Portfolio in de lerarenopleiding: een instrument ter bevordering van zelfsturing en reflectie in het leerproces.

Jetske Strijbos
Persbericht

Portfolio in de lerarenopleiding: een instrument ter bevordering van zelfsturing en reflectie in het leerproces.

Literatuustudie

 

In het huidige curriculum worden twee soorten competenties onderscheiden. Ten eerste dienen studenten de nodige onderwijscompetenties te verwerven. Het gaat om alles wat te maken heeft met het lesgeven: voorbereiden, didactisch handelen, inspelen op de noden van de leerlingen,… Ten tweede wordt via de leercompetenties van de studenten verwacht dat zij in staat zijn om levenslang te leren: oriënteren, plannen van opdrachten, reflecteren over eigen leerprocessen, zelfsturend werken, inzicht hebben in eigen leerprocessen, expliciteren van eigen doelen… (Meeus & Van Looy, 2005a).

De leercompetenties bestaan uit reflectie en de componenten van de cyclus van zelfsturend leren. Deze cyclus bestaat uit de fasen oriëntatie, planning, uitvoering en evaluatie (Zimmerman, 2001). Hoe meer fasen een student zelfstandig weet te doorlopen, hoe meer zelfsturend hij kan werken. In alle fasen van de cyclus is reflectie de basiscomponent van zelfsturend leren waardoor het helemaal verweven zit in de cyclus. Reflectie is een dus noodzakelijke voorwaarde voor zelfsturing (Puustinen & Pulkkinen, 2001). Zelfverantwoordelijk leren is het leerproces volledig op eigen kracht sturen, maar blijkt niet steeds wenselijk en/of haalbaar. De grote vrijheid die er mee gepaard gaat, dreigt studenten verloren te laten lopen en dat perkt de kansen op succes in (Taks, 2003).

 

De laatste jaren werd in het hoger onderwijs veel geëxperimenteerd met het portfolio. Er bestaan daarom veel uiteenlopende vormen van, afhankelijk van hun functie, inhoud of toepassing in de opleiding (van Tartwijk e.a., 2003). Ondanks deze grote variatie hebben portfolio’s de volgende drie algemene kenmerken (Meeuw e.a., 2005b):

Competentiegerichtheid

Cyclus van actie en reflectie

Gebruik van diverse media en materialen

 

Interventieomschrijving

 

Er wordt een portfolioprogramma uitgewerkt voor de derdejaarsstudenten van de lerarenopleiding voor leraren secundair onderwijs groep 1, algemene vakken In de Xios Hogeschool Limburg. De interventie baseert zich op de belangrijkste bevindingen uit de literatuurstudie. De studenten krijgen de opdracht om een portfolio samen te stellen voor één van hun onderwijsvakken over differentiatieactiviteiten die zij tijdens hun stages uitvoeren. De bedoeling is om na elke activiteit breed en diep te reflecteren. De portfolio’s bevatten de activiteiten, de bijhorende reflectie en relevant illustratiemateriaal. Kenmerkend aan het opzet is de samenwerking tussen vaklectoren en de begeleider. De vaklectoren begeleiden de studenten bij de vakinhoudelijke en vakdidactische uitwerking, het niveau van de activiteit dus. De begeleider volgt de studenten op in hun proces van reflectie. Op deze manier wordt er binnen de opdracht een onderscheid gemaakt tussen onderwijs- en leercompetenties en de beoordeling ervan.

 

Hypothesen

 

De effecten van een portfolioprogramma op de zelfsturing en het reflectievermogen van studenten worden in deze studie onderzocht. Er wordt uitgegaan van de hypothese dat het portfolio de zelfsturing en het reflectievermogen van de studenten verbetert.

 

Methoden

 

Om deze hypothesen te toetsen worden via kwalitatieve en kwantitatieve methoden gegevens verzameld (mixed method design). Het kwantitatieve gedeelte is quasi-experimenteel: voor, tijdens en na het portfolioprogramma worden telkens metingen gedaan met het zelfrapporteringsinstrument Awareness of Independent Leaning Inventory (AILI). Belevingsvragenlijsten vullen deze metingen aan met kwalitatieve informatie.

 

Bespreking en conclusies

 

Voor reflectie en zelfsturing kan worden geconcludeerd dat de resultaten van de kwantitatieve studie de verwachtingen bevestigen, namelijk dat er een stijgende evolutie in de algemene zelfsturing is doorheen de periode van de portfolio-opdracht.

