De implementatie van socially assistive robots in de ouderenzorg: de percepties van Vlaamse ouderen over de ethische aspecten van socially assistive robots in de ouderenzorg

Laura Welbergen Tijs Vandemeulebroucke
De implementatie van socially assistive robots in de ouderenzorg: de percepties van Vlaamse ouderen over de ethische aspecten van socially assistive robots in de ouderenzorg. Een focusgroepstudie.

De implementatie van socially assistive robots in de ouderenzorg: de percepties van Vlaamse ouderen over de ethische aspecten van socially assistive robots in de ouderenzorg

De implementatie van socially assistive robots in de ouderenzorg: de percepties van Vlaamse ouderen over de ethische aspecten van socially assistive robots in de ouderenzorg
Laura Welbergen, 24-07-2018

Het ouderenbeleid krijgt te maken met een steeds ouder wordende bevolking. Deze verouderende maatschappij vormt een uitdaging, omdat de kans dat zorg nodig is met de leeftijd stijgt. Tegen deze achtergrond van ontwikkelingen doen robots hun intrede. Door robots aan te wenden in de ouderenzorg, worden ze geacht de uitdagingen waar gezondheidszorgsystemen wereldwijd voor staan aan te kunnen pakken. De SAR, met zijn sociale en assisterende mogelijkheden, is een type robot dat vaak wordt voorgesteld in de ouderenzorg.

Vandemeulebroucke en collega’s concludeerden in hun recente systematische review dat ouderen duidelijke meningen hebben over verschillende aspecten van SAR’s in de ouderenzorg. Desalniettemin zijn sommige van deze meningen dubbelzinnig en vereisen dan ook meer onderzoek vooraleer men SAR’s routinematig kan toepassen in de ouderenzorg. Wat opvalt is dat bijna geen studie specifiek aandacht besteedt aan de percepties van ethische aspecten van ouderen. Wat wordt gemist is dan ook een gegrond kennen van deze percepties van ouderen. Een beter begrip van deze kan inzicht bieden in de ethische invloed van het gebruik van SAR’s in de ouderenzorg en daardoor hun ontwerp, implementatie en routineus gebruik ondersteunen.

Het doel van deze studie is het belichten van de percepties van thuiswonende ouderen over de ethische aspecten van SAR’s bij de implementatie in de ouderenzorg in Vlaanderen (België). Er werden focusgroepsdiscussies gehouden die doelden op het verkrijgen van inzicht in het onderzoeksonderwerp door een breed scala aan ervaringen en ideeën te werven. In deze studie werd geopteerd voor een kwalitatief onderzoeksdesign om de onderzoeksvraag te beantwoorden, aangezien de interesse van het onderzoek uitgaat naar de percepties en betekenisgeving van ouderen. Omdat het lastig kan zijn om te achterhalen wat ouderen daadwerkelijk percipiëren, is soms een interpretatief proces nodig. Hierdoor werd gekozen voor een constructivistische aanpak van het grounded theory framework, aangezien deze aanpak de middelen biedt die dit interpretatieve proces kunnen leiden

39 Ouderen verdeeld over zes focusgroepsdiscussies namen deel aan dit onderzoek. De focusgroepsdiscussies werden telkens geleid door twee personen, waaronder een moderator en een observator. Iedere focusgroep bestond uit drie delen. In het eerste deel werden de bestaande percepties van de participanten over de ethische aspecten van het gebruik van SAR’s in de ouderenzorg onderzocht. In het tweede deel werd de ‘Ik ben Alice’ documentaire getoond waarbij de participanten vrij waren en aangemoedigd werden om reacties te geven. In het derde deel van de focusgroep was er plaats voor discussie en interactie tussen de participanten over hun percepties van de ethische aspecten bij het gebruik van SAR’s die resulteerden uit het bekijken van de documentaire. De analyse van de data werd uitgevoerd volgens de principes van de Qualitative Analysis Guide of Leuven (QUAGOL).

De resultaten van worden opgedeeld in 4 thema’s. Ten eerste werd de komst van robots in de ouderenzorg door de participanten in deze studie gezien als onafwendbaar en noodzakelijk. Ze percipieerden de komst als onafwendbaar omwille van de technologische evolutie tijdens de voorbije decennia en als noodzakelijk met het oog op de druk op het zorgsysteem. Een mengeling van hoop en fatalisme kleurden deze percepties, waarbij hoop werd geassocieerd met positieve en fatalisme met negatieve gevoelens. De participanten erkenden een schaarste in de ouderenzorg, dit op economisch en menselijk vlak. De combinatie van deze onafwendbaar- en noodzakelijkheid zullen volgens hen leiden tot het gebruik van robots in de ouderenzorg. Ten tweede vergeleken de participanten de mogelijkheden en beperkingen van de SAR met deze van de menselijke verzorger en kenden beiden voor- en nadelen. De participanten zagen een SAR wel en niet als een mogelijke vervanging van de mens. Voornamelijk met betrekking tot het sociale aspect kan een SAR de mens volgens hen niet vervangen. Ten derde zagen de participanten mogelijkheden voor de SAR als hulpmiddel van de verzorgers en oudere. Bij de verzorgers kan deze taken uit handen nemen en fysiek zware taken overnemen, waardoor voor hen meer tijd vrijkomt die dan aan het sociale aspect binnen de zorg kan besteed worden. Voor de ouderen kan een SAR daarnaast fysieke en psychologische ondersteuning bieden en hen onafhankelijker maken van zorg. Hoewel men kritisch is naar de sociaal/relationele functie van een SAR, kan deze in het geval van eenzaamheid en dementie een sociaal doel dienen en mogelijk bijdragen aan het opheffen van eenzaamheid. Ten vierde haalden de participanten enkele kanttekeningen aan met betrekking tot het daadwerkelijk gebruik van SAR’s in de ouderenzorg. Zo heeft (i) de levenssituatie van de oudere invloed op de perceptie van het gebruik van de SAR, (ii) beschouwen de participanten het gebruik van de SAR als een particuliere aangelegenheid van de oudere, (iii) heeft het uiterlijk van de SAR invloed op de aanvaarding, (iv) dient men bij het gebruik van SAR’s de autonomie van de oudere te respecteren en (v) dient de oudere over voldoende en duidelijke functionele informatie te beschikken met betrekking tot het gebruik van de SAR.

Deze resultaten dragen bij aan het nog schaarse wetenschappelijke onderzoek naar de ethische aspecten in het gebruik van SAR’s in de ouderenzorg en onderstrepen de resultaten eerder onderzoek naar de algemene percepties van ouderen omtrent SAR’s. Verder kennen zij meerdere implicaties voor zowel praktijk als onderzoek.

 

 

 

Bibliografie

Algemene Directie Statistiek (2015). Demografische vooruitzichten 2014-2060. Federaal Planbureau Asch, S. E., & Guetzkow, H. (1951). Effects of group pressure upon the modification and distortion of

judgments. Groups, leadership, and men, 222-236.
Baarda, B. (2014). Dit is onderzoek! Handleiding voor kwantitatief en kwalitatief onderzoek. (2e ed.).

Groningen/Houten: Noordhoff Uitgevers.
Barrett, J., & Kirk, S. (2000). Running focus groups with elderly and disabled elderly participants.

Applied Ergonomics, 31, 621-629.
Bedaf, S., Gelderblom, G. J., & De Witte, L. (2015). Overview and categorization of robots supporting

independent living of elderly people: what activities do they support and how far have they

developed. Assistive Technology, 27(2), 88-100
Bemelmans, R., Gelderblom, G. J., Jonker, P., & De Witte, L. (2012). Socially assistive robots in elderly

care: A systematic review into effects and effectiveness. Journal of the American Medical Directors

Association, 13(2), 114-120
Berk, R. A. (1983). An introduction to sample selection bias in sociological data. American Sociological

Review, 386-398.
Broadbent, E., Stafford, R., & MacDonald, B. (2009). Acceptance of healthcare robots for the older

population: review and future directions. International journal of social robotics, 1(4), 319-330. Broekens, J., Heerink, M., & Rosendal, H. (2009). Assistive social robots in elderly care: a

review. Gerontechnology, 8(2), 94-103
Cameron, C., & Moss, P. (2007). Care work in Europe: Current understandings and future directions.

Routledge.
Center for Disease Control and Prevention (2017). Geraadpleegd van

http://www.cdc.gov/healthyplaces/healthyplaces/healthtopics/healthyagin…

Charmaz, K. (2008). Constructionism and the grounded theory method. Handbook of constructionist research, 1, 397-412.

Christensen, K., Doblhammer, G., Rau, R., & Vaupel, J. W. (2009). Ageing populations: the challenges ahead. The lancet, 374(9696), 1196-1208.

Colombo, F., Llena-Nozal, A., Mercier, J., & Tjadens, F. (2011). Help wanted? Providing and paying for long-term care

Strauss, A., & Corbin, J. M. (1990). Basics of qualitative research: Grounded theory procedures and techniques. Sage Publications, Inc.

Dautenhahn, K., & Billard, A. (1999). Bringing up robots or—the psychology of socially intelligent robots: From theory to implementation. In Proceedings of the third annual conference on Autonomous Agents (pp. 366-367). ACM.

De Graaf, M. M., Allouch, S. B., & Klamer, T. (2015). Sharing a life with Harvey: Exploring the acceptance of and relationship-building with a social robot. Computers in human behavior, 43, 1-14

Dierckx de Casterlé, B. D., Gastmans, C., Bryon, E., & Denier, Y. (2012). QUAGOL: a guide for qualitative data analysis. International journal of nursing studies, 49(3), 360-371.

Domino’s (2017). Domino’s Robotic Unit. Geraadpleegd van https://www.dominos.nl/over- dominos/dru

Feil-Seifer, D., & Mataric, M. J. (2005). Defining socially assistive robotics. In Rehabilitation Robotics, 2005. ICORR 2005. 9th International Conference on (pp. 465-468). IEEE.

Fong, T., Nourbakhsh, I., & Dautenhahn, K. (2003). A survey of socially interactive robots. Robotics and autonomous systems, 42(3), 143-166.

Ghulam Sarwar Shah, S., & Robinson, I. (2006). User involvement in healthcare technology development and assessment: structured literature review. International Journal of Health Care Quality Assurance, 19(6), 500-515.

Gibbs, A. (1997). Focus groups. Social research update, 19(8), 1-8.
Glaser, B. G. (2002, September). Constructivist grounded theory?. In Forum qualitative

sozialforschung/forum: Qualitative social research (Vol. 3, No. 3).
Goodman, L. A. (1961). Snowball sampling. The annals of mathematical statistics, 148-170. Honda (2017). Geraadpleegd van http://www.honda.nl/lawn-and-

garden/products/miimo/overview.html

International Federation of Robotics (2017). Geraadpleegd van https://www.iso.org/home.html

Jenkins, S., & Draper, H. (2015). Care, monitoring, and companionship: views on care robots from older people and their carers. International Journal of Social Robotics, 7(5), 673-683.

Johnson, J. M. (2002). In-depth interviewing. Handbook of interview research: Context and method, 103-119.

Kidd, C. D., Taggart, W., & Turkle, S. (2006, May). A sociable robot to encourage social interaction among the elderly. InRobotics and Automation, 2006. ICRA 2006. Proceedings 2006 IEEE International Conference on (pp. 3972-3976). IEEE.

Kort, H., & Huisman, C. (2017). Care Robot ZORA in Dutch Nursing Homes; An Evaluation Study. Studies in health technology and informatics, 242, 527-534.

Kachouie, R., Sedighadeli, S., Khosla, R., & Chu, M. T. (2014). Socially assistive robots in elderly care: a mixed-method systematic literature review.International Journal of Human-Computer Interaction, 30(5), 369-393

Lincoln, Y. S., Guba, E. G. (1985). Naturalistic Inquiry. Newbury Park: Sage Publications
Lucivero, F., Swierstra, T., & Boenink, M. (2011). Assessing expectations: towards a toolbox for an

ethics of emerging technologies. Nanoethics, 5(2), 129-141.
Maso, I. & Smaling, A. (1998). Kwalitatief onderzoek: praktijk en theorie. Amsterdam: Boom
Meyrick, J. (2006). What is good qualitative research? A first step towards a comprehensive approach

to judging rigour/quality [elektronische versie]. Journal of Health Psychology, 11(5), 799-808. Mills, J., Bonner, A., & Francis, K. (2006). The development of constructivist grounded

theory. International journal of qualitative methods, 5(1), 25-35.
Mordoch, E., Osterreicher, A., Guse, L., Roger, K., & Thompson, G. (2013). Use of social commitment

robots in the care of elderly people with dementia: A literature review. Maturitas, 74(1), 14-20 Mortelmans, D. (2013). Handboek kwalitatieve onderzoeksmethoden. Leuven: Acco.
OECD (2010). How much is too much? Value for healthcare spending.
Orejana, J. R., MacDonald, B. A., Ahn, H. S., Peri, K., & Broadbent, E. (2015, October). Healthcare robots

in homes of rural older adults. In International Conference on Social Robotics (pp. 512-521).

Springer, Cham.

Oxford, O. E. (2009). Oxford English Dictionary. Oxford: Oxford University Press.
Pino, M., Boulay, M., Jouen, F., & Rigaud, A. S. (2015). “Are we ready for robots that care for us?” Attitudes and opinions of older adults toward socially assistive robots.Frontiers in aging

neuroscience, 7
Rich, C., & Sidner, C. L. (2009). Robots and avatars as hosts, advisors, companions, and jesters. AI

Magazine, 30(1), 29.
Robinson, H., MacDonald, B. A., Kerse, N., & Broadbent, E. (2013). Suitability of healthcare robots for

a dementia unit and suggested improvements.Journal of the American Medical Directors

Association, 14(1), 34-40.
Sääskilahti, K., Kangaskorte, R., Pieskä, S., Jauhiainen, J., & Luimula, M. (2012, September). Needs and

user acceptance of older adults for mobile service robot. In RO-MAN, 2012 (pp. 559-564). IEEE. Sakagami, Y., Watanabe, R., Aoyama, C., Matsunaga, S., Higaki, N., & Fujimura, K. (2002). The

intelligent ASIMO: System overview and integration. In Intelligent Robots and Systems, 2002.

IEEE/RSJ International Conference on(Vol. 3, pp. 2478-2483). IEEE.
Seale, C. (1999). The quality of qualitative research. London: Sage Publications.

Seale, J., McCreadie, C., Turner-Smith, A., & Tinker, A. (2002). Older people as partners in assistive technology research: the use of focus groups in the design process.Technology and Disability, 14(1), 21-29.

Sergeeva, A., Huysman, M., & Faraj, S. (2015). Transforming work practices of operating room teams: the case of the Da Vinci robot.

Sharkey, A., & Sharkey, N. (2012). Granny and the robots: ethical issues in robot care for the elderly. Ethics and information technology, 14(1), 27-40.

Stiehl, W. D., Breazeal, C., Han, K. H., Lieberman, J., Lalla, L., Maymin, A., ... & Kishore, A. (2006). The huggable: a therapeutic robotic companion for relational, affective touch. ACM SIGGRAPH 2006 emerging technologies. ACM.

Tzafestas, S. G. (2015). Roboethics: a navigating overview (Vol. 1046). Springer.
Van Breemen, A., Yan, X., & Meerbeek, B. (2005). iCat: an animated user-interface robot with personality. In Proceedings of the fourth international joint conference on Autonomous agents and

multiagent systems (pp. 143-144). ACM.
Van Driel, C., & Elsing, M. I. Social robotics in de ouderenzorg.
Van Wynsberghe, A. (2013). Designing robots for care: Care centered value-sensitive design. Science

and engineering ethics, 19(2), 407-433.
Vandemeulebroucke, T., Dierckx de Casterlé, B. D., & Gastmans, C. (2018a). The use of care robots in

aged care: A systematic review of argument-based ethics literature. Archives of gerontology and

geriatrics, 74, 15-25.
Vandemeulebroucke, T., Dierckx de Casterlé, B. D., & Gastmans, C. (2018b). How do older adults

experience and perceive socially assistive robots in aged care: a systematic review of qualitative

evidence. Aging & Mental Health, 22(2), 149-167.
Van Zwieten, M., & Willems, D. (2004). Waardering van kwalitatief onderzoek. Huisarts en

wetenschap, 47, 38-43.
Verschuere, B., & Hermans, K. (2016). Welzijn in Vlaanderen: beleid, bestuurlijke organisatie en

uitdagingen. Brugge: Die Keure.
Veruggio, G., & Operto, F. (2006). Roboethics: a bottom-up interdisciplinary discourse in the field of

applied ethics in robotics. International review of information ethics, 6(12), 2-8.
Wardekker, W. (1999). Criteria voor de kwaliteit van onderzoek. In B. Levering & P. Smeyers (Eds.),

Opvoeding en onderwijs leren zien: een inleiding in interpretatief onderzoek (pp.50-67).

Amsterdam: Boom.
World Health Organization. (2015). World report on ageing and health. Geneva: World Health Organization

Young, J. E., Hawkins, R., Sharlin, E., & Igarashi, T. (2009). Toward acceptable domestic robots: Applying insights from social psychology. International Journal of Social Robotics, 1(1), 95.

Universiteit of Hogeschool
Master in het Management en Beleid van de Gezondheidszorg
Publicatiejaar
2018
Promotor
Professor dr. Gastmans, Professor dr. Dierckx de Casterlé
Kernwoorden