook mezelf, een hulpmiddel aanbieden. Aan de ene kant wil ik een overzicht geven van de mogelijkheden rond actieve werkvormen, aan de andere kant wil ik ook aantonen welke aandachtspunten er zijn, waar rekening mee moet worden gehouden, enz. Dit alles heb ik zoveel mogelijk willen aanpakken op een praktiserende manier. Ik hoop namelijk dat dit eindwerk een beetje een soort van praktische handleiding kan betekenen voor diegene die gebruik wil maken van actieve werkvormen.

 

Ik heb in dit eindwerk gekozen voor een indeling in drie grote delen: een theoretisch deel, een onderzoeksdeel en een praktisch deel.

 

In het theoretisch deel beschrijf ik in verschillende punten wat actieve werkvormen nu juist zijn, waar we ze kunnen plaatsen in het algemene onderwijslandschap en waarom we ze kunnen gebruiken. Wat zijn dus de verschillende voordelen van actieve werkvormen? Ook geef ik een overzicht van een aantal onderwijsstijlen waarin actieve werkvormen toepasbaar zijn en in wat voor zin ze dat nu juist zijn. Nadien geef ik een kort overzicht van onderzoek dat er reeds is gebeurd rond dit onderwerp en wat de belangrijkste conclusies van deze onderzoeken waren. In dezelfde lijn bespreek ik dan ook de algemene aandachtpunten en valkuilen van actieve werkvormen. Waar moet men rekening mee houden? Wat kan er allemaal misgaan?

Nadien volgt er een uitgebreid gedeelte waarin ik een overzicht probeer te geven van de verschillende actieve werkvormen die kunnen worden gebruikt in de lessen aardrijkskunde. Dit eindwerk spitst zich namelijk toe op het vak aardrijkskunde. Het eindwerk is zo opgevat dat het theoretische gedeelte zou kunnen dienen als een basis voor verschillende vakken, mits een aantal kleine wijzigingen en bijvoegsels. Het zijn vooral de twee andere delen die toegespitst zijn op het vak aardrijkskunde zelf. 

Ik heb dus een overzicht willen bieden van de verschillende mogelijkheden die er zijn voor de vakleerkracht aardrijkskunde. Per werkvorm heb ik algemeen weergegeven wat de werkvorm inhoudt, hoe je zoiets aanpakt en waar je voor moet opletten wanneer je het gebruikt. Ook de voordelen en nadelen van het gebruik van iedere werkvorm werden kort vermeld.

Het was echter niet mijn bedoeling om iedere werkvorm uitgebreid en theoretisch te behandelen. Indien je als lezer dus meer informatie wenst over een bepaalde werkvorm wijs ik je door naar meer specifieke vakliteratuur. In dit eindwerk is het namelijk allemaal praktisch aangepakt, met als bedoeling direct een kort, praktisch overzicht te krijgen van iedere werkvorm. Het is namelijk de bedoeling dat wie actieve werkvormen wil gebruiken, dit eindwerk kan raadplegen. Hierbij fungeren alle punten van het theoretische deel als een theoretische ondersteuning, behalve punt 6. Daar kan je namelijk op een snelle en overzichtelijke manier terugvinden hoe bepaalde werkvormen te gebruiken. Op die manier zou dit eindwerk dus een praktische handleiding moeten worden en kan het theoretische deel van dit eindwerk ook bekeken worden als een vorm van praktijkuitvoering.

 

Nadat ik een overzicht heb gegeven van de verschillende mogelijke actieve werkvormen heb ik nog een kort woordje over actieve evaluatie neergeschreven. Het laatste gedeelte gaat over de specifieke, mogelijke toepassingen van actieve werkvormen in het vak aardrijkskunde. Waarom nu juist deze werkvormen toepassen in dat vak? Wat is de aansluiting met de eindtermen? Enz. Het theoretische gedeelte wordt vervolgens afgesloten met een algemeen besluit.

 

Alle informatie uit dit theoretische deel is afkomstig uit diverse bronnen (boeken, websites,e nz.). Een van de doelen van dit eindwerk was ook zoveel mogelijk informatie over actieve werkvormen bij elkaar brengen in 1 werk. Er is namelijk nog maar zeer weinig bronmateriaal aanwezig dat zich enkel en diep toespitst op actieve werkvormen en het praktische gebruik ervan.

 

Het tweede deel is het onderzoeksdeel. Hierbij heb ik een enquête laten invullen door verschillende leerlingen, verspreid over verschillende scholen. Ik wilde hiermee onderzoeken hoe het nu juist gesteld is met het gebruik van actieve werkvormen in de lessen aardrijkskunde de dag van vandaag. Ik wilde ook onderzoeken wat de leerlingen nu juist willen. Vinden ze het goed zoals het nu is, of hebben ze hetzelfde gevoel dat ik had toen ik op de schoolbanken zat? Met andere woorden, hebben ze het gevoel dat er meer uit de lessen aardrijkskunde te halen valt? In zeker mate heb ik met de resultaten hiervan ook rekening gehouden tijdens mijn praktijkgedeelte.

 

Het derde en laatste deel van dit eindwerk, is het praktijkgedeelte. In het kader van dit eindwerk heb ik tijdens mijn eindstage een aantal actieve werkvormen zelf toegepast. In het praktijkgedeelte geef ik een overzicht van welke werkvormen ik dan juist heb toegepast en hoe dat alles in zijn werk is gegaan. Tevens geef ik hierbij een overzicht van de moeilijkheden die hiermee gepaard gingen, van de dingen die goed gingen en van de dingen die ik de volgende keer anders zou doen. Indien rekening wordt gehouden met de opmerkingen over de lessen die ik uitvoerde, kunnen de uitgeschreven lessen misschien ook dienen als een basis voor andere leerkrachten. Zo zijn leerkrachten aardrijkskunde die niet goed weten hoe te beginnen aan een actieve werkvorm in hun klas, misschien ook op weg geholpen.

 

Ik hoop dat de lezer van dit eindwerk er iets van bijleert en dat dit eindwerk een toepasbaar document mag zijn of een basis mag vormen voor latere eindwerken rond actieve werkvormen in een ander vak dan aardrijkskunde. Veel leesplezier!

Bibliografie

Geschreven werken

 

BELLON, C., PAV, niet-gepubliceerde cursus, Hogeschool Antwerpen, Campus ’t Zuid, 2006 – 2007, 73p.

 

COOLSAET, D., GOETHALS, D., VANCORENLAND,L., Terranova 4 . Handleiding, De Boeck, Antwerpen, 2006

 

DE PAUW, C., Van GENECHTEN, J., VANLENSBERGHE, H.,Globaal 4, Van In, Lier, 2002

 

DEPUYDT, P., DECOSTER, S., GOEMANS, A., LALEMAN, B., MICHIELS, O., NAERT, C., Geo 4, Wolters Plantyn, Deurne, 2002

 

 D’HAESE, I., Digitaal leren: “ritsen tussen didactiek en ICT”, p. 9 – 13., uitgave van VLHORA, Leuven, 16 september 2003

 

FEIJEN, K. EN VAN ASSELT, R., Studiewijzers voor activerend leren, procesmanagement voortgezet onderwijs,  juli 2000

 

GEMEENSCHAPSONDERWIJS, Leerplan aardrijkskunde, tweede graad ASO/KSO

 

GOYVARTS, E., VERSPAGEN, F., NACKAERTS, J., Meridiaan 4, Novum, Mechelen, 2007

 

HAMER, A., BAKKER, A., BROERE, H., EN VAN HECK, M., aardrijkskunde geven, Eerste druk, uitgeverij Van Gorcum, Assen, 2007.

 

HOOGEVEEN, P., EN WINKELS, J., Het didactische werkvormenboek: variatie en differentiatie in de praktijk, zevende druk, uitgeverij Van Gorcum, Assen, 2005.

