'Soms genezen, dikwijls verlichten, altijd troosten': Belgische verpleegsters tijdens de Eerste Wereldoorlog

Luc De Munck
Deze scriptie vertelt het verhaal van de Belgische verpleegsters tijdens de Eerste Wereldoorlog. Daarbij wordt aandacht besteed aan hun opleiding, hun verpleegkundige praktijken, hun professionele organisatie en de beeldvorming over de verpleegsters. De conclusie is dat zij er tijdens de oorlog in slaagden hun drievoudige missie van genezen, verlichten en troosten waar te maken.

Van prostituee tot moeder

VAN PROSTITUEE TOT MOEDER

‘Soms genezen, dikwijls verlichten, altijd troosten’, stond er tijdens de Eerste Wereldoorlog op het insigne van de verpleegsters van het hospitaal L’Océan in De Panne. Die zin vatte perfect de rol van Belgische verpleegsters in de oorlog samen. Ze waren met minstens achthonderd, vaak nog maar net opgeleid, en aan het werk in moeilijke omstandigheden. Toch slaagden ze er geleidelijk in respect af te dwingen voor het verpleegkundig beroep, dat voor de oorlog geen gunstige reputatie had.

 

Een moeizame start

Tot het einde van de negentiende eeuw waren voornamelijk religieuzen verantwoordelijk voor het verschaffen van verpleegkundige zorgen. Professionele scholing was daarbij onbestaand. In 1882 kwam daar voor het eerst verandering in, toen de stad Luik een theoretische en praktische cursus voor lekenverpleegsters organiseerde. Bij gebrek aan leerlingen werd deze opleiding echter twee jaar later al stopgezet. Ook Brussel gaf in dezelfde periode een eerste aanzet: in 1883 stelde de liberale burgemeester Karel Buls tevergeefs voor om een verpleegstersschool op te richten, en vier jaar later startte de socialistische arts César De Paepe met de organisatie van een beperkte verpleegstersopleiding.

Verpleegkundige zorg door de Zusters van Liefde in een hospice in Gent (Archief Zusters van Liefde, Gent)Verpleegkundige zorg door de Zusters van Liefde (Archief Zusters van Liefde, Gent)

Deze eerste initiatieven hadden af te rekenen met heel wat tegenstand en vooroordelen: de kloosterorden vreesden voor de aantasting van hun monopoliepositie, terwijl het medisch korps bang was voor een aantasting van zijn gezag. Ook de gegoede burgerij haalde de neus op voor het in haar ogen minderwaardige beroep van verpleegster. Verpleegsters hadden toen het statuut van dienstmeid en konden soms amper lezen en schrijven.

 

Vooroorlogse diploma’s

Ondanks de weerstand ging in 1902 een tweejarige opleiding voor lekenverpleegsters van start in het Stuivenberghospitaal in Antwerpen. De echte doorbraak kwam er in 1907: in dat jaar zagen in Brussel niet minder dan drie opleidingen het licht. Onder impuls van de Raad der Godshuizen - de voorloper van het huidige OCMW - startte in het Sint-Janshospitaal een tweejarige opleiding. De Brusselse chirurg Antoine Depage begon zelfs met een driejarige opleiding. Als reactie op deze beide opleidingen voor lekenverpleegsters, ging kort daarna ook de katholieke verpleegstersschool Sint-Camillus van start met een eenjarige opleiding.

Kandidaat-verpleegsters in de school van dokter Depage (Archief Belgische Rode Kruis, Brussel)

Kandidaat-verpleegsters in de school van dokter Depage (Archief Belgische Rode Kruis, Brussel)

De wetgever reageerde opvallend snel op de nieuwe opleidingen. Op 4 april 1908 werd een koninklijk besluit goedgekeurd, waardoor verpleegsters voortaan over een bekwaamheidsdiploma moesten beschikken om hun beroep te mogen uitoefenen. Vanaf dan organiseerde de overheid tweemaal per jaar cursussen en examens voor dit diploma. Tussen 1909 en 1914 werden niet minder dan 4200 diploma’s uitgereikt. Een dergelijk diploma bood een beperkte en voornamelijk theoretische opleiding, terwijl de vorming van de verpleegstersscholen uitgebreider en veel praktijkgerichter was. Die scholen leidden in dezelfde periode 300 verpleegsters op.

 

Een stoomcursus in Londen

De verschillende verpleegstersopleidingen liepen tijdens de Eerste Wereldoorlog gewoon door. Ze ondervonden verrassend genoeg weinig tot geen hinder vanwege de Duitse bezettende overheid. Heel wat jonge vrouwen voelden zich aangesproken door het perspectief om gewonden te verzorgen, maar ook het vooruitzicht op werkzekerheid speelde een rol. De overheid reikte tijdens de oorlog 1500 diploma’s uit, terwijl de verpleegstersscholen in Brussel en Antwerpen 200 verpleegsters een meerjarige opleiding verschaften. Een aantal van hen kwam terecht in hospitalen in bezet België, anderen slaagden erin om hun druk gesolliciteerde diensten aan te bieden in de fronthospitalen.

Belgische verpleegsters in het Elisabethospitaal in Poperinge (privéarchief Florence de Moreau, Louvignies)

Belgische verpleegsters in het Elisabethhospitaal in Poperinge (privéarchief Florence de Moreau, Louvignies)

In 1915 ging onder impuls van de Belgische dokter Charles Jacobs in het King Albert’s Hospital in Londen ook een stoomcursus van start voor Belgische vrouwen die naar Groot-Brittannië waren gevlucht. Er werden 150 verpleegsters opgeleid, die dan meteen naar hospitalen in niet-bezet België of Noord-Frankrijk werden gestuurd. Ze vervingen er Britse verpleegsters, die in het begin van de oorlog hun hulp hadden aangeboden aan poor little Belgium.

 

‘Nooit zal of kan ik die goede Zuster vergeten’

Door de inzet van al die gediplomeerde Belgische verpleegsters veranderde het beeld van hun beroep in de loop van de oorlog. In de eerste oorlogsmaanden heerste er nog veel wantrouwen tegenover deze jonge vrouwen, die omgingen met naakte mannenlichamen en het aandurfden hen onder de gordel te verzorgen. Grote delen van de bevolking vonden hun gedrag aanstootgevend, ze werden vaak als prostituees betiteld.

Een Belgische verpleegster aan het werk in L'Océan (Archie Belgische Rode Kruis, Brussel)          Een Belgische verpleegster aan het werk in het hospitaal L’Océan (Archief Belgische Rode Kruis, Brussel)

Door hun deskundige zorgen en de groeiende waardering voor hun werk maakte dit wantrouwen geleidelijk plaats voor het beeld van de verpleegster als moeder en als toonbeeld van zorg: goed opgeleide vrouwen die dag en nacht klaarstonden om de gewonden te genezen, verlichten en/of troosten. ‘Nooit zal of kan ik die goede Zuster vergeten’, schreef een gewonde soldaat op het einde van de oorlog in het poëziealbum van een Belgische verpleegster. Het illustreerde de sterk gewijzigde houding tegenover het verpleegstersberoep in de loop van de oorlog.

 

‘In de oorlog worden alle gevoelens veel feller’

Tijdens de oorlog werden verschillende verpleegkundige praktijken toegepast, die vaak gebruikmaakten van nieuwe medische technieken. De omgang met de gewonde soldatenlichamen en met de dood waren vaak zeer confronterend voor de verpleegsters. Velen hadden te kampen met vermoeidheden en ziekten, die een negatieve invloed uitoefenden op hun werk. De fysieke en psychische belasting was vaak zeer groot. De oorlog had dan ook voor veel verpleegsters ingrijpende gevolgen op hun verdere leven.

Fysiotheraptie, een nieuwe techniek (Archief Belgische Rode Kruis, Brussel)

Fysiotherapie, een nieuwe techniek tijdens de oorlog (Archief Belgische Rode Kruis, Brussel)

De Brusselse verpleegster Jane de Launoy, die de hele oorlog in het hospitaal L’Océan in De Panne werkte en er dagelijks een dagboek bijhield, schreef meteen na de oorlog: ‘Ik ben gelukkig, zeker, ja, ja… maar ik heb het geloof in het leven verloren Mijn illusies heb ik voor altijd begraven Want ik heb ook de slechte kanten van de mens leren kennen. Ik heb intens geleefd, in de oorlog worden alle gevoelens veel feller. De formidabele oorlogservaring zal me over alle kunstmatig gedoe als een wegwijzer zijn….

Bibliografie

BIBLIOGRAFIE

 

Onuitgegeven bronnen

ANTWERPEN, Archief OCMW, Secretariaat School voor Verpleging 1902-1948.

ANTWERPEN, Artesis Plantijn Hogeschool, Archief School voor Ziekenverpleging, Stuivenberg-gasthuis, Antwerpen.

BREDENE, Privéarchief Linda Collas, Archief Edith Steelandt.

BRUSSEL, Algemeen Rijksarchief, Archief van het Belgische Rode Kruis tijdens de Eerste Wereldoorlog.

BRUSSEL, Algemeen Rijksarchief, Ministerie van Volksgezondheid. Dienst Erkenning Gezondheidsberoepen.

BRUSSEL, Algemeen Rijksarchief depot 2, Archief hospitaal Cavell-Depage.

BRUSSEL, Archief Koninklijk Paleis, Archief privésecretariaat koning Albert en koningin Elisabeth.

BRUSSEL, Archief OCMW, Fonds Infirmières.

BRUSSEL, Archief ULB, Dossiers academisch personeel.

BRUSSEL, Documentatiecentrum Koninklijk Museum van het Leger en de Krijgsgeschiedenis, Archief Eerste Legerdivisie.

BRUSSEL, Documentatiecentrum Koninklijk Museum van het Leger en de Krijgsgeschiedenis, Archief Groot Hoofdkwartier.

BRUSSEL, Documentatiecentrum Koninklijk Museum van het Leger en de Krijgsgeschiedenis, Archief van de Inspecteur-Generaal van de Medische Dienst van het Leger.

BRUSSEL, Documentatiecentrum Koninklijk Museum van het Leger en de Krijgsgeschiedenis, Archieffonds ‘1914-1918’ - I - Personalia, E. en T. BIESWAL, Journal. Années 1914 à 1918.

BRUSSEL, Documentatiecentrum Koninklijk Museum van het Leger en de Krijgsgeschiedenis, Archieffonds ‘1914-1918’ - I - Personalia, A. MOONS, Oorlogsnotities.

BRUSSEL, Documentatiecentrum Koninklijk Museum van het Leger en de Krijgsgeschiedenis, Militaire dossiers.

BRUSSEL, Haute Ecole Galilée-ISSIG, Archief Sint-Camillus.

BRUSSEL, La Famille de l’Infirmière, Archief La Famille de l’Infirmière.

EVERE, Ministerie van Defensie, dienst Human Resources, ondersectie Notariaat-Archieven, Militaire dossiers.

GENT, Erfgoedhuis Zusters van Liefde, Archief Zusters van Liefde.

IEPER, Kenniscentrum In Flanders Fields Museum, J. CLOOSTERMANS, Souvenir de la campagne 1914-1915.

IEPER, Kenniscentrum In Flanders Fields Museum, Schenking Maria Eskens.

LEUVEN, Privéarchief Gilberte Arnalsteen, Archief Elvire Massaer.

LOUVIGNIES, Kasteel van Louvignies, Privéarchief Florence de Moreau de Villegas de Saint-Pierre.

ROOSDAAL, Prive-archief Rik Van Cauwelaert, Archief August Van Cauwelaert.

 

Gedrukte bronnen

Ambulance du Palais-Royal. Bruxelles, 1914-1919, [Brussel, 1919].

Anon. [GRAYSON, D.], A War Nurse’s Diary: Sketches from a Belgian Field Hospital, New York, 1918.

BELPAIRE, M.E., Constance Teichmann, Antwerpen, 1908.

BELPAIRE, M.E., De vier wondere jaren, Brasschaat, 1920.

BELPAIRE, M.E., Gestalten in ’t verleden, Brugge, 1947.

BERTRAND, L.,  César De Paepe: sa vie, son œuvre, Brussel, 1909.

BORDEN, M., Verboden gebied, E. MORTIER vert., Amsterdam, 2011.

BUYS, M., ‘Les infirmières en Service de Santé de l’Armée Belge durant la campagne 1914-1918’, Caducee, 6 (1936), juni, nr. 6, 12-15.

CHATELLE, A. en G. TISON, G., Calais pendant la guerre (1914-1918), Parijs, 1927.

CROIX[-]ROUGE DE BELGIQUE, Secours aux victimes de la guerre dans les Balkans, Brussel, [1913].

DE LAUNOY, J., Oorlogsverpleegsters in bevolen dienst 1914-1918, A. GYSEL vert., Gent, 2000 [1937].

DE MERODE, J., ‘Œuvre Saint-Camille. Formation d’infirmières religieuses’, Verslagen Katholiek Congres Mechelen 23-26 september 1909. Vrouwenafdeeling. Godsdienstige, liefdadige, sociale en economische werken, Brussel, [1909], 201-206.

DEPAGE, A., ‘L’ambulance de L’Océan à La Panne: sa fondation, son évolution, son organisation’, A. DEPAGE red., Ambulance de ‘L’Océan’ La Panne, fascicule I, Parijs, 1917, 5-64.

Dépot d’une proposition de loi, Sénat-Annales Parlementaires, 1908, 22 januari, 207.

‘Discours prononcé par Madame la Princesse Jean de Mérode’, Mémorial du XXXVe Anniversaire de l’Ecole Saint-Camille, [Ukkel, 1932], 8-15.

‘Discours prononcé par M. le Docteur Van Swieten’, Mémorial du XXXVe Anniversaire de l’Ecole Saint-Camille, [Ukkel, 1932], 16-19.

Discussion sur la prise en considération de la proposition de loi de MM. De Bast et consorts, instituant des jurys d’examen chargés de délivrer des diplômes de capacité aux infirmiers et infirmières qui auront satisfait aux épreuves à déterminer par un arrêté royal, Sénat-Annales Parlementaires, 1908, 30 januari, 295.

ECOLE BELGE D’INFIRMIERES DIPLOMEES, Règlement concernant les infirmières et les élèves infirmières, Brussel, 1907.

ECOLE BELGE D’INFIRMIIERES DIPLOMEES, Statuts, Brussel, 1907.

ECOLE EDITH CAVELL. ECOLE BELGE D’INFIRMIERES DIPLOMEES, Rapport du Conseil d’Administration. 1914-1919, Brussel, 1919.

ECOLE EDITH CAVELL-MARIE DEPAGE. ECOLE BELGE D’INFIRMIERES DIPLOMEES [M. FUNCK], L’école après la guerre (1919-1924), Brussel, 1924.

ECOLE SAINT-CAMILLE, Infirmières diplomées réligieuses et laïques, Ukkel, [1912].

GYSEL, A. vert., Oorlogsdagboek van de Ieperse kloosterzuster Margriet-Marie (Emma Boncquet) oktober 1914-mei 1915, Gent, 2002.

HANSSENS, L., ‘Mon journal de guerre’, La Croix-Rouge de Belgique/Het Roode-Kruis van België, 3 (1924), nr. 12, 1021-1024.

Introduction à l’annuaire statistique de la Belgique: situation au 1er janvier 1912, Brussel, 1913.

King Albert’s Hospitals: Rapport de l’Exercice 1914-1915, [Londen, 1915].

Koninklijk Besluit van 4 april 1908 betreffende het bekwaamheidsdiploma voor ziekenoppassers, Belgisch Staatsblad, 78 (1908), 12 april, nr. 103, 2009-2011.

Koninklijk Besluit van 12 juli 1913 betreffende het bekwaamheidsdiploma voor ziekenoppassers en -oppas[s]ters, Belgisch Staatsblad, 83 (1913), 26 juli, nr. 207, 4973-4977.

Koninklijk besluit van 3 september 1921 betreffende de herinrichting van examens voor ziekenoppassers en -oppassters, ziekenbezoeksters en -oppassers voor krankzinnigen, Belgisch Staatsblad, 91 (1921), 21 september, nr. 264, 7962-7965.

LA MOTTE, E.N., Het kielzog van de oorlog: het menselijke wrakhout van het slagveld, gezien door een Amerikaanse hospitaalverpleegster, E. MORTIER vert., Amsterdam, 2009.

MACNAUGHTAN, S., A Woman’s Diary of the War, Londen, [1915].

MARIE JOSE VAN BELGIE, Albert en Elisabeth: mijn ouders, K. CAMBIEN en L. GLORIEUX vert., Tielt, 2016.

L’Ecole d’Infirmières Saint-Camille. L’Institut des Deux-Alice. 1907-1932, [Brussel, 1932].

‘Le XIVe Congrès de médecine professionnelle d’Anvers (9, 10, 11 septembre)’, Le Scalpel, 75 (1922), 23 september, nr. 38, 767-792.

LOONTJENS, J., ‘Etude critique de l’arrêté royal du 3 september 1921 instituant des diplömes d’infirmières. Rapport présenté au XIVe Congrès de Médecine professionnelle’, Le Scalpel, 75 (1922), 26 augustus, nr. 34, 682-689.

LOONTJENS, J., ‘Etude critique de l’arrêté royal du 3 september 1921 instituant des diplömes d’infirmières. Rapport présenté au XIVe Congrès de Médecine professionnelle (suite et fin)’, Le Scalpel, 75 (1922), 2 september, nr. 35, 699-714.

MELIS, L., Contribution à l’histoire du Service de Santé de l’Armée au cours de la guerre 1914-1918, Brussel, 1932.

MINSTERE DE L’INTERIEUR ET DE L’HYGIENE, Conseil Supérieur d’Hygiène Publique: recueil des rapports 1922-1923, Brussel, [1923].

NEIRYNCK, M., De loonen in België sedert 1846, Antwerpen, 1944.

PECHERE, V., ‘Organisation du ‘nursing’ en Belgique, La Policlinique, 24 (1921), 1 augustus, nr. 8, 113-121.

QUAGHEBEUR, R., Ik was een spionne: het mysterieuze spionageverhaal van Martha Cnockaert uit Westrozebeke, Koksijde, 2000.

REVELARD, G., Le secret de l’infirmière, Brussel, 1933.

RULOT, [H.], ‘A propos de l’enseignement dans les écoles d’infirmières’, Bruxelles-Médical, 2 (1921), 1 november, nr. 1, 7-9.

SCHMIDT, L., Organisation de l’infirmerie laïque, Gent, 1904.

School voor Ziekenverpleging 1902-1927, Antwerpen, [1927].

SCHWANDER, M., Dans la tourmente: avec les Belges pendant la guerre mondiale (september 1914-décembre 1915), Neuchatel/Parijs, [1934].

SINCLAIR, M., A Journal of Impressions in Belgium, Londen, 1915.

SNOECK, R., In de modderbrij van de IJzervallei, A. GYSEL vert., Gent, 1998.

SPEHL, E., Vie et souvenirs d’un médecin 1854-1948, Brussel, 1948.

‘Temoignages vivants… du Docteur Veckmans’, La Voix de l’Infirmière, XXXIV (1960), nr. 3, 7-10.

THURSTAN, V., Field Hospital and Flying Column: Being the Journal of an English Nursing Sister in Belgium & Russia, Londen/New York, 1916.

T’SERCLAES [E.] en CHISHOLM, M., The Cellar-house of Pervyse: a Tale of Uncommon Things from the Journals and Letters of the Baroness T’Serclaes and Mairi Chisholm, Londen, 1917.

VAN DEN STEEN, [M.], Mon journal d’infirmière. Août-novembre 1914, Brussel, 1937.

VAN LANGENDONCK, ‘La réorganisation des études d’infirmières’, Le Scalpel, 75 (1922), 30 september, nr. 39, 797-804..

VAN LANGENDONCK, ‘La réorganisation des études d’infirmières (suite et fin)’, Le Scalpel, 75 (1922), 7 oktober, nr. 40, 815-832.

VAN SWIETEN, [R.], ‘À propos de la formation professionelle des religieuses gardes-malades. Les cours, les écoles et les examens d’infirmières’, Verslagen Katholiek Congres Mechelen 23-26 september 1909. Vde afdeling: Wetenschap, Kunsten en Letteren, Brussel, [1909], 171-176.

VARLEZ, A., Les Belges en Exil, Brussel/Londen, [1917].

 

Periodieken

Aujourd’hui et Demain, 1916-1924.

De Belgische Standaard, 1915-1918.

Omhoog!, 1918-1921.

Pour les Nurses, 1916.

Revue de l’Infirmière, 1921-1924.

 

Literatuur

5O jaar Beroepsschool voor ziekenverpleging ‘Stuivenberg’ 1902-1952, Antwerpen, [1952].

ABEL-SMITH, B., A History of the Nursing Profession, Londen, 1960.

ARGUELLO-DEL BLANCO, J., De la laïcisation d’une vocation à l’émergence d’une profession: l’introduction du nursing laïc en Belgique 1882-1914, onuitgegeven licentiaatsverhandeling, Université Libre de Bruxelles, Faculteit Wijsbegeerte en Letteren, 1993-1994.

BAKKER-VAN DER KOOIJ, C., ‘Mara. Pleegzuster zijn: ontwikkelingen in de ziekenverpleging en de organisatiepogingen van verpleegsters in Nederland, 1870-1920’, J. BLOK e.a., Jaarboek voor vrouwengeschiedenis 1981, Nijmegen, 1981, 193-221.

BECUWE, F., Flirten met Mars en Venus: oorlog en prostitutie 1914-1918, Gent, 2016.

BIESWAL, P., Histoire de la famille Bieswal, Brugge, 1970.

BIHET, [M.], Histoire du Nursing, Luik, 1947.

BONCQUET, P., Lief & leed: prostitutie in de Eerste Wereldoorlog, Leuven, 2015.

BOURKE, J., Dismembering the Male: Men’s Bodies, Britain and the Great War, Londen, 1996.

BROOS, P., Over geneeskundigen en geneeskunst: de evolutie van het medisch denken door de eeuwen heen, Leuven, 2011.

BRUYNEEL, E., De Hoge Gezondheidsraad (1849-2009): schakel tussen wetenschap en volksgezondheid, Leuven, 2009.

CALLEWAERT, F., ‘Poëzie van Esther Steelandt’, Mandeldal, 2005, maart-april, nr. 2, 36-39.

CHRISTENS, R., ‘De orthodoxie van het zaad: seksualiteit en sekse-identiteit in de Rooms-katholieke traditie’, K. WILS red., Het lichaam (m/v), Leuven, 2001, 231-249.

CHRISTENS, R., ‘Jeanne Hellemans: de Belgische Florence Nightingale’, J. DE MAEYER e.a., Er is leven voor de dood: tweehonderd jaar gezondheidszorg in Vlaanderen, Kapellen, 1998, 257-262.

CHIELENS, P. en DENDOOVEN, D., ‘As-tu ton gris-gris, Fatou?’, D. DENDOOVEN en P. CHIELENS red.,  Wereldoorlog I: vijf continenten in Vlaanderen, Tielt, 2008, 7-9.

CHIELENS, P. en TROGH, P., ‘Soldaten en ambulances’, P. ALLEGAERT e.a., Oorlog & trauma, [Veurne], 2013, 27-43.

Commémoration du cinquantième anniversaire de l’Institut Edith Cavell-Marie Depage, [Brussel], 1958.

CROCIAMONT, M., De la religieuse hospitalière à l’infirmière laïque: les étapes du service hospitalier à Bruxelles (les Augustines en XIXe siècle), onuitgegeven licentiaatsverhandeling, Université Libre de Bruxelles, Faculteit Wijsbegeerte en Letteren, 1993-1994.

DARROW, M.H., ‘French Volunteer Nursing and the Myth of War Experience in World War I’, The American Historical Review, 101 (1996), nr. 1, 80-106.

DEFERME, J., ‘De plaats van mutualiteiten en ziekteverzekering in de ontwikkeling van de 19e-eeuwse sociale politiek’, K. VAN ACKER, Hoeders van de volksgezondheid. Artsen en mutualiteiten tijdens het interbellum: het Antwerpse voorbeeld, Gent, 2005, 13-37.

DELAPORTE, S., Les médecins dans la Grande Guerre 1914-1918, Parijs, 2003.

DELSINNE, L., ‘PAEPE, César DE’, Biographie Nationale (deel 30), Brussel, 1959, 647-653.

DENECKERE, G. en LEEMAN, K., Het Gentse Sint-Vincentiusziekenhuis: de Zusters van Liefde J.M. en de ziekenzorg te Gent, 1805 tot heden, Gent, 1997.

DENDOOVEN, D., ‘De Friends’ Ambulance Unit: medische hulpverlening aan de burgerbevolking tijdens de Eerste Wereldoorlog’, P. ALLEGAERT e.a., Oorlog & trauma, [Veurne], 2013, 67-71.

DEPAGE,  H., La vie d’Antoine Depage 1862-1925, Brussel, 1956.

DEVILLE, J., De Medaille van Koningin Elisabeth , [Bilzen], 2013.

DE GRAEVE, S., Professionele zorgverstrekking en gender: dienende liefde bij verpleegsters en vroedvrouwen 1907-1946, ongepubliceerde licentiaatsverhandeling, KU Leuven, Faculteit Wijsbegeerte en Letteren, 1998.

DE MAEYER, J., ‘”Les dames d’œuvres”: 19de-eeuwse vrouwen van stand en hun zoektocht naar maatschappelijk engagement’, L. VAN MOLLE en P. HEYRMAN, Vrouwenzaken-zakenvrouwen: facetten van vrouwelijk zelfstandig ondernemerschap in Vlaanderen, 1800-2000, Gent/Leuven, 2001, 108-127.

DE MAEYER, J. en DHAENE, L., ‘Sociale emancipatie en democratisering: de gezondheidszorg verzuild’, J. DE MAEYER e.a., Er is leven voor de dood: tweehonderd jaar gezondheidszorg in Vlaanderen, Kapellen, 1998, 151-161.

DE MOREAU DE VILLEGAS DE SAINT-PIERRE, F., Une châtelaine dans les tranchées, Brussel, 2009.

DE SCHAEPDRIJVER, S., De Grote Oorlog: het Koninkrijk België tijdens de Eerste Wereldoorlog, Amsterdam/Antwerpen, 1997.

DE SMET, S., De Spaanse Griep in België, onuitgegeven licentiaatsverhandelinng, Universiteit Gent, vakgroep Nieuwste Geschiedenis, 2004-2005,

DE VILLEGAS DE ST.-PIERRE, A., ‘Les origines de l’Ecole St.-Camille’, La Voix de l’Infirmière, 1960, nr. 3, 4-6.

DE WEERDT, D., De vrouwen van de Eerste Wereldoorlog, Gent, [1993].

D’HONDT, B., ‘De “blauwe steden” of de triomf van de liberale steden’, J. DE MAEYER en P. HEYRMAN red., Geuren en kleuren: een sociale en economische geschiedenis van Vlaams-Brabant, 19de en 20ste eeuw, Leuven, 2001, 77-99.

Discours prononcés à l’occasion de la cérémonie d’hommage à Mademoiselle Cécile Mechelynck, Brussel, 1957.

FAIRCLOUGH, N., Critical Discourse Analysis: the Critical Study of Language, Londen/New York, 1995.

FAIRCLOUGH, N., Discourse and Social Change, Cambridge, 1998.

FAIRCLOUGH, N., Language and Power, Londen/New York, 2015.

FAIRCLOUGH, N., Media Discourse, Londen, 1995.

GOLDSTEIN, J.S., War and Gender: How Gender Shapes the War System and Vice Versa, Cambridge, 2001.

GRAYZEL, S.R., Women and the First World War, Essex, 2002.

GUBIN, E. en DE SMAELE, H., Vrouwen & mannen ten oorlog, 1914-1918. Gender@war, Leuven, 2015.

GUBIN, E. en MONTENS, V., ‘La symbolique de la souffrance: les infirmières en 1914-1918’, Sextant, 1994-95, nr. 3, 83-106.

HAMMERLE, C., ‘”Mentally broken, physically a wreck…” Violence in War Accounts of Nurses in Austro-Hungarian Services’, C. HAMMERLE, O. UBEREGGER en B. BADER ZAAR red., Gender and the First World War, Hampshire/New York, 2014, 89-107.

HALLETT, C., Containing Trauma: Nursing Work in the First World War, Manchester/New York, 2009.

HALLETT, C.E., Veiled Warriors: Allied Nurses of the First World War, Oxford, 2014.

HARRISON, M., The Medical War: British Military Medecine in the First World War, Oxford, 2010.

HENRY, E., ‘Ida Limbos. Infirmière de Saint-Camille’, La Voix de l’Infirmière, XVIV (1950), maart, nr. 1, 22-27.

HIGONNET, M.R., Nurses at the Front: Writing the Wounds of the Great War, Boston, 2009.

HIGONNET, M.R. en HIGONNET, P.L.-R., ‘The Double Helix’, M.R. HIGONNET e.a., Behind the Lines: Gender and the Two World Wars, New Haven/Londen, 1987, 31-47.

HUBENS, A., ‘Vooraanstaande chirurgen gedurende de eerste wereldoorlog en tijdens het interbellum’, R. VAN HEE red., Heelkunde in Vlaanderen door de eeuwen heen, [Brussel], 1990, 238-249.

JACOBS, C., Gezondheidszorg in de onbezette Westhoek tijdens Wereldoorlog Eén. Case study: het Elisabethhospitaal te Poperinge, ongepubliceerde masterscriptie, Universiteit Gent, [vakgroep] Nieuwste Geschiedenis, 2007-2008.

JACQUES, C., ‘Les infirmières dans l’entre-deux-guerres et l’action des dames d’œuvre’, Sextant, 1994-95, nr. 3, 107-126.

JACQUES, C. en VAN MOLLE, L., ‘De verpleegkundigen: grenzeloos vrouwelijk’, J. DE MAEYER e.a., Er is leven voor de dood: tweehonderd jaar gezondheidszorg in Vlaanderen, Kapellen, 1998, 203-213.

JANSSENS, P., Belgische veldhospitalen tijdens de Eerste Wereldoorlog, Brussel, 2001.

JOIRIS, A., De la vocation à la reconnaissance: les infirmières hospitalières 1789-1971, [Charleroi], 2009.

KNIBIEHLER, Y. e.a., Cornettes et blouses blanches: les infirmières dans la société française (1880-1980), [Parijs], 1984.

KNIBIEHLER, Y., ‘Les anges blancs: naissance difficile d’une profession féminine’, E. MORIN-ROTURBEAU red., 1914-1918: combats de femmes. Les femmes, pilier de l’effort de guerre, Parijs, 2004, 47-63.

LAURENT, R.-M., Les infirmières en Belgique en début du XXe siècle: naissance d’une profession, onuitgegeven licentiaatsverhandeling, Université de Liège, Faculteit Wijsbegeerte en Letteren, 1988-1989.

LE NAOUR, J.-Y., Misères et tournements de la chair durant la Grande Guerre: les moeurs sexulles des Français 1914-1918, Parijs, 2002.

LOODTS, P. en MASSON-LOODTS, I.,  La Grande Guerre des soignants: médecins, infirmières et brancardiers de 1914-1918, Brussel, 2008.

LORY, J. en SOETE, J.-L., ‘Implantation et affirmation (1845-1914)’, J. DE MAEYER en P. WYNANTS, De Vincentianen in België/Les Vincentiens en Belgique 1842-1992, Leuven, 1992, 64-65.

MACDONALD, L., Rozen van het niemandsland, R. HARTMANS vert., Amsterdam/Antwerpen, 2008.

MAGNEE, C., Les infirmières belges dans l’entre-deux-guerres, entre émancipation et soumission,  onuitgegeven licentiaatsverhandeling, Université Libre de Bruxelles, Faculteit Wijsbegeerte en Letteren, 1996-1997.

MANN WALL, B., ‘”Definite Lines of Influence”: Catholic Sisters and Nurse Training Schools, 1890-1920’, Nursing Research, 50 (2001), september/oktober, nr. 5, 314-321.

MASSON, M.,  A Pictorial History of Nursing, Twickenham, 1985.

MAYHEW, E., Gewond: van het slagveld naar het militair hospitaal, Amsterdam, 2014.

MECHELYNCK, C., La genèse et le développement du nursing laïque en quarante ans de la Fédération Nationale des Infirmières Belges, Ottignies, 1962.

MORIN-PELLETIER, M., Briser les ailes de l’ange: les infirmières militaires canadiennes (1914-1918), Montréal, 2006.

‘Mutualité des infirmières et travailleuses sociales (sous les auspices de la Coix-Rouge de Belgique’, La Croix-Rouge de Belgique/Het Roode-Kruis van België, 3 (1924), januari, nr. 1, 95-96.

PEIREN, L., César De Paepe: van utopie tot werkelijkheid, Gent, 1990.

PIETTE, V., ‘Des ‘infirmières’ avant les infirmières: le personnel soignant laïque dans les hôpitaux bruxellois au 19e siècle’, Sextant, 1994-1995, nr. 3, 39-59.

RASKIN, E., Elisabeth van België: een ongewone koningin, Antwerpen/Amsterdam, 2005.

REYMENANTS, G., Marie Elisabeth Belpaire: gender en macht in het literaire veld, 1900-1940, Leuven, 2013.

REZSOHAZY, R., Histoire du mouvement mutualiste chrétien en Belgique, Parijs/Brussel, 1957.

ROSENBERG, C.E., The Care of Strangers: the Rise of America’s Hospital System, New York, 1987.

SCHROOTEN, H., ‘Belpaire in de Eerste Wereldoorlog’, A. DEREERE en H. VAN BEECK red., Marie Elisabeth Belpaire (1853-1948): facetten van een levenswerk, Antwerpen, 2002, 85-136.

SCHROOTEN, H., De sociale en politieke actie van Mej. M. Belpaire tijdens de Eerste Wereldoorlog (1914-1918), Antwerpen/Amsterdam, 1978.

SCHULTHEISS, K., Bodies and Soul: Politics and the Professionalization of Nursing in France, 1880-1922, Cambridge/Londen, 2001.

SIMONS, L., Van het kasteel naar het front: het oorlogsdagboek van Jozef Simons 1914-1918, Tielt, 2016.

SONDERVORST, F.A., Geschiedenis van de geneeskunde in België, Brussel, 1981.

SUENENS, K. en DE STAERCKE, A., Eén van hart en één van ziel: geschiedenis van de Gasthuiszusters-Augustinessen van Lier 1130-2005, Lier/Leuven, 2005.

SYMENS, K., Geschiedenis van de Sint-Elisabethschool voor Verpleegkunde te Ukkel van 1913 tot 1989, onuitgegeven licentiaatsverhandeling, KU Leuven, Faculteit Psychologie en Pedagogische Wetenschappen, 1996.

