...between the notes...

Tim Mulleman
Deze scriptie wil de denkpistes van de klassieke muzikant verruimen. Naar buiten toe biedt het terugblikken op de multidisciplinariteit van vroegere ‘totaalmuzikanten’ een uitweg uit onze hyperspecialisatie. Van binnenuit worden ‘mind & muscle’ van de muzikant bestudeert: van muzikaal voorstellingsvermogen over technisch vakmanschap naar ons publiek.

Ik haat klassieke muziek

Ik haat klassieke muziek

“Klassiek is saai”, biechten enkele pianoleerlingen me ongegeneerd op. Hoe is zo een rijke muziektraditie onder het stof geraakt en, belangrijker, hoe halen wij haar hier weer onderuit? En wat met de haat-liefdeverhouding die zovele muzikanten zelf tegenover hun instrument hebben?

(MULLEMAN Tim, 09/2017)

"Klassiek is saai"

“I hate classical music”, zo opent muziekrecensent Alex Ross zijn boek Listen to this. “Not the thing but the name. It traps a tenaciously living art in a theme park of the past.” Wij, klassieke musici, zijn de band met ons publiek grotendeels kwijt. ‘De schuldige’ aanwijzen heeft zoals zo vaak geen zin, maar het spreekt voor zich dat de muzikanten zelf een eerste hand moeten toereiken. Leidinggevend voor mijn scriptie aan het Koninklijk Conservatorium Brussel was aldus: hoe kan een uitvoerend muzikant de klassieke muziek nieuw leven inblazen?

 

No pain, no gain?

Laten wij eerst en vooral een kijkje nemen in de denk- en leefwereld van deze musici zelf. Een muziekopleiding starten zij allen met dezelfde drijfveer: passie. Eenmaal afgestudeerd staat de muziekindustrie echter schrikwekkend ver van de veilige conservatoriumwereld af. Zoals in zovele sectoren van onze prestatiemaatschappij werkt onze drang ‘carrière te maken’ ook bij vele muzikanten destructief. 

Het Britse onderzoek Can Music Make You Sick? wees uit dat muzikanten drie maal eerder kans hebben mentale problemen te ontwikkelen dan de rest van de bevolking. Denk alleen al aan het angstaanjagend courante gebruik van bètablokkers: voor elk concert gauw zo’n pilletje en de stressverschijnselen verdwijnen als sneeuw voor de zon, maar daarmee ook de creativiteit. Bovendien kampen tal van muzikanten met fysieke problemen als Repetitive Strain Injury (klachten door herhaaldelijke bewegingen). Vergelijk een ganse dag repeteren en performen gerust met de acrobatische toeren van een atleet, maar dan voor de kleinere spiergroepen.

Tal van methoden (Alexandertechniek, Feldenkrais, zelfs mindfulness) kunnen de muzikant helpen hun mind & muscle in de juiste muzikale banen te gidsen, maar wellicht ligt de kern van het probleem, dat niet alleen muzikanten eigen is, dieper.

 

Van passie tot impasse

Hoe is het zover kunnen komen? Wordt dan niet gezegd dat muziek – en in ruimere zin de kunsten –het leed verzachten in plaats van in de hand werken? Hoewel wedstrijden voor paarden zijn, zoals Hongaars componist en pianist Béla Bartók een eeuw geleden al protesteerde, lijkt de competitiegeest in de klassieke muziekwereld alleen maar te groeien. Dat een Koningin Elisabethwedstrijd gigantische kansen schenkt aan getalenteerde topmuzikanten is ontegensprekelijk waardevol, maar duwt de overige 99% van muzikanten die ook iets te vertellen hebben, alleen niet in zo’n gladgepolijste ‘wedstrijdinterpretatie’, aan de kant. 

Is streven naar de perfecte interpretatie, naar de droomklank de norm geworden? Zo voelt het althans aan voor vele muzikanten. Maar moest er al zoiets bestaan als de uitvoering, dan klonk iedereen hetzelfde… Pas dan geef ik mijn leerlingen gelijk: dan wordt klassiek “saai”. Misschien is het net door deze concurrentiële lat, die zodanig hoog ligt, dat de meeste musici zich toeleggen op één wel erg specifiek genre om daar – en enkel daar – furore te maken, de beste te willen worden in één deeldiscipline. 

 

Hokjesdenken

Hyperspecialisatie dreigt, zoals in zovele sectoren van onze maatschappij, onze klassieke muziekwereld van binnenuit te versplinteren. Dat een muzikant zich de dag van vandaag heel specifiek ‘renaissancezanger’ of ‘postmodern componist’ noemt, dat is een merkwaardige tendens van amper een eeuw oud.

Pakweg tot aan de vooravond van de Eerste Wereldoorlog merken we dat vrijwel alle grote namen (van Bach tot Mozart, van Chopin tot Debussy…) een heleboel kwaliteiten verenigden: deze ‘totaalmuzikanten’ beheersten een of meerdere instrumenten, dirigeerden, onderwezen, improviseerden, schreven transcripties, componeerden, enzovoort. Wij schijnen enkel oog, of oor, te hebben voor hun composities, het enige dat zij ons voor het opnametijdperk hebben nagelaten. Maar dat is slechts het topje van de ijsberg! Zo’n ‘totaalmuzikant’ is in onze overgespecialiseerde muziekmaatschappij echter een rariteit geworden. Focussen we even op één van hun ‘vergeten’ kwaliteiten: improvisatie.

 

Improvisatie: op feestjes of in de concertzaal?

Hoewel vanzelfsprekend voor onze jazzcollegae is improvisatie taboe in vele klassiek milieus. Componist en pianist Frederic Rzewski wierp nog niet zo lang geleden stof op toen hij er, in het midden van een concert met werken van Beethoven, op los improviseerde: “A musicologist came up to me and told me very sternly that you could do that at parties but not at a concert…” Blasfemie! Maar waarom? Beethoven deed het namelijk zelf ook. 

“I maintain that unless one has heard Beethoven improvise well and quite at ease, one can but imperfectly appreciate the vast scope of his genius”, aldus Czerny aan het begin van de negentiende eeuw over zijn leermeester Beethoven, die voor ons bekendstaat als begenadigd componist, maar in zijn tijd vooral beroemd was om zijn wilde improvisaties.

 

Herontdekt terrein

Zo begon voor mij een zoektocht naar een verloren gegane ‘totaaltraditie’, weg van de hyperspecialisatie, weg van de wedstrijdinterpretatie.

Mijn afstudeerproject aan het conservatorium bestond uit een pianorecital met bestaande composities van Debussy en Skrjabin, spontane improvisaties tussendoor en een eigen transcriptie van een orkestwerk. Net door dit puzzelen met naar klassieke normen ‘onaantastbare composities’ trachtte dit concert ‘oude’ muziek weer brandend actueel te maken door haar in het hier en nu opnieuw te smeden onder één lange spanningsboog.

 

Honger naar meer

Dit afstudeerproject smaakte naar meer. Eenmaal de ‘wet van de geschreven partituur’, de wedstrijdinterpretatie en de overspecialisatie hun bepalende greep op klassieke muziek verzwakken, wordt algauw duidelijk dat de mogelijkheden eindeloos zijn! Ook naar het publiek toe. 

Bevrijden wij onszelf, zo bevrijden wij onze klassieke muziek hopelijk ook uit haar strenge, “saaie” keurslijf, onze passie uit de impasse. Laten wij als ‘totaalmuzikanten’ experimenteren, over het muurtje kijken, samenwerken met onze collegae in de jazz en pop, met onze medekunstenaars in de beeldende kunsten, dans, theater, enzovoort. Laten wij nieuwsgierig zijn en onze passie delen, niet alleen in de concertzaal, maar overal. Hopelijk kan klassiek dan stilaan haar stof afschudden en herademen. Misschien zeggen jonge pianoleerlingen dan weer: “klassiek is spannend!”

Bibliografie

Audiovisuele bronnen
BREWAEYS, LUC. Luc Brewaeys. Straight, [documentaire]. Canvas Klassiek, https://www.youtube.com /watch?v=MKF2QFd9fqg, 2016-11-27.

CLAUDE, DEBUSSY, Danseuses de Delphes. https://www.youtube.com/watch?v=pRI2O2sK83w&list= PLA8B2B85737, 2017-06-05.

COPELAND, GEORGES, Debussy: Prélude à l’après-midi d’un faune. https://www.youtube.com/watch ?v=Yn2FbXvsvKE, 2017-07-02.

GACHOT, GEORGES, Claude Debussy – Music cannot be learned, [documentaire]. Metropolitan Munich, EuroArts, 2013.

GOULD, GLENN, L’Art de la Fugue. https://www.youtube.com/watch?v=exD8bhJP1eo, 2017-03-23.

LEVIN, ROBERT, Beethoven and keyboard revolution. https://www.youtube.com/watch?v=N-JLmZbWKjU, 2017-07-14.

LEVIN, ROBERT, Improvising Mozart. https://www.youtube.com/watch?v=wkFdAigjmLA, 2017-07-16.

RACHMANINOFF, SERGEJ, Skryabin prelude opus 11, no. 8. https://www.youtube.com/watch?v=hVF p_gT0-dI, 2017-06-05.

SKRYABIN, ALEXANDER, Four preludes opus 11 & 17. https://www.youtube.com/watch?v=PaP8iB TThO8, 2017-06-05.

SKRYABIN, ALEXANDER, Preludes opus 11 & 22, Mazurka opus 40, Désir opus 57, Etude opus 8, Poem opus 32. https://www.youtube.com/watch?v=xgD8Qq01CxY, 2017-06-05.

VODENITCHAROV, BOYAN, Random Patterns, [CD]. Fuga Libera, Outhere music, rec. 2008.
WEINGARTNER, FELIX, Great concuctors, [CD]. Naxos, rec. 1993.

Boeken
ALEXANDER, F. MATTHIAS, The Use of the Self. Londen, Verenigd Koninkrijk, 1932, ISBN 9780752843919, 121 p.
BRENDEL, ALFRED, Music sounded out. Londen, Verenigd Koninkrijk, Robson Books, 1990, ISBN 0860516660, 258 p.

CORTOT, ALFRED, La musique française. Parijs, Frankrijk, Presses universitaires de France, 1944, ISBN 0460038214, 292 p.

DE ALCANTARA, PEDRO, Technique Alexander pour les musiciens, Marie-Françoise Scarlett & Huguette Arcier [Franse vertaling]. Montauban, Frankrijk, 1997, ISBN 2952761612, 361 p.

DEBUSSY, CLAUDE, Monsieur Croche et autres écrits. Saint-Amand, Frankrijk, 1971, ISBN 2070711072, 362 p.

EIGELDINGER, JEAN-JACQUES, Chopin, pianist and teacher as seen by his pupils. Cambrigde, Verenigd Koninkrijk, Cambridge University Press, 1987, ISBN 0521241596, 340 p.

FELDENKRAIS, MOSHÉ, Bewußtheit [sic] durch Bewegung. Bonn, Duitsland, 1967, ISBN 3518391380, 279 p.

GIESEKING, WALTER & LEIMER, KARL, Piano technique. New York, Verenigde Staten, Dover Publications, 1972, ISBN 0486228673, 140 p.

KRATZERT, RUDOLF, Technik des Klavierspiels – Ein Handbuch für Pianisten. Kassel, Duitsland, Bärenreiter-Verlag, 2002, ISBN 9783761816004, 284 p. 

LANGFORD, ELIZABETH, Denken en Bewegen, Monique Vanormelingen [Nederlandse vertaling]. Antwerpen, België, Garant, 2005, ISBN 9044119117, 277 p.

LESURE, FRANÇOIS, Debussy on Music – the critical writings, Richard Langham Smith [Engelse vertaling]. New York, Verenigde Staten, Cornell University Press, 1977, ISBN 0801494206, 353 p.

LONG, MARGUERITE, At the piano with Claude Debussy, O.S. Ellis [Engelse vertaling]. Londen, Verenigd Koninkrijk, Dent, 1972, ISBN 0460038214, 112 p.

MAEX, EDEL, Mindfulness: in de maalstroom van je leven. Tielt, België, Lannoo, 2006, ISBN 9789020965162, 242 p. 

NACHMANOVITCH, STEPHEN, Free Play – Improvisation in Life and Art. New York, Verenigde Staten, 1990, ISBN0974776317, 208 p.

NICHOLS, ROGER, Debussy Remembered. Londen, Verenigd Koninkrijk, Amadeus Press, 1992, ISBN 0931340411, 264 p.

NIETZSCHE, FRIEDRICH, Menschliches, Allzumenschliches. Keulen, Duitsland, Anaconda Verlag, 2006, ISBN 3866470002, 332 p.

PINKER, STEVEN, Hoe de menselijke geest werkt, Han Visserman en Henri da Silva [Nederlandse vertaling]. Amsterdam, Nederland, Uitgeverij Contact, 1998, ISBN 9025423191, 654 p.

RENNSCHUH, HELMUT, Klavierspielen, Alexander-Technik und Zen – Frei von störenden Mustern die Musik geschehen lassen. Augsburg, Duitsland, Wissner-Verlag, 2016, ISBN 9783896399120, 126 p.

ROSEN, CHARLES, Piano Notes – the hidden world of the pianist. Londen, Verenigd Koninkrijk, Penguin Books Ltd., 2002, ISBN 9780140298635, 246 p.

ROSEN, CHARLES, The Classical Style – Haydn, Mozart, Beethoven. Londen, Verenigd Koninkrijk, Faber and Faber Ltd., 1971, ISBN 0571192874, 533 p.

ROSS, ALEX, Listen to this. Londen, Verenigd Koninkrijk, Fourth Estate, 2010, ISBN 9780007319077, 380 p.

ROSS, ALEX, The rest is noise – listening to the twentieth century. Amsterdam, Nederland, Ambo, 2008, ISBN 9789026321580, 608 p.

SABANEEV, LEONID, Erinnerungen an Alexander Skrjabin. Berlijn, Duitsland, Verlag Ernst Kuhn, 1925, ISBN 3928864211, 354 p.

SACKS, OLIVER, Musicophilia – tales of music and the brain. New York, Verenigde Staten, Alfred A. Knopf Inc., 2007, ISBN 9780307267917, 381 p.

SCHÖNBERG, ARNOLD, Style and Idea, 60th anniversary edition, Leo Black (Engelse vertaling). Californië, University of California, 2010, ISBN 9780520266070, 570 p.

ŠOUREK, OTAKAR, Antonin Dvořák: Letters And Reminiscences, Roberta Finlayson-Samsour [Engelse vertaling]. Originele publicatie: Praag, Tsjechië, Artia, 1954, 234 p.

VALLAS, LÉON, Claude Debussy, his life and works. Londen, Verenigd Koninkrijk, Dover, 1973, ISBN 1406759120, 430 p.

Artikels
BENITEZ, VINCENT, Messiaen as improviser (Dutch Journal of Music Theory, vol.13/2), Amsterdam, 2008, p. 129-144.

GUREWITSCH, MATTHEW, Maverick with a message of solidarity. New York Times online, http://www.nytimes.com/2008/04/27/arts/music/27gure.html, 2008-04-27.

DEMEULEMEESTER, THIJS, De concertvleugel van de 21ste eeuw. Audi Magazine, http://www.maene .be/websites/1/uploads/files/documents/2015-audi-magazine_7-10-2016_13_55_44.pdf, 2016-10-01.

SIMONNT, DOMINIQUE, La musique, c’est ce qu’il y a entre les notes. L’Express online, http://www.lexpress.fr/culture/musique/la-musique-c-est-ce-qu-il-y-a-en…, 2000-12-21.

Universitair werk
BARY, CHARLOTTE, Mind the music, logboek masterproef piano. Brussel, België, 2014-2015, 49 p.

GALLE, ANNELEEN, “Osteopathy effective as treatment for complaints of the upper limbs in professional pianists?”, dissertatie. Gent, België, 2011-2012, 50 p. 

HWA-YOUNG, LEE, Tradition and Innovation in the Twenty-Four Preludes, opus 11, of Alexander Scriabin, thesis. Austin, Texas, Verenigde Staten, 2006, 112 p.

Universiteit of Hogeschool
Master in de Muziek, Afstudeerrichting Instrument-Zang: Piano
Publicatiejaar
2017
Promotor
Jan Michiels
Kernwoorden