Toch willen we een belangrijke kanttekening maken. De studenten geven aan zelf een evolutie in hun leerproces te ervaren en dit ook als een belangrijk element van het portfolio te beschouwen. Uit de analyses van dit onderzoek blijken studenten na oefening even goed te reflecteren op minder tijd. We zien deze beide bevindingen als een indicatie voor een verschillende opvatting van de term ‘evolutie’ door de verschillende partijen. Elshout-Mohr e.a. (2003) waarschuwden reeds voor dit soort tegenstrijdige opvattingen binnen portfolio-opdrachten. De evolutie waarover studenten spreken, gaat mogelijk eerder over efficiënt werken, terwijl wij zelf een meer didactische en/of inzichtelijke evolutie beogen. Nu worden de studenten meer bedreven in het doorlopen van de cyclische opeenvolging van actie en reflectie zoals beschreven in de portfolio-opdracht. Expliciet bijkomende persoonlijke doelen stellen, en dus de aanloop nemen tot het sturen van het eigen leerproces, is er in veel mindere mate bij. Als we daarenboven de subschalen van ‘zelfsturing’ met elkaar vergelijken, zien we dat de stijgende zelfsturing slechts veroorzaakt wordt door de subschaal ‘sturen’. We besluiten daaruit dat de portfolio-opdracht de studenten niet leert de cyclus van zelfsturend leren volledig zelfstandig te doorlopen, maar dat ze wel zelfstandig leert plannen en uitvoeren. De beleving van de lectoren van de zelfsturing bevestigt deze bevinding: studenten leren volgens hen via het portfolio zelfstandig plannen, zelfstandig keuzes maken en deze zelfstandig uitvoeren. Het ‘oog hebben voor de individuele leerling’ (oriënteren) en ‘de cyclus actie-reflectie zelfstandig kunnen toepassen’ worden volgens de lectoren in veel mindere mate bereikt via het portfolio. Deze onderzoeksresultaten ondersteunen Taks (2003) die zegt dat het gehele proces van zelfsturing pas gerealiseerd wordt als studenten ook zelfstandig oriënteren. De onderstaande figuur geeft een overzicht van de leerprocessen bij de portfolio-opdracht.

 

            - geheel of gedeeltelijk zelfstandig uitgevoerde taak

            - niet zelfstandig uitgevoerde taak

- studenten leggen zelfstandig de link tussen twee onderdelen van de cyclus en voeren deze ook zelfstandig uit.

 

Bibliografie

Literatuurlijst

 

Dochy, F., McDowell, L. (1997). Introduction: assessment as a tool for learning. Studies in Educational Evaluation, 23 (4), 279-298.

 

Elshout-Mohr, M., Daalen-Kapteijns, M. van (2003). Goed gebruik van portofolio’s in competentiegerichte opleidingen. VELON Tijdschrift voor Lerarenopleiders 24 (4), 5-13.

 

Meeus, W., Van Looy, L. (2005a). Portfolio zonder blozen: het instrument doorgelicht vanuit het perspectief van de lerarenopleiding. Antwerpen/ Apeldoorn: Garant.

 

Meeus, W., Van Looy, L., Van Petegem, P. (2005b). Portfolio assessment in de lerarenopleiding: over validiteit en betrouwbaarheid van de beoordeling. Persoon en Gemeenschap Tijdschrift voor Vorming en Onderwijs 3, 145-162.

 

Puustinen, M., Pulkkinen, L. (2001). Models of Self-regulated Learning: a review. Scandinavian Journal of Educational Research 45 (3), 269-286.

 

Taks, M. (2003). Zelfsturing in leerpraktijken: een curriculumonderzoek naar nieuwe rollen van studenten en docenten in de lerarenopleiding. Op 28/12/2004: http://e-learning.surf.nl/docs/e-learning/proefschrift_marielle_taks.pdf

 

Tartwijk, J. v., Driessen, E., Hoeberigs, B., Kösters, J., Ritzen, M., Stokking, K., Vleuten, C.v.d. (2003). Hoger Onderwijs Praktijk. Werken met een elektronisch portfolio. Groningen: Wolters Noordhoff.

 

Zimmerman, B.J., Schunk, D.H. (2001). Self-regulated Learning ans Academic Achievement: Theoretical Perspectives. Mahwah: Lawrence Erlbaum Associates, Publishers.

 

Universiteit of Hogeschool
Pedagogische wetenschappen,Onderwijskunde
Publicatiejaar
2005
Share this on: