"Vrijgave van Belgische banktegoeden bij internationale erfenissen"

Elien Bauwens
De scriptie heeft willen toetsen naar de meningen die banken en notarissen hebben over de Europese Erfrechtverklaring en welke rol deze speelde bij de vrijgave van Belgische banktegoeden.

De Europese Erfrechtverklaring, een geslaagde uitvinding?

Wat zou u doen wanneer de bank alle banktegoeden heeft geblokkeerd na het overlijden van een naaste? En wat als de overledene in het buitenland woonde? Banken blokkeren tegoeden van de overledene waardoor u, als erflater,  deze niet kan afhalen. Wat u kan doen om deze gelden te verkrijgen en verder te gaan met rouwen, leest u in de scriptie “Vrijgave van Belgische banktegoeden bij internationale erfenissen”.

Banken worden gewaarschuwd wanneer de eigenaar van een bankrekening komt te overlijden. Hierop gaan zij de bankrekeningen van de overledene vastzetten zodat de erfgenamen deze gelden niet kunnen afhalen. Hier zijn verschillende redenen voor. Namelijk dat de bank op de hoogte moet zijn van welk deel iedere erfgenaam moet krijgen maar ook dat de Belgische wetgever geen belastinggelden wilt mislopen. Om deze redenen worden de gelden pas vrijgegeven op voorlegging van een akte van erfopvolging. Dit document duidt aan wie de erfgenamen zijn en het deel waar zij recht op hebben. Daarnaast zal uit dit document moeten blijken dat alle, openstaande, schulden aan de Staat betaald werden.

Velen van ons hebben het al meegemaakt. Een naaste overlijdt en je wordt overweldigd met niet alleen gevoelens en emoties maar ook veel papierwerk en zaken die geregeld moeten worden zoals bijvoorbeeld de begrafenis, de erfenis, de bankrekeningen en gas en water. Dit betekent veel werk voor de erfgenamen en is niet altijd zo eenvoudig. Maar stel nu dat de erflater in het buitenland woonde zoals bijvoorbeeld Spanje of dat één of meerdere van de erfgenamen hier woonden en de overledene in België. Wat dan gedaan als erfgenaam? Uit cijfers blijkt dat er jaarlijks zo’n 450 000 erfenissen zijn die één of meer grensoverschrijdende aspecten bevatten. Dit kan bijvoorbeeld zijn dat één van de erfgenamen in het buitenland woont op het moment van overlijden of dat de overledene in een ander land van de Europese Unie woonde en zijn erfgenamen in België. Het grensoverschrijdend element zorgt voor een extra moeilijkheid in de afhandeling van de nalatenschap. Om deze hele procedure te vereenvoudigen, besloot de Europese wetgever een specifiek document in te voeren, de Europese Erfrechtverklaring. Dit kan gebruikt worden in alle lidstaten van de Europese Unie en heeft tot doel om in alle lidstaten onder andere te kunnen bewijzen wie de erfgenamen zijn en wat hun deel is in de erfenis.

De scriptie “Vrijgave van Belgische banktegoeden bij internationale erfenissen” had tot doel om te kijken of de theorie van de Europese Erfrechtverklaring ook overeenstemde met de praktijk. Was de Europese Erfrechtverklaring alom gekend en vereenvoudigde zij ook in de praktijk de administratieve rompslomp voor de nabestaanden? Dit waren twee van de voornaamste vragen die in de scriptie onderzocht werden. Hiervoor werden mensen in de praktijk aangesproken en meer specifiek notarissen en banken. De uitspraak “onbekend maakt onbemind” is zeer toepasselijk voor de resultaten van de enquête. Hieruit bleek dat het merendeel van de notarissen deze wel kende maar tot nu toe amper of niet heeft opgesteld. Het ging hier evenwel over een enquête en niet alle Belgische notarissen konden hieraan deelnemen.

image

Ook bleek dat veel banken hier niet of amper mee geconfronteerd werden. Uit de meningen van banken en notarissen bleek dat hiervoor een hele reeks van redenen voor bestaan.  Zoals bijvoorbeeld dat het zonder Europese Erfrechtverklaring ook ging, dat de Europese Erfrechtverklaring een zeer lang document was of dat in het buitenland al een nationaal document was opgemaakt en het dus onnodig bleek om een Europees document op te stellen.

De kans dat een erfenis één of meer grensoverschrijdende elementen bevat is reëel en hier heeft de Europese wetgever dan ook op willen inspelen. Je kan de wetgever vergelijken met een uitvinder. Deze speelt ook in op de maatschappelijke belangen en zet zijn plannen om in de praktijk. Maar niet alle uitvindingen werken altijd even goed en dit is ook gebleken uit de meningen van de ondervraagde banken en notarissen. Naar mijn mening is het een uitvinding die zeer goed kan werken in de praktijk maar die nog aanpassingen nodig heeft om zijn gewenste effect te bereiken.

Bibliografie

Wetgeving

Verdragen

- Verdrag van Den Haag tot afschaffing van het vereiste van legalisatie van buitenlandse openbare akten, 5 oktober 1961, BS 7 februari 1976, err. BS 10 maart 1976.

Europese wetgeving

- Voorstel (Comm.) voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad nr. COM(2009)154 def., 14 oktober 2009 betreffende de bevoegdheid, het toepasselijk recht, de erkenning en de tenuitvoerlegging van de beslissingen en authentieke akte op het gebied van de erfopvolging en betreffende de instelling van de Europese erfrechtverklaring, COM(2009) 154 def.- 2009/0157 (COD).

- Verordening Europese Parlement en Raad nr. 650/2012, 4 juli 2012 betreffende de bevoegdheid, het toepasselijke recht, de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen en de aanvaarding en de tenuitvoerlegging van authentieke akten op het gebied van erfopvolging, alsmede betreffende de instelling van een Europese erfrechtverklaring, Pb.L. 27 juli 2012, afl. 201, 107-134.

- Verordening Europese Parlement en Raad nr. 2016/1191, 6 juli 2016 inzake de bevordering van het vrije verkeer van burgers door vereenvoudigde overlegging van bepaalde openbare documenten in de Europese Unie, Pb.L. 26 juli 2016, afl. 200/19, 1-136.

Belgische wetgeving

- Burgerlijk Wetboek.

- Wet van 25 ventôse jaar XI op het notarisambt, BS 16 maart 1803.

- Het wetboek van 31 maart 1936 der Successierechten.

- Wet  van 27 juni 1969 tot herziening van de besluitwet van 28 december 1944 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders.

- Wet van 16 juli 2004 houdende het Wetboek van internationaal privaatrecht, BS 27 juli 2004.

- Wet van 24 juli 2008 houdende diverse bepalingen (I), BS 7 augustus 2008.

- Wet 6 mei 2009 houdende diverse bepalingen, BS 19 mei 2009.

- Wet van 28 juni 2009 tot wijziging van het Burgerlijk Wetboek en van het Wetboek der successierechten wat betreft de bevrijdende betaling bij een erfenis en de terbeschikkingstelling van een bepaald bedrag aan de langstlevende echtgenoot of wettelijk samenwonende, BS 21 augustus 2009.

- Verantwoording bij het aangenomen amendement nr. 10 van de heren TERWINGEN en VERHERSTRAETEN, Parl.St. Kamer 2008-09, nr. 52K1633/004, 2 en Verslag Kamercommissie, Parl.St. Kamer 2008-09, nr. 52K1633/007, 9 15.

- Programmawet van 29 maart 2012 (I), BS 06 april 2012.

- Wet van 13 december 2012 houdende fiscale en financiële bepalingen, BS 20 december 2012.

- Vlaamse Codex Fiscaliteit, BS 23 december 2013.

- Wet van 6 juli 2017 houdende vereenvoudiging, harmonisering, informatisering en modernisering van bepalingen van burgerlijke recht en van burgerlijk procesrecht alsook van het notariaat, en houdende diverse bepalingen inzake justitie, BS 24 juli 2017.

                - MvT, Parl.St., Kamer 2016-17, nr. 54K2259/001, 57-62.

- - KB nr. 38 van 27 juli 1967 houdende inrichting van het sociaal statuut der zelfstandigen voor de sociale schulden.

Rechtspraak

- HvJ 18 oktober 2011, nr. C-34/10, EU:C:2011:669, ‘Brüstle’.

- HvJ (8e k.) 6 oktober 2015, nr. C-471/14, EU:C:2015:659, ‘Seattle Genetics’.

- HvJ (5e k.) 15 oktober 2015, nr. C-494/14, EU:C:2015:692, ‘Axa Belgium’.

- Vred. Roeselare 7 juni 1996, RW 1997-98, 956 en http://www.rw.be (12 juli 2006), noot VAN RAEMDONCK, K.; T. Vred. 1997, 454; T. Vred. 1998, 106; TWVR 1997, 39.

 

Rechtsleer

Boeken en verzamelwerken

- BARBAIX, R., “Overgang van de nalatenschap” in R. Barbaix, Het nieuwe erfrecht 2017, Antwerpen, Intersentia, 2017, 373 p.

- BONOMI, A., WAUTELET, P., PRETELLI, I. en OZTÜRK, A., Le droit européen des successions. Commentaire du Règlement n°650/2012 du 4 juillet 2012, Brussel, Bruylant, 2013, 940 p.

- CASMAN, H., “De bank en het overlijden van de cliënt” in CENTRUM VOOR BEROEPSVERVOLMAKING IN DE RECHTEN (ed.), Actuele ontwikkelingen in de rechtsverhouding tussen bank en consument, Antwerpen, Maklu, 1994, 121-139.

- CASMAN, H., “Het overlijden van de cliënt, titularis van een bankrekening (praktische beschouwingen rond enkele theoretische vragen)” in M. TISON en J. BUYLE (eds.), Bank en Familie, Brussel, Bruylant, 2006, 105-133.

- CASTELEIN, C., “De impact van de Europese Erfrechtverordening op de afwikkeling van een grensoverschrijdende nalatenschap in België” in BARBAIX, R. en CARETTE, N.(eds.), Tendensen Vermogensrecht 2015, Antwerpen, Intersentia, 2015, 115-182.

- de WILDE d’ESTMAEL, E., L’intermédiaire inancier et le droit familial et patrimonial, Brussel, Creadif, 1991, 238 p.

- DE WULF, C., “DEEL I. Organieke wet notariaat- notariële akten in het algemeen”, in DE WULF, C., m.m.v. BAEL, J., DEVOS, S. en DE DECKER, H., Het opstellen van notariële akten, I, Organieke Wet Notariaat, Presonen- en Familierecht, Familiaal Vermogensrecht, 1994, Mechelen, Kluwer, 1-136.

- DEWULF, C., “De akte van bekendheid en het attest van erfopvolging”, in DEWULF, C., Notarieel familierecht en familiaal vermogensrecht. Het opstellen van Notariële Akten, Kluwer, Mechelen, 2011, 295-297.

- DE WULF, C., “L’acte de notoriété et le certificat d’hérédité”, in DE WULF, C., La rédaction d’actes notariés. Droit des personnes et droit patrimonial de la famille, Kluwer, Waterloo, 2013, 319-325.

- DU MONGH, J., “Hoofdstuk II. Openvallen van de nalatenschap“, in PINTENS, W., DECLERCK, C., DU MONGH, J. en VANWINCKELEN, K., Familiaal vermogensrecht, Mortsel, Intersentia, 2010, 1345 p.

- DUTTA, A., ‟The European Certificate of Succession: A New European Instrument between Procedural and Substantive Law”, IJPL 2015, 38-50.

- GOOSSENS, E., “De rol van de notaris bij de afgifte van de Europese erfrechtverklaring” in VERBEKE, A.L. en BUYSSENS, F. (eds.), Notariële actualiteit 2014-2015. Familie – Vastgoed – Rechtspersoon – Fiscaliteit, Antwerpen, Intersentia, 2015, 39-45.

- GOOSSENS, E., De Europese erfrechtverklaring, Mortsel, Intersentia, 2016, 540 p.

- GOOSSENS, E. en VERBEKE, A.-L., “De Europese Erfrechtverordening” in VAN CALSTER, G. (ed.), Themis Internationaal privaatrecht, 76, Brugge, die Keure, 2012, 105-135.

- GOOSSENS, E. en VERBEKE, A.-L., “De procedurele aspecten van de Europese erfrechtverklaring” in ALLEMEERSCH, B. en KRUGER, T. (eds.), Handboek Europees Burgerlijk Procesrecht, Antwerpen, Intersentia, 2015, 275-292.

- KRUGER, T. en VERHELLEN, J., Internationaal privaatrecht. De essentie, Brugge, die Keure, 2016, 484 p.

- PINTENS, W., “Naar een Europees internationaal erfrecht” in PINTENS, W. en DECLERCK, C. (eds.), Patrimonium 2012, Antwerpen, Intersentia, 2012, 361-370.

- REINHARTZ, B., “Certificat successoral européen” in BERGQUIST, U., DAMASCELLI, D., FRIMSTON, R., LAGARDE, P., ODERSKY, F. en REINHARTZ, B. (eds.), Commentaire du règlement européen sur les successions, Parijs, Dalloz, 2015, 338 p .

- STEEGMANS, A. M., “De erfrechtverordening: enkele praktische tips voor de notaris” in BAEL, J. (ed.), Rechtskroniek voor het Notariaat deel 28, Brugge, die Keure, 2016, 129-176.

- STORME, M.E., De invloed van de goede trouw op de kontraktuele schuldvorderingen. Een onderzoek betreffende rechtsgrondslag, tekortkoming en rechtsverwerking bij overeenkomsten, Brussel, Story-Scientia, 1990, 544, 13-22.

- VAN CALSTER, G., “Knelpunten bij de Europese Erfrechtverordening. Harmonisatie interruptus” in BUYSSENS, F., VERBEKE, A. en DILLEMANS, R. (eds.), Notariële actualiteit 2013-2014. Vastgoed - Fiscaliteit - Familie - Rechtspersoon, Antwerpen, Intersentia, Antwerpen, 67-88.

- VERSCHELDEN, G., “Huwelijksvermogensrecht en erfrecht” in X (ed.), Rechtskroniek voor het Notariaat deel 15, Brugge, die Keure, 2009, 103-160.

Tijdschriften

- AERTS, C., “Deblokkering van rekeningen na overlijden. Commentaar op de wetten van 6 mei 2009 en 28 juni 2009”, T.Fam. 2010, afl. 2, 18-27.

- BERTE, S. en DE BACKER, V., “De dood kent geen grenzen. De Europese Erfrechtverordening in 19 casussen”, Not.Fisc.M. 2016, afl. 6, 186-203.

- BOONE, K., CARBONE, M., DE BACKER, V., PELGROMS, H., ROELAND, S. en SIBIET, A., “Fiscale en sociale notificaties bij akte of attest van erfopvolging : enkele aandachtspunten en concrete vragen”, Notamus 2012, afl. 2, 37-48.

- BUNKERS, M., “Afschaffing van de notariële akte in brevet”, NNK 2015, afl. 1, 11-13.

- CAEYMAEX, P., VANTOMME, I., VAN MELKEBEKE, P., “Fiscale en sociale notificaties bij overlijden: twee zekerheden komen samen: dood en belastingen.”, T. Not. 2013, afl. 9, 432-465.

- CASIER, H., “Verfijning van de bijkomende waarborgverplichting voor in buitenland wonende erfgenamen/legatarissen/begiftigden”, Successierechten 2011, afl. 7, 1-3.

- DE BACKER, V. en JACOBS, H., “Is een actualisering van het WIPR aangewezen? Capita selecta inzake familierecht en erfrecht”, T.Fam. 2015, afl. 2-3, 98-104.

- DE BACKER, V., “Het centraal erfrechtregister, nieuwe authentieke bron beheerd door FEDNOT”, Notamus 2017, afl. 1, 56-57.

- DE HEMPTINNE, B., DEREME, F., “Le blocage et le déblocage de fonds bancaires suite à un décès”, Rec.gén.enr.not. 2017, afl. 4, 205-209.

- DELANOTE, M., “Fiscus kan vlotter invorderen”, Fisc.Act. 2012, afl. 15, 5-6.

- DELANOTE, M., “Notificatieverplichtingen bij overlijden”, Not.Fisc.M. 2013, afl. 2, 30-41.

- DE MEYER, J., “Erfopvolging krijgt Europese regels”, Juristenkrant 2012, afl. 254, 3.

- DE WULF, C., “De wijzigingen ingevoerd door de wet van 6 juli 2017 met betrekking tot het erf- en giftenrecht.”, T.Not. 2017, afl. 10, 744-765.

- DE VOGELAERE, W., “Deblokkering van gelden na overlijden: nieuwe regeling”, Nieuwsbrief notariaat 2010, afl. 7, 5-8.

- DORSEL, C., “Europäische Erbrechtsverordnung und Europäisches Nachlasszeugnis”, ZErb 2014, afl. 8, 212-224.

- DUTTA, A., “The European Certificate of Succession: A New European Instrument between Procedural and Substantive Law.”, IJPL 2015, 38-50.

- EVRARD, T., “De legalisatie van buitenlandse documenten van burgerlijke stand: een tegengestelde evolutie. Deel 1: Het legalisatieprincipe.”, T.Vreemd. 2017, nr. 3, 262-277.

- GEELHAND DE MERXEM, N., “Le nouveau droit international privé en matière de successions: déjà utile?“, Rev.not.b. 2013, afl. 3076, 463-480.

- GOOSSENS, E., “Pleidooi voor de veralgemeende invoering van de Europese erfrechtverklaring in het Belgisch recht”, Not.Fisc.M. 2013, afl. 7, 204-213.

- GOOSSENS, E., “De afgifte van de Europese erfrechtverklaring: een draaiboek voor de notaris”, Notamus 2015, afl. 1, 41-45.

- GOOSSENS, E., “De materieelrechtelijke implicaties van de Europese Erfrechtverordening”, TEP 2015, 288-307.

- GOOSSENS, E., “De Europese Erfrechtverordening: krachtlijnen en knelpunten”, RW 2015-16, afl. 15, 563-578.

- MASSCHELEIN, M., “Recente wijzigingen die belangrijk zijn voor het notariaat door de wet van 6 mei 2009 houdende diverse bepalingen I”, NNK 2009, 59-63.

- MASSCHELEIN, M., “De uitkering van een voorschot vóór de deblokkering van de banktegoeden aan de langstlevende echtgenoot of wettelijk samenwonende”, NNK 2010, afl. 1, 3-5.

- MAYEUR, A., “Succession – Libérations des avoirs et compes du défunt – Principes – Exceptions en faveur du conjoint ou cohabitant légal survivant – Nouvelles articles1240bis et 1240ter dans le Code civil – Modification des articles 95 et 97 du Code des droits de succession”, Droits de succession 2009, afl . 8, 5.

- MAX PLANCK INSTITUTE FOR COMPARATIVE AND INTERNATIONAL PRIVATE LAW, “Comments on the European Commission’s Proposal for a Regulation of the European Parliament and of the Council on jurisdiction, applicable law, recognition and enforcement of decisions and authentic instruments in matters of succession and the creation of a European Certificate of Succession.”, RabelsZ. 2010, alf. 3, 522-720.

- MICHIELS, D., “Fiscale & sociale kennisgevingen na overlijden”, TEP 2013, afl. 1, 15-32.

- MOEYKENS, F., “Keuzebedingen in een vergrijzende samenleving”, Waarvan akte 2002, afl. 6, 10-20.

- NELIS, X., “Oplossing voor liquiditeitsproblemen langstlevende echtgenoot, Fisc.Act. 2009, afl. 30, 3-5.

- PELGROMS, H. en ROELAND, S.,“Aanloop naar elektronische aanbieding ter registratie en op het hypotheekkantoor: impact voor het notariaat”, Not.Fisc.M. 2014, afl. 4, 82-103.

- SABLON, S., Fiscaal Jaaroverzicht 2012, Fisc.Koer. 2013, afl. 1-3, 172-182.

- SCHRAM, F., “De verhouding tussen de toegang tot de registers en akten van de burgerlijke stand en het algemene openbaarheidsregime: eindelijk duidelijkheid? ”, T.Gem 2003, nr. 3, 182-193.

- SPRUYT, E., “Versoepelde vrijgave banktegoeden na overlijden”, Nieuwsbrief Accountancy & Fiscaliteit, nr. 28, 3 september 2009, p. 1-5.