THEBAUD, F., Les femmes au temps de la guerre de 14, Parijs, 2013.

TIREZ, S., De religieuze- en leke-verpleegster in België, onuitgegeven licentiaatsverhandeling, Katholieke Universiteit Leuven, Centrum voor Ziekenhuiswetenschappen, [1962].

VANACKER, D., De Frontbeweging: de Vlaamse strijd aan de IJzer, Koksijde, 2000.

VANDEKERCKHOVE, C., Leven en werken van Constance Teichmann, Leuven, 1973.

VANDENDRIESSCHE, J., Arbiters of Science: Medical Societies and Scientific Culture in Nineteenth-Century Belgium, onuitgegeven doctoraatsverhandeling, KU Leuven, onderzoekseenheid Geschiedenis, 2014.

VANDEWALLE, J., Help, ik ben verpleegster tijdens de Eerste Wereldoorlog, onuitgegeven eindwerk, Hogere Beroepsopleiding voor Verpleegkunde [Oostende], 2014-2015.

VANLEENE, P., Op naar de Grote Oorlog: Mairi, Elsie en de anderen in Flanders Fields, Koksijde, 2001.

VAN BERGEN, L.,  Zacht en eervol: lijden en sterven in een Grote Oorlog, Den Haag/Antwerpen, 1999.

VAN DEN BOSSCHE, J., ‘Het Kloosterke van Liefde’: 75 jaar verpleegkunde, Gent, 1984.

VAN HEE, R., ‘De geschiedenis van 125 jaar Stuivenbergziekenhuis’, Geschiedenis der Geneeskunde, 13 (2009), februari, nr. 1, 32-44.

VANLEENE, P., Op naar de Grote Oorlog: Mairi, Elsie en de anderen in Flanders Fields, Koksijde, 2001.

VAN LENNEP, J., Uit het verleden van de Geneeskundige Kring van Antwerpen Cercle Médical d’Anvers, Antwerpen, [1953].

VAN MEEL, P. en ARNOLD, B., ‘De verpleegkundige opleiding in het Stuivenbergziekenhuis: een geschiedkundig overzicht, en een blik op de toekomst’, Geschiedenis der Geneeskunde, 13 (2009), februari, nr. 1, 45-53.

VAN OSSELAER, T., The Pious Sex: Catholic Constructions of Masculinity and Femininity in Belgium, c. 1800-1940, Leuven, 2103.

VAN SCHAICK, J.Jr., The Little Corner Never Conquered: the Story of the American Red Cross War Work for Belgium, New York, 1922.

VAN TIGGELEN, R., e.a., De Eerste Wereldoorlog in België: radiologie in ‘Trench Coat’, Brussel, 2011.

VAN WESEMAEL, F., Helden in het hospitaal? Een gendergeschiedenis van de ervaring van verpleegsters en artsen in hun omgang met gewonde soldaten en lichamelijkheid tijdens de Eerste Wereldoorlog, onuitgegeven masterproef, Universiteit Gent, vakgroep Nieuwste Geschiedenis, 2012-2013.

VELLE, K.,  ‘De geneeskunde en de R.K. Kerk (1830-1940): een moeilijke verhouding’, Trajecta, (1995), nr. 1, 1-21.

VELLE, K.,  De nieuwe biechtvaders: de sociale geschiedenis van de arts in België, Leuven, 1991.

VELLE, K., ‘Opkomst verpleegkundig beroep in België (eind 19de eeuw-1940)’, Geschiedenis der Geneeskunde, 1 (1994), oktober, nr. 6, 17-26.

VERMASSEN, M., Overheid en geneeskunde tijdens de eerste helft van de 19de eeuw: de provinciale kommissie voor geneeskunde van Oost-Vlaanderen (1818-1850), ongepubliceerde licentiaatsverhandeling, Katholieke Universiteit Leuven, Faculteit Wijsbegeerte en Letteren, 1970.

VERMEIREN, L., ‘De negentiende eeuw (tot 1925). Van gasthuis naar ziekenhuis’, J. DE HAES coörd., 750 jaar Gasthuis op ’t Elzenveld 1238-1988: het St.-Elisabethziekenhuis te Antwerpen, [Brussel], 145-226.

VERMEIREN,L. en HANSEN, I., ‘Het hospitaalwezen: ziekenzorg voor armen’, J. DE MAEYER e.a., Er is leven voor de dood: tweehonderd jaar gezondheidszorg in Vlaanderen, Kapellen, 1998, 43-57.

VERSTRAETE, P. en VAN EVERBROECK, C., Verminkte stilte: de Belgische invalide soldaten van de Grote Oorlog, Namen, 2014.

WILS, K., ‘De getemde maatschappij: de socioloog als fysioloog, arts en chirurg’, L. NYS e.a., De zieke natie: over de medicalisering van de samenleving 1860-1914, Groningen, 2002, 108-122.

WILS, K., De omweg van de wetenschap: het positivisme en de Belgische en Nederlandse intellectuele cultuur 1845-1914, Amsterdam, 2015.

Universiteit of Hogeschool
Master in de Geschiedenis
Publicatiejaar
2017
Promotor
Dr. Joris Vandendriessche
Kernwoorden