Vergelijkende studie tussen het voorleesgedrag van ouders van eentalige en meertalige kinderen in Groot-Antwerpen

Alanis Marien
In deze bachelorproef werd het voorleesgedrag onderzocht bij ouders van eentalige en meertalige kinderen tussen 0 en 3 jaar. Via een vragenlijstonderzoek werd het voorleesgedrag, met name de frequentie van voorlezen, het voorleesmateriaal en de reden van voorlezen in kaart gebracht.

Lezen de ouders van Mohammed en Daan even vaak voor?

 

Lezen de ouders van Mohammed en Daan even vaak voor?

 

Alanis Marien

 

Voorlezen is erg belangrijk om taal te stimuleren bij jonge kinderen. Het vergroot de woordenschat van een kind, het stimuleert de leesontwikkeling en bevordert bovendien de ouder-kindrelatie. Zijn alle ouders zich bewust van de positieve effecten van voorlezen op de ontwikkeling van hun kind? En maken ze er ook effectief tijd voor?

 

We onderzochten het voorleesgedrag van eentalige ouders en anders- of meertalige ouders van jonge kinderen tussen 0 en 3 jaar uit Groot-Antwerpen.

 

Lezen eentalige en meertalige ouders even vaak voor?

Het onderzoek toont aan dat eentalige ouders en anders- of meertalige ouders even vaak voorlezen aan hun jonge kinderen. Zij zijn zich bewust van de voordelen en lezen hoofdzakelijk voor om de taalontwikkeling van hun kind te stimuleren. Ouders die niet voorlezen denken nog te vaak dat hun kind te jong is om aan voor te lezen. Nochtans kan voorlezen al vanaf het eerste levensjaar. Jonge kinderen zullen nog niet elk woord begrijpen maar er wordt een idee gecreëerd dat lezen leuk is, dat is noodzakelijk voor het ontwikkelen van leesinteresse.

 

Opvallend is dat eentalige ouders significant meer kinderboeken in huis hebben dan anders- of meertalige ouders. Bijna 1 op 4 anders- of meertalige ouders geeft aan minder dan vijf kinderboeken in huis te hebben, bij de eentalige ouders is dat slechts 1 op 33.

 

 

In welke taal lezen anderstalige ouders het best voor?

Onderzoek toont aan dat ouders best voorlezen in die taal die ze het beste beheersen. Voor anderstalige ouders is dat hun eigen moedertaal. Toch blijkt uit onze resultaten dat bijna 8 op 10 anderstalige moeders in het Nederlands voorleest. Slechts 1 op 2 leest ook in de eigen moedertaal voor. Anderstalige ouders mogen expliciet gestimuleerd worden om meer voor te lezen in hun eigen moedertaal. Een goede beheersing van de moedertaal helpt immers bij het leren van een nieuwe taal, zoals het Nederlands op school.

 

Heeft het opleidingsniveau van de ouders een invloed op het voorlezen?

Het opleidingsniveau van de ouders heeft, in tegenstelling tot het al dan niet meertalig zijn, wel een invloed op het voorleesgedrag van ouders. Hoogopgeleide moeders lezen significant meer voor aan hun kinderen dan laagopgeleide moeders. Het aantal talen dat thuis wordt gesproken heeft hier geen invloed op.

 

Conclusie

De taal die ouders thuis spreken blijkt geen invloed te hebben op het voorleesgedrag, het opleidingsniveau van de ouders wel. Daarnaast zijn anderstalige ouders geneigd om in het Nederlands voor te lezen, ook al is dat niet hun sterkste taal. Zij hebben nood aan begeleiding en een positieve waardering van hun moedertaal. Vroeg en regelmatig voorlezen in een taal die je goed beheerst, stimuleert de taal- en leesontwikkeling van het jonge kind.

Bibliografie

 

Aarssen, J. (2013). Kwestie van lezen: Voorlezen stimuleren in meertalige gezinnen. Achtergronden en praktische tips voor pedagogisch medewerkers en leerkrachten basisonderwijs. Stichting lezen.  

Baker, C. (2000). The care and education of young bilinguals: An introduction for professionals. Clevedon: Multilingual matters ltd. http://dx.doi.org/10.1002/dei.149

Baker, C. (2014). A parents’ and teachers’ guide to bilingualism (4de ed.). Bristol: Multilingual matters ltd.