 

KLASSE VOOR LEERKRACHTEN 158, “hoorcolleges afschaffen?”, oktober 2005, p. 4-9

 

KLASSE VOOR LEERKRACHTEN 121, “leraar geeft geen les”, januari 2002, p. 36-37

 

STRUYVEN, K., The effects of student-activating teaching/learning. Environments on students’ perceptions, student performance and pre-service teachers’ teaching, doctoraat katholieke universiteit Leuven, 2005. 

 

STRUYVEN, K., EN JANSSENS, S., Begeleid zelfstandig leren via actieve werk- en toetsvormen: handleiding voor leerkrachten en onderwijskundigen, eerste druk, uitgeverij De Boeck, Antwerpen, 2007.

 

VAKGROEP PEDAGOGIEK, didactische basisvaardigheden 1, niet gepubliceerde cursus, Hogeschool Antwerpen, Campus t’ Zuid, 2005 – 2006, versie 1, 72p.

 

VAN DEN BERG, G.,VAN STIPHOUT, H. EN VANKAN, L.,  Handboek vakdidactiek aardrijkskunde,  eerste druk, uitgeverij Meulenhoff Educatief, Amsterdam, 1993 .

 

VAN DEN BRANDEN, J., COOLSAET, D., GOETHALS, D., SWIJSEN en F.,VANCORENLAND,L., Terranova 4 . Wereldregio’s, De Sikkel, Oostmalle, 2000

 

VANKAN, L., VAN DER SCHEE, J., Meer leren denken met aardrijkskunde, Stichting omgeving en educatie, Nijmegen, 2004

 

VAN LOOY, L., CONINX, M. EN ELIAS, K., Didactisch werkvormenboek voor cultuurwetenschappen, eerste druk, Uitgeverij Garant, z.pl., z.d.

 

VAN STRYDONCK, M., Didactiek biologie, niet-gepubliceerde cursus, hogeschool Antwerpen, Campus t’ Zuid, 2006 – 2007, 117p.

 

Websites

 

BRUSSSELNIEUWS, De Europese wijk: algemene informatie, Internet, 2 maart 2008, http://www.brusselnieuws.be

 

CULTUURWEB, Brussel: een hoofdstad en haar inwoners, Internet, 1 maart 2008, http://www.cultuurweb.be

 

GOOGLE EARTH, algemene informatie, Internet 5 Februari 2008

http://earth.google.com/intl/nl/

 

COMPETENTIEGERICHT LEREN, definitie competentiegericht leren, Internet 31 januari 2008

http://www.serv.be

 

CONSTRUCTIVISTISCH ONDERWIJS, natuurlijk leren, Internet 27 januari 2008,

http://www.natuurlijkleren.net/constructivisme.php

 

ERVARINGSGERICHT ONDERWIJS, E.G.O. algemeen, Internet, 26 januari 2008, http://www.ervaringsgerichtonderwijs.nl/

 

HET NIEUWSBLAD, Gaëlle Jamar combineert culinair met literair, Internet, 30 december 2006, http://www.hetnieuwsblad.be

 

KOLB-LEERSTIJLEN, figuur leerstijlen van Kolb, Internet 30 januari 2008,

http://www.dilemmamanager.nl/images/afbeeldingen/kolb-leerstijlen.png

 

KOLB-LEERSTIJLEN, informatie leerstijlen van Kolb, Internet 30 januari 2008,

COMPETENTIEGERICHT ONDERWIJS, algemene informatie, Internet 31 januari 2008

www.carrieretijger.nl

 

JIGSAW-METHODE, stappenplan bij het gebruik van de jigsaw-methode, Internet 1 februari 2008,

http://www.jigsaw.org

 

DVD

 

DUURZAME ONTWIKKELING, Maleisië, video,, Nederland, 1996

 

REEVE, S., Equator, DVD, Groot-Brittanië, BBC, 2004

 

 

Universiteit of Hogeschool
Bachelor in het onderwijs: secundair onderwijs - algemene vakken
Publicatiejaar
2007