- VAN DEN HOVE D'ERTSENRYCK, S., “Een praktische kijk op de Europese erfrechtverklaring”, Notariaat 2016, afl. 3-4, 1-10.

- VAN ERP, J. H. M., “De Europese erfrechtverklaring”, WPNR 2014, 600-606.

- VAN MOLLE, M., “Le régime des notifications fiscales et sociales dans les transmissions successorales”, JT 2013, afl. 6532, 569-579.

- VAN OEVELEN, A., “De zgn. “subjectieve” goede trouw in het Belgische materiële privaatrecht (in het bijzonder in de materies die het notariaat aanbelangen)”, TPR 1990, 1093-1160.

- VERDICKT, B., “De Europese erfrechtverordening: een stap vooruit voor het internationaal erfrecht”, TFR 2016, afl. 508, 763-771.

- VERDICKT, B., “De Europese Erfbelasting verordening als vervolg op de Erfrechtverordening”, TEP 2017, nr. 2, 135-146.

 - VERDICKT, B. en ELSERMANS, R., “Internationale successieplanning na de Erfrechtverordening. Kernpunten en nieuwigheden in negen topics”, ATF 2016, afl. 10, 26-35.

- VERDICKT, B. en ELSERMANS, R., “Reserve en wilsvrijheid onder de Erfrechtverordening”, Not.Fisc.M. 2016, afl. 2, 62-70.

- VERDICKT, B. en ELSERMANS, R., “Vernieuwing in het internationaal erfrecht: de Europese Erfrechtverordening”, Not.Fisc.M. 2016, afl. 8, 258-276.

- VERSCHELDEN, G., “Bevrijdende betaling na overlijden: commentaar bij de artikelen 1240bis en 1240ter BW”, Not.Fisc.M. 2010, afl. 5-6, 113-136.

- WEYTS, L., “De Europese Verordening op internationale nalatenschappen: denk er nu reeds aan bij het opmaken van een testament”, T.Not. 2013, afl. 4, 200-208.

- X., “Banken kunnen spaargeld van overleden cliënt makkelijker vrijgeven”, Successierechten 2009, afl. 7, 6-8.

- X., “Nieuwe notificatieprocedure voor openstaande belastingschulden bij overlijden”, Notariaat 2012, afl. 8, 7-8.

Andere

- Parl.St. Kamer 2012-13, 2458/003, 35-36.

- De heer Terwingen en mevr. Van Cauter, parl.st. kamer 2008-09, nr. 52k1633/005, 5.

- BYTTEBIER, J., Publiciteit en onroerende zakelijke rechten – Rechtsvergelijkend onderzoek en

kritische analyse van het Belgisch recht, doctoraatsthesis Rechten Katholieke Universiteit Leuven, 2006, 406 p.

- GEENS, K., Potpourri, https://www.koengeens.be/policy/potpourri-v

- X., Europese Unie in cijfers, https://www.europa-nu.nl/id/vh6tqk1kv3pv/europese_unie_in_cijfers.

- X., Vrij verkeer en verblijf in Europa: Uw rechten als EU-burger: een leidraad, http://ec.europa.eu/justice/policies/citizenship/docs/guide_free_moveme….

- NOTARIES OF EUROPE, “Position of the Council of the Notariats of the European Union concerning the eJustice Action Plan 2014-2018”, 6 juni 2014, http://www.notaries-of-europe.eu/files/position-papers/2014/e-Justice-0…, 1-5.

- Informatie (Raad) Meerjarenactieplan 2014-2018 voor Europese e-justitie, Pb.C., 14 juni 2014, afl. 182, 2-13.

- Persbericht d.d. 14 oktober 2009 uitgaande van de Europese Commissie, “Simplification du règlement sur les successions internationales”, http://europa.eu/rapid/press-release_MEMO-09-447_fr.htm.

- FEBELFIN, Opzoeking bankrekeningen, https://www.FEBELFIN.be/nl/dienstverlening/opzoeking-bankrekeningen.

Universiteit of Hogeschool
Master in de rechten
Publicatiejaar
2018
Promotor(en)
Prof. dr. Jinske Verhellen