Bialystok, E. (2001). Bilingualism in development: Language, literacy, & cognition. Cambridge: University Press. https://doi.org/10.1017/cbo9780511605963

Bruinsma, G., & van Rhee-Temme, W. (2009). Meertaligheid en de taalontwikkeling van kinderen. Nederlandse Vereniging voor Logopedie en Foniatrie.  

Ceuleers, E., Eyckmans, J., & De Smet, H.J. (Red.). (2015). Meertaligheid onder de loep. Antwerpen, Apeldoorn: Garant.

De Vocht, A. (2015). Basishandboek SPSS 23. Utrecht: Bijleveld Press.

Duursma, E. (2011). Voorlezen in gezinnen in Nederland. Stichting lezen.

Feldman, R. S. (2012). Ontwikkelingspsychologie (5e ed.). Amsterdam: Pearson Benelux B.V.

Gielen, S., & Işçi, A. (2015). Meertaligheid: een troef!: Inspirerend werken met meertalige kinderen op school en in de buitenschoolse opvang. Sint-Niklaas: Abimo.

Goorhuis-Brouwer, S. M. (1997). Het wonder van de taalverwerving: Basisboek voor opvoeders van jonge kinderen. Utrecht: De Tijdstroom.

Julien, M. (2012). Meertalige kinderen met een logopedisch probleem: Hoe ga je met ze om? Signaal, 21 (2), 12-25.

Kind en Gezin. (2010). Visietekst. taalstimulering en meertaligheid. Geraadpleegd op 22 september 2016 van http://www.kindengezin.be/img/Visietekst-Taalstimulering-en-meertalighe…

Kind en Gezin. (2016). Het kind in Vlaanderen 2015. Geraadpleegd op 03 november 2016 van http://www.kindengezin.be/cijfers-en-rapporten/rapporten/over-kind-en-g…

Manders, E., De Bal, C., & Van Den Heuvel, E. (2013). Taalontwikkelingsstoornissen: Fenomenen, onderzoek en behandeling. Antwerpen, Appeldoorn: Garant.

Notten, N. (2012). Over ouders en leesopvoeding. Nijmegen: Hermsen Schrijfwerk.

Paradis, J., Genesee, F., & Crago, M. B. (2011). Dual language development and disorders: A handbook on bilingualism and second language learning (2de ed.). Baltimore, London, Sydney: Paul H. Brookes Publishing Co.

Schaerlaekens, A. (2008). De taalontwikkeling van het kind. Groningen: Wolters-Noordhoff.

Schaerlaekens A., & Fikkert, P. (2003). Vloeiend meertalig op je zesde verjaardag. Taalschrift, 1-6.

Schraeyen, K., & Mostaert, C. (2016). Communication disorders in bilingual children. Onuitgegeven cursus.

Smits, A. (2017). Vergelijkende studie tussen het voorleesgedrag van ouders van eentalige en meertalige kinderen in Groot-Antwerpen. Deel 2: Voorleesgedrag van ouders met kinderen van 3 tot 6 jaar (Niet gepubliceerd eindwerk). Thomas More, Antwerpen.

SurveyMonkey (z.d.). Steekproefgrootte enquête: Hoeveel mensen heb ik echt nodig om mijn enquête naartoe te sturen? Geraadpleegd op 21 oktober 2016 van https://nl.surveymonkey.com/mp/sample-size/

Umbel, V. M., Pearson, B. Z., Fernández, M. C. & Oller, D. K. (1992). Measuring bilingual children’s receptive vocabularies. Child Development, 63, 1012-1020. https://doi.org/10.2307/1131250

Van den Branden, K. (2010). Handboek taalbeleid basisonderwijs. Leuven: Acco.

Van Gorp, K. (2012). Boeken, voorlezen en interactie tussen ouder en kind in een meertalige context. [Pdf document]. Geraadpleegd op 13 september 2016 van http://www.boekbabys.be/new/project/_docs/Koenvangorp.pdf

Van Nuffel, H., Houben, L., Van Gorp, K., & Van Den Branden, K. (2014). Bereik en impact van het project boekbaby’s bij ouders. Geraadpleegd op 01 juli 2016 van http://boekbabys.be/new/home/index.php

Westerveld, M., van Byterveldt, A., Paynter, J., & Trembath, D. (2016, augustus). Literacy environments for preschool children with ASD: What’s happening at home? Bijdrage gebracht op IALP, Dublin.

Universiteit of Hogeschool
Bachelor in de Logopedie en de Audiologie
Publicatiejaar
2017
Promotor
Charlotte Mostaert
Kernwoorden